Door Raphael Cockx - Geplaatst op 9 februari 2010 - Reacties - Reageren
Tijd voor een nieuw gadget in onze rubriek Getest. Deze keer zet ik me voor een heuse LED-tv, in vergelijking met de ondertussen traditionele LCD-tv nog een stukje platter en met de belofte van een betere beeldkwaliteit.
Het exemplaar dat deze dagen in m'n huiskamer staat komt van LG, luistert naar de naam SL90 en is niet dikker dan 3cm. Die platte verschijning wordt nog eens geaccentueerd dankzij het speciale design waarbij er over het hele toestel één glasplaat ligt en je dus geen opstaande randen hebt.
De belofte van de extra goede beeldkwaliteit - met name wat betreft het contrast van het beeld - wordt verder doorgetrokken in de zogenaamde soundbar die LG meegaf, maar die voor alle duidelijkheid apart aan te kopen is. Het gaat om vier extra luidsprekers in één verpakking die je voor je tv plaatst, een aparte subwoofer voor diepe tonen en een ingebouwde Blu-rayspeler plus de mogelijkheid om radiouitzendingen te beluisteren, muziek vanaf je iPod af te spelen en naar YouTube-filmpjes te kijken. Uiteraard kan je ook nog aan de slag met dvd's en cd's.
Wat me meteen opviel is dat de soundbar een beetje plompverloren voor de tv staat, wellicht omdat het design nogal verschilt. Dat is een subjectief oordeel natuurlijk, veel objectiever is het feit dat je met de soundbar op zijn plaats plots halsbrekende toeren moet uithalen om de afstandbediening te gebruiken. Wellicht omdat de ontvanger in de tv voor een stuk afgedekt wordt.
De beeldkwaliteit
Maar hoe zit het dan eigenlijk met die fameuze beeldkwaliteit? Wel, die kan vanaf de eerste seconde overtuigen. In tegenstelling tot m'n eigen LCD tv - een jaartje oud en alom geroemd omwille van zijn contrastrijke beelden - moet je niet eerst een waslijst aan instellingen zitten aanpassen voor de tv zich van zijn beste kant laat zien. Dat zal ongetwijfeld te maken hebben met de LED technologie maar evengoed met het feit dat LG in tegenstelling tot veel andere fabrikanten geen belachelijke instellingen inprogrammeert waarbij wit bijna blauw wordt, iedere normale mens op het scherm begint te blozen en je een zonnebril nodig hebt om tv te kunnen kijken.
Over de geluidskwaliteit ben ik voorlopig minder te spreken. De soundbar en de subwoofer zorgen absoluut voor een zeker surround effect, al kan natuurlijk niets een echte surroundinstallatie vervangen. Bekijk je een Blu-ray via de soundbar dan is het geluid echt wel goed te noemen, maar dat is veel minder het geval wanneer het om een gewone stereouitzending gaat die bijvoorbeeld via je Digibox op een van de twee HDMI-ingangen binnenkomt. Dan klinkt het allemaal voor mijn niet eens zó verwende oren nogal plat en blikkerig, al kan je het geluid via de instellingen natuurlijk nog wel een beetje aan je voorkeuren aanpassen.
Het geluid lijkt helemaal nergens meer op als je de ingebouwde luidsprekers van de tv gebruikt. Niet onlogisch, want in zo'n dunne kast kan je bijna per definitie geen rijk geluid produceren. Met de soundbar erbij ga je die ingebouwde luidsprekers misschien zelden gebruiken, maar wie nog analoog naar de kabel kijkt heeft eigenlijk geen andere keuze.
To zover, m'n eerste indrukken, morgen of overmorgen ga ik dieper in op de vele snufjes die de tv rijk is, bijvoorbeeld de mogelijkheid om audiobestanden, video's en foto's vanaf een usb-stick weer te geven.
Door Kim Evenepoel - Geplaatst op 8 februari 2010 - Reacties - Reageren
Ik heb een sterk vermoeden dat ze zich bij Amazon gewoon niet bewust zijn van de absurde situatie, waarbij de downloadversie van een album 7 dollar duurder is dan de versie van hetzelfde album op cd. Omdat ik verwacht dat de situatie snel zal rechtgetrokken worden nu de tegenstrijdigheid is opgepikt door de blog The consumerist, heb ik even een screenshot meegenomen van beide items op de website van Amazon, onderaan de tekst te bewonderen.
De lezers van consumerist gaan in de reacties op zoek naar een bewuste strategie achter het prijsverschil. Sommige van hen brandmerken Amazon net niet als een bedrijf dat geld probeert te slaan uit een product dat hen minder kost dan het verschepen van een cd-schijfje. Ik denk echter dat het veel onschuldiger is dan dat.
