Home Markten Live Netto Sabato

Gezondheid

Geplaatst op 17 maart 2018 door Wijntijd Reacties | Reageren

Op het label of via een link

QrcodeAl jaren duurt het getouwtrek tussen de wijnorganisaties/belangenbehartigers en de Europese Unie over meer accurate voedingsinformatie op wijnflessen

Europa eist namelijk al langer voor alle alcoholische dranken dat bijvoorbeeld de calorieën per glas of per eenheid duidelijk op het (rug)label worden vermeld, om zo de consument te waarschuwen dat hij/zij over de schreef dreigt te gaan. Net zoals het trouwens reeds gebruikelijk is in veel productielanden uit de zogeheten Nieuwe Wereld, of vrijwillige initiatieven bij bepaalde grote ketens en drankengroepen (zoals Treasury Wine Estates, Diageo of Pernod Ricard).

Omdat vanuit de sector niet meteen een snelle oplossing kwam, verhoogde de Europese Commissie in maart 2017 de druk door de stellen dat alle alcoholische dranken precies 1 jaar de tijd hadden om zo’n etikettenregeling uit te werken. Anders zou de E.U. zonder inspraak zo’n regeling opleggen.

Logische keuze

Deadline die dus deze maand afliep, waardoor al maandenlang vertegenwoordigers van het CEEV (Comité Européen des Entreprises Vins) zich over dit dossier bogen. Het CEEV is de Europese koepelorganisatie van de wijnindustrie- en handel waarin 23 nationale wijnorganisaties uit de E.U., individuele wijnbedrijven en ook vertegenwoordigers van Zwitserland en de Oekraïne zetelen.

Enkele dagen geleden kwamen ze met hun ‘oplossing’: alle Europese wijnproducenten zullen voortaan extra informatie over de voedingswaarde en ingrediënten beschikbaar maken voor de consumenten. Waaronder dus ook het aantal calorieën per portie, uitgedrukt met het symbool ‘E’ van ‘energy’.

Wie tussen de lijnen kan lezen, begrijpt meteen dat de formulering “info beschikbaar maken voor de consument” een zekere speelruimte laat. Bedoeling is immers dat de informatie niet per se on-label wordt afgedrukt, maar ook off-label wordt verzameld, dus bijvoorbeeld via een QR-code en links naar een website. Het staat wijnproducenten dus vrij om voor een van beide formules te kiezen.

En op die dubbele mogelijkheid kwam reeds kritiek, omdat bij een off-label link de consument nog altijd actief op zoek moet naar de informatie.

Maar dit lijkt toch een zinvol compromis?

Primo: het wijnetiket bevat immers een beperkte papieren ruimte om alle reeds verplichte waarschuwingen (sulfiet, zwangerschap, alcohol en autorijden,...) af te drukken, en mag toch niet op een medische bijsluiter beginnen lijken.

En secundo: voor wie écht begaan is met haar/zijn gewicht of gezondheid, vraagt het toch maar een kleine inspanning om deze informatie surfend te consulteren, in een tijdperk waar vrijwel iedereen met een smartphone geconnecteerd is? Informatie die bovendien veel gedetailleerder kan weergegeven worden via zo’n internetlink dan op dat klassieke label.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 26 februari 2018 door Wijntijd Reacties | Reageren

Steeds meer wijnboeren proberen bio

HandDruivenLos van de discussie over ‘betere’ kwaliteit, kunnen we niet naast de statistieken kijken: de biologische wijncultuur wint aan populariteit in Frankrijk.

Vorig jaar bijvoorbeeld begonnen er 649 Franse wijnbouwers met een conversieproces richting bio, tegen 467 in 2016. Deze nieuwkomers werkten vooral in Occitanië, Nouvelle-Aquitaine, Provence-Alpes Côte d’Azur en wat Le Grand Est wordt genoemd.

Concreet betekent dit dat er einde 2017 officieel 5.074 wijnbouwers deze productiemethodes volgden, of nastreefden. Omgerekend betekent dit +14,5% méér dan in 2016.

