Home Markten Live Netto Sabato

Druivenvariëteiten

Geplaatst op 25 juni 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Wijnindustrie moet wakker worden

VriendenWijnOp de recent gehouden wijnvakbeurs ‘Vinexpo’ was één van de markante figuren de Spaanse wijnmaker Miguel Torres (75), die er zijn ‘Lifetime Achievement Award’ kwam ophalen.

Torres stapte in het (toen nog bescheiden) Catalaanse wijnbedrijf van zijn vader in 1962 en bouwde het geleidelijk om tot een heus wijnimperium dat wereldwijd verdeeld én gewaardeerd wordt.

Miguel was en is ook een innovator gebleven. Zo was hij het die de Cabernet Sauvignon introduceerde in de Penedès om de kwaliteit van de cru’s op te krikken en ook het gebruik van nieuwe barriques werd door hem gestimuleerd.

Seven Up!

Tijdens zijn aanvaardingsspeech sprak hij vooral over twee stokpaardjes: het feit dat we onze wijncultuur absoluut moeten verdedigen, én de strijd tegen de klimaatopwarming.

Wijn is immers een cultuurproduct dat we delen aan onze tafels met vrienden en dat het leven beter maakt, zo klonk het. Maar de aanvallen tegen wijnconsumptie worden steeds feller: “We moeten wijn verdedigen. Het probleem is echter dat er nu politici en artsen zijn die een echte anti-campagne voeren, zelfs tegen matig wijnverbruik.”

Tegelijk vindt hij dat de wijnindustrie grote sprongen heeft gemaakt. Zelfs nieuwe consumenten worden ‘beter’: “Zo herinner ik me dat jaren geleden in Chinezen mijn Mas La Plana gemixt met Seven Up dronken. Een praktijk die er nu gelukkig nagenoeg verdwenen is.”

Klimaat dé wijnuitdaging

Maar het leeuwendeel van zijn speech focuste op de opwarming van de aarde en de zware consequenties hiervan op de wijnmakerij: “Climate change is the biggest challenge for the whole of mankind and the survival of certain wine regions depends on their ability to adapt.”

Deze klimaatverandering betekent concreet o.a. dat wijnproducenten - via andere onderstokken, nieuwe druivenklonen, hoger gelegen koelere locaties en een aangepast management van het bladerdek - snel naar nieuwe middelen moeten zoeken om het rijpingsproces van de trossen te vertragen. Maar eveneens dat nieuwe gebieden ‘ideaal’ worden voor de wijnbouw, zoals Engeland.

De symptomen zijn nu reeds duidelijk volgens Torres. Hij wees o.a. op het fenomeen dat het tijdens de lunch 37°C was in Bordeaux, medio juni. “Niemand die ik hier sprak had dit ooit al ervaren” dixit Torres, die eraan toevoegde: “In de nu ruim halve eeuw dat ik actief ben in de wijnbouw heb ik nog nooit zo’n rampzalige late voorjaarsvorst meegemaakt in Spanje als degene waarmee we dit jaar geconfronteerd werden. We verloren er circa 20% van onze oogst door. In Chili, waar ik ook produceer, verloren we zelfs een volledige oogst door zware bosbranden. Maar ik ben er zeker van dat Moeder Natuur steeds meer van deze extremen zal laten zien. (…) Het op alle mogelijke manieren reduceren van onze CO2-uitstoot wordt dé challenge, ook voor wijnbouwers, zelfs al maken we nu over de gehele wereld kwalitatievere wijnen dan vroeger.”

Zo experimenteert Torres momenteel met een systeem om reeds tijdens het gistingsproces de CO2 op te vangen, zodat het niet in de atmosfeer terechtkomt.

Zijn conclusie: “Duurzaam werken zal ons geen fles wijn meer laten verkopen, maar we zijn het verplicht aan onze planeet.”

