Microscoop of breedbeeld
Moet de nieuwsstroom van de voorbije dagen ons nu vrolijk of somber stemmen? Het hangt er een beetje van af of u de wereld door een microscoop of een breedbeeld bekijkt. Micro-economisch ziet alles er fijn uit, met sterke bedrijfsresultaten en vaak optimistische bedrijfsleiders. Bekijk je het macro-economische plaatje, dan kun je niet anders dan samen met het gros van de centrale bankiers tobben over deflatie.
De belegger kan maar beter niet van minuut tot minuut voor zijn scherm zitten. Anders wordt hij of zij ongetwijfeld tureluurs. Sterke resultaten? Buy! Sombere centrale bankier? Sell! Meevallende indicator? Buy! Oei, een voorzichtige prognose! Sell!
Toch helpt het om even de waan van de dag uit het oog te verliezen. En - hoe moeilijk dit ook in het Twitter-tijdperk is - even de tijd te nemen. De tijd om bijvoorbeeld het onderzoek van James Bullard, voorzitter van het Fed-kantoor in St Louis, te lezen.
Het was al een tijdje duidelijk dat Europese en vooral Amerikaanse centrale bankiers tobben over deflatie. Maar dat een Fed-topman zo expliciet waarschuwt dat de VS op een Japanse deflatiescenario afstevenen als de centrale bankiers schier eindeloos bij een nulrentebeleid blijven zweren, dat is nieuw.
Bullard vindt dat de Fed best opteert om de exitstrategie helemaal te verlaten en weer bijkomende 'kwantitatieve versoepeling' moet ondernemen, in mensentaal geld drukken om bijvoorbeeld nog wat meer herverpakte hypotheken te koen. Boven op de slordige 1.100 miljard dollar die nu al op de balans prijken.
Als Fed-toplui zo'n studies online zetten, mag je gerust zijn dat ze dit eerst met het 'hoofdkantoor' in Washington afspreken. De bijdrage uit St Louis kadert waarschijnlijk in een strategie, die heel omzichtig begon met de notulen van de vorige bijeenkomst: beleggers voorbereiden op een nieuwe stimuli, om het horrorscenario van een ontwrichtende deflatiescenario af te wenden.
Om een misschien wat vreemde boutade te gebruiken: je kunt perfect optimistisch zijn over aandelen, maar somber over de beurs. Bedrijven snoeiden in het najaar van 2008 en het voorjaar van 2009 keihard in de kosten, kuisten hun balans drastisch op en plukken daar nu de vruchten van: die fors lagere financiële lasten en werkingskosten zorgen zelfs bij een klein omzetherstel via een hefboom voor een spectaculaire winststijging.
Maar graaf wat dieper in de resultaten zo fijn is de boodschap niet: neem de Amerikaanse consumptiegroep Colgate-Palmolive, een gigant waar je in de rekken van elke supermarkt producten van terugvindt. Een euforische titel van het kwartaalbericht ('recordkwartaal', 'verwachtingen overtroffen'), maar het aandeel gaat 7 procent lager. Lees iets dieper en je ziet nauwelijks omzetgroei.
In Noord-Amerika is er 'negative pricing' van 1,5 procent, wat gewoon wil zeggen dat de prijzen gemiddeld 1,5 procent zakken. Idem in Europa (en 'South Pacific', aangezien het bedrijf bizar genoeg wat eilanden in de Stille Oceaan bij Europa rekent ..) zakken de prijzen zelfs 2,5 procent. Soit: zelfs voor grote namen blijkt er erg moeilijk prijsverhogingen door te voeren en is in het huidige klimaat 'prijszettingsmacht' dé succesfactor op de beurs. De ontbijtgranengigant Kellogg spreekt expliciet over een 'deflatoire omgeving'. Toch niet bepaald een gerustgestellende gedachte ... Behalve als je Bekaert heet en een organische groei van 29,2 procent over het eerste halfjaar kunt voorleggen ...
KVS


Reacties