Home Markten Live Netto Sabato

Bordeaux

Geplaatst op 25 juni 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Wijnindustrie moet wakker worden

VriendenWijnOp de recent gehouden wijnvakbeurs ‘Vinexpo’ was één van de markante figuren de Spaanse wijnmaker Miguel Torres (75), die er zijn ‘Lifetime Achievement Award’ kwam ophalen.

Torres stapte in het (toen nog bescheiden) Catalaanse wijnbedrijf van zijn vader in 1962 en bouwde het geleidelijk om tot een heus wijnimperium dat wereldwijd verdeeld én gewaardeerd wordt.

Miguel was en is ook een innovator gebleven. Zo was hij het die de Cabernet Sauvignon introduceerde in de Penedès om de kwaliteit van de cru’s op te krikken en ook het gebruik van nieuwe barriques werd door hem gestimuleerd.

Seven Up!

Tijdens zijn aanvaardingsspeech sprak hij vooral over twee stokpaardjes: het feit dat we onze wijncultuur absoluut moeten verdedigen, én de strijd tegen de klimaatopwarming.

Wijn is immers een cultuurproduct dat we delen aan onze tafels met vrienden en dat het leven beter maakt, zo klonk het. Maar de aanvallen tegen wijnconsumptie worden steeds feller: “We moeten wijn verdedigen. Het probleem is echter dat er nu politici en artsen zijn die een echte anti-campagne voeren, zelfs tegen matig wijnverbruik.”

Tegelijk vindt hij dat de wijnindustrie grote sprongen heeft gemaakt. Zelfs nieuwe consumenten worden ‘beter’: “Zo herinner ik me dat jaren geleden in Chinezen mijn Mas La Plana gemixt met Seven Up dronken. Een praktijk die er nu gelukkig nagenoeg verdwenen is.”

Klimaat dé wijnuitdaging

Maar het leeuwendeel van zijn speech focuste op de opwarming van de aarde en de zware consequenties hiervan op de wijnmakerij: “Climate change is the biggest challenge for the whole of mankind and the survival of certain wine regions depends on their ability to adapt.”

Deze klimaatverandering betekent concreet o.a. dat wijnproducenten - via andere onderstokken, nieuwe druivenklonen, hoger gelegen koelere locaties en een aangepast management van het bladerdek - snel naar nieuwe middelen moeten zoeken om het rijpingsproces van de trossen te vertragen. Maar eveneens dat nieuwe gebieden ‘ideaal’ worden voor de wijnbouw, zoals Engeland.

De symptomen zijn nu reeds duidelijk volgens Torres. Hij wees o.a. op het fenomeen dat het tijdens de lunch 37°C was in Bordeaux, medio juni. “Niemand die ik hier sprak had dit ooit al ervaren” dixit Torres, die eraan toevoegde: “In de nu ruim halve eeuw dat ik actief ben in de wijnbouw heb ik nog nooit zo’n rampzalige late voorjaarsvorst meegemaakt in Spanje als degene waarmee we dit jaar geconfronteerd werden. We verloren er circa 20% van onze oogst door. In Chili, waar ik ook produceer, verloren we zelfs een volledige oogst door zware bosbranden. Maar ik ben er zeker van dat Moeder Natuur steeds meer van deze extremen zal laten zien. (…) Het op alle mogelijke manieren reduceren van onze CO2-uitstoot wordt dé challenge, ook voor wijnbouwers, zelfs al maken we nu over de gehele wereld kwalitatievere wijnen dan vroeger.”

Zo experimenteert Torres momenteel met een systeem om reeds tijdens het gistingsproces de CO2 op te vangen, zodat het niet in de atmosfeer terechtkomt.

Zijn conclusie: “Duurzaam werken zal ons geen fles wijn meer laten verkopen, maar we zijn het verplicht aan onze planeet.”

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 10 april 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Laat Europa bordeaux vallen?

BordeauxKurkDat Bordeaux niet langer dé onaantastbare norm- en trendsetter is op wijngebied zoals één of twee generaties geleden, dat weerspiegelen de statistieken al een tijdje.

