Australië

Geplaatst op 3 december 2011 door Wijntijd Reacties | Reageren

Australië zit nog altijd in een (wijn)dip

IStock_000014819406XSmallHoe relatief de wijnbusiness is, en zeker een zogezegd veilige marktpositie, wordt de voorbije 12 à 15 maanden continu geïllustreerd door Australië.

Ooit het schijnbaar onaantastbare wonderkind van de internationale wijnhandel, dat zeker op het vlak van sales & marketing geen fouten leek te maken. Integendeel: de halve wijnwereld, met Frankrijk op kop, was stikjaloers op de manier waarop de Aussies wijn met ‘toegevoegde waarde’ aan de man/vrouw konden brengen, aan de lopende band succesvolle merklabels lanceerden en bovendien fruitgedreven producten afleverden die reeds zeer jong smakelijk konden gedronken worden.

Maar sindsdien heeft Australië op wijngebied toch de zeven plagen over zich heen gekregen (lees o.a. Wisselkoersen bevorderen bulkwijn deel 1 en deel 2 of Australië wil afslanken of Down Under: nog steeds down of Australië krijgt een nieuwe opdoffer).

En blijkbaar is het einde van deze ellende nog niet in zicht, maar zijn er werkelijk structurele verschuivingen en aanpassingen bezig van de lokale wijnindustrie.

Het einde van Riverina?

Uit het groeiende aanbod paniekberichten die down under worden gepubliceerd, pikken we er twee uit.

We starten in Riverina, zeg maar de wijnschuur tot nu toe van Australië. Leverancier vooral van (spot)goedkoop mengmateriaal en qua volume de belangrijkste wijn/druivenregio van het continent. Een tweetal oogsten geleden heerste er echter al paniek, toen bleek dat de Wine Grapes Marketing Board van Riverina (W.G.M.B.) wijnbouwers en druiventelers openlijk opriep om hun druiventrossen niet langer te plukken, maar ze beter te laten rotten op de grond, omdat de handling en zeker het transport ervan bedrijfseconomische hara kiri zou betekenen. Zo diep was de kiloprijs inmiddels gezakt.

Sinds dat doemadvies is er blijkbaar niet veel ten gunste veranderd, want wat lezen we nu? Het W.G.M.B. kwam met nieuwe statistieken en analyses op de proppen, die helemaal kippenvel brengen.

Zo bleek dat slechts 1 op de 10 druiventelers in Riverina op dit moment geloven dat ze over vijf jaar nog in business zullen zijn. U leest het goed: slechts 10 procent. En nog eens 40 procent bekende dat ze hun laatste oogst integraal verkochten beneden hun productieprijs, dus met andere woorden met verlies.

Catastrofaal met andere woorden, en dat bevestigt ook WGMB chief executive Brian Simpson: “We had anecdotal evidence the situation was very tough, but to give true credibility to our statements, we commissioned an independent survey of our growers” klinkt het. “There were few surprises in there - it really just reinforced what we knew - that it is very, very tough for growers.” Deze anonieme (telefonische) survey waarop Simpson doelt, peilde bij wijnbouwers en druiventelers naar topics zoals de leefbaarheid van hun exploitatie, hun jaarlijkse druivenopbrengsten of hun off-farm inkomen.

Zo bleek, verrassend, dat maar liefst 6 op de 10 respondenten ook een niet-wijnbouw gerelateerd inkomen hadden, waardoor ze tenminste konden overleven.  Conclusie? Als deze situatie zich nog een jaar of twee doorzet, is Riverina als druivenproducent ten dode opgeschreven.

Het spook van private labels

Oké, maar misschien reageert u nu: het gaat over een massaproducerende regio. Waarover maken we ons druk? Wat echter te denken van de recente alarmkreet door Darren De Bortoli, managing director van het ook in ons land bekende De Bortoli Wines, één van de grootste wijngroepen down under die nog in familiehanden is?

De Bortoli windt er namelijk geen doekjes om: hij stelt dat de voortdurende uitbreiding van zogeheten private labels in de (Australische) supermarktrekken, samen met de vrij sterke Australische dollarkoers plus een aanzwellend druivensurplus, de winstgevendheid van de lokale wijnsector stilaan ondermijnt. Volgens Darren De Bortoli palmen deze supermarktlabels met hun soms zeer zware kortingen immers steeds meer rekken in, ten nadele van de ‘gewone’ domeinlabels. Steeds meer producenten worden door de huidige slechte marktcontext en het wijnsurplus in hun regio in de praktijk ‘gedwongen’ om tegen sterk gereduceerde prijzen de supermarkten te bevoorraden met wijn, die geregeld in private labels verdwijnt. Dus eigenlijk een directe concurrent van hun eigen producten in de rayons wordt.

Een gevaarlijke spiraal, zo meent De Bortoli, want “...it's tough because of their approach to private labels and the fact there are other wine companies being very aggressive in that area - someone has to supply wine to private labels. In a lot of cases the quality of private label wines is a lot lower, but it will take a while for the consumer to cotton on to that.”

Belgische toestand anders?

Dat Darren De Bortoli precies nu met deze scherpe kritiek naar buiten komt, heeft een reden. Recent verklaarde CEO van het grootste Australische supermarktketen Woolworths nog dat het streefdoel is het aandeel van private labels (voor food en wijn ) te verdubbelen, zodat ze ongeveer eenderde van de totale verkoop zullen realiseren. Dat betekent dat de komende maanden nog veel wineries het moeilijk zullen krijgen om een plekje op de rekken te veroveren, want Woolworths verdeelt momenteel in Australië 6.130 ‘domestic wines’, waarvan slechts 225 private labels, dus nog geen 4 procent. Een enorm groeipotentieel kortom, ten koste van de traditionele domeinlabels.

