november 2009

Geplaatst op 30 november 2009 door Roland Legrand 0 reacties | Reageren

De Parang Hysterie

Parang Willy, de nicht van mijn vrouw en intussen gebombardeerd tot onze huishoudster, was in oktober 2008 een maand op bezoek bij ons in Ubud. Ze had toen gemerkt dat je op Bali geen parang (hakmes) kan kopen waarmee je makkelijk kokosnoten kunt openen. Ze kocht er daarom eentje op Ambon, haar vader paste die eigenhandig aan en ze bracht het kleinood mee naar Bali.

'En alleen gebruiken voor kokosnoten!', had mijn vrouw nog zo gezegd. Op de dag dat twee werknemers van de tuinaannemer de bomen kwamen snoeien, had Willy onze tuinman Komang zien rondlopen met haar parang zo bleek later. 's Avonds was die parang zoek. Drama in huize Sabandari. Het leek verdorie wel of de kroonjuwelen gestolen waren!

De twee externe tuinmannen waren ongetwijfeld de schuldigen. Of toch zeker één van hen. Er was immers niemand anders in de tuin geweest. Oom moest praten tegen de boss van de tuinmannen, en tegen de architect! Haar geliefde parang was weg! Gestolen! Ontvoerd! Ik zag haar denken 'My baby...!' Dat laatste is misschien een ietsje overdreven.

In ieder geval werd de druk op schrijver dezes flink opgevoerd. Tijdens de werfvergadering op dinsdag was de parang agendapunt nummer één. Joost, de architect, zou er werk van maken. De volgende ochtend nog geen nieuws. Dan arriveerden de tuinmannen... Willy had de twee schuldigen onmiddellijk in de smiezen en haar ogen werden nog donkerder dan gewoonlijk.

Ze keek in mijn richting en verwachtte actie. Dat kon ik zo zien. Na een paar keer diep ademhalen en een korte pauze om de testosteron- en adrenalineniveaus te laten stijgen ging ik er resoluut op af. Ze waren met z'n zevenen of achten, allemaal potige jonge kerels. Na een speech in lagere school Indonesisch, doorspekt met Engelse woorden, was de probleemstelling duidelijk: 'Die parang moest en zou gevonden worden of er was tai* aan de keneker**!'

Na een korte pauze lieten ze me weten dat het de bouwvakkers geweest waren. Zij wisten van niks. Des te bozer ik werd, des te vloeiender werd mijn Bahasa Indonesia en des te verder trokken Willy en Saar zich terug in de keuken. Misschien speelde mijn gelaatsuitdrukking ook wel een beetje mee. In ieder geval was de boodschap 'loud and clear': 'Parang tegen het muurtje achter de keuken voor 17u of ik zocht een andere tuinaannemer.'

Er volgde een vergadering op luide toon en toen stormden alle tuinmannen tegelijk naar beneden, naar de grens tussen tuin en sawah. Na nog geen minuut voltrok het mirakel zich: de parang werd gevonden, tussen de struiken, het lemmet in de grond! Halleluja! De zwarte piet ging naar Komang, onze eigen tuinman. Die had het mes daar zeker verloren! Maar ik mocht niet boos op hem zijn.

Was een verstrooide Komang de oorzaak van de hysterie? Werd in de algemene commotie de parang 'gevonden' tussen de struiken? Gaat het om een miraculeuze materialisatie? Het kan me niet schelen. Ik heb wel een aantal dingen geleerd:

  • er kan een emotionele band ontstaan tussen een mens en een hakmes;
  • boos worden helpt (soms);
  • boos zijn verhoogt tevens je vaardigheid in een vreemde taal of wekt althans die indruk;
  • mijn hart kan minder goed tegen stress dan vroeger;
  • de vrouwen in mijn huis hebben een grote mond, behalve als het erop aankomt.

Eind goed, al goed toch?