Drie landen goed voor driekwart

Tijdens de recente wijnbeurs Millésime Bio werden er ook andere cijfers gelost die deze bio-trend bevestigen.

Zo verdrievoudigde de oppervlakte biologisch bewerkt wijngaard in Frankrijk in amper tien jaar tijd, om eind 2016 af te tikken op ruim 70.740 hectare wijngaard. Qua volume geproduceerde wijn waren deze biologische cuvées in 2016 reeds goed voor 1,82 miljoen hectoliter die op de Franse markt werden gezet.

En blijkbaar volgen de consumenten ook deze trend, want in datzelfde referentiejaar kochten de Fransen voor 792 miljoen euro biowijnen. Vooral de groeisnelheid is enorm: in de voorbije twaalf jaar, gerekend tot eind 2016, verviervoudigde de Franse bio-wijnmarkt in waarde.

Toch een nuance: wie denkt dat deze biologische wijnbouw een Europese, of zelfs globale, beweging is die in alle productielanden even populair blijkt, zal merken dat ook op dat vlak sprake is van concentratie. Gebaseerd op de cijfers uit 2016 blijkt immers dat driekwart van de bio-wijngaarden wereldwijd een kwestie zijn van de drie gratiën: Spanje, Italië en Frankrijk.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 11 februari 2018 door Wijntijd Reacties | Reageren

Alcoholvrij of Alcoholarmer?

Ook al is deze editie het enthousiasme voor de alcoholvrije maand Tour Minérale met tienduizenden deelnemers gedaald, toch blijft het natuurlijk een fenomeen. Alleen al in de Belgische grootdistributie verdrievoudigde het volume aan alternatieven op één jaar tijd.

Dat het niet exclusief een Belgisch, maar vooral ook internationaal fenomeen betreft, blijkt uit het feit dat bekende wijnhuizen (waaronder Torres, Codorníu, Ackerman,..) ook recent hun alcoholvrije alternatieven lanceerden. Met stijgend succes.

Toch zijn we ervan overtuigd dat er waarschijnlijk een groter marktsegment wacht voor de lage-alcoholwijnen, cuvées van pakweg 8,5 à 10%. Het eindproduct van dit gamma leunt immers nauwer aan bij wat de gemiddelde wijndrinker percipieert als ‘wijn’, zeker als het om rode cuvées gaat die het nog altijd lastiger hebben in hun zero-procentgedaante. Bovendien bewijzen Duitse wijnmakers al jaren dat ze schitterende cru’s kunnen bottelen die vaak tussen de 9 à 11% alcoholvolume zweven.

Technisch is het verlagen van alcohol geen simpel proces, met draaiende kegelkolommen (onder vacuüm bij lage temperatuur) of omgekeerde osmose, waarbij een deel van de aanwezige alcohol wordt verwijderd. De fermentatie vroegtijdig stoppen – de gistcellen zetten de suikers immers om in (hogere) alcohol – is geen optie, want dan zit men opgezadeld met eindproducten die nog veel restsuikers bevatten, dus per definitie (half)zoet smaken.

Natuur contra alcohol

Dat deze niche echter lucratief kan worden, blijkt ook uit de plannen in Nieuw-Zeeland om dé marktleider te worden inzake ‘low-alcohol wines’. Daar komt nu volop het ‘Lighter Wines’-luik van het in 2014 opgestarte Primary Growth Partnership-programma onder stoom. Een partnership tussen Nieuw-Zeelandse wijnbouwers met co-financiering van het Ministry for Primary Industries.

Het is tot op heden het grootste R&D-initiatief dat ooit door de Nieuw-Zeelandse wijnindustrie werd genomen met de ambitie om van het land dé marktleider inzake lage-alcohol en lage-caloriewijnen te maken. Daarbij wordt lichte wijn gedefinieerd als alle cuvées met minder dan 10% alcohol per volume.