In België zal de substitutie van traditionele wijnen door private-labelcuvées waarschijnlijk minder grote omvang aannemen, ook al zien we bij de Grote Drie van onze distributie toch ook een tendens naar eigen bottelingen en merken.

Met weliswaar deze randbemerking: het gaat dan bijna steeds om vrij goedkope entry-levelwijnen. Eens een bepaald prijskaartje wordt bereikt, worden merk -en domeinnamen wel weer belangrijker voor de consument.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 25 november 2011 door Wijntijd Reacties | Reageren

www.Lafite.nep

WwwDat ‘bekende namen’ uit de wijnbusiness een fervente en vooral permanente strijd moeten voeren om hun copyrights te beschermen, is al lang een oud zeer van deze sector.

En dan hebben we het echt niet alleen over de juridische veldslagen tussen de Europese Unie en producenten uit de Nieuwe Wereld - vooral Australië en California - die soms nogal lukraak omspringen met beschermde en vooral historische appellatienamen of wijntypes zoals Sherry, Porto, Brandy, Sauternes of Chablis (lees o.a. Australië: kidnapping van appellaties taboe of Apera en Topaque).

Gedroomde slachtoffers

Maar wereldberoemde domeinen - lees: zij die hoge scores krijgen in de gespecialiseerde media en daarom ook hoge marktprijzen vangen, met name bij het  ‘nieuwe’ Aziatische cliënteel - worden tegenwoordig ook virtueel belaagd: cybersquatting, het in dit geval kapen van een châteaunaam en trademark om er hopelijk munt uit te slaan, heeft duidelijk ook de internationale wijnhandel geïnfecteerd.

De meest voor de hand liggende slachtoffers vinden we natuurlijk in Frankrijk en meer specifiek in de Bordelais, bij de grands crus classés waarop de integrale internationale markt (speculanten, loyale consumenten, importeurs, négociants en nouveaux riches) jaagt.

Om de omvang van dit probleem in te schatten, werd onlangs door het bureau Keep Alert een studie gelanceerd die zich uitsluitend toespitste op de premiers crus uit het officiële en nog altijd toonaangevende klassement van 1855: Château Haut-Brion (Pessac-Léognan), Château Lafite-Rothschild (Pauillac), Château Latour (Pauillac), Château Mouton-Rothschild (Pauillac) en Château Margaux (Magaux). De échte commerciële kleppers met andere woorden, die zowel in primeur als op wijnveilingen honderden, zoniet duizenden, euro per fles realiseren.

Ideaal wild kortom voor deze webmaffiosi.

Populair bij naamdieven

En wat blijkt uit deze analyse?

De naamsdiefstal op het internet van deze Franse topcrus is een wijdverspreid fenomeen, waarbij diverse technieken worden toegepast om te kunnen profiteren van deze reputaties. Zo worden er zowel enorm veel valse websites opgezet onder de (vergelijkbare) naam van het topdomein - vergelijkbaar met de valse persoonlijke accounts op Facebook - alsook webpagina’s ‘geparkeerd’ die de bezoeker afleiden naar verkoopsites met nagemaakte producten.

Keep Alert ontdekte zo een resem valse adressen die als bloedzuigers aan het echte château hangen, waaronder chateau-haut-brion.info, chateaulafite.com, latour.asia, buychateauhautbrion.com mylafiterothschild.com, lafite.cz of chateau-latour.de.

Het onderzoeksteam vond op die manier maar liefst een honderdtal naamsdiefstallen van Château Haut-Brion, bijna 500 van Château Margaux, een duizendtal voor Château Mouton-Rothschild en ‘enkele duizenden’ valse vermeldingen voor Château Latour. Verder kwamen de onderzoekers eveneens op het spoor van een Taiwanees die tientallen domeinnamen rond Lafite.com.tw had geclaimd. Wie op deze account klikte, werd onmiddellijk doorgestuurd naar een commerciële website die niets met deze super-Pauillac te doen had. Idem bis met het Russische schaduwbedrijf dat de naam margaux.ru gebruikt voor zijn in het Cyrillisch geformuleerde site, waar echter wel de naam én de visuals van Château Margaux klakkeloos werden overgenomen.

Boosdoener ICANN

Kernprobleem blijft echter: deze topdomeinen hebben tot nu toe weinig juridische middelen in handen om de zondvloed van imitatoren en nepsites te stoppen.

De logica van het internet vormt namelijk de voornaamste drempel. De manier waarop domeinnamen geregistreerd en beschermd worden, werkt misbruik immers in de hand. ICANN, de internationale autoriteit die de domeinnamen reguleert, introduceert om te beginnen voortdurend nieuwe extensies. Een château dat niet alle beschikbare naamextensies claimt maar alleen de klassiekers .net, .com, .org .tel, .eu of .fr, laat automatisch het poortje open voor imitatoren, terwijl het prijskaartje van zo’n registratie continu daalt.

Een simpele bank/creditkaart volstaat dan al om zijn eigen nepdomeinnaam te lanceren.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 17 september 2011 door Wijntijd Reacties | Reageren

Wisselkoersen bevorderen bulkwijn (deel 2)

Gisteren kon u lezen hoe de Australische wijnindustrie in hoog tempo wijn-in-glas vervangt door ladingen-in-bulk, onder druk van de voor  haar nadelige wisselkoers (lees: Wisselkoersen bevorderen bulkwijn deel 1).