Cd's zijn fysieke mediadragers. Die moeten dus ergens opgeslagen liggen. Omdat ze ruimte innemen, vereisen ze een veel actiever stockbeheer dan de downloadversie van diezelfde cd, die gewoon ergens op een server staat. De prijspromotie voor de cd kan daarmee perfect verklaard worden. Het enige dat je Amazon kan verwijten, is dat niemand eraan dacht om dan ook de prijs voor het downloaden van het album te doen volgen.
Nu goed, hopelijk komt er niet al te veel heisa van. Zeker niet voor een live-album van OAR, een band die mij en de collega's hier in de buurt volstrekt onbekend is.
Door Michel van der Ven - Geplaatst op 8 februari 2010 - Reacties - Reageren
Stel je eens voor: je gaat voor je werk een paar dagen naar het buitenland, maar in plaats van je complete notebook mee te zeulen volstaat het om een compact extern harddiskje in te pakken. Eenmaal ter plekke plug je het ding in de eerste de beste pc, et voilà; het is precies alsof je met je eigen computer aan het werk bent. Te mooi om waar te zijn? Niet voor bezitters van een Iomega harde schijf.
Het stukje software dat dit kunstje mogelijk maakt heet v.Clone en kan gratis van deze website worden geplukt. Het werkt zoals gezegd uitsluitend samen met Iomega drives, al was het maar omdat je de software pas kunt downloaden na het invoeren van het serienummer van je Iomega USB-harddisk. Ook Mac-gebruikers vallen vooralsnog buiten de boot. Het programma is enkel compatibel met Windows XP of hoger en de schijf die je wil ‘klonen’ moet bovendien geformatteerd zijn met het NTFS-bestandssysteem.
Voldoe je aan al deze vereisten, dan is v.Clone een genot om mee te werken. De software maakt om te beginnen een allesomvattende ‘image’ van je computer, dus compleet met het besturingssysteem, al je programma’s en documenten, e-mails en instellingen. Zodra je de USB-harddisk in een tweede pc plugt, verandert dat zogeheten host-toestel onmiddellijk in je eigen computer. En dat niet alleen; alle documenten die je aanmaakt of wijzigingen die je doorvoert worden, wanneer je terug thuis bent, automatisch weer gesynchroniseerd met de originele computer, zodat je systeem te allen tijde up-to-date is.
Betekent dit dat je werkelijk elke pc ter wereld kan omtoveren tot je eigen computer, zowel op kantoor als in een cybercafé? Dat helaas niet. Behalve misschien wanneer je de eigenaar van het café kent. Om op de tweede computer toegang te krijgen tot de externe harddisk moet je namelijk het beheerdersaccount van dat toestel kennen. Op kantoor of bij een vriend is dat waarschijnlijk niet zo’n probleem (een collega kan bijvoorbeeld snel even in jouw plaats inloggen), maar een zulke bereidwilligheid vind je vast niet overal.
Door Raphael Cockx - Geplaatst op 8 februari 2010 - Reacties - Reageren
Na Belgacom heeft nu ook Telenet op een persconferentie een aantal nieuwe of vernieuwde internetabonnementen voorgesteld. Daarbij gaat het met name om het nieuwe product Fibernet, dat downloadsnelheden tot 100 megabit per seconde aanbiedt. Uploaden gaat tot 5 megabit per seconde.
Daarmee overtreft de kabeloperator ruim de maximumsnelheden die Belgacom vrijdag al optrok, maar er werd vooral uitgekeken naar wat men in Mechelen met de zo vaak verguisde downloadlimieten van plan was. Eerst was gezegd dat die flink zouden opgetrokken worden, maar Telenet kondigde nu toch aan ze voor de nieuwe Fibernet producten te zullen schrappen.
Vanaf juli hebben klanten de keuze uit Fibernet 100 (downloaden aan 100 mbps, uploaden aan 5 mbps) voor 99 euro per maand, of het precies half zo snelle Fibernet 50 aan 69 euro per maand. In beide gevallen wordt er een zogenaamde Fair Use Policy toegepast: in principe geldt geen downloadlimiet, al kan Telenet bij misbruik wel ingrijpen.
Voor een aantal bestaande formules worden zowel de snelheid als de downloadlimiet opgetrokken. Voor het tot nu toe duurste abonnement (Turbonet aan 61,32 euro) wordt vanaf juli eveneens een FUP ingevoerd.
Door Michel van der Ven - Geplaatst op 8 februari 2010 - Reacties - Reageren
Sinds Bill Gates bij Microsoft hoofdzakelijk nog een adviesfunctie vervult staat zijn leven vooral in het teken van de Bill & Melissa Gates Foundation die hij samen met zijn vrouw beheert. Na een Twitterkanaal dat in geen tijd bijna een half miljoen volgelingen wist te mobiliseren is de softwaremagnaat zopas ook een blog gestart. Op The Gates Notes krijg je niet alleen een goed beeld van alle activiteiten van de charitatieve stichting, maar kom je ook te weten wat Gates tegenwoordig persoonlijk zoal bezighoudt.