Dirk Weemaes - ubud bali
_________________________
* tai: str*nt
** keneker: knikker

Geplaatst op 23 november 2009 door Roland Legrand 0 reacties | Reageren

Kroniek van een onaangekondigde overstroming

Vorige woensdag was een belangrijke dag voor mijn zoon Sipke, die deelneemt aan een debatteer wedstrijd met zijn school. Die avond zou het debatteer van zijn school, waarvan hij kapitein is, het opnemen tegen de privéschool van Bandon.

Het onderwerp van het debat was: 'Het Westen neemt de strijd tegen Global warming niet serieus.' Sipke's team steunde, en Bandon Grammar School verwierp de motie. Hamilton High viel aan met onbestrijdbare feiten, Bandon Grammar kon zich maar moeilijk verdedigen, en Sipke's team won.

De motie werd aanvaard. Iedereen kon weer tevreden naar huis. We beseften niet dat we buiten nog hardere bewijzen zouden vinden. We merkten we dat het hard beginnen regenen was. Heel hard zelfs, een echte wolkbreuk. Nu ja, dat gebeurt hier wel meer.

We haastten ons naar huis en dachten niet meer aan de regen. Ik werd die nacht verschillende keren gewekt door de huilende wind en het gekletter van de regen tegen het raam, maar ik was nog steeds aan het nagenieten van Sipke's laatste speech. De volgende morgen regende het nog steeds even hard. De baan naar Bandon was op verschillende plaatsen onberijdbaar, ook dat gebeurt wel meer.

Ik bracht de kinderen via een paar omwegen toch veilig naar school. Een tweetal uren later moest ik weer naar Bandon om een paar kinderen van de school naar de zwemlessen te brengen. Weer moest ik een omweg maken. De weg naar Bandon leek al op een rivier.

Terwijl de kinderen aan het zwemmen waren ging ik een tas koffie drinken. Er was niet veel volk in Bandon. Het weer was nog steeds barslecht. En toen zag ik de rivier. De Ierse naam voor Bandon is Droichead na Banndan, of Bandon Brug. De Bandon is de mooie rivier die door dit kleine stadje stroomt. De rivier had bijna de oever bereikt, het water stroomde woedend verder.

Ik zag dat het niet lang meer zou duren vooraleer de rivier zou doorbreken, en ben dus maar vlug al mijn kinderen uit de school gaan halen. De baan naar huis leek intussen op een waterval! Ik moest weer langs omwegen naar huis. Omdat we nu toch allemaal thuis waren besloten we eens even een kijkje te gaan nemen aan het strand.

Rondomons waren er tekenen van een echte zondvloed. Hier een paar foto':

Overstroming1

Overstroming2

Overstroming3

Omdat de meeste wegen intussen onberijdbaar waren gingen we maar terug naar huis. Sipke kreeg rond 5 uur een tekstbericht dat de rivier Bandon overstroomd had.

Al vlug was ergeen broadband meer en de telefoon gaf het ook op. We keken naar het nieuws waar we de eerste beelden zagen van ons overstroomde stadje.

Tijdens de nacht stopte de regen eindelijk. Ik reed 's morgens naar Bandon, en vond de stad nog steeds overstroomd. Alle scholen waren gesloten, er was nergens telefoon, er was geen internet connectie. Alle winkels waren dicht, sommigen volledig vernietigd door het water.

In een paar winkels, en het plaatselijk hotel had het water 1,80m bereikt. De boekenwinkel en de bloemenwinkel waren verwoest. Het bistrootje waar ik de dag voordien nog koffie had gedronken was ook volledig vernietigd.

Alle winkels hadden voor November extra stock aangelegd voor de Kerstmishandel. Die stock werd nu op de containers met afval gegooid.

Overstroming4

Overstroming5

Overstroming6

Er waren overstromingen in heel West-Cork, en het westen van Ierland. Cork was er blijkbaar aan onstnapt. Toen besloot de ESB (Electricity Supply Board) de floodgates van hun dam in Cork city open te zetten om een grote ramp te voorkomen. Ze vreesden dat de dam anders zou barsten. Cork overstroomde, het was de ergste overstroming sinds 1958.

