Home Markten Live Netto Sabato

Geplaatst op 15 februari 2018 door Wijntijd Reacties | Reageren

Coops willen cool worden

WijnrekkenVooroordelen zijn van alle tijden en het internet met zijn virtuele communities en real-time informatiestroom heeft daarin weinig of geen verandering gebracht.

Zo blijft ook het hardnekkige cliché bestaan dat elke wijncoöperatieve per definitie een anonieme wijnfabriek is. Terwijl steeds meer coops in hun subappellatie net de reddende engelen zijn, dankzij hun investeringen in nieuwe technieken en technologieën, of het inhuren van zogeheten flying winemakers die nieuwe ideeën injecteren in een verroeste of zeker ingedommelde herkomstbenaming. Ook al kunnen we legio voorbeelden aanhalen van coops die wél beantwoorden aan dit cliché, namelijk oubollige wijnen blijven produceren op grootvaders/moeders wijze, op basis van derderangs druivenmateriaal.

Anno 2018 proberen echter een aantal Franse wijncoops, voor de zoveelste keer tussen haakjes, hun imago op te poetsen, ook en vooral door samenwerkingspacten.

200 miljoen flessen per jaar

Dat Franse wijncoöperatieven weer eens een charmecampagne opstarten is logisch, zeker als we ons realiseren dat ze grosso modo de helft van iedere totale jaaroogst in Frankrijk verwerken. Het zijn dus zeker geen figuranten.

Eén van die spelers in Marques & Coop, een koepel van 12 Franse coöperatieven die in een bonte reeks appellaties produceren. Een nieuwe club die maar liefst 4.000 individuele telers/wijnbouwers overspant die samen bijna 30.000 hectare wijngaarden exploiteren. Economisch vertaal: jaarlijks goed voor een productie van 200 miljoen flessen en een omzetcijfer van circa 410 miljoen euro.

Het lijstje leden van deze coöperatieve superclub komt werkelijk uit de vier windstreken van Frankrijk: Celliers des Prince (de enige coop in Châteauneuf-du-Pape), Chassenay d’Arce (Côte des Bar/Champagne), Estandon Vignerons (Provence), Loire Propriétés, Ortas Cave de Rasteau (Rhône-vallei), Sieur d’Arques (Limoux), Les Vignerons de Tutiac (Bordeaux), Agamy (rond Lyon), UDP Saint Emilion (Bordeaux), Union des Vignerons de l’Île de Beauté (Corsica), Vignerons Ardéchois (zuidelijke Rhône-vallei) en Vinovalie (in het Zuidwesten).

Benieuwd of de ‘marken’ en ‘châteaux’ van deze coöperatieven door hun samenwerking straks ook makkelijker in onze rekken en glazen belanden.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 11 februari 2018 door Wijntijd Reacties | Reageren

Alcoholvrij of Alcoholarmer?

Ook al is deze editie het enthousiasme voor de alcoholvrije maand Tour Minérale met tienduizenden deelnemers gedaald, toch blijft het natuurlijk een fenomeen. Alleen al in de Belgische grootdistributie verdrievoudigde het volume aan alternatieven op één jaar tijd.

Dat het niet exclusief een Belgisch, maar vooral ook internationaal fenomeen betreft, blijkt uit het feit dat bekende wijnhuizen (waaronder Torres, Codorníu, Ackerman,..) ook recent hun alcoholvrije alternatieven lanceerden. Met stijgend succes.

Toch zijn we ervan overtuigd dat er waarschijnlijk een groter marktsegment wacht voor de lage-alcoholwijnen, cuvées van pakweg 8,5 à 10%. Het eindproduct van dit gamma leunt immers nauwer aan bij wat de gemiddelde wijndrinker percipieert als ‘wijn’, zeker als het om rode cuvées gaat die het nog altijd lastiger hebben in hun zero-procentgedaante. Bovendien bewijzen Duitse wijnmakers al jaren dat ze schitterende cru’s kunnen bottelen die vaak tussen de 9 à 11% alcoholvolume zweven.