De signalen zijn inderdaad duidelijk. De primeurcampagnes verlopen al jaren moeizamer, de globale concurrentie is vooral in het betaalbare segment bikkelhard en de meest interessante groeicategorieën van consumenten – de leeftijdsgroep 20 à 30 jaar én vrouwelijke wijndrinkers – moeten écht permanent overtuigd worden dat Bordeaux ook toegankelijke moderne wijnen levert i.p.v. oubollige of overdreven dure cru's.

Heel het media-imago van de Bordelais wordt bovendien bepaald door pakweg 200 grands cru's die vaak megawinsten realiseren, terwijl duizenden kleinschalige domeinen financieel het water aan de lippen hebben staan.

Stabiele export

Maar ondanks al deze pijnpunten, blijkt uit de recente statistieken dat de export van bordeaux vorig jaar nagenoeg stabiel bleef.

Bordeaux exporteerde in 2016 circa 2 miljoen hectoliter wijn (equivalent van 270 miljoen flessen). Daarmee is deze appellatiecluster goed voor 17% van de totale Franse wijnuitvoer qua volume en zelfs 36% qua waarde.

Maar binnen dit op het eerste gezicht nog bevredigend plaatje is er toch sprake van verschuivingen. Zo kalft de impact van bordeauxwijn af op de Europese markten, maar wordt deze daling de laatste jaren wel gecompenseerd door de dorstige Chinezen en Amerikanen.

De Europese Unie is in volume nog amper goed voor 35% van de bordeaux-export (95 miljoen flessen of -10%; in waarde 462 miljoen euro of -16%), terwijl de niet-EU markten 65% voor hun rekening nemen, of omgerekend 176 miljoen flessen (+6%) voor een waarde van 1,3 miljard euro (+3%).

Bordeaux moet het tegenwoordig commercieel vooral hebben van een handvol sleutelmarkten volgens de recente studie van le Conseil Interprofessionnel du Vin de Bordeaux (CIVB).

China Reddende Engel

China is de grootste afzetmarkt sedert 2015, zowel in volume (74 miljoen flessen) als in waarde (322 miljoen euro). Toch kost circa een derde van de naar China uitgevoerde bordeaux minder dan 3 euro/liter (= exportprijs). Hongkong is op zijn beurt vooral de hub voor duurdere kwaliteitscru's, maar staat eveneens op nummer 7 qua volume.

Andere spectaculaire groeier is de VSA staat op de derde plek qua volume, én waarde waarbij het leeuwendeel van de wijnen tussen de 4,5 en 9 euro/liter kost (= exportprijs). Vorig jaar voerden de Amerikanen voor 196 miljoen euro bordeaux in. Vraag is natuurlijk hoe Trump deze stijgende interesse in bordeaux de komende jaren zal beïnvloeden door o.a. extra taksen.

Helemaal anders is het gesteld met de Europese sterkhouder van weleer, het Verenigd Koninkrijk. Het land staat nog steeds op positie 4 op deze exporthitparade, zowel in volume als waarde, maar de markt is wel erg grillig geworden sedert de financiële crisis van 2008/2009. Qua volume boerde het VK immers -10% achteruit en in waarde zelfs -26%. Bovendien is de toekomst heel onzeker nu de Brexit in gang werd gezet.

België boven?

En dan is er België: ondanks onze smurfenschaal vormen we nog steeds een loyale focusmarkt voor Bordeaux, met onze 2de plaats qua volume en 6de plaats in waarde. Daarmee zijn we weer de grootste Europese afzetmarkt qua volume.

Toch brokkelt deze loyaliteit zoals bij al onze Europese partners verder af, want qua volume gingen we 10% achteruit en in waarde 8%.

Ons land importeerde vorig jaar immers circa 190.000 hectoliter of 25 miljoen flessen bordeauxwijn met een marktwaarde rond de 100 miljoen euro. Maar voor het CIVB en andere belangengroepen en promotiediensten wordt het toch boksen tegen de competitie.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 30 januari 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Latour op de organische toer

LatourDat steeds meer domeinen, zelfs in de Bordelais, zich profileren als biologische of organische producent, is geen toeval. Een bio-imago kan tegenwoordig immers een flinke commerciële bonus betekenen, ook al wordt er reeds jaren zo natuurlijk mogelijk gewerkt. Maar perceptie is een sterk wapen in de wijnhandel.

