De Nieuwe Wereld

Geplaatst op 12 februari 2012 door Wijntijd Reacties | Reageren

Beledig Chinezen en… kassa kassa?

Naarmate de wijnhandel globaliseert, neemt ook de kans toe op communicatieve misverstanden. Vooral taalproblemen kunnen, meestal onbedoeld, voor verrassingen zorgen in een nieuwe afzetmarkt.

En dan hebben we eventjes niet over doelbewuste, bizarre doopnamen van wijnmerken, zoals ‘Fat Bastard’ (een Frans merk geproduceerd door een Frans-Brits partnership dat in de V.S.A. ruim 400.000 kisten per jaar verkoopt), het Australische ‘Bitch’ of het Franse ‘Le Vin de Merde’. In dat soort gevallen heeft de producent er met zijn in het oog springend label namelijk duidelijk voor gekozen om een welbepaald consumentensegment te bereiken. Meestal Amerikaanse consumenten trouwens die kicken op dit soort provocatieve woordspelletjes en blijkbaar minder in de flesseninhoud geïnteresseerd zijn.

Maar veel delicater wordt het wanneer een wijnhuis zijn succesvolle merkwijn op een totaal nieuwe markt introduceert en dan plots geconfronteerd wordt met een heuse taalrel.

F**K?

In die netelige situatie belandde recent de Chileense bodega Via Wines uit Maule Valley, toen het nietsvermoedend zijn merkcuvée ‘Chilensis’ in Hong Kong begon te commercialiseren.

Meteen ontstond een rel in de lokale media, omdat naar verluidt het etiket expliciet beledigend zou zijn voor Chinezen die Kantonees als moedertaal spreken. Zo zou ‘Chilensis’ in het standaardkantonees - we citeren de Angelsaksische bron, want onze persoonlijke kennis van deze taal met zijn honderden varianten en dialecten is nihil - vrij vertaald zoveel betekenen als  “f*cking nuts”, of “kus mijn kl***n”. Qua marketing inderdaad een miskleun.

Maar toen gebeurde iets gek: de aanvankelijke ‘verontwaardiging’ bij sommigen liep snel over in een heuse ‘hype’. De flessen ‘Chilensis’, die tot dan rustig in de rekken van off-licence shops en supermarkten in Hong Kong lagen voor HK$49, vlogen de deur uit en zagen in enkele dagen hun prijskaartje al klimmen tot HK$59. Iedereen in Hong Kong wou/wil blijkbaar plots zo’n fles. Uiteraard gaat het hier niet om een exclusieve topcuvée, want zelfs met het verhoogde prijskaartje schommelt de huidige winkelprijs maar rond de 6 euro.

Geluk in de mond

Maar blijkbaar komen dit soort komische taalbotsingen vaker voor dan we vermoeden, zeker voor wie op de veelbelovende Aziatische markt mikt. De afloop ervan is financieel echter niet altijd even lucratief als in het geval van ‘Chilensis’.

Zo rapporteerde een onderzoeksbureau recent nog dat ‘slechte’ of ‘pejoratieve’ betekenissen van een châteaunaam nefast kunnen zijn voor het commercieel succes van zelfs een beresterk merk. Als voorbeeld werd Château Latour aangehaald, de nochtans zeer gereputeerde, peperdure Premier grand Cru Classé uit Pauillac. Waarnemers vinden het al een tijdje vreemd dat de populariteit ervan in China achterblijft op de andere ‘groten’ zoals Château Lafite-Rothschild of Château Margaux, zelfs als Latour topscores krijgt.

Ook hier zou een taalprobleem aan de basis liggen, want losjes vertaald betekent de domeinnaam “to fall down”. Niet bepaald een hoopgevende doopnaam om een zakendeal mee te beklinken, zoals vaak in Chinese kringen gebeurt.

Het is trouwens niet alleen de wijnbusiness die met zulke taalconflicten te kampen krijgt. Ook de belangrijke frisdrankenmerken slaan wel eens de bal mis. Toen Pepsi Cola bijvoorbeeld zijn oorspronkelijke slogan “Pepsi Brings you Back to Life” in het Chinees liet vertalen, bleek die omzetting niet geheel te stroken met het origineel, maar klonk die in Chinese oren eerder als “Pepsi Brings Your Ancestors Back from the Grave”. Tenzij de consument op Zombies kickt, niet meteen een wervende slogan.

Niet dat concurrent Coca Cola beter presteerde. De eerste poging van deze producent om zijn merknaam fonetisch zo letterlijk mogelijk in het Chinees te vertalen klonk wel leuk als “Ke-kou-ke-la”, maar betekent echter zoveel als “female horse stuffed with wax”. Evenmin een smakelijke marketingzet om je product aan te prijzen.

Pas toen de vertalers hun vergissing in het snuitje kregen, werd een nieuwe vertaling gezocht en gaat Coca Cola sindsdien in China als “Ko-kou-ko-le” over de toonbank. Vrij vertaald: “happiness in the mouth”, toch al iets toepasselijker en productvriendelijker, zij het misschien toch nog steeds met een dubbele bodem.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 1 februari 2012 door Wijntijd Reacties | Reageren

Duurzaamheid wordt nieuwe marketingbonus

Chile

Natuurlijke wijnproductie, duurzaamheid en ecovriendelijkheid worden stilaan begrippen met een goudwaarde in de wijnmarketing.

Ook al komt er vaak terecht scherpe kritiek op de soms semireligieuze en/of elitaire benadering van deze wijnbouw - recent nog vergeleek een Britse toonaangevende wijnimporteur van natuurlijke wijnen (!) deze wijncategorie met Marxisme, “...aangezien de werken van Karl Marx vooral lectuur waren voor een kleine groep mensen die ze konden begrijpen én waarderen, en niet bestemd voor de massa” - is iedereen het erover eens dat méér aandacht voor duurzamere wingerd, -vinificatie -en transportprocessen uiteindelijk alleen maar winnaars oplevert.