Tot overmaat van ramp zit nu de helft van Cork zonder water. 40 Scholen zijn gesloten.

Volgens de watermaatschappij zal het nog minstens één week duren vooraleer dit pobleem opgelost is. We weten het nu toch wel allemaal; global warming is een feit. We dragen er hier de gevolgen van.

Hopelijk brengt Kopenhagen wat hoop.

Om te eindigen, deze stelling: zoals Sipke met een lachje en een knipoog zijn openingsspeech van het debat beeindigde: To say it with the words of the King, Elvis Presley: 'A little less converstaion, a little more action, please!'

Roos Demol

Geplaatst op 14 november 2009 door Raphael Cockx 1 reacties | Reageren

Afgestudeerd en werkzoekende in China

Ik voel mij een beetje beschaamd, ik zag zojuist dat mijn vorige bijdrage van november vorig jaar dateerde…

Wat is er dan sindsdien gebeurd? Ik ben vorig jaar in november begonnen aan een Managementsopleiding hier in Beijing, METP (Management and Exchange Training Programme – www.metp.net.cn), georganiseerd tussen de Europese Commissie en de Chinese Overheid.  Ik deed mee aan de derdre editie, METP 3.

Bedoeling is de handel op termijn te bevorderen door de vorming van China en Europa experts. 200 Europese managers mogen hier in Beijing (gratis) een jaar komen studeren, en 200 Chinese managers volgen een vijf maanden programma in vier universiteiten in Europa. Naast dit volgen we allen samen een interculturele training van twee weken in Beijing en in Sjanghai op de China-Europe International Business School (CEIBS).

Mijn acht maanden intensief Business Chinese op de University of International Business and Economics (UIBE) in Beijing heb ik eind mei afgewerkt. Het was een zwaar programma: elk dag 6 uur les, 2 uur studie, dictee (in Chinese karakters natuurlijk), om de twee weken test, om de twee maanden examen, met nog een eindexamen eind mei.  Zware kost, vooral als je 35 bent en studeren helemaal niet meer gewoon, een kleine van 3 jaar hebt, en je vrouw zwanger is voor juli. Ik ben afgestudeerd met een goede 70%, en ben hiermee tevreden.

Maar het is een boeiende taal. Spreken gaat wel goed, eens dat je de accenten (“first, second, third and fourth tone”) door hebt, is het een kwestie van vocabularium. Karakers schrijven met de hand en lezen blijven challenges, schrijven op de pc veel gemakkelijker.

Zoals mijn neef mij vroeg “hoe doe je dat, heb je een toetsenbord met 4000 toetsen erop voor elk karakter?”. Wel, we schrijven in pinyin, een intermediaire fonetische taal in Latijnse letters die fonetisch het chinees weergeven. Je typt dus bijvoorbeeld “ni hao” in, en 你好 verschijnt op uw scherm. Handig. Ik beschouw mijn gesproken niveau nu als “conversational”, dus ik kom wel rond hier in Beijing, kan over alles en nog wat spreken. Genoeg om het ijs te breken, natuurlijk niet genoeg om vertalingen te doen.

In het kader van het METP moest ik ook nog een stage vinden van drie maanden. Op de crêche hier op het compound ben ik de Managing Director van “The Conference Board” tegengekomen, ook met zijn tweejarige zoon, begonnen we samen te spreken en mocht ik bij hen beginnen voor drie maanden. Ik zet u in het Engels wat “The Conference Board” is, dan weet u ook alles:
The Conference Board China Center for Economics and Business operates as a global economics and business practice think-tank, not for profit and independent membership organization working in the public interest (www.conference-board.org).
Hun leden zijn CEO’s van Europese en Amerikaanse multinationals hier in China, voor wie zij economische analyses maken. Hier mocht ik voor drie maanden werken in het kader van “Human Capital” en “Sustainability”: we hebben een grote enquête georganiseerd in deze domeinen voor meer dans 300 buitenlandse bedrijven. Toffe sfeer, tof werk, veel geleerd op macro niveau van dit land.