Zelfs de grootste tegenstanders van Microsoft zullen het niet kunnen ontkennen: Bill Gates is de beroerdste niet. Vorige week nog heeft de Bill & Melissa Gates Foundation tien miljard dollar (zo'n 7,4 miljard euro) financiële steun toegezegd, verspreid over tien jaar, voor het onderzoek naar en de verspreiding van vaccinaties in de armste landen van de wereld. Ook in het verleden doneerde Gates al meermaals enorme bedragen aan goede doelen, waardoor zijn stichting beschouwd mag worden als een van de belangrijkste filantropische instanties ter wereld. Nu Microsoft na 35 jaar wat minder hoog op z’n agenda staat, vindt Gates eindelijk de tijd om het grote publiek meer vertrouwd te maken met het werk van zijn stichting, en tegelijkertijd een stukje awareness oftewel sensibilisering te creëren rond de problemen in onze wereld.
Op The Gates Notes vertelt de gewezen Microsoft-topman openhartig over de kwesties die hem nauw aan het hart liggen, zoals de ramp in Haïti, het belang van vaccinaties en de maatregelen die getroffen moeten worden om – na de Mexicaanse griep – een nieuwe virusepidemie te voorkomen. Gates verhaalt ook over zijn reizen naar onder andere India, legt uit wat hij daar allemaal van opsteekt en plaats zijn kanttekeningen bij wat hij links en rechts allemaal hoort en leest over zaken als het klimaat, armoede en andere wereldproblematiek. Naast artikelen van eigen hand omvat Gates’ blog ook podcasts waarin hij geïnterviewd wordt evenals enkele videoreportages.
Door Michel van der Ven - Geplaatst op 8 februari 2010 - Reacties - Reageren
Ondanks het enorme succes van veiling- en zoekertjessites hebben heel wat mensen nog steeds drempelvrees om hun spulletjes online te koop aan te bieden. Omdat ze liever geen onbekend volk over de vloer krijgen, bijvoorbeeld, of bang zijn dat ze hun geld nooit te zien krijgen. Voor die mensen is er voortaan BuddyBazaar.com, een ‘social selling service’ waar je uitsluitend handel drijft met mensen die je kent en dus vertrouwt.
BuddyBazaar.com biedt je in principe dezelfde mogelijkheden als elke andere zoekertjessite. Je kan er je eigen spullen te koop aanbieden (met een foto of zelfs een filmpje) of op zoek gaan naar tweedehands artikelen van andere gebruikers. Het grote verschil is dat BuddyBazaar een gesloten netwerk is. Daardoor kan je zelf bepalen wie er allemaal toegang krijgt tot jouw online winkel. Nadat je een gratis account hebt aangemaakt, zul je dus eerst een aantal van je vrienden (buddies) moeten uitnodigen in jouw ‘bazaar’. Dat kan door hen vanaf de site een e-mail te sturen, maar het is ook mogelijk (en veel sneller) om de gegevens van je vrienden rechtstreeks te importeren uit de sociale netwerken en/of online e-maildiensten die je gebruikt. De importeerfunctie van BuddyBazaar biedt momenteel al ondersteuning voor Gmail, Live Hotmail, Yahoo! Mail, LinkedIn, Twitter, Facebook en (niet te missen bij een dienst van Nederlandse origine) Hyves. Voorts is er ook nog een mogelijkheid om je adressenbestand van Microsoft Outlook of Entourage (Mac) te uploaden naar BuddyBazaar.
Nog handig is dat je de spullen die je wilt verkopen met één klik op je profiel bij Facebook (of Hyves) kunt plaatsen, zodat je vrienden onmiddellijk op de hoogte zijn van je zoekertje. Daarnaast kan je je advertenties ook nog delen via – geloof het of niet – 225 andere online diensten en tools. Als voorbeelden noemen we de sociale bookmarksite Delicious, de geheugensteundienst Evernote en de Wishlist van Amazon (voor als je op BuddyBazaar onverhoopt niet vindt wat je zoekt).
Tot slot toch nog even dit: standaard zijn je advertenties op BuddyBazaar.com vreemd genoeg wel degelijk toegankelijk voor Jan en alleman (oftewel Public). Om dat te veranderen moet je onder Bazaar Instellingen even een vinkje plaatsen bij Private. Bij een site die zich als een gesloten netwerk profileert zou dat natuurlijk gewoon de default-instelling moeten zijn.
Door Raphael Cockx - Geplaatst op 8 februari 2010 - Reacties - Reageren
Wij Europeanen liggen misschien (letterlijk) niet wakker van de Superbowl, maar voor Amerikaanse tv-kijkers is de finale van het American Football seizoen bijna van levensbelang. Niet moeilijk dus dat tijdens die jaarlijkse sporthoogmis de prijzen van reclamespotjes astronomische hoogtes bereiken.