Maar het zijn niet alleen de Aussies die in hun export bloeden door een sterke(re) munt. Hun buren in Nieuw-Zeeland zaten de voorbije weken met eenzelfde probleem opgezadeld.

Onhoudbare situatie

In augustus nog waarschuwde Stuart Smith, president van The New Zealand Winegrowers, de eerste minister en de gouverneur van de Reserve Bank dat veel (wijn)exporteurs serieus marktaandeel dreigden te verliezen als de overheid monetair niet ingreep om de stijging van de kiwi dollar af te remmen.

Samen met de serieuze wijnoverschotten uit 2008/2009 en de soms hoge taksen op wijn, vormt de sterke munt volgens Smith de grootste bedreiging van de wijnindustrie: “Augustus vorig jaar werd onze kiwi dollar nog gewaardeerd aan 66 US cents, maar augustus dit jaar werd hij verhandeld tegen 87,6 US cents: een onhoudbare situatie voor veel exporteurs” zo resumeerde hij het risico. De meeste Nieuw-Zeelandse wijnhuizen handelen immers in de munt van het land waarmee ze zaken doen en niet iedereen werkt met langetermijn-afspraken.

Bij een zo sterk stijgende kiwi dollar kan dat dan ook betekenen dat de overzeese klant, zoals de voorbije weken, dezelfde wijn plots 15 procent duurder moet betalen. Vooral in het betaalbare prijssegment, waar elke procent telt, kan dat commercieel dodelijk zijn. Smith waarschuwt daarom: “Als er niet ingegrepen wordt, de wisselkoersen niet dalen en de kiwi dollar binnen een jaar nog altijd rond 80 US Cents wordt verhandeld, dan denk ik dat er een pak exporterende wijnhuizen ‘out of business’ zullen gaan of hun uitvoer noodgedwongen zullen afbouwen.”

En hij concludeert: “Iedereen weet dat onze wijnindustrie al geruime tijd heel lage returns boekt in een uiterst moeilijke wereldmarkt, maar als daar nog eens effectief 15 procent verlies bij komt aan de basis door onze sterke munt, dan moet je écht geen expert zijn om te beseffen dat de toestand extreem lastig wordt.”

Eigen schuld?

Alle begrip voor de redenering van Smith en wisselkoersen maken inderdaad in deze volatiele markt het leven van (wijn)exporteurs soms erg complex, maar misschien moeten de Nieuw-Zeelandse wijnmakers toch ook eens dringend werk maken van een (vrijwillige) productiebeperking.

Want alhoewel er al enkele jaren gepalaberd wordt over de ‘wine glut’ (het fameuze wijnsurplus), halen de kiwi’s toch steeds maar grote of grotere oogsten binnen. Wanneer wordt op dat front eens ingegrepen door de industrie zélf?

Ook dàt mechanisme beïnvloedt immers de marktprijzen en exportstroom.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 16 september 2011 door Wijntijd Reacties | Reageren

Wisselkoersen bevorderen bulkwijn (deel 1)

IStock_000016468196XSmall En we blijven deze week down under, bij onze tegenvoeters. Daar blijkt dat zowel de Australische als Nieuw-Zeelandse wijnmakers de voorbije weken nadeel ondervonden van hun sterker geworden munten. En dat deze wisselkoersen zelfs leidden tot een versnelde substitutie van gebottelde wijn richting meer transport in bulk.

Offshore loont opnieuw

Het verhaal van Jacob’s Creek, één van de grootste merksuccessen wereldwijd van de voorbije decennia en paradepaardje in de portfolio van drankengigant Pernod Ricard, is illustratief voor deze trend. Eind augustus vertrok immers een eerste omvangrijke lading containers Jacob’s Creek-wijn ‘en vrac’ richting de zo cruciale Britse en Ierse markt, om daar lokaal gebotteld te worden.

Een primeur, want normaal wordt dit label integraal down under bij Orlando Wines in Barossa op fles getrokken en uitgevoerd, maar door de recent gestegen koers van de Australische dollar verdampte de winstmarge dusdanig, dat een offshore botteling aangewezen leek. Volgens industry watchers krijgt deze Jacob’s Creek beslissing weliswaar zoveel media-aandacht omdat het om een globaal bekend en erg succesvol merk gaat - onder dit label worden jaarlijks maar liefst 7 miljoen cases geproduceerd, waarvan het leeuwendeel naar het Verenigd Koninkrijk vertrekt -, maar zal het voorbeeld snel meer navolging krijgen als de wisselkoersjojo zo nadelig blijft voor de Australische wijnmakers.

Nu al blijkt trouwens uit overheidstatistieken dat ongeveer de helft van alle uitgevoerde Aussie-wijn, uiteraard vooral in het goedkope prijssegment, in bulk in plaats van in fles overzees wordt getransporteerd.

En deze analisten kregen al vlug gelijk, want ook Australian Vintage, producent van in het Verenigd koninkrijk onder andere populaire merken als McGuigan en Nepenthe, kondigde recent eveneens aan dat men deze wijn eveneens op Britse bodem ging bottelen en verpakken om zo de productiekost bij export te reduceren.

Puur om de centen

Dat het hier inderdaad niet draait om het vrijwillig of zelfs maar ‘modieus’ beperken van de carbon foot print - bulk vermindert immers de CO2-uitstoot -, maar wel degelijk om een puur bedrijfsfinancieel probleem, bevestigt ook Stephan Strachan, CEO van de koepelorganisatie Winemakers Federation of Australia:The primary reason is the dollar and it affects our competitiveness offshore and also has an impact in terms of wine imports coming into Australia” klinkt het onheilspellend.