Eind augustus is mijn stage afgelopen, hebben we onze diploma uitreiking gehad voor het METP 3 programma. Een andere Belg, Frédéric Poncin, en mezelf waren de twee eersten uitgekozen voor METP, nu bij METP 4 die actief bezig zijn met hun lessen op UIBE, zijn er nog eens 2 Belgen. De laatste lichting van METP 5 wordt begin januari uitgekozen, dus als u wenst deel te nemen aan dit uniek programma hier in China, moet u eens hun website bezoeken.

Ondertussen zijn we begin november, en zijn we anderhalve maand op vakantie geweest in Europa en hier in de regio.

Zoekt u een medewerker hier in China, stuur ik u graag mijn CV, ik ben volop aan het solliciteren.
Tot binnenkort,

Francis du Bois

Geplaatst op 13 november 2009 door Raphael Cockx 0 reacties | Reageren

Cork City, een top bestemming!

De Dubliners kunnen het niet geloven, ze zijn in shock! De reizigersgids The Lonely Planet heeft Cork genoemd als één van de 10 topbestemmingen in de wereld.Dublin haalde de lijst niet. En daar zijn we hier in Cork heel gelukkig mee.

Cork City is de tweede stad van Ierland. Het is een leuke universteitsstad vol jonge, actieve mensen.
Cork, of Corcaigh in het Iers heeft een rijke geschiedenis, er zijn leuke gallerijtjes en de cafeetjes zorgen voor de nodige atmosfeer's avonds.
Al die informatie vind je wel op de toeristensites.

Ik ga je nu een ander verhaal vertellen over Cork. Het gaat om één van mijn diepste geheimen....ik heb een boon voor de mannen van de City of Cork Male Voice Choir.

Dit koor is een social club voor muziekliefhebbers. Ze komen 3 keer per week samen om te repeteren en doen dit nu al 42 jaar lang. Hun vriendschap kan je waarnemen in de warme klank van hun muziek.

Verschillende van de huidige leden zongen 42 jaar geleden ook al mee.

Cork

Ik heb een paar keren de gelegenheid gehad om met hen mee op te treden. Ik ben lid van het Chorus of Opera Cork, een vrouwenkoor. We hebben in verschillende concerten en opera's tesamen met het mannenkoor gezongen.

Die mannen zijn van het soort dat je niet dikwijls tegenkomt. Ze zijn zo vriendelijk en charmant, en dat gepaard met hun mooie stemmen en de warme klanken die zo'n mannenkoor produceren doet mijn hart altijd smelten.

Toen ik borstkanker had hebben ze tesamen geld ingezameld om onze familie te steunen tijdens de behandeling, en de moeilijkheden die daarmee gepaard gaan.

Ik zal nooit de voorzitter vergeten die mij in het ziekenhuis kwam bezoeken. Met een rode kop en een fles Lucozade kwam hij naar me toe, hij zette zich naast me neer en we praatten zo'n uur over muziek, het mannenkoor en de mooie dingen van het leven. Hij was zo'n lieve, oude man. En zo zijn ze allemaal, ongelooflijk lief en charmant.

Hier is één van de liedjes dat we samen gezongen hebben, met Louise O'Sullivan als Mezzo Soprano. Het is 'River of dreams' op de muziek van Vivaldi, zoals je wel zal horen.

Get this widget | Track details | eSnips Social DNA

Dus als je van plan bent om naar Ierland te komen, kom dan eens naar Cork, en als je kunt begin dan eens een gesprek met een oudere Corkonian, ze zijn allemaal schattig. Als je dan nog een concert van het mannenkoor erbij kan nemen, is je vakantie gegarandeerd geslaagd!


( met toelating van the city of Cork Male Voice Choir en Louise O'Sullivan)

Roos Demol

Geplaatst op 12 november 2009 door Roland Legrand 9 reacties | Reageren

Wordt Zwitserland bedreigd door minaretten ?

Zwitserland Zwitserland kent zoals u weet een echte democratie waar de bevolking over diverse topics per jaar stemt. Elke Zwitser heeft het recht een bindend referendum te vragen indien hij dit wil en er voldoende handtekeningen voor krijgt (100.000 op 18 maanden voor een bindend federaal referendum).