Dit jaar zou er gemiddeld 3 miljoen dollar (2,2 miljoen euro) neergeteld zijn voor 30 seconden zendtijd. Een opmerkelijke nieuwkomer in het rijtje adverteerders, was Google. Het Amerikaanse internetbedrijf besteedt zelden of nooit geld aan reclame, maar pakte nu dus uitzonderlijk uit met een er mooie en subtiele spot:
Het filmpje maakt overigens deel uit van een nieuwe reeks waarin Google telkens aan de hand van kleine verhaaltjes toont waarvoor je de site in het dagelijkse leven zoal kunt gebruiken.
Door Raphael Cockx - Geplaatst op 5 februari 2010 - Reacties - Reageren
Drie dagen voor concurrent Telenet met een reeks nieuwe internetformules uitpakt, laat telecombedrijf Belgacom weten dat het vanaf 1 april mogelijk wordt onbeperkt te surfen voor 56 euro per maand.
Beide bedrijven maakten de afgelopen dagen bekend dat ze wel oren hadden naar de blijvende roep om de downloadlimieten op internetabonnementen op te trekken. Telenet gaf begin deze week aan een nieuw product te zullen lanceren, Telenet Fibernet, waarbij maandelijks voor 250 gigabyte (GB) aan gegevens kan verzonden en ontvangen worden.Dat is een pak meer dan de 30GB diebij een standaard Telenet abonnement inbegrepen zijn. Hoeveel het nieuwe abonnement moet kosten, wordt pas maandag op een persconferentie bekendgemaakt. Het momenteel 'zwaarste' product van de kabeloperator biedt 100 GB per maand en kost een goede 60 euro per maand.
Onbeperkt, maar trager
Belgacom steekt het Mechelse bedrijf nu echter de loef af door aan te kondigen dat er vanaf 1 maart ook bij hen nieuwe producten komen. Waaronder, zo blijkt nu, een formule zonder downloadlimiet. Die kost voorlopig nog iets meer dan 57 euro, maar slaat op 1 april af naar 56 euro per maand. Belgacom duikt daarmee weliswaar ver onder de prijs van Telenet, maar kan het kabelbedrijf alvast niet volgen als het om de snelheid gaat. Die ligt bij Belgacom op maximaal 20 megabit (mbps) per seconde, bij Telenet op maximaal 100 mbps.
Zoals bij de meeste buitenlandse operatoren geldt ook bij de nieuwe Belgacom formule een zogenaamde 'Fair Use Policy'. Het bedrijf left in zijn voorwaarden uit dat men zich het recht voorbehoudt klanten die 'regelmatig een opvallend hoger volume' downloaden te verwittigen en alsnog limieten op te leggen.
Door Kim Evenepoel - Geplaatst op 5 februari 2010 - Reacties - Reageren
De PlayStation 3 blaast dit jaar in november vier kaarsjes uit. Producent Sony kon gisteren aankondigen dat het weer winst maakte. Niet zonder enige trots liet het bedrijf ook weten dat de verkoop van de PS3 met 44 procent is toegenomen. Niets dan goed nieuws, lijkt het dus, maar aan dit verhaal zit toch een aanzienlijke schaduwzijde.
Om te beginnen kon Sony de verkoop van de PS3 pas echt de hoogte in duwen nadat het bedrijf flink begon te snijden in de kostprijs van de console, die bij de lancering in Europa 599 euro kostte. Intussen is dat al gezakt tot 299 euro. Daarmee is de drempel om het toestel in huis te halen aanzienlijk verlaagd, en die strategie werkt.
De vraag is hoe lang Sony die strategie nog kan blijven volhouden. Ondanks het hoge prijskaartje bij de lancering, moest Sony de PS3 in het begin met aanzienlijk verlies verkopen. De productiekost van de PS3 lag liefst 180 euro hoger dan de verkoopprijs. Intussen leek Sony beter greep te krijgen op de kosten. Begin december becijferde componentspecialist iSuppli dat het break-even punt nagenoeg bereikt was.
Die 'nagenoeg' is echter een rekbaar begrip, blijkt nu. De Wall Street Journal vlooide het resultatenrapport van Sony helemaal uit, en ontdekte daarin dat Sony de PS3 nog steeds verkoopt met een verlies van 6 cent per dollar. Dat komt neer op 17,94 dollar of 12,96 euro. Dramatisch is dat niet, maar voor een console waarvan de basistechnologie intussen toch al vier jaar oud is, is dat toch verrassend.
Dat alles valt echter in het niets vergeleken met de flop die de handheld console PSP Go lijkt te worden. Vorig jaar werd de nieuwe generatie van de PSP voorgesteld, en sindsdien heeft Sony zijn ambities voor het toestel alleen maar verlaagd. Gisteren werd de verkoopprognose nog maar eens met een derde verlaagd tot 10 miljoen stuks voor dit jaar.