Wat de Australiërs vooral dwars zit, is dat door hun sterkere munt ze hun traditioneel loyale afzetmarkten in Europa en Noord-Amerika zien afkalven, omdat ze er niet langer kunnen concurreren tegen vooral de goedkope Zuid-Amerikaanse wijnimport. Veel Europese (groot)handelaars vinden deze dagen immers de basismerken en instapwijnen uit Australië stilaan te duur geworden en signaleren dat hun cliënteel daarom steeds vaker op zoek gaat naar alternatieven uit bijvoorbeeld Spanje, Zuid-Afrika of Italië. Nogmaals, het zijn niet de premiumwijnen van 15 euro of meer die aangetast worden door deze trend, maar vooral de flessen beneden pakweg de 7 à 8 euro.

En wat misschien nog erger is: ook de toeleveranciers van de ooit zo boomende Australische wijnbusiness zien hun omzet de laatste maanden krimpen. Zo blijkt dat Owens-Illinois, ‘s wereld grootste producent van glasverpakking met hoofdkwartier in de V.SA., zijn leveringen voor wijn en bier in flessen uit Australië en Nieuw-Zeeland in een dik jaar tijd met bijna 20 procent zag krimpen.

Frank Van der Auwera

Lees morgen: Wisselkoersen bevorderen bulkwijn (deel 2)

Geplaatst op 15 september 2011 door Wijntijd Reacties | Reageren

De exportmaatjes van Nieuw-Zeeland

IStock_000017109028XSmall Een té geconcentreerde uitvoer is een risico, zo leren ons toch alle economische handboeken, maar daar maalt men in Nieuw-Zeeland blijkbaar niet om.

Uit de laatste statistieken, die de periode januari 2010 tot januari 2011 overspannen, blijkt dat maar liefst 84 procent van de Nieuw-Zeelandse wijnexport naar slechts drie afzetmarkten vloeit, in casu het Verenigd Koninkrijk, Australië en de Verenigde Staten.

België spoorloos

De 156 miljoen liter uitgevoerde wijnen vertrok vanuit Nieuw-Zeeland immers naar volgende bestemmingen:

Hitparade van de 10 grootste wijnexportmarkten voor Nieuw-Zeeland (% v/d totale export)

1. V.K. 34%
2. Australië 30%
3. V.S.A. 20%
4. Canada 5,1%
5. Ierland 1,3%
6. Duitsland 1,3%
7. Nederland 1,2%
8. China 0,8%
9. Hong Kong 0,7%
10. Denemarken 0,7%

Bron: Drinks Business en NZ Winegrowers

Twee nuanceringen bij deze lijst.

Eén: eigenlijk hoort China reeds op positie 5 te staan, nog voor Ierland, omdat in deze statistiek Hong Kong nog afzonderlijk wordt behandeld. Maar zelfs met deze samengetelde 1,5 procent blijft de kloof gigantisch met het leidende trio afzetmarkten.

Twee: van België, toch een import -en consumptiekampioen op wijnvlak, geen spoor. Waarom? Vermoedelijk concentreert de uitvoer richting België zich vooral op het hogere prijssegment, want deze hitparade weerspiegelt uitsluitend maar de volumevolgorde, niet het prijs -of kwaliteitsniveau.

Dat merk ik persoonlijk trouwens ook aan het aanbod voor al mijn proeverijen: de particuliere bodemprijs van de meeste in België verkrijgbare Nieuw-Zeelandse wijnen schommelt rond 9 euro, enkele uitzonderingen in de grootdistributie niet te na gesproken. Een aantal specialisten uit de detailhandel offreren wel een ruim gamma, maar steeds in het hogere prijssegment.

Koning Sauvignon Blanc

Een ander fenomeen van deze Nieuw-Zeelandse exportstroom: het is (bijna) al Sauvignon Blanc wat de klok slaat.

Het internationale succes van de Nieuw-Zeelandse wijnindustrie is inderdaad bijna integraal op dit ene druivenras gebouwd, dus opnieuw een risicorijke factor. Een monocultuur is immers kwetsbaar voor marktschommelingen. Dat hebben de verantwoordelijken van de sector en de overheid ook in het snuitje en vandaar stilaan mediacampagnes om de andere, commercieel weggedrukte druivenvariëteiten meer in de kijker te zetten.

En te oordelen naar het feit dat de (rode) Pinot Noir, zij het met een schijnbaar onoverbrugbare afstand, reeds op nummer 2 in deze hitparade staat, lijken deze campagnes toch aan te tikken. Want wie wist internationaal 5 of 10 jaar terug dat de Nieuw-Zeelanders zo straf waren in de productie van Pinot Noir, zij het toch meestal in het duurdere genre?

Hitparade van de belangrijkste druivenvariëteiten

1. Sauvignon 83%
2. Pinot noir 5,9%
3. Chardonnay 3,4%
4. Pinot Gris 1,9%
5. Merlot 1,6%

Bron: Drinks Business en NZ Winegrowers

Conclusie: de Nieuw-Zeelandse wijnexport lijkt een ‘reus’ op lemen benen, zowel naar bestemmingen als wijntypes. Een recessie die opnieuw aanklopt, te snelle prijsverhogingen of een plotse verandering in het smaakpatroon bij de internationale consument, en de kiwi-wijnindustrie hangt in de touwen.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 22 juli 2011 door Wijntijd Reacties | Reageren

Wijn is nog altijd geen tabak

Beer In de Australische wijnindustrie is recent flink wat onrust ontstaan naar aanleiding van een... tabaksreclame. British American Tobacco (B.A.T.), ‘s werelds meest vertakt tabakgigant die met zijn merkenportfolio aanwezig is in 180 markten, lanceerde er immers een opvallende advertentiecampagne in kranten. Elke advertentie toonde namelijk een flesje bier, maar gestript van zijn merketiket.