De regering kan niet kiezen of en wanneer een referendum wordt gehouden. Zo gaat de Zwitser 4 of 5 keer per jaar stemmen over heel concrete topics. Deze keer is het echter uit de hand gelopen. De populistische partij UDC is erin geslaagd voldoende stemmen bij elkaar te halen om een referendum af te dwingen op een verbod op minaretten… Ja u leest het goed.

In totaal zijn er momenteel 4 (vier) minaretten in Zwitserland maar volgens het UDC moet er dringend ingegrepen worden voor het te laat is en het land overspoeld wordt door minaretten (zie affiche). Op 29 november wordt er dus gestemd of het bij wet verboden moet zijn om minaretten te bouwen in Zwitserland. U kan hierbij de fijngevoeligheid van de affiches van de initiatiefnemers achter het verbod zelf beoordelen.

In verschillende steden werd beslist dat ze te xenofoob zijn ; andere steden beslisten eerder voor de vrijheid van meningsuiting. Gezien de symboolwaarde en de grote financiële belangen voor Zwitserland (een belangrijk deel van het fortuin uit met Midden Oosten wordt in Zwitserland beheerd en de islamwereld is zeer belangrijk voor de export en voor het toerisme) verwacht ik niet dat het verbod er niet zal komen maar dat er niettemin een flink deel van de bevolking mee zal instemmen (30-40% ?).

Erg goed is dit allemaal niet voor het imago van Zwitserland dat de laatste tijd toch al onder vuur ligt. Ook hier in Genève wonnen de populisten de verkiezingen met een campagne gericht tegen de frontaliers die in Genève werken maar over de grens wonen en de jobs zouden « afpakken » of in elk geval bereid zijn te werken voor lagere lonen. Eigen volk eerst dus. Waar hebben we dat nog gehoord ?

Patrick Soetens
Keytrade Bank Genève

Geplaatst op 10 november 2009 door Stefanie Dhont 3 reacties | Reageren

Een ander jaar in Congo

Alle begin is moeilijk, en herbeginnen al even moeilijk als beginnen. Iedereen die ooit een marathon heeft gelopen en zich erna, door kinderen, een veeleisende job, of teveel sociale verplichtingen heeft zien evolueren tot een iets te dik, licht onfit, rokend individu die net die pint te veel drinkt elke avond, weet waarover ik het heb. De draad terug opnemen is niet evident. Hoe moet je beginnen, waar te beginnen, heeft het wel nog zin om te beginnen? Dat soort vragen stelt zich een mens die de neiging heeft tot vragen stellen. Maar kijk, ik zit hier en ik probeer. Ik houd te veel van schrijven, en ik kan gewoonweg alle bedenkingen die dagelijks door mijn hoofd passeren niet langer  voor mezelf houden. Ik moet ze neerschrijven, al was het maar om iets tastbaar over te houden aan de gevoelens en de gebeurtenissen die me hier ten deel vallen.

Zo vind ik mezelf terug, op dit avondlijke uur 1930h, op de achtergrond de chaos van de boulevard 30 juin, voor de computer ik, elke dag een dagje wijzer, een dagje verwarder, over de wereld waarmee ik geconfronteerd word.

 We schrijven 3 november 2009, in Congo, business as usual. De verkiezingen bevinden zich nog immer in hetzelfde stadium als enkele maanden terug. Een impasse.  Ik kom net terug van een onderonsje met een Ivoriaanse collega. Ik weet nog altijd niet hoe me te gedragen in deze vreemde wereld van culturen die ik niet ken. Want groter nog dan de uitdaging van in Congo te leven, is de uitdaging van voor de Verenigde Naties te werken.