Ook de softwarezijde ziet er niet goed uit. Sony verwacht nu 17 procent minder spelletjes te verkopen in 2010. Dat heeft grotendeels te maken met het uitstel van de lancering van Gran Turismo 5. De laatste geruchten plaatsen de lancering van dat spel - waarvan de eerste versie mee het succes van de oorspronkelijke PlayStation bepaalde - nu in het derde kwartaal van 2010. Ik zat echt te wachten op dat game...
Door Raphael Cockx - Geplaatst op 5 februari 2010 - Reacties - Reageren
Deze dagen is het precies 25 jaar geleden dat de eerste .com domeinnaam op internet actief werd. Vandaag is het de populairste extensie op het net, al begint de voorraad echt goede namen die op .com eindigen flink te slinken.
De 'com' staat, voor wie het zou vergeten zijn, voor 'commercial'. De domeinnamen werden dan ook in het leven geroepen om de eerste bedrijven die halfweg de jaren '80 de eerste stappen op het net zetten, een apart hoekje te geven. De eerste echte registratie kwam van het bedrijf Symbolics, dat op 15 maart 1985 symbolics.com vastlegde. De domeinnaam is nog steeds actief, al toont de site vandaag vooral... dat het om 's werelds eerste .com ging.
De verjaardag zal alvast niet ongemerkt voorbijgaan, want Verisign, het bedrijf dat aan de basis ligt van de .com-namen, wil het evenement een heel jaar lang in de kijker zetten. Zo worden er vier onderzoeksbeurzen van 75.000 dollar elk voorzien, een groot gala in San Francisco en een aparte site die vandaag al in de lucht is, maar voorlopig niet meer toont dan enkele belangrijke jaartallen uit de geschiedenis van het internet.
Door Raphael Cockx - Geplaatst op 4 februari 2010 - Reacties - Reageren
Misschien heb je lang geleden beslist dat je liever niet meedoet met Facebook. Toch zul je er maar moeilijk kunnen aan ontsnappen. Want de site verzamelt wel degelijk gegevens over jou.
Zo moet je zeker niet verbaasd opkijken wanneer je van een vriend of een vage kennis een uitnodiging voor Facebook krijgt waarin je meteen ook wordt uitgelegd dat de volgende 10 vrienden van je de site al gebruiken. Vanwaar komt die informatie vroeg het Duitse computertijdschrift c't zich af. Het antwoord is eenvoudiger, maar misschien ook verontrustender dan je zou vermoeden.
Facebook is immers een kampioen in het verzamelen en linken van kleine stukjes informatie. Maakt iemand een account aan op de site, zal hij in een van de laatste stappen van het inschrijvingsproces de mogelijkheid krijgen om meteen al vrienden toe te voegen aan de hand van zijn adresboek op Hotmail of Gmail. Dat hele adresboek wordt uiteraard naar Facebook gestuurd om naast de bestaande ledenlijst te leggen, maar blijft daarna in principe bewaard. Sta je dus ergens in een adresboek van een Facebookgebruiker heeft de site alvast ook jouw adres en kunnen er volop links gelegd worden tussen de personen die jij kent, vrienden die je gemeenschappelijk hebt met andere gebruikers en ga zo maar verder.
Bovendien maakt Facebook er geen geheim van dat ook zoekopdrachten bijgehouden en geanaliseerd worden. Het kan dus best zijn dat je in de database van het bedrijf zit omdat iemand ooit gezocht heeft naar een eventueel profiel van jou. Ook al levert dat geen resultaat op, toch weet Facebook op die manier weer een stukje meer over jou. Zeker wanneer iemand ingaat op de suggestie van Facebook om gebruikers niet alleen via hun naam op te zoeken maar ook aan de hand van hun e-mailadres.
Facebook zelf vindt dat het aan de gebruikers is om voorzichtig om te springen met gegevens van vrienden, collega's of kennissen. Daarom biedt de site - enigszins verborgen - de mogelijkheid aan om de contacten die je ooit met Facebook gedeeld hebt weer te wissen. Hoe snel dat gebeurt, is niet meteen duidelijk, volgens de pagina kan het "een tijd" duren voor de gegevens echt gewist zijn.
Door Raphael Cockx - Geplaatst op 3 februari 2010 - Reacties - Reageren
"Schrijf je gratis in", staat het verleidelijk te blinken op menig website. En ja, even je naam, voornaam en e-mail invullen, eventueel nog op een link in je mail klikken en je bent voortaan lid van een nieuwe 'community'. Veel minder evident is het om je daarna terug uit te schrijven. Sommige sites bieden zo'n mogelijkheid helemaal niet, anderen maken het zo moeilijk mogelijk.
Net bij die laatste categorie komt de site Delete Your Account van pas. De site biedt je gedetaillerde instructies - en rechtsreekse links - die je toelaten snel en permanent afscheid te nemen van diensten als Digg, MySpace, FriendFeed, Hotmail of een hele reeks andere pleisterplekken van het web.