Daarmee refereert B.A.T. naar de door de overheid geplande anonimisering van het pakje sigaretten, waarop niet alleen steeds meer gezondheidwaarschuwingen of afschrikkende foto’s belanden, maar in sommige landen ook gestreefd wordt naar een ‘plain packaging’-beleid.

Dat komt de facto neer op een nagenoeg stijlloos, blanco pakje waarbij de merknaam in kleine lettertjes bovenaan gedrukt staat, onopvallend tegenover de waarschuwing ‘Smoking seriously harms you and others around you’, maar waarbij alle andere aspecten van de merkidentiteit (logo, kleuren, design) worden geschrapt.

Foute associatie

De tabaksindustrie trekt begrijpelijk keihard in de aanval tegen deze plannen die de basis onder haar activiteiten zou wegslaan en voor miljarden dollars merkwaarde vernielen, en vond het dus blijkbaar een slim idee om te laten zien hoe het flesje bier eruit zou zien, naar analogie van het merkgestripte pakje sigaretten.

Maar precies deze boodschap en associatie tussen alcohol en tabak schoot dus in het verkeerde keelgat van de Winemakers Federation of Australia (W.F.A.). Deze belangenorganisatie vreest namelijk dat zulke advertenties bepaalde politici op verkeerde gedachten zullen brengen en dat, eens men het ‘naakte doosje’ sigaretten aan de tabaksindustrie heeft opgelegd, de wijnsector wel eens effectief het volgende doelwit zou kunnen worden.

Daarom distantieerde W.F.A. zich onmiddellijk én krachtig van deze advertentiecampagne, er op wijzend dat zijn leden elke link tussen beide industrieën unaniem verwerpen. Stephen Strachan, de Chief Executive van W.F.A., verklaarde letterlijk in de Australische media: “Our industry does not like any association between tobacco and alcohol'.”

Een standpunt dat ik goed kan begrijpen, want ook al zorgt alcoholmisbruik voor enorm veel gezondheidsproblemen, toch is er in veel gevallen ook sprake van potentiële benefits voor o.a. ons hart en vatenstelsel. Wie deze groeiende stapel medische studies pro wijn naast zich legt, moet toch op zijn minst erkennen dat deze drank ‘neutraler’ is voor onze gezondheid dan sigaretten, die in geen enkel opzicht een gezondheidsbonus bezitten. Integendeel.

Moraalridders staan te trappelen

Is de reactie van de Winemakers Federation of Australia dat wijn het volgende slachtoffer van zo’n ‘plain packaging’-beleid kan worden kortom terecht, of eerder een staaltje overacting? Ik vrees dat ze het gevaar correct inschatten.

We moeten maar naar Frankrijk kijken en zijn verfoeilijke, want dubbelzinnige, ‘Wet Evin’, die gelukkig ondertussen wel wat versoepeld werd, maar die van elke wijnadvertentie nog steeds een hachelijke evenwichtsoefening maakt. Immers, de grens tussen ‘aanzetten tot alcoholgebruik’ en ‘nuchtere productinformatie’ blijft zeer subjectief (lees o.a. Tour de France breekt de Wet Evin of Frankrijk hypothekeert zijn eigen wijnindustrie).

In Europa zijn er ook genoeg verenigingen en beleidsmakers die al te graag de jacht zouden openen op alcohol in het geheel, maar die gemakkelijkheidhalve de populaire wijnconsumptie als eerste doelwit viseren. Voorlopig vertaalt zich dat hoofdzakelijk in extra taksen, verplichte waarschuwingen op het etiket (bvb. voor zwangere vrouwen; het feit dat de wijn sulfiet bevat,...) en – begrijpelijk - leeftijdsgrenzen voor alcoholaankoop.

Maar ik kan me perfect voorstellen dat straks één of andere moraalridder plots oordeelt dat wijnetiketten te ‘suggestief’ zijn en door hun aantrekkelijk design het alcoholmisbruik stimuleren. En dan zijn we vertrokken... Neem Château Mouton-Rothschild en zijn jaarlijks roterend artistiek label, speciaal ontworpen door een internationaal kunstenaar. Mag dat dan nog wel in die optiek, ‘kunst’ en ‘wijn’ met elkaar associëren? Of is dat aanzetten tot méér alcoholconsumptie, dus het label als miniatuuradvertentie? Het zullen bizarre discussies worden als zo’n wet ooit realiteit wordt.

U ziet het zo’n vaart niet lopen? Dat het tij snel kan keren, bewijst de antirookwet in de horeca. Wie had 10 jaar geleden immers kunnen voorspellen dat zelfs onze cafés rookvrij zouden worden?

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 17 juli 2011 door Wijntijd Reacties | Reageren

Wie heeft de grootste dorst?

Terwijl de wereldeconomie nog duidelijk van het ene been op het andere hinkt, dus blijkbaar maar kan kiezen tussen ‘definitief herstel’ en ‘nieuwe recessie’, lijkt het met de wijnconsumptie stilaan de goede kant uit te gaan.