Technisch is het verlagen van alcohol geen simpel proces, met draaiende kegelkolommen (onder vacuüm bij lage temperatuur) of omgekeerde osmose, waarbij een deel van de aanwezige alcohol wordt verwijderd. De fermentatie vroegtijdig stoppen – de gistcellen zetten de suikers immers om in (hogere) alcohol – is geen optie, want dan zit men opgezadeld met eindproducten die nog veel restsuikers bevatten, dus per definitie (half)zoet smaken.

Natuur contra alcohol

Dat deze niche echter lucratief kan worden, blijkt ook uit de plannen in Nieuw-Zeeland om dé marktleider te worden inzake ‘low-alcohol wines’. Daar komt nu volop het ‘Lighter Wines’-luik van het in 2014 opgestarte Primary Growth Partnership-programma onder stoom. Een partnership tussen Nieuw-Zeelandse wijnbouwers met co-financiering van het Ministry for Primary Industries.

Het is tot op heden het grootste R&D-initiatief dat ooit door de Nieuw-Zeelandse wijnindustrie werd genomen met de ambitie om van het land dé marktleider inzake lage-alcohol en lage-caloriewijnen te maken. Daarbij wordt lichte wijn gedefinieerd als alle cuvées met minder dan 10% alcohol per volume.

In de spaarpot van dit zevenjarenprogramma zit immers $16 miljoen. Geld dat niet alleen besteed wordt voor de ontwikkeling van lage-alcoholwijnen, maar ook onderzoek steunt inzake nieuwe duurzame technieken en natuurlijke gistculturen. De Nieuw-Zeelanders maken er echter geen wollig verhaal van, want de ambitie van dit megaproject is duidelijk marktgedreven, namelijk hun wijnexport aanzwengelen.

Innovatief op vinificatievlak is dat er in de Nieuw-Zeelandse filosofie géén de-alcoholisering aan te pas komt om zo het totale alcoholpercentage in de wijn te reduceren. Het onderzoeksproject focust integendeel op natuurlijke methodes om dit resultaat te bekomen.

Daarmee wordt bedoeld: nieuwe technieken toegepast in de wijngaard of de selectie van andere gistculturen die rijpe druiven met veel lagere suikerconcentraties opleveren. De eerste resultaten zijn er al, want ‘down under’ zijn Sauvignon Blancs met 10% alcohol reeds behoorlijk populair.

Straks ook massaal in onze rekken?

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 30 januari 2018 door Wijntijd Reacties | Reageren

De vage grens tussen lage en hoge alcohol

NapaTerwijl ook in België blijkt dat systematische taksverhogingen voor alcohol eerder minder dan extra inkomsten voor de staatskas opleveren – omdat consumenten als reactie vrij massaal over de grens gaan shoppen –, is er in de VS sprake van een ander, enigszins bizar, neveneffect tussen ‘taks’ en ‘wijn’.

Met name de flessen met een lager alcoholpercentage lijken er de dupe te worden van de recente belastinghervormingen van de regering Trump. En dreigen er duurder te worden.

1,5% tolerantie

Het Amerikaanse Congres keurde recent een belastingpakket goed, de zogeheten >Tax Cuts and Jobs Act 2017, waarin een vrij onverwacht – en waarschijnlijk onbeoogd – effect kan zitten voor de wijnmarkt.

Eventjes wat achtergrond. Wie nu in VS een wijn bestelt weet dat wijnen onder de 14% officieel beschouwd worden als ‘table wine’ en ook aan een navenant lagere voet werden getaxeerd, in casu ongeveer 21 dollarcent per fles. Of: circa 10 cents lager dan zogeheten ‘higher-alchol’ wines.