In de spaarpot van dit zevenjarenprogramma zit immers $16 miljoen. Geld dat niet alleen besteed wordt voor de ontwikkeling van lage-alcoholwijnen, maar ook onderzoek steunt inzake nieuwe duurzame technieken en natuurlijke gistculturen. De Nieuw-Zeelanders maken er echter geen wollig verhaal van, want de ambitie van dit megaproject is duidelijk marktgedreven, namelijk hun wijnexport aanzwengelen.

Innovatief op vinificatievlak is dat er in de Nieuw-Zeelandse filosofie géén de-alcoholisering aan te pas komt om zo het totale alcoholpercentage in de wijn te reduceren. Het onderzoeksproject focust integendeel op natuurlijke methodes om dit resultaat te bekomen.

Daarmee wordt bedoeld: nieuwe technieken toegepast in de wijngaard of de selectie van andere gistculturen die rijpe druiven met veel lagere suikerconcentraties opleveren. De eerste resultaten zijn er al, want ‘down under’ zijn Sauvignon Blancs met 10% alcohol reeds behoorlijk populair.

Straks ook massaal in onze rekken?

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 21 januari 2018 door Wijntijd Reacties | Reageren

De kopzorgen van Franse wijnmakers

BourgogneSoms loont het om naar het programma te kijken van een geplande conferentie, om meteen te beseffen wat de ‘hot issues’ zijn in een specifieke markt of professie. En dat geldt zeker voor de wijnsector

Zo organiseert het B.I.V.B., het Bureau Interprofessionnel des Vins de Bourgogne, begin februari haar jaarlijkse bijeenkomst ‘Vinosphère’, waar de toekomst van deze appellatiecluster wordt geanalyseerd. Discussietopics die bij uitbreiding echter ook de hete hangijzers vormen in alle Franse appellaties en wijnstreken.

Uit de agenda plukken we een Klavertje Vijf van de meest urgente thema’s:

- De gehate en reeds zo vaak geamendeerde ‘Loi Evin’, de wet die de publieke promotie en advertenties rond wijn grotendeels verlamt. Onder mom van ‘gezondheid’ en ‘strijd tegen alcoholmisbruik’ bepaalt deze nog altijd strikte wet zeer arbitrair wat men wel en niet over wijn in een advertentie mag vertellen, of hoe deze boodschap mag gepresenteerd worden.

- De houtziekte Esca. Esca is een al sinds eeuwen gekende stofwisselingsziekte die door schimmels wordt veroorzaakt. Deze schimmels woekeren vaak 10 jaar of meer vooraleer de door hen geproduceerde mycotoxines in de sapstroom van de plant belanden en zich op de druivelaars zichtbaar uiten via o.a. de zogeheten ‘tijgerbladeren’ of ‘zwarte mazelen’. Dit probleem manifesteert zich de laatste jaren steeds frequenter naarmate wijngaarden ouder worden. Niet alleen in Bourgogne, maar in alle Franse wijnstreken. En trouwens ook in onze eigen Belgische wijndomeinen. Een echt redmiddel tegen deze ziekte bestaat niet. Naar schatting gaat er elke oogst 4,6 hectoliter per hectare verloren door Esca.

- Vroegtijdige oogsten. We merken in vrijwel alle wijnstreken dat de trossen tot 14 dagen vroeger dan ‘normaal’ kunnen geplukt worden. Heel de groeicyclus van de druivelaars lijkt structureel ingekort. Wat pakweg 20 jaar geleden uitzonderlijk was, komt tegenwoordig steeds frequenter voor. In dat opzicht brak het millésime 2017 zelfs alle records. De vraag die veel wijnbouwers zich nu stellen: wordt dit de nieuwe norm, o.a. onder invloed van de klimaatopwarming?

- Wijntoerisme exploiteren. Waar rond het millennium veel wijnregio’s en hun belangenbehartigers het economische belang van wijntoerisme nog onderschatten, groeit nu – ook buiten Franrijk trouwens – het besef dat wijntoeristen een serieuze extra inkomstenbron kunnen vormen. Dat gaat in de praktijk dan van nieuwe logeer- en restaurantfaciliteiten, over thema-degustaties, kelderbezoeken, educatieve wijntours tot een wildgroei inzake ‘Best Wine Tourism Awards’.