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 12 juni 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Baas in eigen wijngaard

WijngaardWelke wijnliefhebber droomt er soms niet van om een handvol hectare wijngaard in La Douce France te exploiteren? Doof voor de ‘harde’ argumenten van zij die deze stap reeds maakten, want naast rozengeur & maneschijn ook het financiële en praktische plaatje kennen.

Maar stel dat u toch absoluut deze wijndroom wil realiseren: hoe groot moet dan actueel uw spaarpotje zijn?

Uit recente cijfers (referentiejaar 2016) blijkt dat het gemiddelde prijskaartje voor een AOP-perceel redelijk stabiel is gebleven (+0,1% t.o.v. 2015), maar wel een ferme 140.600 euro per hectare bedraagt over alle appellaties heen. AOP staat tussen haakjes voor ‘Appellation d'Origine Protégée’ en is het officiële kwaliteitslabel voor appellaties in Frankrijk voor wijn.

Bubbels dalen

Wel verrassend: de wijngaarden in Champagne werden het voorbije jaar iets goedkoper, want elders stegen de prijzen wél met gemiddeld +3,8%. Champagne registreert immers een terugval met -2,6%, of concreet een daling met circa 30.000 euro/hectare.

Een daling die ook te verwachten was, want tussen 1993 en 2015 verviervoudigde de prijs per hectare in dit bubbelkoninkrijk. Als dan de thuismarkt of het Verenigd Koninkrijk tijdelijk wat minder champagne invoeren of consumeren, reflecteert zich dat onmiddellijk in de prijskaartjes voor de percelen in deze regio.

Maar alvorens u victorie kraait en uw bankdirecteur een mail stuurt “Direct kopen!”, moet u wel weten dat vorig jaar één hectare in het kernland van Champagne opliep tot 1.113.500 euro per hectare.

De zon lokt

In sommige regio’s wordt deze prijszetting ook sterk beïnvloed door de (gesubsidieerde) rooicampagnes. Zo verdwenen er in de Languedoc-Roussillon tussen 2009 en 2016 dik 40.000 hectare wijngaard. Gevolg: de prijs voor de resterende percelen steeg er gemiddeld met +18% in die periode.

Uiteraard betekenen deze globale cijfers niet dat er nergens koopjes te doen zijn.

Wie immers niet valt voor een AOP-wijngaard, dus een geografisch minder hoog aangeschreven herkomstbenaming accepteert, moet beduidend minder diep in zijn/haar portefeuille tasten: daar ligt het gemiddelde voor één hectare rond de 13.400 euro, wat toch neerkomt op een stijging met +2,2%.

Vaak gaat het daarbij om percelen in Zuid-Frankrijk, dus wie een excuus zoekt om geregeld de zon op te zoeken…

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 28 mei 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Wijnpatriotisme in de Languedoc-Roussillon

Belgen hebben een liefdesrelatie met de Languedoc-Roussillon, echt wel het Franse epicentrum waar op wijngebied veel gebeurt.

Maar de kracht van deze regio - zijn diversiteit qua subappellaties, wijnstijlen, druiven en terroirs - vormt meteen ook het knelpunt. De versnippering van appellaties blijkt vaak verwarrend voor de eindconsument.

Zeker in het bos van IGP’s (Indication Géograpihque Protégée, kortweg IGP, de beschermde geografische aanduiding) lopen velen verloren. Bovendien is er de Spaanse concurrentie - vaak zonder geografische aanduiding - die veel van deze producenten het vuur aan de schenen legt., vooral dan in de Franse grootdistributie. En aangezien dit serieuze commerciële consequenties heeft, proberen sommige IGP’s te fuseren om met vereende krachten de strijd tegen o.a. deze Spaanse flesseninvasie aan te gaan.

Samen onder één dak

Zo ontstond recent de IGP ‘Terres du Midi’, een fusie tussen vier IGP’s uit de Languedoc-Roussillon. In casu: drie departementele IGP’s uit de Hérault, Gard en l’Aude, plus de regionale IGP Côtes Catalanes. Samen theoretisch goed voor jaarlijks circa 1,5 miljoen hectoliter.