De eerste toetsing overleefd

In Chili heeft men deze boodschap goed begrepen en werd voorjaar 2011, onder impuls van de belangenorganisatie Vinos de Chile - een bijzonder invloedrijke vereniging waarvan de leden goed zijn voor ruim 92% van alle gebottelde wijnexport - , een gloednieuwe en naar verluidt strenge ‘Sustainability Code’ gelanceerd. Code waarmee individuele wijndomeinen kunnen gecertificeerd worden op al hun (al dan niet) duurzame praktijken, van druif tot fles.

Zopas werden de namen bekend gemaakt van de eerste 14 wineries die, na een schijnbaar zeer rigoureus assessment en een lang inspectieproces, als eersten officieel dit certificatiezegel in de wacht sleepten.

Althans: deze 14 wijnbedrijven werden reeds bekroond voor het eerste luik van de drie hoofdstukken tellende duurzaamheidscode. Dit eerste hoofdstuk - geldigheidsduur één jaar - bestrijkt namelijk de evaluatie van ecovriendelijke beheersprocessen en normen in de wijngaard (het zogeheten ‘Green Chapter’, focussend op de praktijken in de ‘Vineyard’), waardoor natuurlijke resources maximaal worden beschermd.

De 14 feestvarkens werden inderdaad nog niet getoetst op de duurzaamheid van hun activiteiten in de productiekelders (het ‘Red Chapter’met focus op ‘Winery’) of op hun totale maatschappelijke verantwoordelijkheid (het Orange Chapter, gericht op de ‘Community’). Die andere etappes worden in de loop van dit jaar verder beoordeeld en eventueel extra gecertificeerd voor een geldigheidsduur van twee jaar. Naar verluidt presteerden de 14 kandidaatdomeinen wél uitstekend tijdens deze assessmentronde. Ze haalden immers een gemiddelde score van 83 procent.

De 14 winnaars op een rij

In Chileense wijnkringen slaat men zich in ieder geval trots op de borst, want deze alomvattende benadering van het duurzaamheidsconcept is momenteel het meest ambitieuze van alle wijnproducerende landen: “We are committed to becoming the number one producer of premium, sustainable and diverse wines from the New World by 2020,” aldus een opgetogen René Araneda, president van Wines of Chile. “To achieve this goal it is imperative to create innovation that boosts our competitiveness. The development and implementation of Wines of Chile's state-of-the-art Sustainability Code is a key pillar to achieve this objective.”

Natuurlijk heeft Chili van nature een streepje voor op de concurrentie wanneer het op duurzame wijngaarden aan komt. Het microklimaat, de topografie, de geografische locatie (nabij de Oceaan of in de schaduw van de Andes) en de aanwezigheid van veel prephylloxera-druivelaars, lenen zich in de meeste wijnvalleien perfect voor zulke ecovriendelijke aanpak.

Als duurzaamheid dus één van uw koopcriteria is wanneer u uw wijnkelder of schenkmand vult, zijn dit de namen van de laureaten die nu gecertificeerd werden: Anakena, Arboleda, Caliterra, Casa Silva, Cremaschi Furlotti, Emiliana, Errázuriz, Montes, MontGras, Santa Cruz, Santa Ema, Santa Rita, Ventisquero en Vía Wines. Als ik me niet vergis liggen minstens 10 van deze 14 ook reeds in onze Belgische wijnrekken.

Hoe ze te herkennen? Deze domeinen zullen gedurende zeker een jaar een speciaal ‘Certified Sustainable Wine of Chile’-zegel op hun etiket, flessen en zelfs promotiemateriaal mogen dragen. Wees er dus maar zeker van dat ze deze bekroning dik in de verf zullen zetten in al hun volgende communicatie. Binnenkort zal dit duurzame koppeloton vermoedelijk serieus aangroeien, want nog eens 24 wineries hebben zich reeds ingeschreven voor dit certificatieproces.

Het is m.a.w. opnieuw de Nieuwe Wereld die het ‘Oude’ Europa een lesje in slimme wijnmarketing geeft. Nu maar hopen dat de gelauwerde domeinen deze marketingbonus niet aangrijpen om snel hun prijskaartjes te verhogen...

Frank Van der Auwera

Foto: Mark Scott Johnson op Flickr (Creative Commons licentie).

Geplaatst op 27 januari 2012 door Wijntijd Reacties | Reageren

China: FC de wijnkampioenen

Toegegeven, zelfs als wijnschrijver kijken we soms met enige argwaan naar de Chinese wijnconsument.

Want deze nieuwe stroom van wijnliefhebbers belandt hoofdzakelijk in de media als nouveaux riches-kopers van Bordelaise kastelen, als onverantwoorde prijsopzwepers van ‘grote’ geklasseerde crus uit Bordeaux en Bourgogne tijdens veilingen of primeurcampagnes, of zelfs als regelrechte vervalsers, die het niet zo nauw nemen met internationale copyrights (lees o.a. China is op wijngebied het Wilde Westen of www.Lafite.nep of De tactiek van de opgestoken vinger of 2010 was een vet veilingjaar deel 1 en deel 2 of Miljoenen lenen om topwijn te kopen? of Chinese invasie in Bordeaux of Lucratieve handel in lege flessen of Chinezen sjoemelen met Bordeaux 2009 of Kijk uit voor Lafite 1982).

Een opinie die vaak nog eens extra negatief gekleurd wordt omdat deze gigantische natie voorlopig zelf nog maar weinig aantrekkelijke wijnen produceert, ondanks de royaal aanwezige geldstromen, genoeg geschikte geografische/klimatologische locaties én steeds meer ingehuurde wijnknowhow. Bovendien bezit China ook een lange geschiedenis van home made wijngeklungel, waarbij - door een wetgeving die lang zo lek was als een zeef - zowat elk ingrediënt ingeschakeld werd om er ‘wijn’ mee te brouwen. Elk ingrediënt, op druiven na tenminste.

