Geplaatst op 17 mei 2010 door Michel van der Ven

Getest: De ‘spiegelloze’ Sony NEX-5

Sonynex5 Met de NEX-5 lanceert Sony volgende maand ’s werelds kleinste digitale fotocamera met verwisselbare lenzen. Het toestel moet het gat opvullen tussen de weinig flexibele ‘point-and-shoot’ compactcamera en de uit de kluiten gewassen spiegelreflex die niet alleen onpraktisch, maar voor veel gebruikers ook net iets te geavanceerd is. T-zine heeft de NEX-5 intussen uitgebreid kunnen testen. Het verdict lees je in dit artikel.

Sony is niet de eerste fabrikant die dit tussensegment camera’s aanboort. Olympus, Panasonic en – zeer recent – Samsung gingen het merk al voor, met toestellen die in grote lijnen dezelfde troef uitspelen: een camera met de verwisselbare lenzen én beeldkwaliteit van een DSLR, maar zonder de wegklappende spiegel en het bijbehorende spiegelhuis. Door die onderdelen, die veel ruimte innemen, achterwege te laten ontstaat een cameratype dat stukken compacter is dan een reflextoestel.

Sony spant met de NEX-5 wat dat betreft de kroon. De body van het toestel weegt slechts 287 gram en is (lens-mount niet meegerekend) amper 24,2 mm ‘dik’. Dat de fabrikant in die kleine behuizing toch plaats heeft gevonden voor een Exmor APS HD CMOS-sensor van 14,2 megapixel is ronduit straf. Die beeldchip is immers nog 1,6 keer groter dan de Micro Four Thirds-sensor van enkele rechtstreekse concurrenten, en qua formaat en prestaties zelfs vergelijkbaar met de APC-C uit de α-spiegelreflexcamera’s (alfa) van Sony. Praktisch betekent dit dat je bij slechte lichtomstandigheden nog minder last hebt van beeldruis en – net als bij een DSLR – uitgebreid kan experimenteren met de scherptedieptemogelijkheden. In manuele modus, uiteraard, maar ook in de automatische stand van de camera. Met een kleine slider op het display kies je eenvoudig voor een scherpe of juist vage achtergrond, waarbij je live het eindresultaat te zien krijgt. Vooral voor beginnende fotografen is dit een geweldig snufje om spelenderwijs vertrouwd te raken met de diafragma-instellingen van de camera.

Straks ook met 3D

Evenmin te versmaden zijn de HD-videofunctie (1080i) met One-Touch Recording en de Sweep Panorama-functie van de NEX-5, waarmee je in één beweging en met slechts één druk op de knop een nagenoeg naadloze panoramafoto schiet. Dat snufje zat al op eerdere Sony-camera’s maar heeft nu een nog groter bereik (tot 226 graden) en is op de NEX-5 bovendien 3D-ready: na installatie van de firmware-update die deze zomer uitkomt zal je met het toestel ook panorama’s kunnen fotograferen die je met een speciale actieve bril op je 3D-tv kan bekijken. Dat ziet er, ondanks het ietwat bibberende beeld, best leuk uit. Maar omdat Sony dit kunstje met slechts één lens flikt, is 3D helaas enkel beschikbaar in panoramastand (waarbij je de camera moét bewegen) en niet voor normale foto’s.

Nex5pano

Dat brengt ons bij de minpunten van de NEX-5, die gelukkig meer met gebruikscomfort dan met de prestaties te maken hebben. Zo vinden we het toestel, door z’n kleine en nogal hoekige body, niet helemaal lekker in de hand liggen. Ook het petieterige aan/uit-knopje kan ons niet bekoren, temeer omdat we na enkele dagen nog steeds de neiging hadden om het ding in de verkeerde richting te draaien. Maar wat ons het meest stoorde was het LCD-display: dat had van het OLED-type moeten zijn, zodat het ook in vol zonlicht nog goed afleesbaar is. Op het schermpje van de NEX-5 zie je nauwelijks nog iets als de zon schijnt en uitwijken naar de optische zoeker is niet mogelijk; die zit er standaard namelijk niet op, maar wordt verkocht als losse accessoire. Dat je het display kan uitklappen en kantelen, is overigens wel erg handig.

Prijzen
De Sony NEX-5 is vanaf juni verkrijgbaar in drie kits: met 16 mm objectief (€ 600), met 18-55 mm objectief (€ 650) en met beide lenzen (€ 750). In augustus volgt er nog een 18-200 mm objectief waarvoor je, compleet met body, € 1.100 betaalt. Behalve met deze E-mount lenzen is de NEX-5 via een optionele adapter overigens ook compatibel met α DSLR-objectieven.

Sonynex5 Met de NEX-5 lanceert Sony volgende maand ’s werelds kleinste digitale fotocamera met verwisselbare lenzen. Het toestel moet het gat opvullen tussen de weinig flexibele ‘point-and-shoot’ compactcamera en de uit de kluiten gewassen spiegelreflex die niet alleen onpraktisch, maar voor veel gebruikers ook net iets te geavanceerd is. T-zine heeft de NEX-5 intussen uitgebreid kunnen testen. Het verdict lees je in dit artikel.

Sony is niet de eerste fabrikant die dit tussensegment camera’s aanboort. Olympus, Panasonic en – zeer recent – Samsung gingen het merk al voor, met toestellen die in grote lijnen dezelfde troef uitspelen: een camera met de verwisselbare lenzen én beeldkwaliteit van een DSLR, maar zonder de wegklappende spiegel en het bijbehorende spiegelhuis. Door die onderdelen, die veel ruimte innemen, achterwege te laten ontstaat een cameratype dat stukken compacter is dan een reflextoestel.

Reacties

Volg T-zine ook via Twitter Facebook Google+ RSS

Laatste reacties op T-zine

Onze blogs

Meer
Related Posts with Thumbnails