Krijg je toch spijt van je beslissing, dan kun je je bij sommige sites opnieuw registreren en meteen de draad weer oppikken waar je hem doorgeknipt hebt. Ook die instructies staan op Delete Your Account.
Door Kim Evenepoel - Geplaatst op 3 februari 2010 - Reacties - Reageren
Er is al het dreigende nieuws dat PlayStation Network binnenkort (al dan niet volledig) betalend wordt, en nu liet Sony-topman Peter Dille optekenen dat het aanbod downloadbare PS3-titels in de PlayStation Store niet snel zal worden uitgebreid. In een eerste oogopslag is dat een vreemde beslissing. In een wereld die steeds meer digitaliseert, lijkt Sony te willen vasthouden aan de fysieke mediadrager die ze zelf hebben gecreëerd: het Blu-ray-schijfje.
Er zijn momenteel wel enkele downloadbare PS3-titels te vinden, zoals Burnout Paradise. Maar volgens Dille zal het daar voorlopig bij blijven. Zijn argument is dat het internet vandaag gewoon nog niet toelaat om op een degelijke wijze de zowat 50 gigabyte aan informatie binnen te halen.
Mijn eerste reflex was dat Sony hier een trein laat vertrekken terwijl ze er beter helemaal vooraan in gaan zitten. Maar eigenlijk heeft Dille niet echt ongelijk. Niet alleen zou ik snel op die vermaledijde downloadlimieten in ons land aanlopen, maar ik heb een PS3 van een van de eerste generaties. Ik zou nauwelijks 1 spelletje kwijt kunnen op mijn harde schijf van 60 gigabyte, en dan zou ik nog eens moeten nakijken hoeveel opslagcapaciteit ik al kwijt ben aan de installatie van spelletjes waarvan ik wél een schijfje heb.
Voor alle duidelijkheid: ik weet dat ik er in principe een harde schijf met meer opslagcapaciteit zou kunnen insteken. Niet iedereen - en ik dus ook niet - springt echter zo vlot om met zijn hardware.
Om toch op een positieve noot te eindigen: ik warm me op aan het voornemen van Dille om meer PS1- en PS2-titels beschikbaar te maken voor de PS3.
Door Michel van der Ven - Geplaatst op 2 februari 2010 - Reacties - Reageren
Wist je dat je in Windows 7 niet noodzakelijk een browser moet opstarten om zoekopdrachten op het internet los te laten? Je kan het wereldwijde web voortaan namelijk rechtstreeks vanuit Verkenner doorzoeken. Hoe je die handige functie activeert en vervolgens helemaal naar je hand zet, lees je in dit artikel.
Dat je met Verkenner voortaan niet alleen je eigen computer en lokale netwerk kan doorzoeken maar ook het complete internet, is te danken aan een nieuwe Windows 7-feature die Search Federation heet. Eenvoudig gezegd komt het er op neer dat je de ingebakken zoekfuncties van het besturingssysteem kan uitbreiden met zogeheten Search Connectors. Dat zijn een soort plug-ins (kleine XML-bestandjes, om precies te zijn) die ervoor zorgen dat je de zoekfunctie van webdiensten als Flickr, YouTube, Amazon, Bing et cetera direct kan aanspreken vanuit Windows Verkenner.
Overigens is er van huis uit nog geen enkele Search Connector in Windows 7 aanwezig. Die zul je zelf dus eerst even moeten toevoegen. Dat is gelukkig erg eenvoudig: download via de onderstaande koppelingen gewoon de Search Connectors die je handig vindt, en klik daarna in het dialoogvenster op Open om ze te installeren. De zoekhulpjes belanden dan onmiddellijk in de linkerkolom van je Verkenner-venster, onder Favorieten.
Door Raphael Cockx - Geplaatst op 2 februari 2010 - Reacties - Reageren
In ons land is het nog eerder zeldzaam, maar in heel wat (buur)landen vind je zonder veel moeite restaurants, cafés en andere openbare plaatsen waar je gratis met je laptop op internet kan. Het ideale 'Wifi café' beschikt daarbij over: gratis internettoegang, voldoende stopcontacten en natuurlijk de nodige liters koffie.
Een overzicht van die walhalla's vind je voortaan op Laptopfriendlycafes.com. De site is redelijk Amerikaans, maar heeft bjvoorbeeld ook meer dan 100 plaatsen in Londen en één verloren café in de Zwitserse stad Zurich op de lijst staan. Daarbij krijg je telkens naam en adres - met vaak ook een foto erbij - en natuurlijk een overzicht van de aanwezige voorzieningen.Een routeplannen en een link naar een eventuele website ontbreken ook niet.
Je kan via de site een nieuwe plek opgeven, al verwondert het ons dat je in de lijsten nergens kan aangeven dat een naam of adres niet klopt, dat het café in kwestie ondertussen verdwenen is of dat de eigenaar - the shame! - geen gratis Wifi meer aanbiedt. Belgische cafés ontbreken voorlopig op de site, maar je weet dus hoe je daar verandering kan in brengen.