Cruciaal in deze perceptie of een wijnstreek/appellatie als ‘natuurlijk’ wordt bekeken, is het feit dat er een aantal voortrekkers met naam en faam actief zijn.

Daarom is het voor een als traditioneel gepercipieerd wijngebied als Bordeaux zo belangrijk dat het legendarische Château Latour (Premier Grand Cru Classé Pauillac) zich deze dagen out als ‘organisch wijndomein’.

In 2018 gelukt?

Deze onbetwiste topper uit het klassieke klassement van 1855 produceert jaarlijks drie verschillende cuvées. De ‘grand Vin’ is het Château Latour waarvoor, zeker uit oudere millésimes, fortuinen worden voor neergeteld en waarvan het overlevingsparcours meerdere decennia overspant. Een gespierd Cabernet Sauvignon-beest dat in recente oogsten tussen de 900 à 1.400 euro wordt verhandeld. Het druivenmateriaal ervoor komt dan ook uit het historische ‘Enclos’ van 45 hectare, met zicht op de Gironde, waar de rijping optimaal gebeurt.

Als tweede wijn is er het label ‘Les Forts de Latour’ (samengesteld uit de jongere stokken die nog niet de grand vin-status verdienen) en de derde wijn gaat als ‘gewone’ Pauillac onder kurk, met dito lager prijskaartje natuurlijk.

De conversie richting organische wijncultuur draait nu integraal rond deze historische 45 hectare van het Enclos, prestigeperceel dat wel bijna de helft van het totale domein van 88 hectare beslaat.

Het conversieproces werd al in 2015 opgestart en aangezien de certificatie ten vroegste pas na drie jaar wordt toegekend, betekent het dat we moeten wachten tot de oogst 2018 alvorens we de eerste ‘organische’ Château Latour kunnen kopen.

Minder is meer

Wat er vooral verandert bij Latour nu ze de organische kaart trekken?

Voortaan worden uitsluitend koper en zwavel, in combinatie met diverse plantinfusies, ingezet om ziekten in de wingerd te bestrijden. Ook insecticiden worden taboe en vervangen door de techniek van seksuele verwarring, waardoor de voortplantingscyclus van bepaalde schadelijke insecten verstoord wordt. En natuurlijk worden geen onkruidverdelgers meer gebruikt en zal exclusief organische mest alle kunstmest vervangen.

Mijn vraag is echter: zullen we dat straks ook proeven in het eindproduct? Ik denk het niet, aangezien Château Latour ook voor deze organische conversie nu niet meteen een chemische veelgebruiker was die zijn cliënteel ‘vergiftigde’.

Maar dat het marketingverhaal er rond als zoete broodjes verkoopt, illustreert verdorie zelfs deze column…

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 14 januari 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Armworstelen voor de Chinese wijnfan

ChinawijnDat China de 5de belangrijkste wijnmarkt is op wereldniveau – en nog steeds met rode stip stijgend – maakt veel wijnproductielanden en individuele domeinen hypernerveus. Iedereen wil immers een deel van deze groeiende taart, want we mogen niet vergeten dat er tegen 2020 naar schatting zeker 32 miljoen (koopkrachtige) Chinezen bijkomen die wettelijk wijn mogen drinken en dus ongetwijfeld zullen kopen. Een natte droom voor elke wijnmaker- en importeur.

Maar als Europa traditioneel het grootste stuk van deze wijntaart wil opeisen, zullen er toch extra inspanningen nodig zijn. Want de Aussies liggen al jaren op de loer en kunnen ondertussen schitterende exportcijfers voorleggen richting Mainland China, ten koste vooral van de Franse wijnindustrie.

Waar tot enkele jaren geleden de dure Franse cru’s uit met name Bordeaux en Bourgogne de goed bij kas zittende Chinese wijnkopers fascineerde, is deze ‘mood’ omgedraaid. Tijdens de primeurronde in Bordeaux voor de grands crus classés hebben de Chinezen de laatste oogsten hun kat gestuurd. Of hun eerdere bestellingen geannuleerd. Zelfs de nouveaux riches in China hebben in het snuitje dat de prijskaartjes van bepaalde Franse cultwijnen buiten proportie zijn.