Voor kwaliteitsproducenten had deze regelgeving weinig invloed op hun prijs, maar vooral massaproducenten van goedkoper basiswijnen voor o.a. de supermarktketens hadden natuurlijk wél belang bij elke dollarcent die ze van de flessenprijs konden knijpen.

En dus pasten sommigen jarenlang zelfs omgekeerde osmosis toe of andere technieken om het alcoholgehalte in het eindproduct te reduceren tot net onder deze ‘table wine’-drempel.

Bovendien was er tot nu ook sprake van een zekere tolerantie vanwege de overheid. Het wijnetiket moe(s)t accuraat het alcoholpercentage weergeven binnen de limiet van 1,5% voor wijnen onder die magische 14%-drempel, en binnen 1% voor de zogeheten ‘higher-alcohol’ cuvées.

Wat in concreto betekent dat een cuvée uit Sonoma van officieel 13,9% misschien wel 15% of meer alcohol kon bevatten, maar toch nog steeds lager als tafelwijn belast werd. Er was in de huidige regeling daarom ook sprake van systematische onderschatting van de échte alcoholpercentages, niet alleen uit taksoverwegingen, maar tevens om sommige consumenten makkelijker te winnen.

Intolerant t.o.v. tolerantie?

Maar in het nieuwe pakket dat in december 2017 parlementair werd goedgekeurd, kan deze taksvoet drastisch veranderen, omdat de scheidslijn verandert.

In het nieuwe belastingpakket zullen wijnen onder de 16% alcohol namelijk allemaal identiek worden getaxeerd volgens de 21-cents-per-bottle rate. Slechts één uitzondering: bubbels, want die moeten in de VS 67 cents per fles ophoesten.

Wat mega-producenten vooral nerveus maakt is dat nieuwe regeling waarschijnlijk ook de tolerantiegrenzen van afwijkende alcoholpercentages verandert, die tot nu toe toch nog nipt binnen het lagere tarief vielen.

Want mega-producenten zijn natuurlijk slim. Uit een studie van UC Davis bleek dat het gemiddelde percentage tussen 1992-2009 van bijna 130.000 onderzochte Amerikaanse wijnen piekte op 13,99%, net tegen de fameuze maximumdrempel voor een lagere/hogere taks. Toeval of manipulatie?

Maar als straks deze tolerantie, parallel met de nieuwe belastingwet, eveneens wijzigt, zullen veel instap- en basiswijnen in de VS straks misschien in een hogere belastingschaal vallen.

Op dit moment is de uitkomst nog onduidelijk, omdat het TTB (The Federal Alcohol and Tobacco Tax and Trade Bureau dat als de alcoholwaakhond in de VS fungeert) nog geen strikte richtlijnen van het Congres meekreeg.

Maar er bestaat een reële kans dat lagere-alcoholwijnen – natuurlijk een relatief begrip als je over een grens van 14% spreekt – straks toch zwaarder worden getaxeerd in de VS dan voorheen. Wat ook voor de Europese import natuurlijk een serieuze meerkost kan worden.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 27 januari 2018 door Wijntijd Reacties | Reageren

Kurk en het Kodak-syndroom

KodakTijd om als wijnliefhebber een nieuwe term te leren: het ‘Kodak Syndrome’.

Onlangs maakte Fabrice Chevallet, de Europese vicepresident sales & marketing van de synthetische wijnkurkproducent Nomacorc, een blitzbezoek aan ons land. Nomarcorc is geen kleine speler, want bestrijkt 14% van de totale markt en is wereldwijd de 2de grootste wijnsluitingsproducent, na het voorlopig ongenaakbare Amorim.

In de VS heeft Nomacorc zelfs 30% marktaandeel en zitten er cliënten als Gallo, Woodbridge by Robert Mondavi, Kendell Jackson en Cupcake in hun portfolio. Elders maken bekende huizen van hun producten gebruik zoals Zuccardi in Argentinië, Fontanafredda in Piemonte of JL Chave in de Rhône-vallei.