- Resistente druivenvariëteiten. Iedereen lijkt wakker geschrokken door de soms alarmerende klimaatrapporten. Er wordt steeds ijveriger geëxperimenteerd met nieuwe variëteiten en kruisingen die niet alleen beter bestand zijn tegen wingerdziekten zoals meeldauw, maar bovendien ook beter gedijen in hetere biotopen met droogteperiodes en waterstress. In veel streken staan reeds proefpercelen aangeplant, begeleid door wetenschappelijke onderzoekscentra. Zelfs in een conservatieve regio als Champagne sleutelt men druk aan een reeks ‘superkruisingen’ die er tegen 2030 moeten voor zorgen dat er geen tekort aan bubbels komt, als het klimaat effectief 1 of 2°C is opgewarmd.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 24 september 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Wijn kop van Jut

DJG7Z4TXUAETLkSIn Frankrijk is er al een tijdje ophef in wijnkringen over een gezondheidscampagne die het Ministerie van Gezondheid en INCA (Institut National du Cancer) lanceren.

Een informatiecampagne in de gedrukte media, via affiches en op sociale media die het aantal kankers wil terugdringen door een gezonder voedingspatroon te promoten. Op zich een nobel doel, maar het is vooral de affiche die het gebruik van alcohol wil afremmen die kwaad bloed zet. Op deze affiche prijkt immers niet alleen de boodschap “Réduire sa consommation d’alcool diminue le risque de cancers. Franchement ce n’est pas la mer à boire”, maar werd als enig visueel element een kurkentrekker afgebeeld.

Voor de Franse wijnindustrie is deze campagne dan ook een stigmatisering van ‘wijn’, omdat de kurkentrekker een duidelijk symbool is voor dit specifieke gamma en niet voor andere vormen van alcohol. Waarom wordt dus wijn geviseerd?

Puur negativisme

De reacties zijn dan ook ziedend. In sommige wijnregio’s wordt zelfs met een ‘hete herfst’ qua acties gedreigd eens de oogstperiode er afgesloten is. Zo reageerde Vin et Société, organisatie die circa 500.000 ‘actoren’ uit de Franse wijnbusiness vertegenwoordigt, verontwaardigd via zijn vooritter Joël Forgeau: Je suis particulièrement indigné par cette campagne qui vise directement notre produit. Chacun le sait, le tire-bouchon est le symbole de la consommation de vin, du partage et de la convivialité. Je constate qu’elle est déployée massivement alors que les exploitations viticoles françaises sont en pleines vendanges et que se déroulent les traditionnelles foires au vin de la rentrée.”

Maar ook uit andere takken van de alcoholindustrie komen negatieve geluiden. Zo publiceerde Pernod Ricard een perscommuniqué waarin onderstreept werd dat er reeds veel inspanningen in de sector gebeuren om vooral jongeren te informeren op het vlak van alcoholgebruik. Een recente informatiecampagne vanuit de sector waaraan een honderdtal organisaties en 11 grote producenten van bier, spirits en wijn deelnamen, bereikte op die manier ruim 100 miljoen jonge consumenten.

En misschien nog een belangrijker argument uit diezelfde persmededeling: “La lutte contre la consommation excessive d’alcool à l’idée que toute consommation est nocive, même en quantité minime.” Inderdaad een visie die ook in België in bepaalde kringen leeft en alle vormen van alcoholconsumptie zonder onderscheid aanvalt. Alsof iedereen die zelfs maar één glas drinkt meteen een probleemalcoholist is.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 25 juni 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Wijnindustrie moet wakker worden

VriendenWijnOp de recent gehouden wijnvakbeurs ‘Vinexpo’ was één van de markante figuren de Spaanse wijnmaker Miguel Torres (75), die er zijn ‘Lifetime Achievement Award’ kwam ophalen.

Torres stapte in het (toen nog bescheiden) Catalaanse wijnbedrijf van zijn vader in 1962 en bouwde het geleidelijk om tot een heus wijnimperium dat wereldwijd verdeeld én gewaardeerd wordt.