Na een dikke twee jaar onderhandeling tussen alle betrokkenen, werd medio mei echter ook een overkoepelend syndicaat voor ‘Terre du Midi’ opgericht.

Dat syndicaat zal voortaan de belangen behartigen van wat een familie zeer betaalbare regionale assemblage- en instapwijnen uit de Languedoc-Roussillon moet worden, kwalitatief onder de beter aangeschreven IGP Pays d’Oc. Dat kunnen we o.a. afleiden uit het lastencahier: waar voor een Pays D’Oc de maximumopbrengst op 90 hl/ha geplafonneerd is, mag ‘Terre du Midi’ straks tot een toch zeer hoog rendement van 120 hl/ha klimmen.

De exacte modaliteiten worden nu nog uitgewerkt, maar waarschijnlijk zullen de deelnemende domeinen en coops wel hun druivenrassen vermelden op het etiket en eventueel zelfs hun origine nog iets verder verduidelijken, bijvoorbeeld als Terres du Midi-Aude, Terre du Midi-Gard et cetera.

We zullen er in de Belgische rekken echter nog niet direct iets van merken, want het is de bedoeling dat ‘Terre Du Midi’ pas met de oogst 2017 op het label verschijnt.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 23 mei 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Wijnvandalisme à la Flamande

UrbainVandeurzenGeregeld berichten we in deze kolommen over de wijnterreur van het CAV of CRAV, Le Comité (Régional) d'Action Viticole. Een clandestien opererende groep militante wijnbouwers, vooral actief in de Languedoc-Roussillon, die gewelddadige acties opzetten bij bottelarijen, wijnimporteurs of gebouwen van het Ministerie van Landbouw.

Nooit echter gedacht dat ik ook over wijnvandalisme op Belgische bodem zou moeten schrijven.

Want een tijdje terug bleek dat in Linden, deelgemeente van Lubbeek in Vlaams-Brabant, vandalen 454 druivenstokken hebben vernield in de pas aangelegde wijngaard van entrepreneur Urbain Vandeurzen en zijn VF Wineries. De chardonnaystokken werden bijna allemaal afgeknipt onder de ent en zijn dus onbruikbaar. Niet alleen de directe financiële schade is aanzienlijk – naar schatting 78.000 euro -, maar meteen is ook het werk van de voorbije drie jaar aan de 11 hectare tellende wijngaard – de 2de grootste in Vlaanderen – letterlijk verknoeid.

Futuristisme contra conservatisme

Dat onbekenden tot zo’n drastische daad overgaan, heeft te maken met het toenemende protest tegen de bouwplannen van Vandeurzen.

Die wil namelijk op de flanken van de ronde Bos en Bleekbos, langs de Kasteeldreef, een futuristisch multifunctioneel wijncentrum bouwen. Deze bekende ondernemer – van o.a. Salk, van Gimv en het softwarebedrijf LMS – kocht in 2013 immers het wit Kasteel te Linden.

Hij liet er een wijngaard planten, wat door de lokale bevolking en natuurgroepen trouwens vlot werd geaccepteerd. Maar toen de bouwaanvraag voor het wijncentrum op tafel van het gemeentebestuur belandde, groeide het protest exponentieel. Het centrum moest immers een futuristisch ogende hal van 1.500 vierkante meter worden, 12 meter hoog met een gebogen dak van 57 op 25 meter, waarin o.a. een wijnbar voor proeverijen en opslagruimte. Het regende meteen ruim 650 bezwaarschriften.

Een eerste vergunning werd daarom geweigerd en de bouwplannen aangepast, o.a. door de constructie met een tiental meters in lengte in te korten. Maar deze ingreep mocht niet baten, want tegenstanders vonden het een ‘vlek’ in de natuurlijke omgeving en vreesden toenemende verkeershinder.