Uiteraard is Chevallet geen grote pleitbezorger voor natuurkurk, wat ook bleek uit zijn analyse van de flessenmarkt: “Twintig jaar geleden werden wijnflessen voor bijna 100% afgesloten met natuurkurk”, zo klonk het. “Vandaag heeft natuurkurk nog amper 50% in handen. Natuurkurkproducenten zijn met andere woorden de helft van hun markt kwijtgespeeld (…). Wat mij betreft lijden ze aan het Kodak Syndrome.”

Namelijk: de markt veranderde toen ook in de fotografiewereld technologisch aan hoog tempo – de opmars van de digitale fotografie –, maar Eastman Kodak had het blijkbaar moeilijk om deze veranderingen tijdig te herkennen en in een nieuw operationeel businessmodel toe te passen. En betaalden daarvoor een zware marktprijs.

Big Bang

Deze Big Bang van de flessensluitingsmarkt zal zich trouwens nog doorzetten, zo voorspelt Chevallet. Eén van die pistes is blijkbaar de niche van de ‘customised closures’, op maat van de klant gefabriceerde (synthetische) wijnkurken, zelfs als het prijskaartje daarbij hoger ligt. Volgens Chevallet groeit deze vraag continu.

Hij gelooft trouwens ook dat de impact van de Millenials op de wijnindustrie qua koopkracht en drinkgedrag zeer fundamenteel zal worden.

Millenials kopen namelijk zelden nog flessen om jàren te stockeren. Vaak zijn het integendeel last-minute aankopen net voor een etentje, want ze willen (jonge) wijn voor snelle consumptie. “Deze categorie wordt in de toekomst een grote uitdaging voor producenten van premiumwijnen”, aldus Chevallet. Want parallel met hun snelle wijnconsumptie zullen deze Millenials ook alternatieve wijnsluitingen, en zelfs verpakkingen zoals BIB’s (wijndozen), makkelijker aanvaarden en hun verspreiding in de handel zo pushen.

Waarmee nog eens bewezen wordt dat dé ideale wijnflessensluiting eigenlijk fictie is. Diverse sluitingstechnieken hebben namelijk hun nut bij verschillende wijntypes/productcategorieën, andere groepen consumenten of andere drinkmomenten.

Wie deze code kan ontcijferen, zal de ‘wijnstoppenmarkt’ de komende decennia domineren.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 24 januari 2018 door Wijntijd Reacties | Reageren

Kaapse wijn kan straks meer kosten

Shutterstock_776763076Zuid-Afrika, de 7de grootste wijnproducent op wereldvlak, profileert zich, ook op onze Belgische markt, met een steeds geschakeerder wijnaanbod. Zowel kwalitatief als qua prijszetting.

De tijd dat we hier alleen spotgoedkope ‘Steen’ of de oerklassieke varianten op Merlot, Sauvignon blanc of Chardonnay in onze rekken aantroffen, is al lang voorbij. Originele blends, prachtige Pinotage’s, rijke Chenin Blancs of fruitgedreven Syrah/Shiraz liggen nu mee in de exportvitrine, dankzij de circa 440 miljoen liter wijn die Zuid-Afrika jaarlijks uitvoert.

De droge waarheid

En net nu er een nieuwe groeiperiode lijkt aan te breken, speelt misschien de prijsduivel als spelbreker. Want veel wijngebieden die de ruggengraat vormen onder de (betaalbare) Kaapse export hebben een zeer moeilijke oogst achter de rug.

Vooral de appellaties in de westelijke kustprovincies kampten met zware droogteperiodes – nu eigenlijk al het derde jaar op rij –, maar ditmaal zelfs met acute waterschaarste en door de overheid opgelegde verbruiksbeperkingen. In mei werd dit wijngebied zelfs officieel tot ‘rampgebied’ uitgeroepen. Daarbij kwam nog eens de ernstige vorstschade in subappellaties als Breedekloof, Robertson en Worcester, die op hun beurt de 2018-jaargang hypothekeerden.