Europa in de tang

En ondertussen zijn er steeds meer kapers op de kust, zeker in het redelijk geprijsde wijnsegment. Ook uit Europa, want Italiaanse bubbels en Spaanse wijnen maken commercieel in China serieuze sprongen, alhoewel het vooral de Australiërs zijn die met het leeuwendeel gaan lopen.

Zo zag de Australische wijnindustrie vorig jaar haar exportaandeel van medium-geprijsde wijnen in China met maar liefst 51% groeien.

Trend die nog eens gestimuleerd wordt door de Chinese overheid, die de tarieven voor Australische wijnimport aan versneld tempo afbouwt via het recente bilaterale vrijhandelsakkoord. Zo zou het tarief voor Aussie-wijnimport in 2018 teruggeschroefd worden tot slechts 2,8%, om in 2019 zelfs tot zero terug te vallen.

Hello Europe, are you listening?

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 25 december 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Hoe groen is Bordeaux?

WijnDomeinIn deze tijd van Goede Voornemens en helaas ook vaak loze beloftes, legt Bordeaux de lat wel heel hoog op ecologisch vlak. Waar volgens de laatste statistieken de milieuvriendelijke en duurzame wijnbouw, in welke vorm ook, nu in de Bordelais toegepast wordt in circa 45% van de wijngaarden, wil men er volgens de nieuwste plannen zo snel mogelijk naar de ideale 100% komen.

Uiterst ambitieus, want het programma is niet van de poes. Het draait daarbij rond het drastisch verminderen van pesticides, het terugschroeven van het energie- en waterverbruik, de recyclage van de afvalberg, de bescherming van de lokale biodiversiteit én een algemene reductie van de CO2-uitstoot.

Ik stel me toch veel vragen bij dit ambitieuze duurzame milieuplan en vooral ook bij het perscommuniqué dat stelt dat nu reeds bijna de helft van de verbouwde druivenoppervlakte in de Bordelais ecologisch vriendelijk geëxploiteerd wordt.

Werkt Bordeaux werkelijk al zo groen?

Wildgroei aan labels

Want kijk naar deze cijfers. Volgens de laatst beschikbare statistieken zijn er slechts 480 chateaux (goed voor 6.091 hectare) die reeds gecertificeerd biologisch werken. Nog eens 1.330 hectare zijn momenteel in conversie.

Biodynamisch gecertificeerde domeinen vormen helemaal een minderheid: amper 29 stuks, met 696 hectare wingerd.

De andere gecertificeerde domeinen bezitten één of ander ‘duurzaam’ label. Zo zijn er de certificaties van de zogenaamde ‘viticulture intégrée’, met labels als Terra Vitis, Area of Qualenvi. Opgeteld gaat het om 265 domeinen of 8.568 hectare wijngaarden.

Een volgende luik bestrijkt de ‘viticulture raisonnée’, waar de certificaties vooral een grotere oppervlakte wijngaarden overkoepelen. Het label ‘Agriconfiance’ bijvoorbeeld bestrijkt nu reeds 384 wijnbedrijven (of 6.062 hectare) en bij het label ‘Destination Développement Durable’ zijn zelfs 1.968 vignerons betrokken die samen 14.802 hectare uitbaten.

Om het nog wat complexer te maken, zijn er tenslotte nog concurrerende duurzame labels die op hun beurt nog eens andere selectiecriteria hanteren: ‘Certification HVE’ telt nu 32 domeinen (1.200 hectare) en ‘SME du vin de Bordeaux’ zelfs reeds 134 gecertificeerde wijnbedrijven.

Lucratief groen

Als u deze cijfers correct wil interpreteren: volgens de meeste schattingen telt de Bordelais zo’n 10.000 ‘domeinen’ (vaak merken en minibedrijven zonder echt ‘château’) die collectief toch circa 112.000 hectare wijnterreinen exploiteren. Er ligt dus nog veel duurzaam missionariswerk op de plank en vooral: hoe staat het met de ‘leaders of the pack’, de grands crus classés in hun vergroeiing?

Misschien wordt het daarom ook tijd om eens met de grove borstel te gaan doorheen al die ‘duurzame’, ‘groene’ en ‘ecologische’ labels en organisaties, waarvan de criteria soms als dag en nacht verschillen.