Eerste in de rij?

Sindsdien gingen de protesten crescendo: er werd graffiti aangebracht en er kwamen zelfs bedreigingen, met als triest orgelpunt de recente vernieling.

Los van wie achter dit vandalisme zit – alle actiegroepen ontkennen met klem–, zullen we m.i. de komende jaren dit soort botsingen nog meer meemaken in ons Belgische, zeker Vlaamse, wijnlandschap.

Want het is nu eenmaal een feit dat de beste terroirs precies liggen in of rond groene zones en/of op hellingen, die door de lokale bevolking als ‘hun’ (voor)recht wordt beschouwd.

Veel ruimte voor expansie heeft onze boomende wijnindustrie – jaarlijks worden er tientallen hectare extra aangelegd - echter niet. En wie een wijngaard aanvaardt, moet ook beseffen dat deze inplanting eveneens productie-, opslag- en proeffaciliteiten met zich meebrengt én wijntoeristen, i.p.v. alleen maar idyllische rijen druivelaars.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 6 mei 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

60.000 tot 120.000 euro voor 1 hectare Etna

Shutterstock_508720339Dat de Siciliaanse wijnbouw momenteel boomt, is een feit. Gedaan met alleen maar rode alcoholbommen of zware bianco’s: fraîcheur en moderner fruit zijn nu eerder de teneur, dan uitzondering.

Een unieke positie in dit wijnlandschap nemen de wijnen van de subappellatie ‘Etna’ in. Lichter qua kleurspiegel en eleganter qua fruitfactor, uiteraard door hun locatie voorzien van een mineraliteit die soms uitmuntend blijkt.

Maar wat ik me daarbij wel afvraag: staan nu soms alle flanken van deze vulkaan reeds van a tot z beplant met druiven, bijna tot aan de krater? Want geen week gaat voorbij of er wordt wel een nieuw label, een extra cuvée of zelfs een gloednieuwe wijngaard gelanceerd.

Het Gaja-effect

Dat de Etna voor wijnmakers, letterlijk en figuurlijk, ‘hot’ is, bewijst de komst van Angelo Gaja, de man die vooral Barbaresco op de wereldkaart zette. Gaja heeft nu, in een fiftyfifty partnership met Alberto Graci – één van de Etna-wijniconen –, een wijngaard van 21 hectare gekocht op de zuidzijde van de Etna, in de gemeente Biancavilla. Reeds 15 hectare daarvan staan beplant met Nerello Mascalese-druiven.

Het voorlopig nog naamloze project werd alvast op Sicilië warm onthaald. Daar is men er immers rotsvast van overtuigd dat door de komst van de legendarische Gaja en zijn renommee, ook de reputatie van Etna-wijnen – én de prijskaartjes voor druiven én cuvées – de hoogte zullen ingaan. En dat nieuwe investeerders gelokt zullen worden.

Dat Gaja op deze zuidwestelijke flank investeert is logisch, want de noordflank is reeds totaal uitverkocht. Bovendien is het zuidwesten ook historisch altijd van belang geweest voor de druivencultuur, omdat de trossen daar blijkbaar makkelijker rijpen.

Niet dat een wijngaard in deze locatie momenteel een koopje blijkt. Eén hectare kost er circa 60.000 euro, wat wel de helft is van dezelfde oppervlakte in het noorden (ca. 120.000 euro), maar toch nog steeds een fors bedrag voor een vulkaancuvée.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 28 april 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Smurfwijn focust nu op Uncle Sam

Eerst was blauwe wijn voor velen een 'sensatie', vervolgens zeker een hype, maar naarmate steeds meer critici dit smurfenwijntype kapot schreven en zelfs ook wetgevers – zoals in Spanje – blauwe cuvées verboden om zich nog langer als 'wijn' te presenteren, doofde het succes ervan in Europa uit.