Hoe ga je in godsnaam om met een 49-jarige Ivoriaan? Hoe ziet hij het feit dat ik als jonge blanke en alleenstaande vrouw een pint wil gaan drinken met hem? Ziet hij het als een aanleiding tot iets meer? Kan hij het interpreteren als een vriendelijke geste van iemand die gewoon zin heeft in een deugddoende pint na een harde werkdag? De Afrikaanse vrouwen, in hun kleurrijke boubous op de trappen van het gebouw waarin ik werk hebben in ieder geval al een interpretatie klaar: er is iets meer tussen die twee.

Hier hebben de mensen niet veel nodig om te beginnen babbelen. Iets wat ik nooit heb begrepen: waarom praten mensen zo graag over andere mensen? Waarom vinden ze het zo plezant om allerlei hypotheses te bedenken over andermans leven en die dan als feiten te gaan proclameren aan iedereen die het horen wil? De dynamiek van het roddelen, een van de mindere nobele aspecten van het mensdom.

Terwijl we onze pint drinken in een bar aan de boulevard zie ik mijn excollega binnenkomen. Hij heeft me niet gezien en zet zich aan een tafeltje met een congolese die minstens 30 jaar jonger is als hem en wie hij innig op de mond zoent. Niks speciaals. Hier hebben (bijna) alle expats een congolees vriendinnetje. Het is een van de dingen die horen bij een non-family duty station (VN-jargon voor die gebieden waar VN-personeel zijn familie niet kan meebrengen).Wat hun natuurlijk niet belemmert om thuis een gezin te onderhouden en elke twee maanden braaf de vlieger te nemen voor een visite aan de familie. Geld hebben ze genoeg, en geld hebben ze nodig, ook voor het Congolese vriendinnetje. Want voor congolese vrouwen is dit een commerce als een ander. Hier geen tijd en ruimte voor luxes zoals verliefd zijn, romantische idealen en dromen van de ware jacob.  Congolese vrouwen weten al heel vroeg wat hun lichaam waard is en wat ze ermee kunnen bereiken, en daarin zijn ze een pak minder naief als westerse vrouwen, die dat pas beseffen als hun glorietijd voorbij is.

Soms voel je je hier als westerse vrouw misplaatst. Als je bijvoorbeeld in een bar terechtkomt waar mannelijke expats zich te goed doen aan hun drankje terwijl op de dansvloer Congolese vrouwen zich in allerlei bochten wringen om de aandacht te trekken. Hoe later op de avond, hoe wanhopiger hun pogingen. Tot ze met de handen in het kruis van het tooghangend publiek beginnen te graaien.

Zo een situaties doen me altijd weer denken aan een scene die me is bijgebleven uit een franse film, “Nathalie”. Fanny Ardant  die op een bepaald moment, ze is dan al ver in de veertig, in een luxe prostitueebar belandt, waar ze weet dat haar man in de film (Gerard Depardieu) een rendez-vous heeft. Haarzelf geen houding wetend bestelt ze zich maar een whisky, en zit ze daar, een aandoenlijke vrouw op leeftijd, die verdwaasd kijkt naar de taferelen die zich voor haar afspelen. Als een vreemde eend in de bijt, the odd one out. Het element dat niet in het plaatje thuishoort.

Zo voel je je hier soms… ongepast. Overal waar je komt zijn er vrouwen die klaar zijn hun lichaam te geven voor een tien dollarbiljet. Hoe mooier ze zijn, hoe meer eisen ze stellen. De mindere godinnen moeten het stellen met de straatkant en een minirokje, de benen provokerend openend als je om elf uur s avonds langs bepaalde wegen naar huis rijdt. De knappe vrouwen, die misschien zelfs een job hebben als femme de menage, of secretaresse kunnen het subtieler aanpakken. Maar allemaal grijpen ze de gelegenheid aan waar ze geld kunnen verdienen.  Het is verleidelijk om het aan de Congolese cultuur te wijten. Dat voor hen seks is zoals eten en drinken, ze doen er niet preuts over. En voor eten en drinken betaal je toch ook?  Maar de waarheid is helaas dat zo een situatie tot stand komt omdat er vraag naar is, vraag in een omgeving waar iedereen de eindjes aan elkaar moet knopen. En vraag creëert aanbod, basisprincipe van de markteconomie.  Maar het blijft veelzeggend in een stad zoals Kinshasa. Door de totaal ongerechtvaardige oneven verdeling van de rijkdom krijg je zulke aberraties, even zoals de aberratie in vriendschapsrelaties waar hetzelfde motto geldt: wat levert het mij op? Hoe de economische realiteit ook liefde en vriendschap corrumpeert.