De consument snapt er namelijk stilaan niks meer van. Of wantrouwt dan ook deze tsunami van groene labels, want krijgt zo makkelijk de indruk dat er een heleboel organisaties vooral geld geroken hebben in die groene business.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 15 december 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Het spel van de hitparades in Bordeaux

DruivenWe weten het allemaal: de ‘Fransen’ hebben iets met wijnklassementen. Deels puur uit status, maar deels ook omdat ze vaak zeer lucratief blijken en soms eeuwen geld in het laatje brengen. Hoe zouden we anders nog altijd het magnetisme van het classement des grands crus classés du Médoc & Sauternes uit 1855 verklaren?

Maar zij die structureel altijd uit de boot vielen of minder in de schijnwerpers van de media staan, blijven hopen op een promotie of lanceren al langer hun eigen classificaties.

Zo werd medio november bij het Franse Ministerie van Landbouw en Economie andermaal het lastencahier ingediend door de leden van het Syndicat des Crus Artisans en Médoc. Een vergeten categorie in het wijnlandschap van Bordeaux. Het nieuwe dossier moet het tienjaren-klassement vervangen dat al uit 2006 dateert.

Vijf jaar geldig

Want het syndicaat in kwestie droomt al jaren van een geactualiseerde hitparade die met de oogst van 2017 actief moet worden. Actueel vertegenwoordig deze koepelorganisatie 35 châteaux, goed voor 44 in 2006 geklasseerde domeinen.

De classificatie geldt voor de zogenaamde ‘caves particulières’, dus wijnbedrijven waarvan de uitbater/eigenaar quasi-permanent aanwezig is bij alle fasen van de productie en commercialisering.

De controle op dit nieuwe klassement gebeurt echter niet door de overheid, maar door een derde partij. De Franse politiek heeft blijkbaar de buik vol van al die Bordelaise hitparades, die uiteindelijk toch in juridische gevechten uitmonden: “Les pouvoirs publics ne veulent plus de décrets, après que ceux des Crus Bourgeois et de Saint-Emilion aient été annulés”, dixit Maxime Saint-Martin (de voorzitter van het syndicaat van de Crus Artisans).

Ambtenarij en de belangenbehartigers van de crus artisans touwtrokken immers lang rond de duur van zulke classificatie: het syndicaat wenste per se een tienjarige hitparade, terwijl de beleidsmakers een jaarlijkse herziening wilden doordrukken.

Uit de bus kwam een compromis: de nieuwe classificatie zou voor vijf jaar geldig zijn.

Nog kandidaten

In de praktijk zal de selectie voor deze Crus Artisans tijdens het tweede trimester van 2017 opstarten. Volgens het lastencahier zou daarbij 60% van de evaluatiepunten gaan naar de degustatie van de drie laatste oogstjaren van het domein in kwestie, en 40% van de totaalscore naar het ‘statut d’artisan’ van de eigenaar: "De ‘artisan’ is echt als een vakman verantwoordelijk voor alle beslissingen. Hij neemt deel aan de beslissingen in de wijngaard, de wijnmakerij, marketing, administratie … zonder dat dit betekent dat hij alle solo moet doen!” aldus Maxime Saint-Martin. Als u het mij vraagt een nogal vage definitie.

Mogelijk pijnpunt: de classificatie is momenteel gelimiteerd tot de acht appellaties in de Médoc, maar ook op de rechteroever of zeker in de Côtes de Bordeaux zijn er domeineigenaars die zich als ‘Cru Artisan’ willen profileren.

Hoe zal de harde kern uit de Médoc kortom met deze wens omgaan bij deze ‘outsiders’ ? Of ligt hier al de kern van een volgende juridische marathon rond een Bordelais klassement, hoe bescheiden ook?

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 28 oktober 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Wijn uit de hemel

AoYunWe hebben al veel exotische plekken besproken waar tegenwoordig, weliswaar op zeer bescheiden schaal, wijn wordt gemaakt, maar ik denk dat we nu toch wel het summum hebben bereikt. Letterlijk zelfs: wijn uit Shangri-La.

Iedereen kent ongetwijfeld de roman ‘Lost Horizon’ uit 1933 waarin de Engelse auteur James Hilton een soort mythologisch en paradijselijk Utopia, diep verborgen in de Himalaya, beschreef. Maar tegenwoordig is Shangri-La een arrondissement in zuidwestelijk China, dat tot 2001 de naam Zhongdian voerde.