Nadat de firma de Europese kritiek probeerde te pareren en juridisch opgesmukt terug op de markt kwam, leek de lucht al uit deze hype gestroomd.

Test het maar eens uit in onze Belgische horeca: nergens zal er een blauwe wijn op de kaart staan, zelfs niet in trendy bars. Want ook al houdt de producent bij hoog en laag vast aan het 'natuurlijke en organische' karakter van deze cuvée, blijft het toch een feit dat de kleur niet exclusief van de druivenpel komt, maar door toevoeging van een plant-gebaseerd ingrediënt, en dat de wijn zelf een mix is van rood en wit.

Heiligschennis in zuivere wijntermen.

Einde verhaal?

Maar Gik, het van origine Spaanse moederbedrijf dat - laten we dit niet vergeten! - deze blauwe wijn toch met het nodige succes in 25 landen lanceerde, richt nu de pijlen op een misschien inderdaad veel lucratievere markt dan de Europese unie, namelijk: de Verenigde Staten.

De laatste dagen kunnen Amerikanen – ik zie de enthousiaste beau monde van Los Angeles, NYC en San Francisco al in de rijt staan voor deze laatste trend – immers inloggen op de site https://bluewine.us/ om pre-orders te plaatsen voor de Turquoise wijn.

Zij zullen daar $16 per individuele fles, of $124 per karton, moeten neertellen. Alhoewel er nu ook volop reclame gemaakt wordt voor een set van 3 flessen tegen $36, inclusief free shipping.

Ik heb geen kristallen bol, maar ik voorspel dat na een enorme hype die in de VS 1 à 2 jaar duurt, we daarna niets meer zullen horen van deze vloeibare 'smurf'. Eenvoudigweg omdat de (Amerikaanse) nieuwlichters dan weer in de ban zijn van the next big thing, terwijl de echte wijnliefhebber dit soort producten liever niet in zijn/haar glas ontmoet wegens niet authentiek genoeg.

Het was 'mooi' zolang het duurde.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 10 februari 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Organisch van A tot Z

CavaKurkMisschien is het u ontgaan, zelfs als u tot de meest fanatieke believers van de biologische wijnkerk behoort, maar Europa - en meer bepaald Spanje - bezit wel een primeur: de eerste 100% pure organische appellatie.

Eventjes nadenken waar en wie? Het is namelijk een schisma in de cava-productie die tot dit resultaat leidde, in casu de Calataanse DO Clàssic Penedès.

Weg van de massaproductie

In 2014 braken immers een aantal producenten uit de cava-koepel, gestimuleerd door de lokale eco-paus Albet i Noya, omdat ze zich niet langer konden vereenzelvigen met de soms belabberde kwaliteit van deze populaire Spaanse bubbels. Want door het enorme exportsucces werd de spoeling ook steeds dunner en dunner, zodat er – zelfs op onze Belgische markt – cava's in de rekken belandden waarvan de basisfactuur (vinificatie, fles, botteling, etikettering, dus de blote aankoopprijs) inferieur werden aan alle bijkomende kosten (transport, winstmarge, accijnzen, eco-kosten,…). De inhoud werd soms ondergeschikt aan de uitmonstering en het imago. Dus kwamen steeds meer producenten in het geweer tegen deze nivellering richting bas de gamme.

De nieuwe subappellatie Clàssic Penedès bleek evenwel toch meer dan een stelletje dwarsliggers of dikkenekken-bodega's. Zo was één van de belangrijkste condities om tot deze nieuwe club toe te treden de vereiste om gecertificeerd organische wijn te produceren. Zonder deze certificatie en een kelderrijping van minimaal 15 maanden kunnen de (aspirant)leden immers nooit het label van de DO Clàssic Penedès dragen.