Spectaculaire groeicijfers

En toch is er wel degelijk sprake van een structurele verschuiving, waarbij China als wijnconsument duidelijk een wereldmacht is geworden waarmee rekening dient gehouden.

Misschien wel de grootste verrassing voor velen is nog steeds het cijfermateriaal verzameld via de studie van The International Wine & Spirit Research (I.W.S.R.) in opdracht van het wijnsalon Vinexpo. Deze onderzoeksorganisatie analyseerde de consumptiepatronen -en prognoses in 114 consumentenmarkten en 28 wijnproducerende landen.

Uit deze analyse blijkt namelijk dat China in de hitparade van de wereldwijde wijnconsumptie nu al opgeklommen is tot positie 5, met andere woorden groter is geworden dan het Verenigd Koninkrijk. Tussen 2009 en 2010 groeide het Chinese verbruik - China én Hong Kong opgeteld - van stille, lichte en mousserende wijnen met een indrukwekkende +33,4 procent. Dat resulteerde in 2011 tot een totale wijnconsumptie van 156,19 miljoen 9 liter-flessen, waardoor het V.K. naar positie 6 op deze wereldrangschikking zakte.

Daarbij mogen we niet uit het oog verliezen dat we waarschijnlijk nog maar aan de startlijn staan van deze Chinese wijnpiek. Het consumptieproces versnelt zich immers aan een onvoorstelbaar tempo. Kijken we bijvoorbeeld naar de vijfjarige referentieperiode 2006-2010, dan blijkt dat de wijnconsumptie in China en Hong Kong met een factor 2,4 aandikte. De reeds geciteerde I.W.S.R.-studie voorspelt bovendien dat tussen 2011 en 2015 het wijnverbruik er nog eens met +54,25 procent zal groeien. Verwacht wordt dat het per capita wijnverbruik in China tegen 2015 zeker zal blijven toenemen met 1,9 tot 2 liter per jaar.

Amerikanen houden stand

Lach ze dus niet zomaar weg, onze Chinese wijnfans (lees ook Waarom Frankrijk met China flirt of Het Oosten kleurt bordeaux). Want voor we het hier in Europa beseffen, staan ze straks te pronken als de nieuwe globale numero uno qua wijnconsumptie. Positie die nu nog, ook met vlag en wimpel, wordt ingenomen door de V.S.A. Amerikanen kochten en consumeerden vorig jaar immers 3,7 miljard flessen wijn en tussen 2011-2015 zou dit volume met nog eens +10 procent aangroeien. Maar ze voelen nu al de hete adem van de Chinese drinkers...

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 22 januari 2012 door Wijntijd Reacties | Reageren

Wijn en gezondheid: toch een leugen?

Al jaren worden we overspoeld door wetenschappelijke studies die aantonen, of toch minstens serieuze indicaties geven, dat het (matig) gebruik van wijn voor veel mensen een mooie gezondheidsbonus kan opleveren. Vooral rode wijn, rijk aan het antioxidant resveratrol, zou immers onze energiehuishouding en celstofwisseling gunstig beïnvloeden en zo een positief effect hebben op de meest uiteenlopende ziektebeelden waaronder tumoren, borstkanker, dementie, hartinfarcten, trombose, longkanker en zelfs obesitas of diabetes.

Maar zopas kregen veel believers van deze stelling een koude douche toen bekend raakte dat de Amerikaanse vorser Dr. Dipak Das, bekend voor zijn langlopende studies over het positieve gezondheidsimpact van rode wijn, bepaalde onderzoeksresultaten vervalste en zelfs radicaal uit zijn duim zoog. Of het op zijn minst niet al te nauw nam met de statistische zuiverheid van zijn kostelijke research.

60.000 pagina’s op de korrel

De in opspraak gekomen wetenschapper is inderdaad geen derderangsfiguur. Dr. Dipak Das is professor in de medicijnen én directeur van het cardiovasculair onderzoekslaboratorium aan de Faculteit van Medicijnen van de University of Connecticut. Hij publiceert al jaren rapporten waarin de deugden van resveratrol, dat zowel in fruit als in (rode) wijn wordt aangetroffen, werden bevestigd.

Toch rees bij bepaalde wetenschappers stilaan argwaan tegen sommige resultaten en toen een klokkenluider suggereerde dat er op grote schaal gesjoemeld was tijdens de research, begon de universiteit in alle discretie reeds in 2008 met een enquête. Daarin werd een maar liefst 60.000 bladzijden tellende studie, output van zeven jaar onderzoeksactiviteiten van Dr. Das, kritisch onder de loep genomen.

En de uitkomst was ontluisterend. De enquêteurs ontdekten naar verluidt 145 frappante voorbeelden van vervalste of puur gefantaseerde gegevens. De Faculteit van Medicijnen waarschuwde dan ook meteen een tiental wetenschappelijke vakbladen die deze besmette data eerder hadden gepubliceerd. Op dit moment lopen er nog bijkomende enquêtes naar het ‘wetenschappelijke’ werk van Dr. Das, waarbij onder andere ex-medewerkers van zijn laboratorium aan de tand worden gevoeld.

Gevreesd wordt dat uit deze interviews nog meer systematische fraudegevallen zullen opleveren.

Iedereen een verliezer?

Welke feiten nu specifiek vervalst werden - en dus of ze de potentieel positieve gezondheidseffecten van resveratrol al dan niet fundamenteel ondergraven - werd in deze fase nog niet publiek gemaakt.

Maar voor Dr. Das en zijn laboratorium zijn de consequenties nu reeds zwaar. De frauderende wijnprof werd immers op staande voet ontslagen door de Universiteit van Connecticut, instelling waar hij reeds sinds 1984 aan de slag was. Bovendien bevroor de Faculteit voor Medicijnen alle externe onderzoeksfondsen voor zijn laboratorium en weigerde bovendien een overheidsgift van 890.000 US$, die eveneens voor Dr. Das bestemd was.