Miguel was en is ook een innovator gebleven. Zo was hij het die de Cabernet Sauvignon introduceerde in de Penedès om de kwaliteit van de cru’s op te krikken en ook het gebruik van nieuwe barriques werd door hem gestimuleerd.

Seven Up!

Tijdens zijn aanvaardingsspeech sprak hij vooral over twee stokpaardjes: het feit dat we onze wijncultuur absoluut moeten verdedigen, én de strijd tegen de klimaatopwarming.

Wijn is immers een cultuurproduct dat we delen aan onze tafels met vrienden en dat het leven beter maakt, zo klonk het. Maar de aanvallen tegen wijnconsumptie worden steeds feller: “We moeten wijn verdedigen. Het probleem is echter dat er nu politici en artsen zijn die een echte anti-campagne voeren, zelfs tegen matig wijnverbruik.”

Tegelijk vindt hij dat de wijnindustrie grote sprongen heeft gemaakt. Zelfs nieuwe consumenten worden ‘beter’: “Zo herinner ik me dat jaren geleden in Chinezen mijn Mas La Plana gemixt met Seven Up dronken. Een praktijk die er nu gelukkig nagenoeg verdwenen is.”

Klimaat dé wijnuitdaging

Maar het leeuwendeel van zijn speech focuste op de opwarming van de aarde en de zware consequenties hiervan op de wijnmakerij: “Climate change is the biggest challenge for the whole of mankind and the survival of certain wine regions depends on their ability to adapt.”

Deze klimaatverandering betekent concreet o.a. dat wijnproducenten - via andere onderstokken, nieuwe druivenklonen, hoger gelegen koelere locaties en een aangepast management van het bladerdek - snel naar nieuwe middelen moeten zoeken om het rijpingsproces van de trossen te vertragen. Maar eveneens dat nieuwe gebieden ‘ideaal’ worden voor de wijnbouw, zoals Engeland.

De symptomen zijn nu reeds duidelijk volgens Torres. Hij wees o.a. op het fenomeen dat het tijdens de lunch 37°C was in Bordeaux, medio juni. “Niemand die ik hier sprak had dit ooit al ervaren” dixit Torres, die eraan toevoegde: “In de nu ruim halve eeuw dat ik actief ben in de wijnbouw heb ik nog nooit zo’n rampzalige late voorjaarsvorst meegemaakt in Spanje als degene waarmee we dit jaar geconfronteerd werden. We verloren er circa 20% van onze oogst door. In Chili, waar ik ook produceer, verloren we zelfs een volledige oogst door zware bosbranden. Maar ik ben er zeker van dat Moeder Natuur steeds meer van deze extremen zal laten zien. (…) Het op alle mogelijke manieren reduceren van onze CO2-uitstoot wordt dé challenge, ook voor wijnbouwers, zelfs al maken we nu over de gehele wereld kwalitatievere wijnen dan vroeger.”

Zo experimenteert Torres momenteel met een systeem om reeds tijdens het gistingsproces de CO2 op te vangen, zodat het niet in de atmosfeer terechtkomt.

Zijn conclusie: “Duurzaam werken zal ons geen fles wijn meer laten verkopen, maar we zijn het verplicht aan onze planeet.”

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 17 april 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Zijn druivenplukkers de moderne slaven?

PlukkersIn een aantal Amerikaanse publicaties (waaronder Forbes en The New York Times) wordt er de laatste weken – uiteraard ondergesneeuwd door het politieke wereldnieuws rond Turkije, Noord-Korea, Syrië,... - zeer negatief geschreven over de jaarlijkse wijnoogst. De reden: volgens de auteurs is er in veel wijnstreken systematisch sprake van slavenarbeid, die vooral vrouwen en immigranten treft.