Althans: goed vanuit het standpunt van de producenten.

Hoger, lager!

Want volgends Federico Castellucci, directeur-generaal van het O.I.V. (L'organisation internationale de la vigne et vin) is er misschien eindelijk sprake van een trendbreuk. Na jaren van een soms dramatisch tuimelende wijnconsumptie op wereldschaal , zou het globale verbruik verleden jaar nagenoeg stabiliseren of zelfs lichtjes stijgen tegenover 2009.

Castellucci raamde de wereldwijnconsumptie in 2010 voorlopig immers op 238 miljoen hectoliter. De meest pessimistische ramingen spreken nog van 236,3 miljoen hectoliter, wat slechts een minimale daling van -0,1 procent zou impliceren.

Alhoewel Europa binnen dit geheel nog altijd met grote voorsprong de slokop blijft, goed voor 64,9 procent van de totale consumptie, lieten de 15 belangrijkste Europese landen samen eveneens een minidaling van -0,2 miljoen hectoliter noteren. Rekening houdend met het feit dat dit nog steeds geen definitieve cijfers zijn, zou dit eveneens een surplaçe betekenen tegenover 2009, dus opnieuw: geen grote tuimeling meer. In economisch moeilijke tijden wordt dat reeds als bijzonder goed nieuws onthaald.

Kijken we naar de landentop 10 van de grootse wijnconsumenten, dan ziet deze hitparade er als volgt uit:

LAND MILJOEN HL. TREND?
Frankrijk 29,4 Dalend
V.S.A. 27,1 Stijgend
Italië 24,5 Dalend
Duitsland 20,2 Stijgend
China 14,3 Stijgend
V.K. 13,2 Stabiel
Spanje 10,9 Dalend
Argentinië 10,0 Stijgend
Rusland 9,7 Stijgend
Australië 5,3 Dalend

Bron: O.I.V. Forecast 2010

De waardeverhoudingen tussen de ‘klassieke’ en ‘opkomende’ wijnmarkten zijn duidelijk aan het kantelen, ook al blijven de nominale verschillen soms nog erg groot. Wie had tien jaar geleden echter kunnen/durven voorspellen dat China qua volume reeds positie 5 ging inpalmen onder de wijndrinkende naties? Of dat de beide voormalige aartsvijanden de V.S.A. en de Russische Federatie nu broederlijk tot de vinnigste wijnstijgers behoren?

Alternatieve Top Tien

Uiteraard ziet het plaatje er enigszins anders uit wanneer we de consumptie delen door de bevolking, dus het per capita verbruik berekenen via de meest recente demografische data uit 2008.

Want dan blijft Frankrijk weliswaar de numero uno, maar springt Portugal (tussen haakjes, van plaats 11 in de vorige top), naar plek 2, gevolgd door Italië, Zwitserland, Denemarken, Slovenië, Kroatië, Oostenrijk, Hongarije en... België. Met onze 10de positie drinken wij zelfs meer dan wijnproducerende (én zonnige!) landen als Griekenland of Australië.

Van China, met zijn 1,3 à 1,4 miljard inwoners, uiteraard geen spoor meer in deze hitparade...

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 19 juni 2011 door Wijntijd Reacties | Reageren

Hoe beautiful is big? (deel 1)

Wijnoogst We hebben de paradox in de wijnbusiness al eerder beklemtoond: soms betekent een volumineuze, perfect gelukte oogst in een appellatie, regio of land eerder een vloek dan een zegen (lees o.a. Oef in Argentinië of Joepie, een kleine(re) oogst!).

Geregeld halen deze wijnstreken namelijk adem als blijkt dat hun komende oogst inkrimpt, omdat zo de druk op de prijzenketel verminderd wordt. Is de oogst (potentieel) overvloedig, dan zien ze de prijzen en winstmarges kelderen.

Stocks blijven aandikken

Commercieel zitten we nu eenmaal met al vijf jaar structureel scheefgetrokken circuits tussen vraag en aanbod opgezadeld. Terwijl bepaalde productcategorieën en wijntypes in deze crisisgevoelige tijden beduidend beter scoren, enkele tientallen grands crus classés of cultwijnen hun prijskaartjes à volonté kunnen blijven optrekken terwijl andere domeinen of appellaties bloeden, kunnen we toch geen exacte lijn trekken in deze succes stories of probleemgebieden.

Sommige regio’s pronostikeren tegenwoordig zelfs opnieuw dreigende druiventekorten, zoals Zuid-Afrika (lees o.a. Druivenschaarste dreigt in Zuid-Afrika), terwijl men aan de andere kant van de globe er rekening mee houdt dat eigenlijk 20 à 25 procent van de bestaande aanplant zou moeten gerooid worden om de structurele overschotten qua wijn en/of druivenmateriaal eindelijk eens te ontzenuwen (lees o.a. Minder wingerd, minder wijnproductie of Australië wil afslanken of Down Under: nog steeds down).

Eén ding staat echter vast: het rommelt momenteel vooral down under, enkel en alleen al omdat de meest recente oogst er weer té volumineus wordt. Australië, dat de voorbije jaren  plots rekening moest houden met zand in de tot dan toe perfect gesmeerde marketingmachine en dus ook fricties in zijn internationale afzet, heeft het enorm lastig. Terwijl iedereen in de Australische wijnindustrie namelijk hoopte op een kleiner oogstvolume, vooral omdat de rijpingsproblemen tijdens de vochtige zomer normaliter voor een flinke reductie zou zorgen, is er toch opnieuw sprake van een ‘bumper vintage’.