Mijn reactie? Ik zou mijn glas rode Cabernet of Shiraz er niet voor laten, zelfs als straks blijkt dat Dr. Das zijn hele studie uit de duim zoog. Ten eerste liggen er nog genoeg andere wetenschappelijke rapporten op tafel die wél ernstig en ethisch werden verzameld, en die bovendien ook de potentiële bonus van resveratrol onderschrijven. En ten tweede, nog belangrijker: wijn is gewoon lekker en moet vooral plezier in plaats van een ersatzmedicijn blijven.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 2 januari 2012 door Wijntijd Reacties | Reageren

Californische wijn breekt records

VatDe V.S.A. mag dan wel continu het schuldplafond optrekken en de staat Californië moet drastisch besparen, maar de Californische wijnindustrie sloot 2011 af als één van de grote winnaars.

De recente oogst 2011 noteerde wel een daling qua volume (-9 procent) en zal eerder lichtere, elegante cuvées voortbrengen, maar dat kan de pret niet drukken: de export floreert als nooit tevoren.

Leve de dollarkoers

Recente cijfers van het Wine Institute, de in San Francisco gevestigde handels -en promotieorganisatie voor deze industrie, laten inderdaad zien dat tijdens de Californische wijnuitvoer tijdens de eerste 10 maanden van 2011 reeds evenveel in kassa bracht als tijdens het ganse jaar 2010. Niet onbelangrijk, want 2010 ging toen reeds als een recordjaar in de boeken met een exportwaarde van 1,14 miljard USD.

Kortom, na 10 maanden 2011 - de resterende officiële statistieken lopen pas binnen enkele weken of maanden binnen - ligt de exportwaarde al 23 procent hoger dan het jaar voordien. De V.S.A. is dus niet alleen ‘s werelds grootste wijnimporteur geworden, maar een zeer belangrijke flessenexporteur die marktaandeel wint.

"California wines for the last couple of years have come into their own, offering quality, diversity and value,” aldus een zeer tevreden Linsey Gallagher, director of international marketing bij het Wine Institute.

De verklaring(en) voor deze success story? Ongetwijfeld speelde de zwakke dollarkoers tijdens het grootste deel van 2011 in de kaart van de wijnexport. Een fles die enkele jaren geleden rond de 10 USD kostte, werd nu verkocht aan een prijs van 7 à 8 USD. Ook het China-effect vertolkt zeker een rol, want alhoewel de export naar China voorlopig slechts 5 procent van het totaal uitmaakt - Europa blijft met voorsprong de grote slokop van Californische wijn -, nam deze wel de eerste 10 maanden van 2011 toe met +35 procent. Vooral de fruitgedreven, full-bodied rode Californiërs blijken erg in de smaak te vallen van de Chinese consument, onder andere omdat deze prima harmoniëren met de vaak kruidige Chinese gerechten.

Blijft het wel duren?

Vraag is: blijft deze hoera-stemming ook in 2012 duren voor de Californische wijnindustrie? Alle signalen wijzen er immers op dat de voornaamste exportprikkel - in casu de zwakke dollarkoers, dus de soms excellente prijs-kwaliteit ratio van de uitgevoerde wijnen - zijn limiet heeft bereikt.

Niet alleen klimt de dollarkoers de voorbije weken ten opzichte van o.a. de Euro, maar ook de daling van het productievolume in de oogst 2011 kan voor een prijsopstoot zorgen. In sommige (populaire) wijnstreken zijn de rendementen immers drastischer gedaald dan de -9 procent voor gans Californië. Zo werd met name Sonoma, toch een van de bekende appellaties in het buitenland, zwaar getroffen, want daar ligt de opbrengst bijna 20 procent beneden het vijfjarige gemiddelde. Dat verhoogt ongetwijfeld de prijsdruk.

Bovendien kennen we in Californië hetzelfde fenomeen als in Frankrijk: de verbouwde oppervlakte wijngaarden werd er een flink stuk kleiner (lees ook De Franse wijnwereld krimpt). Toen enkele jaren geleden nog iedereen begaan was met de dreigende ‘wine glut’ - het structurele wijnoverschot dat wereldwijd voor enorme afzetproblemen zorgde -, werden er vrij snel talrijke hectare gerooid. In een kwaliteitsregio als Sonoma bijvoorbeeld verdwenen er in enkele jaren tijd ruim 1.200 hectare wingerd. Waarnemers schatten dat voor gans Calfornië de vorobije jaren zo’n 100.000 acres of bijna 40.500 hectare uit roulatie zijn genomen.

Ook dàt kan al op korte termijn de prijzen voor Californische crus de hoogte injagen, dus stilaan de export afremmen. De oogst 2011 is in dat verband illustratief. Terwijl een totale volumedaling van -9 procent werd genoteerd, zag men ook de druiveninkopers terugkeren naar de markt. Geschat wordt dat de vraag naar Calfornische wijndruiven met +7 procent zal stijgen.

Al deze factoren suggereren dat de Calfornische wijnexport in 2012 wel eens stoom kan verliezen. Want zoals een Amerikaanse wijnexporteur het nog begin december verwoordde: “I think there will be fewer bargains for consumers six to nine months from now due to supply shortfalls.”

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 20 december 2011 door Wijntijd Reacties | Reageren

Miljoenen lenen om topwijn te kopen?

Wie anno 2011 de vinger aan de pols van de wijnmarkt houdt - en vooral nerveus of boos kijkt naar de prijsontwikkeling van sommige crus, met name uit Bordeaux - kan niet rondom het fenomeen ‘China’.