Met andere woorden: dit is de eerste unisono appellatie op Europese bodem, zij het dat het natuurlijk om een voorlopig nog klein clubje draait. Want momenteel zijn er slechts 15 bodega’s die de DO belichamen. Bodega's waarvan een aantal ook bij ons vlot te koop zijn: Albet i Noya, Bonans, Castell de Pujades, Celler Can Morral del Moli, Celler Grapissó, Celler Puig Romeu, Cellers AT Roca, Clos Lentiscus, Colet, Loxarel, Mas Bertran, Mas Comtal, Mas dels Clavers Can Gallego, Miquel Jané en Torre del Veguer.

Loont het?

Dubbele hamvraag blijft.

Eén: wanneer krijgen deze 15 pioniers eindelijk meer sympathisanten die ook hun buik vol hebben van de platvloerse en banale cava's, zodat deze DO geen (weliswaar boeiend) randfenomeen blijft in de cava-commercie?

En twee: valt deze organische origine en druivencultuur ook effectief te proeven in het glas? Met andere woorden, is de toegevoegde waarde - en de soms hogere prijsvork - van deze certificatie in een ‘mousseproces’ essentieel? Ik denk dat we de komende weken en maanden dringend een aantal vergelijkende degustaties moeten organiseren om hierop een antwoord te vinden.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 22 januari 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Blauwe wijn loopt blauwtje op

Vorig jaar was het een hype: plots lag er ‘blauwe’ wijn in de Europese rekken.

Product dat meteen de drinkende gemeenschap in twee kampen verdeelde. Het (overgrote) deel bestond uit tegenstanders, producenten én liefhebbers die dit nieuwe wijntype als een pure marketinggimmick en een kunstmatige creatie beschouwden. Een hipster-drankje kortom. Maar de voorstanders vonden het integendeel een leuke, trendy nieuwe drank die volgens hen wel natuurlijk was en bovendien eindelijk enige afwisseling bracht in het klassieke kleurschema wit-rood-rosé.

Wat er ook van zij: in Spanje kan men er niet mee lachen.

Bastaardwijn

Alhoewel het een team van jonge Spanjaarden was dat vorige zomer onder het Gik-label de eerste blauwe wijn lanceerde en meteen ruim 100.000 flessen in 25 afzetmarkten verkocht, krijgen zij nu een njet van de Spaanse wetgever.

Na een anonieme klacht en duidelijke afkeer van de traditionele wijnlobby, kregen de makers immers inspecteurs over de vloer. En het verdict dat recent viel is hard: blauwe wijn mag voortaan niet langer als ‘wijn’ gelabeld en verkocht worden, zo klinkt het nu officieel. Een blauwe wijn als Gik hoort in Spanje nu thuis in de vage categorie ‘andere alcoholische dranken’.

Uiteraard een dikke streep door de rekening van de entrepreneurs achter ‘Gik’. En al hun imitatoren die overal mee op de blauwe trein sprongen. Zij vinden deze beslissing namelijk absurd, omdat hun product voor 100% van een selectie Spaanse druivenvariëteiten wordt gemaakt en zijn blauwe kleur slechts krijgt na toevoeging van een natuurlijk pigment dat uit de druivenpel wordt geëxtraheerd.

Wat hun dossier natuurlijk zwakker maakt is dat er ook indigo wordt toegevoegd, een in se natuurlijke kleurstof afkomstig van de Wede-plant, die echter al lang ook artificieel wordt vervaardigd. Dat wijkt toch al af van klassieke vinificatieprocessen.

Bovendien maakten de Gik-teamleden bij de lancering van hun blauwe wijn ook strategische PR-fouten. Zo gaven ze in interviews toe dat niemand van hun team écht expertise had op gebied van wijnmaken en dat voor hen de kleur er eigenlijk niet toe deed. Hun reclamecampagne draaide verder helemaal rond het ‘breken van de wijnregels’, het ‘heruitvinden van tradities’ of het ‘drinken van innovaties’. Niet meteen een taalgebruik waarmee je de traditionele wijnbusiness- of drinkers charmeert.

Slag in het water?