Wie dan meteen denkt aan derdewereldlanden of wijnlanden-in-opkomst, heeft het mis, want blijkbaar zijn deze misbruiken een globaal probleem. Zo is er sprake van (onderbetaalde) Pakistani die mee plukken in Toscane, Vanuatu-eilanders die als goedkope krachten in de Nieuw-Zeeland aan de slag zijn tot nomaden in de Libanese wijnindustrie. En wie in Sonoma of Napa wandelt, zal er toch geregeld Mexicanen in de wijngaarden aantreffen, waarbij de vraag rijst of deze allemaal wel in een billijk statuut werken. Om nog maar te zwijgen hoe het er actueel in de Chinese of Indische wijnindustrie aan toe gaat.

Tussenpersoon vaak rotte appel

Maar ook de Europeanen hebben boter op hun hoofd. Eén van de voorbeelden die altijd opduikt is Zuid-Italië, waar twee jaar geleden veel commotie ontstond toen een vrouw tijdens de oogst verongelukte. Maar blijkbaar is deze storm gaan liggen, want volgens recente berekeningen worden in Zuid-Italië jaarlijks meer dan 40.000 (Italiaanse) vrouwen ingeschakeld tijdens de pluk, naast migranten en seizoenarbeiders.

Fysiek behoorlijk zware arbeid, maar vooral tegen een hongerloon. In een artikel in The New York Times wordt berekend dat deze goedkope arbeidskrachten dagelijks immers tot 12 uur continu druiven moeten plukken of sorteren , maar daarvoor amper 27 euro per dag ontvangen, nadat tussenpersonen hun loon grotendeels hebben afgeroomd. Geruchten circuleren bovendien dat veel bootvluchtelingen zelfs illegaal ingeschakeld worden en dat de lokale overheden vaak een oogje dichtknijpen.

Dat er nog op grote schaal misbruiken zijn, zal niemand betwisten. Niet alleen in de specifieke wijnbouw trouwens, maar in de hele landbouwsector. Kijk maar naar onze eigen fruitteelt, waar geregeld illegale plukkers werden/worden betrapt.

Het plaatje is natuurlijk iets genuanceerder dan sommige artikels laten uitschijnen. Op de meeste, zeker de kleine familiale, domeinen hanteert men strikte normen voor plukkers, worden deze behoorlijk gehuisvest en betaald. En wordt dit contingent vaak aangevuld met gelegenheidsplukkers – familie, vrienden, kennissen, zelfs klanten -, die de oogst zelfs onbezoldigd als een origineel ‘uitstapje’ en avontuur beschouwen.

Het kernprobleem situeert zich ongetwijfeld bij de tussenschakels. De soms obscure ‘middlemen’ die vaak met het leeuwendeel van de vergoedingen gaan lopen en die weinig scrupules hebben. Aangezien er in sommige regio’s vaak acute schaarste heerst aan tijdelijke handenarbeiders – omdat de oogst zich concentreert op enkele weken en elk domein bijna dezelfde behoefte heeft op hetzelfde moment - zorgen zij voor een snelle oplossing, waarbij door de domeineigenaars weinig of geen vragen worden gesteld.

Of het wettelijk allemaal wel in orde is, is dan immers een minder essentiële vraag als de trossen overrijp hangen of door naderend onweer stukgehageld dreigen te worden.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 30 januari 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Latour op de organische toer

LatourDat steeds meer domeinen, zelfs in de Bordelais, zich profileren als biologische of organische producent, is geen toeval. Een bio-imago kan tegenwoordig immers een flinke commerciële bonus betekenen, ook al wordt er reeds jaren zo natuurlijk mogelijk gewerkt. Maar perceptie is een sterk wapen in de wijnhandel.

Cruciaal in deze perceptie of een wijnstreek/appellatie als ‘natuurlijk’ wordt bekeken, is het feit dat er een aantal voortrekkers met naam en faam actief zijn.

Daarom is het voor een als traditioneel gepercipieerd wijngebied als Bordeaux zo belangrijk dat het legendarische Château Latour (Premier Grand Cru Classé Pauillac) zich deze dagen out als ‘organisch wijndomein’.

In 2018 gelukt?