De nieuwe legioenen Aziatische, lees vooral Chinese, wijnconsumenten zorgen immers voor enorme verschuivingen in de internationale wijnhandel en beïnvloeden - zeker wat het topsegment betreft - sterk de prijzen. Europa stond erbij en keek ernaar.

Dat merkten we al tijdens de voorbije primeurcampagnes, maar ook steeds vaker tijdens wijnveilingen (lees o.a. De jonge Aziaat is de wijntoekomst of De tactiek van de opgestoken vinger of 2010 was een vet veilingjaar deel 1 en deel 2 of Hong Kong wordt heuse wijnhub of Bordeaux verwacht vette jaren).

Superkrediet voor wijnaankoop

Dat we absoluut nog niet aan het einde van deze wijnboom zijn maar het integendeel nog erger kan, bewijst nog maar eens volgende bericht. In Hong Kong gevestigde banken bieden tegenwoordig zelfs al een spectaculaire ‘Wine Financing Service’ aan.

Zo kan een koopkrachtige Chinees die wil investeren in (Franse) grands crus classés een megakrediet krijgen van de Wing Lung Bank. Mega inderdaad, want de bank is bereid tot 5 miljoen Hong Kong Dollar - omgerekend bijna 476.000 euro! - te lenen voor de aankoop van deze topwijnen.

Op voorwaarde dat de wijnfreak of speculant-in-spe zich beperkt tot een lijstje van 50 ‘grote domeinen’, die uiteraard topscores (zeg maar: 90+) bij Robert Parker & c° kregen. De bank is dan zelfs bereid tot 50 procent van de aankoopwaarde van deze wijnen te financieren tegen een interest van 6,25 procent. En uiteraard in de wetenschap dat bij eventuele wanbetaling deze topwijnen uiteindelijk in haar kelders zullen belanden.

Overweldigende interesse

Naar verluidt is de respons op dit wijnkrediet gigantisch. Vooral reeds goed bij kas zittende Chinezen, die stilaan hun buik vol hebben van het gejojo op de aandelenbeurzen, vrezen dat de inflatie op hol slaat, botsen op beperkingen om te investeren in immobiliën of juist vrezen dat de huizenprijzen zullen kelderen, denken nu in wijn hét beleggingsalternatief te vinden. Vooral omdat wijn in China stilaan ook uitgegroeid is tot een statussymbool, dus zo realiseren ze twee vliegen in één klap. Ook het aantal investeringsfondsen - en clubs waar wijn in de portefeuille steekt, groeit trouwens enorm in de regio.

Sleutelvraag blijft natuurlijk: wat als de soms waanzinnig hoge prijsniveaus van deze topcrus blijven dalen, zoals bepaalde indexen de voorbije maanden registreerden? Zullen al deze nieuwe Chinese beleggingsinitiatieven de indexen opnieuw de hoogte injagen, of spat straks deze zeepbel ook uiteen (lees o.a. Barst straks de bubble in Bordeaux deel 1 en deel 2)?

Veel wijndrinkers zullen misschien niet wakker liggen van deze kredietlijnen, omdat ze opgesoupeerd worden aan de nu reeds vaak onbetaalbare grands crus classés. Maar wat als straks de Chinese dorst blijft toenemen en ook de middencategorie van bijvoorbeeld crus bourgeois in de focus van dergelijke financieringsplannen komt? Of de Chinezen, na Bordeaux en Bourgogne, ook systematisch regio’s als de Rhône of Loire gaan afschuimen, of hun pijlen structureel ook op Toscane en Piemonte richten?

Dan zullen sommigen die deze trend nu wegwimpelen als het zoveelste ‘fait divers’ wel anders piepen...

Frank Van der Auwera

 

 

 

Geplaatst op 17 december 2011 door Wijntijd Reacties | Reageren

Chinese invasie in Bordeaux

IStock_000014053202XSmallWe eindigen deze week opnieuw bij de Chinese wijnkopersinvasie, want naast primeuraankopen, wijnveilingen of nieuw gelanceerde beleggingskredieten – en fondsen die ze stilaan domineren, gooien gefortuneerde Chinezen nog een ander wapen in de strijd: het rechtstreeks opkopen van domeinen, met name in de Bordelais.

Herinnert u zich de Chinese tycoon (petroleum, immobiliën, toerisme,...) en miljardair Cheng Qu, die als verjaardagscadeautje voor zijn zoon het het Château Chenu-Lafitte aan kocht, ongetwijfeld ook aangetrokken door de associatie met de wereldberoemde ‘Lafite’ (lees Cadeautip: een eigen wijndomein). Toen konden we nog besluiten dat dit type domeinaankopen eerder uitzondering dan regel bleef.

Maar sindsdien is de aanwezigheid van nieuwbakken Chinese kasteeleigenaars in de Bordelais enorm gegroeid.

Acquisities op hoog toerental

Volgens recente cijfers zouden de voorbije maanden immers nu al minstens een 15 à 20 extra Bordelaise wijneigendommen in Chinese handen zijn en nog vele andere wissels worden druk onderhandeld.

Toegegeven, niet meteen de allerbekendste namen uit de meest ronkende appellaties, maar van domeinen als Latour Laguens (AOC Bordeaux), Richelieu (Fronsac), Viaud (Lalande-de-Pomerol), Laulan Ducos (Médoc) of Chenu-Lafitte (Côtes de Bourg) wisten we al dat Chinees kapitaal er momenteel de plak zwaait.

Maar het lijstje dikte de voorbije maanden serieus aan. Cheng Qu, de magnaat van de Haichang Group die zijn zoon een domein als cadeau schonk, kocht ondertussen zo vier châteaux, in casu Château Branda (Cadillac-en-Fronsadais), Château de Grand Branet (Capian), Château Laurette (Sainte- Croix-du-Mont) en Château Thebot (Saint-André-et-Appelles), samen nog eens goed voor 150 hectare wingerd.