Maar nu kreeg blauwe wijn dus rood licht in Spanje. Voorlopig zijn deze blauwe revolutionairen echter nog niet zinnens zich neer te leggen bij deze officiële beslissing. Op Change.org lanceerden ze daarom een actie en petitie om zoveel mogelijk steun te verzamelen. In hun motivatie wordt het voorgesteld of zij de strijd aanbinden tegen de 'oubolligen' en 'conservatieven' die blauwe wijn als blasfemie beschouwen.

Wat ook de uitkomst wordt: heeft deze actie nog wel zin? Want waar enkele maanden geleden blauwe wijn nog een hot topic was in veel populaire media, lijkt de hype serieus afgekoeld.

Misschien is de houdbaarheidsdatum van blauwe wijn ondertussen reeds overschreden…

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 11 december 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Languedoc lijdt aan waterstress

Veel wijnmakers uit het Franse Zuiden – en meer specifiek de Languedoc - die ik de voorbije maanden sprak, haalden het reeds spontaan aan: hun wijngaarden worden tijdens de groeicyclus steeds vaker geconfronteerd met waterschaarste. Steeds langere periodes van droogte worden namelijk afgewisseld met dan plots hevige wolkbreuken, waar soms hoeveelheden neerslag van een hele maand in amper 24 uur vallen.

Door deze klimaatgrillen en oprukkende droogteperiodes ligt een oud dossier weer boven op tafel, zoals onlangs nog tijdens het technische wijnsalon Dionysud: irrigatie.

Want in de Languedoc-Roussillon, de regio die vaak te kampen heeft met deze waterschaarste, is op dit moment nauwelijks 10% (24.000 hectare) van de in totaal 240.000 hectare wijngaard uitgerust met een irrigatiesysteem. Volgens de Kamer van Landbouw van het departement Hérault wordt die situatie stilaan onhoudbaar, want de wijngaarden in de Languedoc hebben de voorbije jaren quasi elke recente oogst met waterstress af te rekenen. Diverse studies zijn dan ook lopende, onder meer om dé cruciale vraag te beantwoorden: waar moet uiteindelijk al dat water vandaan komen als iedereen zijn percelen wil irrigeren?

Actueel zijn de spelregels voor irrigatie streng, maar met toch reeds enkele achterpoortjes. Irrigatie is verboden voor alle wijnen tussen 15 augustus en de eigenlijke pluk. Maar voor midden-augsustus hangt alles af van de status van de wijngaard. Wijnen met een IGP en ‘Vin de France’ mogen immers probleemloos tot midden-augustus irrigeren, terwijl de (theoretisch) hoger gequoteerde AOP-kwaliteitswijnen er reeds op 1 mei moeten mee ophouden. Tenzij er zo’n catastrofe dreigt door een uiteonderlijke hete zomer, want er kan ook een uitzonderingsaanvraag worden ingediend die deze irrigatieperiode verlengt.

Gevolgen voor de consument

Wat die waterstress voor de eindconsument betekent? Meestal loopt dit fenomeen, zoals deze oogst in Frankrijk het geval is, samen met een serieus verminderd productievolume, maar toch een mooie kwaliteit en fruitconcentratie. Op voorwaarde natuurlijk dat er bekwame wijnmakers aan de slag zijn die hun druivenmateriaal wekenlang goed in het vizier houden en achteraf streng triëren.

Maar het resultaat in de rekken, zeker als meerdere opeenvolgende oogsten aan waterschaarste dus volumeverlies lijden, zal duidelijk zijn bij onze factuur. Prijsstijgingen zijn dan haast onvermijdelijk.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 25 november 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Tokaj schrapt traditie

TokajiElke nationale wijnindustrie heeft commercieel minstens één ‘trekpaard’ nodig: een appellatie, liefst met een lange geschiedenis en renommee, die de interesse van de consument kan prikkelen. Zelfs zonder dat de meeste wijnliefhebbers er flessen van in hun kelder stockeren.