Het is daar waar Moët Hennessy - onderdeel van de luxegroep LVMH - nu een prestigieuze en vooral peperdure cabernet sauvignon heeft geproduceerd, geblend met 10% cabernet franc. Doopnaam: Ao Yun, in het Engels vertaald “floating over the clouds.”

Tot 2560 meter boven zeespiegel

Deze luxecuvée werd recent in de Verenigde Staten gelanceerd met een startprijs van 300 USD per fles. Van de circa 2.300 geproduceerde kisten werden er ongeveer 500 richting Uncle Sam verscheept, zelfs eerder aan de gretige kopers voorgesteld dan in China zelf waar volgens Jean-Guillaume Prats, president van de wijndivisie van Moët Hennessy, “…nu reeds een enorm speculatieve vraag groeit voor deze speciale cuvée.” Lees: de startprijs zal snel verdubbelen.

Wat is nu het verhaal achter deze ‘Ao Yun’ oogstjaar 2013?

Een dikke tien jaar terug besliste de chief executive van Moët Hennessy, Christophe Navarre, dat de groep rode wijn in China moest maken. Naast de klassieke wijnregio’s in de Volksrepubliek, vonden de specialisten het geknipte microklimaat en terroir in de provincie Yunnan, grenzend aan Tibet, Myanmar en Vietnam, waar de Mekong-rivier zich doorheen de bergen slingert.

Eigenlijk geen nieuwe vondst, want Jezuïtische missionarissen plantten er reeds omstreeks 1840 de eerste druivenstokken. In 2002 werden er nog eens klassieke Bordelaise stokken soorten aangeplant. Toch beweert Prats dat geen kat geloofde dat deze regio ideaal was om er een fantastische cabernet sauvignon te produceren. Het was wachten tot in 2013, toen Moët Hennessy ongeveer 19 hectare wijngaard gebruikte die op zeer grote hoogte aangeplant stond – tussen 2.400 en 2560 meter boven zeeniveau – om er hun eerste Ao Yun cuvée van te maken.

Zon en Zen

Wie de wijngaard wil bezichtigen, moet wel de nodige inspanningen leveren. Eerst vliegen naar Shangri-La City, gelegen op bijna 3.675 meter hoogte. Na een grillige rit van zeker vier uur door het gebergte bereikt men pas het domein, waar de lucht zo droog en puur is dat allerlei bestrijdingsmiddelen (onkruidverdelgers, schimmelbestrijders, pesticides) overbodig zijn.

Gezien het reliëf van het perceel kan zelfs de irrigatie van de stokken zeer beperkt blijven én makkelijk beheerd worden. Het rijpingsproces en de fotosynthese verlopen er bovendien erg traag, omdat tijdens de cruciale periode de wijngaard maximaal zo’n zes uur zon per dag krijgt, waarna de temperaturen dramatisch dalen, zodat onder meer de aciditeit in de druiven perfect blijft.

De pluk gebeurt dan ook pas in november. De hoge ligging heeft nog een ander voordeel: tijdens de fermentatie is er veel minder zuurstof in de ijle lucht, wat volgens Prats het bewaarpotentieel ten goede komt.

Niet dat alles met deze maiden vintage van een leien dakje liep. Gistingstanks en zelfs de eiken barriques kwamen te laat op het domein, waardoor de wijn zelfs een tijdje op amfora’s moest verblijven.

Maar dat zal de speculanten en trendslaafjes natuurlijk geen barst schelen. De prijzenlotto zal er niet onder lijden...

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 30 juni 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Flest Brexit ook de wijnverkoop, deel 2?

VlaggenGisteren zagen we dat uitstap van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie ook een zware hypotheek kan leggen op de wijnverkoop- en prijzen. (lees: Flest Brexit ook de wijnverkoop, deel 1?). Of wordt de soep uiteindelijk toch niet zo heet gegeten?

De besproken risico's - tariefverhogingen, hogere wijnprijzen door een zwalpend pond, overstap naar niet-Europese wijnen, minder Britse interesse in de primeurverkoop - zijn natuurlijk ook relatief.