Deze onbetwiste topper uit het klassieke klassement van 1855 produceert jaarlijks drie verschillende cuvées. De ‘grand Vin’ is het Château Latour waarvoor, zeker uit oudere millésimes, fortuinen worden voor neergeteld en waarvan het overlevingsparcours meerdere decennia overspant. Een gespierd Cabernet Sauvignon-beest dat in recente oogsten tussen de 900 à 1.400 euro wordt verhandeld. Het druivenmateriaal ervoor komt dan ook uit het historische ‘Enclos’ van 45 hectare, met zicht op de Gironde, waar de rijping optimaal gebeurt.

Als tweede wijn is er het label ‘Les Forts de Latour’ (samengesteld uit de jongere stokken die nog niet de grand vin-status verdienen) en de derde wijn gaat als ‘gewone’ Pauillac onder kurk, met dito lager prijskaartje natuurlijk.

De conversie richting organische wijncultuur draait nu integraal rond deze historische 45 hectare van het Enclos, prestigeperceel dat wel bijna de helft van het totale domein van 88 hectare beslaat.

Het conversieproces werd al in 2015 opgestart en aangezien de certificatie ten vroegste pas na drie jaar wordt toegekend, betekent het dat we moeten wachten tot de oogst 2018 alvorens we de eerste ‘organische’ Château Latour kunnen kopen.

Minder is meer

Wat er vooral verandert bij Latour nu ze de organische kaart trekken?

Voortaan worden uitsluitend koper en zwavel, in combinatie met diverse plantinfusies, ingezet om ziekten in de wingerd te bestrijden. Ook insecticiden worden taboe en vervangen door de techniek van seksuele verwarring, waardoor de voortplantingscyclus van bepaalde schadelijke insecten verstoord wordt. En natuurlijk worden geen onkruidverdelgers meer gebruikt en zal exclusief organische mest alle kunstmest vervangen.

Mijn vraag is echter: zullen we dat straks ook proeven in het eindproduct? Ik denk het niet, aangezien Château Latour ook voor deze organische conversie nu niet meteen een chemische veelgebruiker was die zijn cliënteel ‘vergiftigde’.

Maar dat het marketingverhaal er rond als zoete broodjes verkoopt, illustreert verdorie zelfs deze column…

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 25 december 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Hoe groen is Bordeaux?

WijnDomeinIn deze tijd van Goede Voornemens en helaas ook vaak loze beloftes, legt Bordeaux de lat wel heel hoog op ecologisch vlak. Waar volgens de laatste statistieken de milieuvriendelijke en duurzame wijnbouw, in welke vorm ook, nu in de Bordelais toegepast wordt in circa 45% van de wijngaarden, wil men er volgens de nieuwste plannen zo snel mogelijk naar de ideale 100% komen.

Uiterst ambitieus, want het programma is niet van de poes. Het draait daarbij rond het drastisch verminderen van pesticides, het terugschroeven van het energie- en waterverbruik, de recyclage van de afvalberg, de bescherming van de lokale biodiversiteit én een algemene reductie van de CO2-uitstoot.

Ik stel me toch veel vragen bij dit ambitieuze duurzame milieuplan en vooral ook bij het perscommuniqué dat stelt dat nu reeds bijna de helft van de verbouwde druivenoppervlakte in de Bordelais ecologisch vriendelijk geëxploiteerd wordt.

Werkt Bordeaux werkelijk al zo groen?

Wildgroei aan labels

Want kijk naar deze cijfers. Volgens de laatst beschikbare statistieken zijn er slechts 480 chateaux (goed voor 6.091 hectare) die reeds gecertificeerd biologisch werken. Nog eens 1.330 hectare zijn momenteel in conversie.

Biodynamisch gecertificeerde domeinen vormen helemaal een minderheid: amper 29 stuks, met 696 hectare wingerd.

De andere gecertificeerde domeinen bezitten één of ander ‘duurzaam’ label. Zo zijn er de certificaties van de zogenaamde ‘viticulture intégrée’, met labels als Terra Vitis, Area of Qualenvi. Opgeteld gaat het om 265 domeinen of 8.568 hectare wijngaarden.