Door Michel van der Ven - Geplaatst op 1 februari 2010 - Reacties - Reageren
Goed nieuws voor de outdoor-sportliefhebber, want met Randobel.be is er nu eindelijk een Belgische site die alle bewegwijzerde wandelingen en gps-trajecten voor o.a. wielertoeristen, mountainbikers en paardrijders wil onderbrengen op één adres.
De site is zopas van start gegaan met circa 750 vrije-toertochten. Bij deze fietstochten, de zogeheten VTT’s, wordt er meestal individueel een bepaald parcours afgelegd waarbij de tijd min of meer van ondergeschikt belang is. In de nabije toekomst zullen er echter ook andere soorten tochten aan bod komen, zoals wandelingen, jogging-parcours en mountainbike-trajecten. Mede-oprichter Christophe Dohn kwam op de idee voor de site doordat hij op het internet, met name voor Wallonië, nauwelijks informatie kon terugvinden over VTT-ritten. De tochten die hij aantrof bleken bovendien slecht onderhouden waardoor je ze in de praktijk amper kon uitrijden. Nadat hij eerst tevergeefs bij verantwoordelijke instanties als Bloso had aangeklopt, besloot hij met zijn kompanen Alan Rachart en Benoit Schinkus de site Randobel.be op te richten. Samen hebben ze in een mum van tijd 17.000 km aan ritten in kaart gebracht.
De beschikbare tochten zijn gratis en kunnen met een druk op de knop in het gps-formaat van de site worden geplukt. Vervolgens kan je ze eenvoudig overbrengen naar een gps-toestel dat de GPX- (GPS Exchange Format) of KMZ-indeling (Keyhole Markup Language) ondersteunt. Een kalender met de sportieve en recreatieve activiteiten bij jou in de buurt, maakt Randobel.be compleet.
Door Michel van der Ven - Geplaatst op 1 februari 2010 - Reacties - Reageren
Adobe laat geen mogelijkheid onbenut om meer volk naar Acrobat.com te lokken, de online office-suite van het bedrijf waar je samen aan documenten kan werken. Met het nieuwste verlengstuk van de dienst, Acrobat.com Mobile, kan je de bestanden die je op de site hebt bewaard voortaan ook via je smartphone raadplegen. Onze aandacht werd echter vooral getrokken door de ScanR-functie van de applicatie, die het mogelijk maakt om met je mobieltje documenten te scannen in het pdf-formaat.
‘Scannen’ is misschien niet helemaal de correcte benaming, want voor het digitaliseren van een document gebruikt Acrobat.com Mobile uiteraard gewoon de ingebouwde camera van je iPhone of BlackBerry-toestel (voorlopig de enige smartphones die ondersteund worden) of - ook dat is mogelijk - een van de foto’s die je op een eerder moment hebt gemaakt. Het resultaat is niettemin hetzelfde: een pdf-bestand dat je eenvoudig digitaal kan archiveren. Acrobat.com Mobile is bovendien intelligent genoeg om te herkennen om wat voor bronmateriaal het gaat. Zo wordt een foto rechttoe rechtaan in een pdf omgezet, terwijl er bij het converteren van een pagina met tekst eerst een behandeling volgt die ervoor zorgt dat de tekst geïndexeerd kan worden (waardoor je de pdf achteraf kan terugvinden op basis van de inhoud). Ook de kwaliteit van de tekst wordt verbeterd: op de pdf zijn de letters aanzienlijk scherper dan op de originele foto die je met de smartphone hebt gemaakt.
De pdf-documenten die je op deze manier creëert worden overigens niet op de smartphone zelf opgeslagen, maar belanden via WiFi of 3G rechtstreeks op Acrobat.com. Hoewel dat natuurlijk de hele opzet van Adobe is, brengt deze methode wel een nadeel met zich mee, en dat is dat je per se online moet zijn om via je telefoon toegang te krijgen tot je ‘scans’. Een data-abonnement is in de praktijk dus wel een must.
Met Acrobat.com Mobile kan je niet alleen pdf’s aanmaken en online archiveren, maar de bestanden natuurlijk ook meteen sharen met anderen. Daarbij heb je twee mogelijkheden: delen per e-mail of, met een druk op Print, ‘afdrukken’ via een faxtoestel. Dat brengt ons bij het prijskaartje van Acrobat.com Mobile. De applicatie zelf is gratis en ook voor het raadplegen en delen van files hoef je niets te betalen. Het scannen en faxen daarentegen kost wel geld, al mag je beide functies eerst vijf respectievelijk twee keer gratis uitproberen. Daarna zul je moeten upgraden naar een betalend Acrobat.com Premium-account met – voor de Basic-formule – een maandelijkse abonnementskost van $ 14,99 (omgerekend zo’n € 11).