Waarschijnlijk wordt het V.K. na Brexit straks lid van de Europese Economische Ruimte en de Europese Vrijhandelsassociatie, waardoor er misschien amper (of geen) sprake zal zijn van tariefverhogingen voor wijn. Of er een akkoord uit de bus komt zoals de E.U. en Georgië in 2013 tekenden, waardoor de import van Georgische wijn in Europa& tariefvrij werd gemaakt, is natuurlijk niet zeker. Veel van de 27 resterende E.U.-landen gunnen het V.K. als ex-lid niet de krenten uit de pap.

Voorwaarde is eveneens dat de uitstap-onderhandelingen voldoende snel gevoerd worden, binnen het tijdsbestek van de voorziene 2 jaar, want anders wordt het worst-case scenario inzake tariefverhogingen (zie column gisteren) misschien wel voor jaren een realiteit.

Natuurlijk hangt ook veel af van de onderlinge wisselkoers £/euro. Als die op termijn niet structureel wijzigt, wordt de aankoop en invoer van Europese wijn evenmin spectaculair duurder voor het Verenigd Koninkrijk.

En zelfs als de Britten massaal de laatste primeuroogst uit Bordeaux links laten liggen wegens dalende koopkracht, zullen de ‘négoce’ en lokale kasteeleigenaars er geen fles minder om verkopen. Want in de Bordelaise vitrine ligt nu het gehypte, beresterke millésime 2015 dat volgens veel commentatoren zelfs legendarisch is. Internationale kopers zat dus waarschijnlijk, zeker als de dollar en/of Yen profiteert van de slapte van de sterling.

In wijnkringen heerst in het V.K. desondanks de nodige nervositeit over de toekomst van de sector, zeker ook omdat een twijfelende consument de knip op de beurs kan houden, zelfs als er objectief niets dramatisch verandert. Geen wonder dat in een recent survey bij de leden van de Wine & Spirit Trade Association, de wijnberoepsvereniging in het V.K., bijna 100% koos voor de ‘remain-optie’.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 29 juni 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Flest Brexit ook de wijnverkoop, deel 1?

PondeuroDe kans dat u al een kater hebt door alle reportages, analyses en voorspellingen rond Brexit is reëel, maar we doen er nog een schepje bovenop. Of correcter: een slokje, want wat is het potentieel impact van deze uitstap op de wijnbusiness?

We mogen immers niet vergeten dat de Britten - en vooral de Engelsen - slokoppen zijn qua Europese wijnimport en vooral ook het succes van klassieke appellaties zoals Bordeaux of Champagne mee sterk bepalen. Want het Verenigd Koninkrijk telt naar schatting zo'n 30 miljoen wijndrinkers. Het gaat daarbij om een flink importvolume, aangezien de ‘Britten’ jaarlijks immers ruim 354 miljoen liter in de E.U. geproduceerde wijn kopen.

Brexit kan voor de wijnwereld een slechte zaak worden en wel om drie redenen.

Minder Europees drinken

Eén: invoerrechten. Een uitstap uit de E.U. kan leiden tot taksverhogingen op alle van het continent ingevoerde wijnen, met een remmend effect op de verkoop en/of een versnelde substitutie richting Nieuwe Wereld-producten.

Zo'n worst-case scenario van stijgende tarieven werd reeds in 2013 uitgetekend door Gavin Thomson & Daniel Harari in hun rapport voor de ‘House of Commons Library’: “Because the UK has negotiated as part of the EU at the World Trade Organisation (WTO), it is likely that it would inherit the EU's tariff regime at the time of leaving, meaning, at least initially, higher prices would be faced by consumers buying imports from the EU and those countries with which the EU has trade agreements. Without any change, a 32% tariff would be levied on imports of wine, for instance.”

Twee: hoe meer waarde het Britse pond verliest, hoe minder de gemiddelde Brit ook de duurder wordende E.U.-wijnen uit de rekken zal plukken. In een markt die sterk gedomineerd wordt door de grootdistributie en haar soms zeer scherp discountbeleid - denk maar aan de jaarlijkse champagne-oorlog in het Verenigd Koninkrijk -, zullen veel consumenten dus naar lagere kwaliteit grijpen. Of omdat de economie het slechter doet, minder uitgeven aan wijn. Of opnieuw veel meer Nieuwe Wereld-wijn kopen, wijn die nu al soms financieel aantrekkelijker is geworden. Zo was de wisselkoers van de Kaapse wijn tussen 2013 en 2016 veel voordeliger geworden voor de Pond-kopers. In 2013 schommelde de koers rond 14 Rand voor 1 Pond, maar de laatste maanden kregen de Britten voor hun Sterling gemiddeld 24 Rand. Of: de Rand was circa 40% goedkoper dan drie jaar geleden, tot natuurlijk het Brexit-effect begon te spelen.