Het gevolg laat zich raden: waar de oogst 2017 ongeveer 1.434.328 ton druiven opleverde, zal de oogst 2018 nog gevoelig kleiner uitvallen. In sommige subgebieden is zelfs sprake van -25% qua volume.

VinPro verwacht dan ook dat de totale oogst 2018 de kleinste zal zijn sedert 2005, toen amper 1.157.631 ton druiven werden geplukt. Vooral ook omdat de toegelaten irrigatie vaak met meer dan de helft (40 tot 60%) werd teruggeschroefd, waardoor vooral de opbrengsten in normaliter hoogrenderende wijngaarden – de basis voor het ook bij ons populaire instapgamma – zwaar tegen zal vallen. En de kans reëel wordt dat de prijskaartjes van deze basiswijnen zullen klimmen.

Het enige ‘positieve’ voor de Kaapse wijnindustrie is dat ook andere productielanden wereldwijd recent een zeer lastige oogstperiode te slikken kregen, met een verwachte globale productiekrimp rond de -8%. Ongezien in pakweg vijftig jaar.

Het zullen helaas voor ons eindconsumenten dus niet alleen de Kaapse wijnen zijn die hun prijsniveau moeten/willen optrekken…

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 21 januari 2018 door Wijntijd Reacties | Reageren

De kopzorgen van Franse wijnmakers

BourgogneSoms loont het om naar het programma te kijken van een geplande conferentie, om meteen te beseffen wat de ‘hot issues’ zijn in een specifieke markt of professie. En dat geldt zeker voor de wijnsector

Zo organiseert het B.I.V.B., het Bureau Interprofessionnel des Vins de Bourgogne, begin februari haar jaarlijkse bijeenkomst ‘Vinosphère’, waar de toekomst van deze appellatiecluster wordt geanalyseerd. Discussietopics die bij uitbreiding echter ook de hete hangijzers vormen in alle Franse appellaties en wijnstreken.

Uit de agenda plukken we een Klavertje Vijf van de meest urgente thema’s:

- De gehate en reeds zo vaak geamendeerde ‘Loi Evin’, de wet die de publieke promotie en advertenties rond wijn grotendeels verlamt. Onder mom van ‘gezondheid’ en ‘strijd tegen alcoholmisbruik’ bepaalt deze nog altijd strikte wet zeer arbitrair wat men wel en niet over wijn in een advertentie mag vertellen, of hoe deze boodschap mag gepresenteerd worden.

- De houtziekte Esca. Esca is een al sinds eeuwen gekende stofwisselingsziekte die door schimmels wordt veroorzaakt. Deze schimmels woekeren vaak 10 jaar of meer vooraleer de door hen geproduceerde mycotoxines in de sapstroom van de plant belanden en zich op de druivelaars zichtbaar uiten via o.a. de zogeheten ‘tijgerbladeren’ of ‘zwarte mazelen’. Dit probleem manifesteert zich de laatste jaren steeds frequenter naarmate wijngaarden ouder worden. Niet alleen in Bourgogne, maar in alle Franse wijnstreken. En trouwens ook in onze eigen Belgische wijndomeinen. Een echt redmiddel tegen deze ziekte bestaat niet. Naar schatting gaat er elke oogst 4,6 hectoliter per hectare verloren door Esca.

- Vroegtijdige oogsten. We merken in vrijwel alle wijnstreken dat de trossen tot 14 dagen vroeger dan ‘normaal’ kunnen geplukt worden. Heel de groeicyclus van de druivelaars lijkt structureel ingekort. Wat pakweg 20 jaar geleden uitzonderlijk was, komt tegenwoordig steeds frequenter voor. In dat opzicht brak het millésime 2017 zelfs alle records. De vraag die veel wijnbouwers zich nu stellen: wordt dit de nieuwe norm, o.a. onder invloed van de klimaatopwarming?