Met andere woorden,  een onverwacht flink oogstvolume dat dus de aanzienlijke voorraden niet zal laten wegsmelten.

Grillig groepsplaatje

De Winemakers' Federation of Australia (W.F.A.) bijvoorbeeld raamt het totale oogstvolume down under voor 2011 nu op 1,62 tot 1,63 miljoen ton druiven - het equivalent van grosso modo 1,2 miljard liter wijn -, wat zelfs een stijging met +1 procent betekent tegenover vorige oogst. En vooral, pijnlijker: een flink stuk boven zelfs de meest ‘optimistische’ prognoses en marktverwachtingen, die zelfs maar rekening hielden met 1,1 miljoen ton productie.

De analyse van W.F.A. chief executive Stephen Strachan klinkt dan ook negatief: “'The vintage is too big. It may seem harsh, given the year many people have had, to focus on the longer term rather than the demands of the present, but a harvest in excess of 1.6m tonnes is out of step with the realities of sustainable production and the market opportunity for premium Australian wine.”

Want deze gigantische wijnzee, komt nog eens bovenop de naar schatting 1,7 miljard liter wijn die volgens het Australian Bureau of Statistics nog steeds in voorraad steekt. In lekentaal vertaald: de Aussies hebben nu minstens het dubbele volume in stock dan de totale jaarlijkse vraag, die nu schommelt rond 1,28 miljard liter, waarvan 775 miljoen liter bestemd voor de exportmarkten.

Wat wel een feit is: de invloed van de slechte, neerslagrijke zomer verschilt erg van regio tot regio, want sommige appellaties verloren door deze slechte klimaatsomstandigheden tot ruim de helft van hun potentiële oogst, soms zelfs piekend tot 80 procent. Wat meteen ook betekent dat de kwaliteit van dit Australische millésime 2011 sterk kan variëren, meer dan in een normale jaargang. En de prijskaartjes of exportquota navenant, helaas.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 1 mei 2011 door Wijntijd Reacties | Reageren

Kroniek van een aangekondigde zelfmoord (deel 1)

De voorbije weken is er heel wat vergaderd, gelobbyd en gepalaberd in kringen van Europese wijnmakers. Niet dat er veel ruchtbaarheid werd aan gegeven door onze Belgische media, maar de uitkomst van deze coalitievorming tussen pro’s en con’s kan wel eens heel belangrijk worden voor de toekomst van de Europese wijnindustrie. En vooral: de economische gezondheid van die business.

Want de inzet draait rond het straks al dan niet (mogen) aanleggen van nieuwe wingerds. Zo’n liberalisering van het plantrecht - waar bepaalde grote groepen voor ijveren, systeem dat de Europese Commissie vanaf 1 januari 2016 wil introduceren, na de initiële beslissing daar rond die reeds in 2008 werd genomen - is volgens de tegenstanders namelijk compleet idioot. Economisch zelfs gevaarlijk in het licht van de huidige productieoverschotten in bepaalde marktsegmenten.

Made in Italy bedreigd?

Enkele weken geleden loste het Italiaanse Ministerie van Landbouw weer een schot voor de boeg, nadat eerder al Angela Merkel (maart vorig jaar) en Nicolas Sarkozy (januari dit jaar) hun ongenoegen hadden uitgesproken over de geplande liberalisering: “Italië vraagt met klem aan Brussel om de reglementering, die voorziet in een liberalisering van de wijnaanplantingen in de Europese Unie vanaf 2015 ten nadele van het actuele systeem, te herdenken of zelfs grondig te herzien” klonk het strijdlustig. “Nog méér dan Frankrijk of Duitsland zal Italië zijn stem wat dit dossier betreft laten horen, want wij Italianen zijn extra bezorgd over de mogelijke effecten van deze Europese beslissing,  zeker gezien in het licht van de nieuwste marktscenario’s.”

Dergelijke liberalisering van het plantrecht mag er volgens de Italianen pas komen nadat de producenten en ganse wijnindustrie de certitude heeft dat bepaalde waarden van het huidige systeem intact zullen blijven; waarden die onder meer de ontwikkeling van kwaliteitswijnen ‘Made in Italy’ hebben verzekerd.

Kortom, Rome uitte duidelijke oorlogstaal tegen Europa. Ram deze liberaliseringplannen niet snel in onze strot, maar overweeg de modaliteiten van een eventuele aanpassing van het huidige systeem héél grondig.

Parlementariërs in de bres

Sedertdien bleef de bal in het njet-kamp rollen.

In april werd bijvoorbeeld een druk bijgewoond, partijpolitiek overstijgend colloqium georganiseerd rond “Les droits de plantation et la place de la viticulture dans la PAC”,georganiseerd door Gérard César (van het UMP), president van de studiegroep ‘Vigne et Vin’ in de Franse Senaat en zijn vicepresident Roland Courteau (van de PS), in samenwerking met FranceAgriMer en de CNAOC. Bovendien waren er bij deze meeting ook vertegenwoordigers aanwezig van o.a. het Italiaanse, Spaanse en Hongaarse parlement.