Een volgende luik bestrijkt de ‘viticulture raisonnée’, waar de certificaties vooral een grotere oppervlakte wijngaarden overkoepelen. Het label ‘Agriconfiance’ bijvoorbeeld bestrijkt nu reeds 384 wijnbedrijven (of 6.062 hectare) en bij het label ‘Destination Développement Durable’ zijn zelfs 1.968 vignerons betrokken die samen 14.802 hectare uitbaten.

Om het nog wat complexer te maken, zijn er tenslotte nog concurrerende duurzame labels die op hun beurt nog eens andere selectiecriteria hanteren: ‘Certification HVE’ telt nu 32 domeinen (1.200 hectare) en ‘SME du vin de Bordeaux’ zelfs reeds 134 gecertificeerde wijnbedrijven.

Lucratief groen

Als u deze cijfers correct wil interpreteren: volgens de meeste schattingen telt de Bordelais zo’n 10.000 ‘domeinen’ (vaak merken en minibedrijven zonder echt ‘château’) die collectief toch circa 112.000 hectare wijnterreinen exploiteren. Er ligt dus nog veel duurzaam missionariswerk op de plank en vooral: hoe staat het met de ‘leaders of the pack’, de grands crus classés in hun vergroeiing?

Misschien wordt het daarom ook tijd om eens met de grove borstel te gaan doorheen al die ‘duurzame’, ‘groene’ en ‘ecologische’ labels en organisaties, waarvan de criteria soms als dag en nacht verschillen.

De consument snapt er namelijk stilaan niks meer van. Of wantrouwt dan ook deze tsunami van groene labels, want krijgt zo makkelijk de indruk dat er een heleboel organisaties vooral geld geroken hebben in die groene business.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 12 oktober 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Bubbels contra calorieën

ProseccoKan het nog gekker? De wereld van de wijn en de business van de diëten hebben elkaar blijkbaar gevonden. Het Engelse bedrijf Thomson & Scott lanceert immers nu in het V.K. zijn ‘Skinny Prosecco’ en ‘Skinny Champagne’, met de belofte dat hun mousserende wijnen veel gezonder zijn dan alle andere bubbels op de markt, “...want we voegen minimaal suikers bij”.

En natuurlijk, hoe overdreven deze stelling ook mag klinken, altijd zijn er media die mee stappen in deze allernieuwste hype. Zo werd de redactie van The Guardian bijna hilarisch bij dit nieuws en riep deze bubbels meteen uit tot “the basic bitch drink of summer 2016”. Wat ons meteen een idee geeft van hoeveel er op deze specifieke redactie gedronken wordt...

Volgens de CEO en stichter van deze ‘Skinny bubbles’, Amanda Thomson, heeft haar firma nu technisch een hele nieuwe sector in de drankenbusiness gecreëerd: “My mission is to be completely open about what we’re drinking and cut sugar where it’s not needed. We’re not counting calories, but we share them for transparency. My mission is for us to ask why we can’t drink better and cleaner.” Volgens haar ligt er een hele markt braak voor “… a portfolio of champagne and prosecco for the next generation of wine lovers globally who want something delicious and also want to know what’s in their bottle.”

Voorlopig wordt deze Skinny-reeks uitsluitend in het Verenigd Koninkrijk verkocht, waar de prosecco alvast een hit werd.

Maar zitten we er écht op te wachten? Alleen omdat alle bubbels van Thomson & Scott zich aan de lage kant bevinden qua suikertoevoeging? Op mijn proeftafels belanden al jaren ‘bruts’, ‘brut zero’ of ‘brut nature’ waar het toegevoegd suikerpercentage beperkt of zelfs nihil blijkt. Wat is daar dus revolutionair aan?

En wat me eigenlijk het meeste verontrust: over de smaakbeleving van deze ‘skinny bubbels’ lezen we weinig of niets. Mijn advies? Laat deze marketinghype aan u voorbij gaan en drink liever een of twee glazen minder, dan voortaan alleen maar te focussen op deze zogeheten dieet-bubbels.

Want voor we het beseffen, zitten we te nippen van een 'Skinny Sauternes' (sic)...

Frank Van der Auwera

Onze blogs

Meer