Dat geldt zeker voor wijnlanden die niet meteen tot het kransje van de ‘Untouchables’ (Frankrijk, Italië, Spanje,…) worden gerekend, zoals Hongarije. Iedere amateur zal het erover eens zijn dat er veel potentieel in dit wijnland schuilt, maar de kennis van domeinen, druivenrassen en stijlen blijft uiterst beperkt bij het grote(re) publiek.

Eén ding heeft echter altijd tot de verbeelding gesproken, ook bij consumenten die er nog nooit één druppel van dronken: de regio Tokaj, heimat van één van de oudste wijntypes ter wereld de Tokaji Aszú, een zoete wijn gemaakt van door edele schimmel aangetaste (en ingedroogde, dus verkrente) druiven.

Populair aan het hof

Deze exclusieve dessertwijn werd inderdaad eeuwenlang in verband gebracht met blauw bloed en vorstenhuizen, aangezien hij in die kringen razend populair was.

Zo zond Keizer Frans Jozef van Hongarije naar verluidt de Britse koningin Victoria steevast op haar verjaardag een partij Tokaji, namelijk voor ieder nieuw jaar een extra dozijn. Met als resultaat, zo blijkt uit de annalen, dat er voor haar 81ste verjaardag in mei 1900 maar liefst 972 flessen Tokaj richting London werden verscheept.

Maar ook de Russische Catharine de Grote was dol op de Tokaji, zelfs in die mate dat zij haar voorraad permanent liet bewaken door gewapende militairen.

Een reputatie die onder het communistische bewind echter serieus beschadigd werd - want er werd toen gesjoemeld met de kwaliteit en spelregels - , maar sedert de val van de Berlijnse Muur is dit wijntype aan een commerciële remonte bezig, o.a. dankzij de instroom van buitenlandse investeerders en knowhow.

Puttonyos in de ban

Tot voor kort kende de Tokaji Aszú een strakke rangorde (waarbij we eventjes de Eszenzia buiten beschouwing laten). Het suikergehalte, dus de zoetheidsgraad en concentratie van de wijn, werd op het etiket vermeld in het aantal "puttonyos", oplopend van 2 tot 6.

Een puttony is een mand die de plukker op zijn rug draagt en waarin de door botrytis (edele schimmel) aangetaste druiven zorgvuldig worden verzameld. Hoe meer van deze puttonyos tijdens de vinificatie aan de most worden toegevoegd, hoe zoeter en geconcentreerder de cuvée smaakt. En hoe duurder ook de fles in de winkel, want op papier ook langlevender.

Maar ook in de Tokaj-regio waait nu een nieuwe wind en heeft men besloten om deze oude classificatie radicaal te schrappen. De vermelding puttonyos verdwijnt dus van de etiketten.

Voortaan is de zoetste Tokaji de categorie ‘Eszencia’, buitenbeentje dat minimaal 450 gram (!) restsuiker per liter moet bevatten en een alcoholgehalte tussen de 1,2% (!) en 8% kan bevatten. Daaronder volgt de grootste groep, die simpelweg ‘Aszú’ wordt gedoopt, met zeker 120 gram residuele suikers per liter en minimaal 9% alcohol. Al de andere, speciale subsoorten zoals ‘szamorodni’, ‘fordítás’ of ‘máslás blijven in droge en zoete versie bestaan, waarbij de dessertversies minimaal 45 gram/liter restsuikers moeten dragen.

Of deze zogeheten simplificatie het nu makkelijker maakt voor de eindconsument betwijfelen we echter, want straks belanden er ‘Aszú’ - wijnen op onze markt die inhoudelijk enorm kunnen verschillen qua suiker- en alcoholpercentage. Zonder dat de koper dit kan aflezen van het label.

Het wordt voortaan dus veel gissen of googelen voor de liefhebbers.

Frank Van der Auwera

Onze blogs

Meer