De conclusies van deze parlementariërs waren nochtans unaniem, over de partij -en landsgrenzen heen. Alle deelnemers spraken zich uit pro het behoud van het huidige reguleringsmechanisme en klonken unisono met wat Bruno Le Maire, de Franse Minister van Landbouw, in zijn inleiding verklaarde: de geplande liberalisering is volgens hem “… une folie économique (...) à un moment où tous les extrêmes retrouvent des couleurs politiques, une faute politique comme celle qui consiste à libéraliser les droits de plantation ne ferait qu’alimenter les tentatives de populisme”. Le Maire kondigde trouwens ook meteen zijn intentie aan “…de mobiliser le plus grand nombre d’Etats membres et d’adresser une  lettre commune à la Commission européenne lui demandant de maintenir ce régime.”

Blijf a.u.b. alert

Tijdens het voorbije, succesvolle wijnsalon VinItaly klonk de nieuwe Italiaanse Minister van Landbouw, Saverio Romano, al even scherp: “Ik heb een duidelijk streefdoel: de norm met betrekking tot de liberalisering van de plantrechten elimineren’. En ook zijn Oostenrijkse en Hongaarse collega’s vroegen op hetzelfde moment aan de Europese Commissie eveneens om terug te komen op haar liberaliseringbeslissing. Daarin trouwens gesteund door E.F.O.W., la Fédération européenne des vins d’origine.

Die organisatie waarschuwde om het niet bij woorden alleen te houden, maar bijzonder alert te blijven tegen de Europese bureaucratische molen. Riccardo Ricci Curbastro, president van de EFOW: “Cette accélération dans les prises de position est très encourageante et doit constituer un signal fort pour la Commission. Le signal que la filière est totalement déterminée à empêcher la dérégulation totale du secteur. Notre mobilisation va se poursuivre et déboucher dans les prochains  mois sur d’autres formes d’action”.

En gelijk kan hij wel eens hebben...

Frank Van der Auwera

Lees morgen: Kroniek van een aangekondigde zelfmoord (deel 2)

Geplaatst op 1 april 2011 door Wijntijd Reacties | Reageren

Wordt kurk weer trendy?

Cork De grootste pessimisten voorspelden al jaren geleden het definitieve einde van de (natuur)kurk. En ook al ben ik persoonlijk eerder een fervent voorstander van schroefdoppen voor zowat driekwart van de wereldproductie, verdedig ik met evenveel energie de kurk als sluiting voor langlopende flessen.

De huidige marktsituatie is er eentje waar de natuurkurk nog circa tweederde van alle wijnsluitingen levert (11,3 miljard stuks of 66,45 procent), maar wel de concurrentie voortdurend ziet oprukken (lees ook over dit debat o.a. Portugal blijft de kurkkampioen of Amerikaan kickt opnieuw op kurk of Kurk en schroefdop: de strijd gaat verder of 1 op 7 is reeds schroefdop of Campagne pro de natuurkurk of Viva de schroefdop).

Kurk weer in de gunst

Maar zelfs in de wetenschap dat vooral de screwcap, eerder dan die irritante plastiekstoppen, stilaan marktaandeel wegknabbelt van de kurk, blijkt toch ‘s werelds belangrijkste kurkproducent momenteel ook te ‘boomen’: Amorim is effectief de numero uno qua natuurkurk, goed voor circa 26 procent van alle sluitingen, jaarlijks meer dan 450 miljoen euro genererend in ruim 100 landen.

Deze kurkgigant kon recent zijn boekjaar verrassend genoeg afsluiten met een record. In 2010 werden wereldwijd immers 3 miljard kurken flessensluiters verkocht. De kernactiviteit van de onderneming - de Cork Stoppers Business Unit - zag vorig jaar zijn verkoopvolume met maar liefst +13,8 procent stijgen en consolideerde zo verder zijn positie als de grootste leverancier van wijnstoppen.

Misschien significanter dan dit stijgingspercentage is het feit dat Amorim vooral een serieuze groei noteerde in alle ‘Oude Wereld’-markten. In Frankrijk, Italië en Spanje werden naar verluidt historische verkooprecords gebroken, met een sprong die varieert van 10 tot zelfs 29 procent.

Double-digit omzetcijfers eveneens in de belangrijkste markten van de ‘Nieuwe Wereld’. Zo klom de verkoop in Australië, nochtans één van de kernlanden van de schroefdop, met 17,4 procent qua inkomsten en piekte de groei in Chil met 9,1 procent. En watt e denken van de Verenigde Staten, waar Amorim een volumesprong met 22 procent maakte en met 20 procent langs de inkomstenkant.

Natuurlijk argument

“Passing the 3 billion barrier is an exceptional result- particularly when you consider that in 2010 we were emerging from the global financial crisis,” aldus een lichtjes euforische António Amorim, CEO en chairman van het kurkbedrijf. “Along with the outstanding sales result, we witnessed strong consumer preference for cork in the US, an increase in the use of cork by the ‘Top 100’ US wine brands and a return to cork by major supermarkets in the UK.”

Eén van de verklaringen voor deze recente 'renaissance' in de wijnindustrie is volgens António Amorim dat ‘kurk’ ook stilaan trendy is geworden in andere sectoren, zoals de bouw, design en zelfs modewereld. Plus: ook het ecologische argument speelt bij natuurkurk mee in de toegenomen populariteit. Toch is er volgens hem sprake van een fundamentelere kentering: “In the wine industry, we have seen a number of wineries return to cork in the past 12 months based on significant improvements in cork’s performance, consumer preference, sustainability and concerns over issues with alternative closures.”

Vraag blijft natuurlijk: wat de marktleider Amorim overkomt, geldt dat ook voor de andere kurkleveranciers? Ik betwijfel het, want die zien vooral de schroefdop oprukken in de wijnbusiness...

Frank Van der Auwera

Laatste reacties op onze blogs

Onze blogs

Meer