Ook het Château Tour Saint-Christophe, gesitueerd in de appellatie Saint-Christophe-des-Bardes, werd door de Franse groep Castel verkocht aan Peter Kwok, zakenman uit Hong Kong, die eerder al acquisities had gedaan in de appellaties Pomerol en Lalande-de-Pomerol. Focussen we op de Médoc, dan kreeg de Chinese groep Marvelke Wine er recent het Château Barateau in handen (gelegen in Saint-Laurent), kocht Meng Gao in de appellatie Sainte-Croix-du-Mont, het Château Bertranon, et cetera. Andere aankopen door Chinese investeerders gebeurden o.a. in Saint-Hippolyte (Château Monlot door de bekende Chinese actrice Zhao Wei), in Blasimon (Château de Cugat). Ook in de Entre-Deux-Mers worden momenteel een pak acquisities onderhandeld, o.a. van het Château Blanchet en het Château Grand Mouëys.

Smaakmakers of niet?

Conclusie? Deze Chinese koophonger zal nog niet snel gestild zijn, alhoewel het voorlopig vooral investeren blijft in kleinere, minder gereputeerde domeinen en herkomstbenamingen, die weliswaar - vooral door de nog niet erg erudiete Chinese consument - makkelijk kunnen gelieerd worden aan het ‘merk’ Bordeaux.

Vaak zijn de kopers ook geïnteresseerd in de ‘oude stenen’, de bijhorende gebouwen en het potentieel om er oenotoerisme uit te bouwen. En geef toe: enkele tientallen kastelen in een regio die officieel 11.300 châteaunamen registreert, is nog géén revolutie. De écht grote kleppers uit de Bordelaise wijndynastie blijven bovendien voorlopig buiten schot, maar voor hoe lang? De fondsen waarover sommige Chinese investeringsgroepen én rijke particulieren beschikken lijken soms ongelimiteerd en heeft niet iedereen ‘een prijs’ waarvoor hij/zij bezwijkt?

Ik voorspel dus alvast: binnen hooguit 1 à 2 jaar bezit een Chinese holding één van de Franse kroonjuwelen op wijngebied.

En een tweede kritische bemerking, die mij als consument eigenlijk méér interesseert: bestaat het risico dat een Chinese eigenaar(sgroep) de aard en productie van het château ingrijpend wijzigt?

Dat kan immers op twee manieren.

Enerzijds door het leeuwendeel van de oogst jaarlijks te versluizen naar mainland China, waar miljoenen potentiële kopers nog altijd verblind worden als er maar ‘Bordeaux’ op een etiket prijkt. Zodat de Europese wijnliefhebber die deze betaalbare domeinen volgt nog nauwelijks flessen te pakken krijgt.

Maar anderzijds is het mogelijk dat onder Chinees bewind ook de vinificatie veranderd, aangepast aan de ‘Chinese smaak’, meer of minder eik, meer of minder alcohol, fruitzoeter of niet. En als dàt gebeurt, is deze Chinese ‘invasie’ op termijn absoluut geen zegen, maar een vloek, voor de Franse wijnindustrie.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 6 december 2011 door Wijntijd Reacties | Reageren

De tactiek van de opgestoken vinger

Zonder van deze columns een rubriek te willen maken waarin elk spectaculair veilingresultaat wordt vermeld, kunnen we toch niet voorbij de recente verkoop van de Delon-collectie (lees Alain Delon ook in uw kelder?).

Niet alleen omdat het geraamde totaalbedrag van 100.000 euro de facto ruim 2,5 keer zoveel opbracht (circa 250.000 euro), maar vooral ook om de manier waarop dit megabedrag tot stand kwam.

U kan het al raden? Inderdaad, op de eerste rij in het Parijse hotel Fouquet’s, waar de bewuste veiling plaatsgreep, zat immers de Chinese zakenman Dong Guo. President van de Yubang media group in Shenzhen en een man die blijkbaar over een flink fortuin beschikt, want volgens ooggetuigen zat Guo permanent bij elk lot met zijn vinger in de lucht, waarmee hij zijn bod stelselmatig verhoogde. En zo het prijskaartje van elk lot buitensporig opdreef, los van de gebottelde kwaliteit. “Gekkenwerk” noemden sommige aanwezigen het achteraf.

Tot vijf keer de schattingsprijs

Blijkbaar was het de ambitie van Guo om de gehele keldervoorraad van Alain Delon te verwerven, maar hij moest zich tevreden stellen met ‘slechts’ 70 loten. Concurrenten uit China, Rusland, de Verenigde Staten en Zuid-Amerika, die vooral via online boden, plus een tweehonderdtal in de zaal van Fouquet’s, snoepten hem namelijk toch partijen af.

Zoals we voorspelden bleek het feit dat de flessen een speciaal keldermerk/label droegen van Alain Delon een serieuze toegevoegde waarde, waardoor sommige flessen een exuberant bedrag realiseerden. Zo werden met name de champagne en cognac soms afgehamerd op het vijfvoudige van hun oorspronkelijke schatting.

Andere toppers bleken de kist (12 flessen) Château Petrus 1972, nochtans géén wow-jaar, die voor 12.500 euro werd verkocht en vooral 6 flessen Château Cheval Blanc 1947 (wél een gereputeerd millésime) die 20.000 euro haalden.

Dat onze Chinese mediatycoon zo happig was om alle Delon-flessen in zijn eigen kelder te krijgen, heeft uiteraard vooral te maken met statussymbolen. Naar verluidt hoopt hij nog altijd de Franse filmster ooit naar China te lokken, waarschijnlijk om daar met zijn persoonlijke gasten een aantal van deze flessen te kraken, tot meerdere eer en glorie van Dong Guo.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 3 december 2011 door Wijntijd Reacties | Reageren

Australië zit nog altijd in een (wijn)dip

IStock_000014819406XSmallHoe relatief de wijnbusiness is, en zeker een zogezegd veilige marktpositie, wordt de voorbije 12 à 15 maanden continu geïllustreerd door Australië.

