Geplaatst op 22 december 2011 door Pierre Huylenbroeck

Waldorf

De beurs in 2012

Wat gaat de beurs doen in 2012? Als de vraag naar aandelen groter is dan het aanbod: stijgen. Anders: dalen. Sinds de piek van 2007 is het aanbod gezakt. De vraag is nog veel meer gezakt, want de totale beurswaarde kromp met 9.000 miljard euro.

Vroeger was het gemakkelijker de vraagkant in te schatten. Die werd grotendeels bevolkt door gezapige langetermijnbeleggers. De zogenaamde 'institutionelen': verzekeraars, banken, pensioenfondsen. Dat boezemde vertrouwen in.

Hedge funds en andere speculanten waren er wel, maar het waren de rustige vastheden die hun stempel drukten. Het dagelijkse koersverloop werd richting gegeven door actieve kleine en grote beleggers die oog hadden voor de fundamentele waarde en het technische plaatje van de koersgrafiek.

Dat was vroeger. Sindsdien is veel veranderd, vooral door regels en wetten die de institutionelen wegjoegen en nefast waren voor de beurs. De verzekeraars krijgen solvabiliteitsregels op hun bord die hen verplichten meer kapitaal opzij te leggen voor aandelenbeleggingen. Idem voor de banken, ook al luiden die regels in die sector Bazel III in plaats van Solvency II.

De al enkele jaren geldende IFRS-boekhoudregels verplichten de institutionelen dan weer hun beleggingen tegen marktwaarde te boeken. Vroeger hoefde dat niet - in voorspoedige jaren werd dan wat conservatief geboekt zodat ze er in rotjaren een kletsje konden bijdoen. Vandaag blijkt een rotjaar in de resultatenrekeningen echt een rotjaar.

Pensioenfondsen hebben ook minder aandelen dan vroeger. Dat heeft te maken met de leeftijdspiramide: een steeds grotere groep vraagt haar spaarcenten op, terwijl de groep die haar centen in de fondsen steekt, relatief krimpt.

Nog aan de vraagkant wordt het grijzende Westen zoetjesaan vervangen door het jongbevolkte Oosten. Maar in India is er nauwelijks een aandelencultuur. Het risico van aandelen is er veel groter, want de regels van deugdelijk bestuur zijn er maar slapjes.

Het probleem is dat ook in het Westen het risico van aandelen als onaanvaardbaar hoog wordt gepercipieerd. De meeste beleggers wachten liever het eindspel van de europoker af. Veel hedge funds en andere grote speculanten springen pas op een opportuniteit als ze het neerwaartse risico kunnen inschatten en beperken. Dus ook zij blijven aan de zijlijn.

Hoe zit het met de aanbodkant? We weten dat banken op een of andere wijze kapitaal moeten ophalen. Gezien hun huidige koersen zullen ze de beurs zo veel mogelijk mijden, dus vanuit die hoek zal het aanbod beperkt blijven. Wel kunnen we een reeks beursintroducties uit de ontluikende landen verwachten.

In onze contreien zit de pijplijn voor beursintroducties volgens sommigen al jaren propvol, maar daar merken we al jaren niets van. Aan de delistingkant is de activiteit helaas groter. In navolging van Omega Pharma zijn naar verluidt nog minstens twee Belgische bedrijven met een beursscheiding bezig.

Conclusie: de vraag zal ook na de jaarwende kleiner zijn dan het aanbod. Maar, onverbeterlijk optimistisch als we zijn, geven we nog drie overpeinzingen mee. Een: almaar lagere koersen zullen ooit koopjesjagers lokken. Twee: het kan niet dat intelligente mensen als Merkel & co de euro willen breken, toch?

Drie: de dag dat het tij ten goede keert, zal het zeer snel zeer steil bergop gaan, want velen houden zich klaar... met cash.

> In Waldorf bespreekt Pierre Huylenbroeck dagelijks een stukje economische actualiteit.

Reacties

Volg Bear&Bull ook via TwitterRSS

Laatste reacties op Bear&Bull

Onze blogs

Meer

Live vanop de blogs

Related Posts with Thumbnails