Stefanie Dhont

Geplaatst op 9 november 2009 door Roland Legrand 0 reacties | Reageren

Pura Taman Ayun

Mengwi7

Willy, de nicht van mijn vrouw, is in Ambon gebeten door een hond voor ze naar Bali kwam. Ze had daar voor alle zekerheid een eerste injectie tegen hondsdolheid gekregen.

De dader was namelijk onmiddellijk na zijn misdrijf afgemaakt en opgegeten zodat niet meer kon achterhaald worden of hij al dan niet besmet was met rabiës. Voor ons verkennend uitstapje naar midden Bali, gingen we daarom langs bij de Puskesmas (Pusat Kesehatan Masyarakat), het medisch centrum, in Ubud.

Willy kreeg er een vervolginjectie. Het duurde erg lang maar Willy maakte ons, middels wegwuifgebaren, duidelijk dat we niet mochten komen informeren. Later bleek dat te zijn uit voorzorg tegen het toepassen van 'toeristenprijzen'.

Mocht de verpleger hebben gezien dat Willy bij ons hoorde , dan zou de prijs ongetwijfeld een paar 100% gestegen zijn. De vreemdeling is loslopend wild waarop je vrijelijk alle pluimtechnieken mag toepassen. Toen vrouw en dochter tijdens het wachten even een doosje crackers wilden kopen, werd daarvoor Rp 8000 gevraagd.

Esther zag op een gelijkaardig pakje een stickertje met Rp 7000 en antwoordde daarom assertief met 'Tujuh ribu saja!', waarop de verkoper onmiddellijk akkoord ging.

We waren van plan er een nuttige dag van te maken. Een verkenningstocht voor een van de alternatieve trips die we onze toekomstige gasten willen aanbieden. Ik wilde zo veel mogelijk via landelijke weggetjes van Ubud naar Pacung ; het laatste stukje over de weg Denpasar-Bedugul, om dan de mooie rijstterrassen bij Jati Luwih te bezoeken.

Net voorbij Petang was er op een eerder steile helling plots geen asfalt meer. Alleen diepe putten, keien, grind en rotsachtige grond. Dewa probeerde er nog door te komen maar de motor brulde en de wielen slipten door. Mijn vrouw begon te roepen dat hij moest stoppen en ze stapte samen met Willy in paniek uit.

Ik maande Dewa aan voorzichtig achteruit te rijden tot op het asfalt. We keerden terug naar het dichtstbijzijnde dorp en de GPS herberekende het traject. Pas later ontdekte ik dat het ding was ingesteld om de kortste weg te zoeken; niet de snelste.

We bereikten de hoofdweg dan ook enkel na een tocht over enorm steile en smalle weggetjes, langs diepe ravijnen en ettelijke haarspeldbochten. Esther vertelde me dat Willy op een bepaald moment razendsnel haar geliefde gembersnoepjes uit hun plastic zak begon te schudden, vermoedelijk als laatste alternatief voor de reisziekte die ze voelde opkomen.

Zodra we op de grote weg waren vroeg ze dan ook om een noodstop. We stopten voor lunch bij het Pacung Indah restaurant in Batu Riti zodat iedereen de kans kreeg om op zijn positieven te komen na onze 'alternatieve route'. Ik kreeg natuurlijk de collectieve woede van mijn reisgezellen te verduren en beloofde dan ook plechtig dat we de rest van de dag enkel nog provinciale wegen zouden volgen.

Geen rijstterrassen of warmwaterbronnen en geen Batu Karu tempel. In plaats daarvan reden we naar de Pura Taman Ayun in Mengwi, een mooie watertempel. Hadden we tenminste nog iets gezien. Bij de vlindertuin van Wana Sari kwamen we om 10 voor vijf aan. Sluitingsuur: 5 uur.