Door Kim Evenepoel - Geplaatst op 1 februari 2010 - Reacties - Reageren
Google deed het vlak voor de start van de CES in Las Vegas, en nu zou ook Microsoft zich helemaal op de gsm-markt willen storten. Volgens de Spaanse blog MuyComputer is het nu 100 procent zeker dat de softwaregigant tijdens het Mobile World Congress in Barcelona een telefoon zal voorstellen, gebaseerd op de mediaplayer Zune.
De Zune Phone dook eerder al op in de geruchtenmolen. In wezen gaat het om een uitbreiding van de mediaplayer Zune HD, die meteen zal draaien op het nog voor te stellen mobiele softwareplatform Windows Mobile 7.
Microsoft is al een poos actief in de markt van mediaplayers met de Zune, al is dat voornamelijk een Amerikaans feestje gebleven. De Zune HD is niet te krijgen in Europa, en Microsoft laat surfers buiten de VS zelfs niet toe op de Zune Store.
Ironisch genoeg zou het Mobile World Congress in Barcelona dan het podium worden waarop Microsoft de telefoonversie van het ding komt voorstellen. Nog steeds volgens MuyComputer zal de Zune Phone een scherm van 480 bij 272 pixels en een HDMI-uitgang hebben in een pakket dat in totaal 70 gram weegt.
Door Raphael Cockx - Geplaatst op 1 februari 2010 - Reacties - Reageren
Nostalgie naar Windows 3.1 is een gevoel dat me zelden of nooit bekruipt. Moest dat bij jou anders zijn, dan kan je terecht op de website van ene Michael V. Hij bouwde een levensechte Windows omgeving na, net zoals die halfweg de jaren 90 op heel wat schermen te bewonderen was.
Je kan op de site vrolijk vensters openen en verslepen, programma's opstarten en zelfs op het internet surfen. Dat laatste gebeurt wel met de technologie van vandaag, zou je echt met een oude browser werken, dan zouden de meeste sites er een stuk minder goed uitzien.
Op meer dan 5 minuten nostalgisch plezier moet je hier niet rekenen, maar het is absoluut een leuke flashback naar een periode die nog niet ZO lang achter ons ligt. Oh ja: de site werkt best in Firefox. Om eens iets modern te zeggen.
Door Michel van der Ven - Geplaatst op 1 februari 2010 - Reacties - Reageren
’s Werelds populairste filmpjessite heeft er leuke feature bij gekregen. Met het YouTube Music Discovery Project vind je niet alleen (bijna) al je favoriete muziekvideo’s terug, maar kan je de clips ook aan elkaar monteren tot één grote mix. Bovendien leer je en passant een heleboel nieuwe muziek kennen.
Hoewel YouTube geen gespecialiseerde muziekzoekmachine is, laat staan een music streaming service à la GrooveShark.com, kan de site al een tijdje prima concurreren met dat soort diensten. Van vrijwel elk lied dat je kan bedenken is er immers wel beeld- en dus geluidsmateriaal beschikbaar bij YouTube. Dat kan de originele videoclip zijn, maar evengoed een concertregistratie, een optreden in een tv-programma of een still (een stilstaand beeld, zoals een platenhoes) waarbij je enkel het geluidsspoor hoort.
Een belangrijk nadeel van YouTube als ‘muziekdienst’ is echter dat er te weinig structuur in de zoekresultaten zit. Want wat heb je aan 198.000 resultaten waar ‘Madonna’ in voorkomt, als je uitsluitend geïnteresseerd bent in de muziek van de Queen of Pop? Het nieuwe Music Discovery Project past daar een mouw aan. Zoek hier op ‘Madonna’ en je krijgt nog maar veertig zoekresultaten, of beter gezegd, hits. Waarom YouTube specifiek deze veertig uitvoeringen ophoest van – in dit geval – songs als Borderline, Frozen en Vogue is niet meteen duidelijk. Mogelijk vindt er achter de schermen eerst een soort kwaliteitscontrole plaats, waarbij onder meer gekeken wordt of de videoclip halverwege niet abrupt stopt en of de geluidskwaliteit wel voldoende is. Perfect loopt die voorselectie evenwel nog niet. Het gebeurt immers nog te vaak dat je een nummer voorgeschoteld krijgt waar geen filmpje aan vastzit, terwijl je die videoclip op de gewone YouTube-site wel moeiteloos terugvindt. Dat is bijvoorbeeld het geval bij Thriller van Michael Jackson.
In de afspeellijst die het Music Discovery Project automatisch genereert vind je niet alleen de muziek van de ingevoerde artiest terug, maar ook van aanverwante artiesten. Leuk, maar niet altijd wenselijk. Nummers die je niet graag hoort kan je gelukkig snel weer wissen of vervangen door andere liedjes. Je kan de nummers uiteraard ook van plaats veranderen of, via de knop Shuffle, het lot laten beslissen over de afspeelvolgorde. Een functie om playlists te bewaren ontbreekt evenmin, al werkt die alleen als je in het bezit bent van een (gratis) YouTube-account.