- Wijntoerisme exploiteren. Waar rond het millennium veel wijnregio’s en hun belangenbehartigers het economische belang van wijntoerisme nog onderschatten, groeit nu – ook buiten Franrijk trouwens – het besef dat wijntoeristen een serieuze extra inkomstenbron kunnen vormen. Dat gaat in de praktijk dan van nieuwe logeer- en restaurantfaciliteiten, over thema-degustaties, kelderbezoeken, educatieve wijntours tot een wildgroei inzake ‘Best Wine Tourism Awards’.

- Resistente druivenvariëteiten. Iedereen lijkt wakker geschrokken door de soms alarmerende klimaatrapporten. Er wordt steeds ijveriger geëxperimenteerd met nieuwe variëteiten en kruisingen die niet alleen beter bestand zijn tegen wingerdziekten zoals meeldauw, maar bovendien ook beter gedijen in hetere biotopen met droogteperiodes en waterstress. In veel streken staan reeds proefpercelen aangeplant, begeleid door wetenschappelijke onderzoekscentra. Zelfs in een conservatieve regio als Champagne sleutelt men druk aan een reeks ‘superkruisingen’ die er tegen 2030 moeten voor zorgen dat er geen tekort aan bubbels komt, als het klimaat effectief 1 of 2°C is opgewarmd.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 31 december 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Britse wijndrinker betaalt straks het gelag

UKWineVolgens een nieuwe studie zullen wijnliefhebbers in het Verenigd Koninkrijk een van de grootste consumentenslachtoffers worden eens de Brexit een feit wordt

Een paper in The Journal of Wine Economics berekende immers dat, alhoewel de wijnprijzen de voorbije maanden reeds de hoogte ingingen door de dalende koers van het pond, in het post-Brexit-tijdperk tegen 2025 wijn in het V.K. tot 22% duurder kan worden.

De factuur van deze verhoging ziet er als volgt uit: “20% because of real depreciation of the British pound; 4% because of new tariffs on E.U., Chilean, and South African wines; and -2% because of slower U.K. income growth.”

Bijna 28% minder drinken

Prijsexplosie die volgens deze studie volgens het worst case  scenario maar één gevolg zal hebben: de Britse wijnconsumptie zal de komende jaren qua volume duiken met 28%: “The volume of U.K. wine consumption is 28% lower: 16% because of slower U.K. economic growth, 7% because of real depreciation of the British pound, and 5% because of new tariffs,” klinkt het.

Het zijn vooral de superpremiumwijnen – genre grands crus classés uit Bordeaux of Bourgogne – die het meest onder deze terugval zullen lijden: “Superpremium still-wine sales are the most affected, dropping by two fifths, while sparkling and commercial-premium wines drop a bit less than one quarter.”

Het worden kurkdroge tijden daar over het Kanaal…

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 25 december 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Happy Birthday d’Oc

PaysdOcHet is een verjaardag die relatief stilletjes voorbij is gegaan, maar die toch ook veel Belgische wijnfans aanbelangt: dit najaar is het immers op de kop 30 jaar geleden dat de landwijnen van d’Oc werden gecreëerd. Wijn die frequent in onze Belgische glazen belandt.

Het waren immers spitsbroeders Robert Skalli (négociant in Sète) en vooral Jacques Gravegeal (nog steeds de legendarische voorzitter van de lokale belangengroep) die eind 1987 de Vin de Pays d’Oc officieel boven de doopvont hielden, wat nu onder de nieuwe benaming de IGP Pays d’Oc is geworden.

Economisch uiteindelijk de financiële redder van de Languedoc, ook al zag het plaatje er bij de opstart somberder uit. Veel producenten én verantwoordelijken bij het INAO bleken immers aanvankelijk uiterst sceptisch over deze nieuwe wijncategorie, vooral omdat ze zo’n grootschalig gebied bestreek. Dat kon toch niet aantikken?