De vlinders blijken actief te zijn in de voormiddag. Om vijf uur was er niks meer te zien. Dan kon er ook nog wel bij. Naar huis dan maar. Nog even gestopt bij Naughty Nuri's warung voor margarita's en ribbetjes van de barbecue.

Thuis in Villa Sabandari: douchen om de rook van Nuri's weg te spoelen en dan slapen. Het was me het dagje weer. 

Nuri's

Dirk Weemaes

Geplaatst op 3 november 2009 door Raphael Cockx 1 reacties | Reageren

Hou je handen van mijn pint!

Iersparlement De Dáil of het Ierse Parlement, is zoals in elk land, een plaats waar er dagelijks gedebatteerd wordt over de dagelijkse zaken.

Er zijn de regeringspartijen, en de oppositie. De laatste tijd, omwille van de recessie en de besparingsmaatregelen zijn deze debatten dikwijls nogal luid en passioneel. De backbenchers van de regeringspartijen blijven echter de regeringsbeslissingen steunen.

Niemand vond het blijkbaar onaanvaardbaar dat de cervicale kanker vaccinatie voor jonge meisjes werd afgeschaft, de manier waarop de Magdalenes behandeld worden blijkt ook geen reden voor opstand te zijn.

En toen ging het over alcohol ! De regering had een wetsvoorstel ingediend waarbij het maximum alcoholgehalte in het bloed voor bestuurders zou verlaagd worden van 0.8 tot 0.5 promille. Dit ging te ver! Een 20 tal TD's( parlementsleden) van de regerende partijen revolteerden luid. Het waren voornamelijk TD's uit het platteland.

Volgens hen zou zulke wet de oudere boeren nog meer isoleren, en de pubs zouden één voor één sluiten. Nu is de relatie tussen Ieren en hun pint wel gekend, maar dat ze het zó serieus namen, was wel verbazingwekkend. Vooral als je eraan denkt dat een groot deel van fatale ongelukken een gevolg zijn van alcoholgebruik.

Ach ja, ik kan de oudere boeren wel begrijpen. Ze wonen dikwijls ver afgelegen van het dorp, en het enige contact dat ze nog hebben met andere mensen is in de pub, waar ze de buren ontmoeten en over de hurling discussieren. Hoe kan dat nu zonder een lekkere Stout op de toog?

Na de invoering van het rookverbod bleven er al meer mensen thuis, en de vrees is dat er bijna niemand nog naar de pub zal komen als ze nu ook niet (genoeg) meer mogen drinken. Met als gevolg een nog grotere isolatie van de rurale bevolking, met alle gevolgen vandien.

Sommige pubs hebbeb al een vervoerdienst ter beschikking gesteld, de alcoholbus dus, die mensen thuis oppikt en ze ook weer terug brengt. Maar niet elke pub wil dit zomaar gratis doen. Volgens de Road Safety Authority zullen er volgend jaar tenminste 10 mensen sterven als het maximum toegelaten alcoholgehalte niet verlaagd zou worden.

Een moeilijke zaak dus voor de Taoiseach. Zonder de steun van deze 20 TD's kan hij de wet er niet doorkrijgen en zou hij zeker afgemaakt worden door de oppositie. Hij was er uiteindelijk toe verplicht een compromis te zoeken. En dat is er nu gekomen.

De meeste TD's hebben laten weten dat ze akkoord zullen gaan met het nieuwe voorstel, waarbij iemand die met een alcoholgehalte tussen 0.5 en 0.8 mg een kleinere boete zal moeten betalen, en niet meteen zijn rijbewijs zal verliezen. Ik denk dus dat de gardaí (politie) op het platteland bij een 0.7 promille, hun ogen zullen sluiten. In de steden zullen ze strenger zijn, maar hier kunnen we lustig verder drinken!

Roos Demol

Laatste reacties op onze blogs

Onze blogs

Meer