Drie: Is dit het einde van de Primeur-rage voor veel Britse wijnfans? Want alhoewel Aziatische en Amerikaanse kopers de laatste jaren het primeursgebeuren kleuren, blijven ‘the Brits’ toch heel belangrijke spelers. Met een wankele munt, een dreigende recessie en bovendien een financiële sector die gegarandeerd een periode van instabiliteit zal doormaken, zullen echter weinig Britten geneigd zijn de komende jaren serieus te investeren in de ‘fine wines’ of ‘primeurs’ uit de Bordelais.

Frank Van der Auwera

Lees morgen: Flest Brexit ook de wijnverkoop, deel 2?

Geplaatst op 26 mei 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Tachtig jaar jong/oud

In tegenstelling met wat sommige koppigaards beweren, zijn Franse appellations geen door Mozes van de berg Sinai meegebrachte kleitabletten, die voor eeuwig & altijd de waarheid en spelregels inzake de ideale wijncultuur bevatten. Er zit namelijk continu beweging in.

En vooral: als we terugblikken naar de beginjaren van het A.O.C.-systeem (appellation d’origine contrôlée) kunnen we meteen ook veel leren hoe grondig de markt veranderd is. Qua voorkeuren, selectiecriteria, stijlen en smaken.

De 75 pioniers

Want in deze Meimaand vieren we immers de tachtigste verjaardag van circa 75 appellaties die in 1936 in Frankrijk werden toegekend.

Het wettelijk kader voor dit uiteindelijk toch zeer lucratieve klassement waarvan veel domeinen nu nog gulzig profiteren, werd reeds in 1935 gestemd in een poging om productfraude in te dijken, maar pas het jaar daarop toegepast in de wijnindustrie.

De allereersten die zo officieel werden bekrachtigd waren overigens Arbois, Cassis, Châteauneuf-du-Pape, Tavel en Monbazillac. Op zich al een bizar lijstje waarin anno 2016 minstens een tweetal nog op de reservelijst zouden staan.

In de loop van datzelfde sleuteljaar 1936 werden nog zo’n 70 streken/regio’s eveneens erkend en gepromoveerd tot pionier-appellaties.

Zoet en Bordeaux

Wat direct opvalt als we snel deze 75 erkenningen overlopen: blijkbaar waren zoete wijnen en wijnstreken toen stukken populairder dan nu. Zelfs in de Languedoc, waar de overheid slechts drie districten erkende (!), draaide heel het toenmalige verhaal rond de zoete vin doux naturel Banyuls, Frontignan en Muscat de Frontignan.

Een tweede basistrend: Bordeaux en Bourgogne waren toen heer en meester in de ogen van de officiële keurders. Op het lijstje met A.O.C.’s anno 1936 prijken immers maar liefst 25 Bordelaise subregio’s – één op de drie nota bene! – en 22 Bourgondische. Ook de wijnkaarten- en kelders weerspiegelden toen hun quasi-monopolie.

Misschien dat de dominantie van Bordeaux ook kan verklaard worden door het feit dat de toenmalige voorzitter van het Comité National des Appellations d'Origine des Vins et Eaux-de-vie – dat later overvloeide in het I.N.A.O., Institut national des appellations d’origine – ene Joseph Capus was, een senator van de Gironde. Een vleugje nepotisme en burenliefde is nooit weg in deze branche.

Ondertussen is er gelukkig wel veel veranderd en telt het A.O.C.-systeem zo’n 350 erkende appellaties, geografisch al veel billijker verspreid over het ganse Franse territorium. Appellaties die zich nu zoetjesaan onder druk van de Europese regelneven allemaal herdoopt hebben tot A.O.P.’s (appellation d'origine protégée).

Frank Van der Auwera

Onze blogs

Meer