Bovendien vermeldde deze landwijn nog eens fier het druivenras op het etiket. Wat in die tijd eerder ongewoon was, tenzij in Californië, wat toen door veel Fransen nog als een derdewereldgebied qua wijn werd beschouwd. Maar omdat een belangrijke makelaar als Skalli toch bereid bleek om deze gok te wagen, werden velen toch over de streep getrokken.

On-Frans luidde het verdict van de critici, die echter ongelijk kregen. Vooral in de export sloeg het concept Vin de Pays d’Oc meteen aan, niet alleen wegens de grote herkenbaarheid, maar zeker ook de relatief lage prijsdrempel.   

Verveling dreigt

Succesverhaal, want vandaag de dag met een oogstvolume van gemiddeld 6 miljoen hectoliter, is de Pays d’Oc de meest geproduceerde IGP in Frankrijk.

Anno 2017/2018 dreigt er wel een groot probleem voor deze veelal mono-cépages: voorspelbaarheid. Of correcter: verveling.

Want Merlot, Cabernet sauvignon, Chardonnay, Sauvignon Blanc en Syrah vormen het onaantastbare kwintet dat, afhankelijk van de jaargang, 80 tot 85% van het productievolume voor zijn rekening neemt. Vooral Merlot is razend populair: naar schatting een kwart van elke oogst Pays d’Oc draagt dit druivenras op het label.

Jammer voor een regio waar toch zoveel andere boeiende variëteiten groeien dat een globetrottersdruif er baas is en het imago bepaalt. Verdient de Languedoc niet beter?

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 16 december 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

De wijntoerist wacht af

BrandweerHet is nog steeds te vroeg om de totale economische wijnfactuur van de bosbranden in Californië te berekenen – het verlies aan faciliteiten, gebouwen, wijnterreinen, stocks, rookschade… dossiers waar nu de verzekeringsfirma’s zich over buigen –, maar zeker is dat er één activiteit serieus impact kan voelen: het oenotoerisme.

Want waar de getroffen regio’s van Napa, Sonoma, Mendocino & C° misschien niet de volumeproducenten van Californië zijn, herbergen zij wel de vlaggenschepen en icoondomeinen waar jaarlijks miljoenen toeristen op afkomen.

De miljoenen van Napa

Neem nu dé populaire wijnbestemming: Napa Valley.

In 2016 passeerden er maar liefst 3,5 miljoen bezoekers de wineries, die samen naar schatting voor 1,9 miljard dollar spendeerden aan wijn, logement, eten en merchandising. Circa 13.000 jobs kunnen op die manier rechtstreeks gelinkt worden aan dit wijntoerisme.

Op een typische dag in Napa tijdens het toeristische seizoen kloppen er bijna 17.000 bezoekers aan, die samen voor zo’n 5 miljoen dollar uitgeven. Een groot gedeelte wordt niet alleen besteed aan op de winery gekochte flessen, die voor deze domeinen inderdaad een hoge winstmarge bieden, maar ook in de omringende horeca.

Door de hevige bosbranden is deze stroom van wijntoeristen echter al een tijdje onderbroken, zelfs bij wijndomeinen die helemaal niet door de vlammen bedreigd of beschadigd werden. Want veel bezoekers hebben, zeker door de beelden op sociale media of tv, het idee dat de hele streek structureel zwaar beschadigd werd, terwijl er bovendien effectieve schade aan het transport (toegangswegen bv.) of de horeca-infrastructuur te noteren viel.

Dat schrikt toeristen tijdelijk af. Daarom hoopt iedereen in deze stervalleien nu op een snelle verandering van deze beeldvorming.