Ooit het schijnbaar onaantastbare wonderkind van de internationale wijnhandel, dat zeker op het vlak van sales & marketing geen fouten leek te maken. Integendeel: de halve wijnwereld, met Frankrijk op kop, was stikjaloers op de manier waarop de Aussies wijn met ‘toegevoegde waarde’ aan de man/vrouw konden brengen, aan de lopende band succesvolle merklabels lanceerden en bovendien fruitgedreven producten afleverden die reeds zeer jong smakelijk konden gedronken worden.

Maar sindsdien heeft Australië op wijngebied toch de zeven plagen over zich heen gekregen (lees o.a. Wisselkoersen bevorderen bulkwijn deel 1 en deel 2 of Australië wil afslanken of Down Under: nog steeds down of Australië krijgt een nieuwe opdoffer).

En blijkbaar is het einde van deze ellende nog niet in zicht, maar zijn er werkelijk structurele verschuivingen en aanpassingen bezig van de lokale wijnindustrie.

Het einde van Riverina?

Uit het groeiende aanbod paniekberichten die down under worden gepubliceerd, pikken we er twee uit.

We starten in Riverina, zeg maar de wijnschuur tot nu toe van Australië. Leverancier vooral van (spot)goedkoop mengmateriaal en qua volume de belangrijkste wijn/druivenregio van het continent. Een tweetal oogsten geleden heerste er echter al paniek, toen bleek dat de Wine Grapes Marketing Board van Riverina (W.G.M.B.) wijnbouwers en druiventelers openlijk opriep om hun druiventrossen niet langer te plukken, maar ze beter te laten rotten op de grond, omdat de handling en zeker het transport ervan bedrijfseconomische hara kiri zou betekenen. Zo diep was de kiloprijs inmiddels gezakt.

Sinds dat doemadvies is er blijkbaar niet veel ten gunste veranderd, want wat lezen we nu? Het W.G.M.B. kwam met nieuwe statistieken en analyses op de proppen, die helemaal kippenvel brengen.

Zo bleek dat slechts 1 op de 10 druiventelers in Riverina op dit moment geloven dat ze over vijf jaar nog in business zullen zijn. U leest het goed: slechts 10 procent. En nog eens 40 procent bekende dat ze hun laatste oogst integraal verkochten beneden hun productieprijs, dus met andere woorden met verlies.

Catastrofaal met andere woorden, en dat bevestigt ook WGMB chief executive Brian Simpson: “We had anecdotal evidence the situation was very tough, but to give true credibility to our statements, we commissioned an independent survey of our growers” klinkt het. “There were few surprises in there - it really just reinforced what we knew - that it is very, very tough for growers.” Deze anonieme (telefonische) survey waarop Simpson doelt, peilde bij wijnbouwers en druiventelers naar topics zoals de leefbaarheid van hun exploitatie, hun jaarlijkse druivenopbrengsten of hun off-farm inkomen.

Zo bleek, verrassend, dat maar liefst 6 op de 10 respondenten ook een niet-wijnbouw gerelateerd inkomen hadden, waardoor ze tenminste konden overleven.  Conclusie? Als deze situatie zich nog een jaar of twee doorzet, is Riverina als druivenproducent ten dode opgeschreven.

Het spook van private labels

Oké, maar misschien reageert u nu: het gaat over een massaproducerende regio. Waarover maken we ons druk? Wat echter te denken van de recente alarmkreet door Darren De Bortoli, managing director van het ook in ons land bekende De Bortoli Wines, één van de grootste wijngroepen down under die nog in familiehanden is?

De Bortoli windt er namelijk geen doekjes om: hij stelt dat de voortdurende uitbreiding van zogeheten private labels in de (Australische) supermarktrekken, samen met de vrij sterke Australische dollarkoers plus een aanzwellend druivensurplus, de winstgevendheid van de lokale wijnsector stilaan ondermijnt. Volgens Darren De Bortoli palmen deze supermarktlabels met hun soms zeer zware kortingen immers steeds meer rekken in, ten nadele van de ‘gewone’ domeinlabels. Steeds meer producenten worden door de huidige slechte marktcontext en het wijnsurplus in hun regio in de praktijk ‘gedwongen’ om tegen sterk gereduceerde prijzen de supermarkten te bevoorraden met wijn, die geregeld in private labels verdwijnt. Dus eigenlijk een directe concurrent van hun eigen producten in de rayons wordt.

Een gevaarlijke spiraal, zo meent De Bortoli, want “...it's tough because of their approach to private labels and the fact there are other wine companies being very aggressive in that area - someone has to supply wine to private labels. In a lot of cases the quality of private label wines is a lot lower, but it will take a while for the consumer to cotton on to that.”

Belgische toestand anders?

Dat Darren De Bortoli precies nu met deze scherpe kritiek naar buiten komt, heeft een reden. Recent verklaarde CEO van het grootste Australische supermarktketen Woolworths nog dat het streefdoel is het aandeel van private labels (voor food en wijn ) te verdubbelen, zodat ze ongeveer eenderde van de totale verkoop zullen realiseren. Dat betekent dat de komende maanden nog veel wineries het moeilijk zullen krijgen om een plekje op de rekken te veroveren, want Woolworths verdeelt momenteel in Australië 6.130 ‘domestic wines’, waarvan slechts 225 private labels, dus nog geen 4 procent. Een enorm groeipotentieel kortom, ten koste van de traditionele domeinlabels.

In België zal de substitutie van traditionele wijnen door private-labelcuvées waarschijnlijk minder grote omvang aannemen, ook al zien we bij de Grote Drie van onze distributie toch ook een tendens naar eigen bottelingen en merken.