Want anders kost de nasleep én perceptie van de bosbranden economisch uiteindelijk méér dan de vuurzee zelf.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 10 december 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Hokus Pokus in Bordeaux

Sjoemelaars zijn van alle tijden en alle sectoren, en uiteraard is de wijnbusiness een uitgelezen doelwit voor fraudeurs. Dat hebben we in deze rubriek al meermaals geïllustreerd. En alhoewel ik er eerst geen column wou aan wijden aan het zoveelste fraudedossier in Frankrijk, doe ik het toch

Omdat het aantoont dat, op een moment dat Bordeaux de grote (marketing)middelen inzet om toch de harten (en bankrekeningen) van consumenten te heroveren, dit dossier geen slechtere timing kon hebben.

Want 4.200 hectoliter bulkwijnen uit de Languedoc die omgetoverd werd in Bordelaise appellaties waaronder Margaux, Pauillac of Pomerol, blijft toch een gesjoemel dat niet elke dag op onze tafel belandt.

De DAE-carrousel

Concreet gaat het om de négociant-commissionaire “Signes de Terres” die de befaamde ‘plaçe de bordeaux’, het zenuwcentrum van de Bordelaise wijnhandel, ruim twee jaar lang bij de neus heeft genomen met valse etiketten en origines.

Alles draaide in deze transacties blijkbaar rond een vervalsing van de zogenaamde Documents d’Accompagnement Électronique (DAE), zowel bij het vertrek als aankomst van de wijn, waardoor de oorsprong ervan niet meer exact kon getraceerd worden.

Signes de Terre kocht in de Languedoc bijvoorbeeld een lading bulkwijn, maar de DAE bij vertrek vermeldde een nepleveradres. De transporteur werd tijdens de levering dan naar een ander adres doorverwezen, zonder eerst officieel het lot in het entrepôt van Signes de Terres te lossen.

Die nieuwe bestemming was dan wel bij de eigenlijke finale klant van Signes de Terres. Daar werd dan een tweede DAE afgeleverd, waarin een identiek volume als in het eerste document vermeld stond, maar wél met een ander kwaliteitsniveau. Lees: andere appellatie of ander millésime.

Kassa kassa!

Alhoewel het onderzoek nog loopt en de juridische procedure blijkbaar nog dient opgestart tegen Signes de Terres, zou via deze DAE-carrousel tussen 2012 en 2014 zeker 4.200 hectoliter bulkwijn uit de Languedoc – Pays D’Oc of Vin de France met traditionele Bordelaise druivensoorten – frauduleus omgetoverd zijn.

Daarvan werd 1.300 hectoliter getransformeerd naar AOC Bordeaux, 700 hectoliter tot Bordeaux supérieur, 700 hectoliter werd Pomerol, 600 hectoliter Margaux, 350 hectoliter Pauillac en nog eens 100 hectoliter werd onder het label Saint-Julien gebotteld.

Tel uit je profijt: de winst kon oplopen tot het tienvoudige van de kostprijs. Want het prijskaartje van een rode Vin de France of IGP uit de Languedoc die dit voorjaar gemiddeld voor 82 à 90 €/hl werd verhandeld, staat immers mijlenver van een tonneau Margaux of Pomerol, waarvan het prijskaartje per hectoliter in dezelfde periode makkelijk tot 1000 euro kon oplopen.

Terwijl sommige handelaars in zowel de Languedoc als Bordeaux dit dossier enigszins minimaliseren en soms zelfs spreken over “een oude koe die uit de gracht wordt gehaald”, trapten toch een aantal grote spelers in dit fraudeverhaal. Blijkbaar horen ook de Groupe Castel, Les Grands Chais de France of Les Grands Vins de Gironde (onderdeel van de groep Borie Manoux) bij de gedupeerden die zich door deze fraude lieten verschalken.

Dat het gesjoemel, zij het vrij laat, toch werd ontdekt, plakt in die optiek maar een kleine pleister.

Frank Van der Auwera

Onze blogs

Meer