Met weliswaar deze randbemerking: het gaat dan bijna steeds om vrij goedkope entry-levelwijnen. Eens een bepaald prijskaartje wordt bereikt, worden merk -en domeinnamen wel weer belangrijker voor de consument.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 1 december 2011 door Wijntijd Reacties | Reageren

China is op wijngebied het Wilde Westen

IStock_000015268369XSmallParallel met de toegenomen ‘dorst’ naar Europese wijnen in China, stijgt ook de fraude. In die dossiers hebben we al geregeld gebladerd, maar er worden steeds maar nieuwe hoofdstukken aan toegevoegd (lees o.a. Lucratieve handel in lege flessen of Chinezen sjoemelen met Bordeaux 2009 of Kijk uit voor Lafite 1982 of www.Lafite.nep).

Naamdiefstal hoort zeker bij deze malafide praktijken, vooral rond de bekende en peperdure domeinen en grands crus classés uit Bordeaux. Maar nu blijkt dat het na-apen van dure châteaunamen zoals Lafite of Latour maar het tipje van een ijsberg is voor de Franse, lees Bordelaise, wijncommercie.

Appellation Graves Pomerol

Belangenorganisatie Conseil Interprofessionnel du Vin de Bordeaux (C.I.V.B.) luidt immers de alarmbel. Imitatienamen schaden inderdaad wel de individuele topdomeinen, maar er dreigt een nieuw, potentieel veel schadelijker, gevaar: in het Oosten, en meer bepaald in de Chinese markt, wordt steeds meer wijn onder fictieve Bordelaise appellaties gebotteld.

Het gaat hier dus niet langer meer om een al bij al nog beperkte vormfraude, maar om een veel grootschaliger inhoudelijk gesjoemel. Zo verklaarde Allan Sichel, bekende négociant in Bordeaux en een vooraanstaand lid van het C.I.V.B., onlangs in een interview “...het misbruik van de appellatienaam ‘Bordeaux’ is momenteel onze grootste kopzorg.”

Kernprobleem is inderdaad dat de Bordelaise handel in de huidige context weinig of geen wapens bezit om tegen deze ‘Bordeaux Made in China’ imitatiemaffia op te treden, aangezien deze appellatie nog altijd geen beschermde indication géographique protégée (I.G.P.) is op Chinees grondgebied.

Wanneer een westerse consument in een restaurant in Peking een ‘Gaves Pomerol’ of ‘Château Margot’ krijgt geserveerd, weet zelfs de grootste leek dat het label - en waarschijnlijk vooral de gebottelde inhoud - niet koosjer is, maar probleem is dat de tienduizenden nieuwe Chinese wijndrinkers deze kennis (nog) niet spontaan in huis hebben.

Voor wat, hoort wat

Eigenlijk is het toch bizar. Frankrijk, en met name de Bordeauxhandel, doet al jaren massaal business met de Chinese Volksrepubliek - in 2010 werden er officieel 42 miljoen flessen Bordeaux verkocht - , maar in de wetenschap dat sommige appellatienamen er nog niet eens beschermd zijn. Juridisch gebeurt de handel dus in een vacuüm, in tegenstelling met bijvoorbeeld Champagne of Cognac die wél van deze protectie genieten. Dat is voor Bordeaux toch de kat bij de melk zetten?

Dat risico bekent ook Georges Haushalter, de president van het C.I.V.B., publiekelijk: “Nu China onze nummer één exportmarkt is geworden, lanceren we een specifieke campagne bij de Chinese autoriteiten, want de bescherming van onze geografische appellaties voldoet helemaal niet” klonk zijn hard verdict.

Achter de schermen is ondertussen echter al flink gelobbyd en gewerkt. Zo tekende China dit voorjaar al wel een samenwerkingsakkoord met het C.I.V.B. en werden lokale afgevaardigden en inspecteurs op ‘wijnschool’ gestuurd om de nuances van de bordelaise appellaties onder de knie te krijgen. Bij deze trainees werd ook een ‘app’ (SmartBordeaux) op hun mobiele telefoons en tablets geïnstalleerd, in de hoop dat ze in de toekomst ‘onmogelijke labels’ zélf zouden opsporen en sanctioneren.

Vraag: is het too little too late? Want wat baten enkele tientallen of zelfs honderden ‘inspecteurs’, in een zo gigantisch land?

Vooral als we bedenken dat een solide tegenstrategie staat of valt met de erkenning van de geografische appellaties uit Bordeaux door de Chinese autoriteiten. En wat blijkt? Tijdens de onderhandelingen dit voorjaar eisten de gewiekste Chinezen ‘iets in ruil’ voor deze erkenning. Volgens sommige bronnen ging het om een onvoorstelbaar brute ruil: de Chinese autoriteiten zouden bepaalde Bordelaise appellaties namelijk stuk voor stuk officieel erkennen op voorwaarde dat evenveel Chinese herkomstbenamingen op hun beurt door Frankrijk werden erkend. Een nogal idioot voorstel als we bedenken dat China nu grosso modo een twintigtal appellaties bezit, maar Bordeaux een veelvoud hiervan.

Registratierace

Om in afwachting van een doorbraak toch deze fraudecarrousel af te remmen, adviseert het C.I.V.B. de Bordelaise domeinen om alvast het copyright van hun merk te registreren in China. Een kost tussen de $800 en $1.100 per merk/label, waarmee het tussen haakjes nog niet zeker is dat dan eenklaps alle imitaties efficiënt worden bestreden. Want momenteel zit deze merkregistratie meestal vastgelijmd aan een bepaalde lokale distributeur en wanneer het Bordelaise domein na verloop van tijd van Chinese handelspartner wil veranderen, blijft deze eerste distributeur toch eigenaar van het merk.

Of het daarbij om een châteaunaam gaat dat al een eeuw in handen is van een familie, heeft dan geen belang. Wie eerst het copyright registreert, kan langs de kassa passeren.

Frank Van der Auwera

Laatste reacties op onze blogs

Onze blogs

Meer