Home Markten Live Netto Sabato

Gezondheid

Geplaatst op 24 september 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Wijn kop van Jut

DJG7Z4TXUAETLkSIn Frankrijk is er al een tijdje ophef in wijnkringen over een gezondheidscampagne die het Ministerie van Gezondheid en INCA (Institut National du Cancer) lanceren.

Een informatiecampagne in de gedrukte media, via affiches en op sociale media die het aantal kankers wil terugdringen door een gezonder voedingspatroon te promoten. Op zich een nobel doel, maar het is vooral de affiche die het gebruik van alcohol wil afremmen die kwaad bloed zet. Op deze affiche prijkt immers niet alleen de boodschap “Réduire sa consommation d’alcool diminue le risque de cancers. Franchement ce n’est pas la mer à boire”, maar werd als enig visueel element een kurkentrekker afgebeeld.

Voor de Franse wijnindustrie is deze campagne dan ook een stigmatisering van ‘wijn’, omdat de kurkentrekker een duidelijk symbool is voor dit specifieke gamma en niet voor andere vormen van alcohol. Waarom wordt dus wijn geviseerd?

Puur negativisme

De reacties zijn dan ook ziedend. In sommige wijnregio’s wordt zelfs met een ‘hete herfst’ qua acties gedreigd eens de oogstperiode er afgesloten is. Zo reageerde Vin et Société, organisatie die circa 500.000 ‘actoren’ uit de Franse wijnbusiness vertegenwoordigt, verontwaardigd via zijn vooritter Joël Forgeau: Je suis particulièrement indigné par cette campagne qui vise directement notre produit. Chacun le sait, le tire-bouchon est le symbole de la consommation de vin, du partage et de la convivialité. Je constate qu’elle est déployée massivement alors que les exploitations viticoles françaises sont en pleines vendanges et que se déroulent les traditionnelles foires au vin de la rentrée.”

Maar ook uit andere takken van de alcoholindustrie komen negatieve geluiden. Zo publiceerde Pernod Ricard een perscommuniqué waarin onderstreept werd dat er reeds veel inspanningen in de sector gebeuren om vooral jongeren te informeren op het vlak van alcoholgebruik. Een recente informatiecampagne vanuit de sector waaraan een honderdtal organisaties en 11 grote producenten van bier, spirits en wijn deelnamen, bereikte op die manier ruim 100 miljoen jonge consumenten.

En misschien nog een belangrijker argument uit diezelfde persmededeling: “La lutte contre la consommation excessive d’alcool à l’idée que toute consommation est nocive, même en quantité minime.” Inderdaad een visie die ook in België in bepaalde kringen leeft en alle vormen van alcoholconsumptie zonder onderscheid aanvalt. Alsof iedereen die zelfs maar één glas drinkt meteen een probleemalcoholist is.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 25 juni 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Wijnindustrie moet wakker worden

VriendenWijnOp de recent gehouden wijnvakbeurs ‘Vinexpo’ was één van de markante figuren de Spaanse wijnmaker Miguel Torres (75), die er zijn ‘Lifetime Achievement Award’ kwam ophalen.

Torres stapte in het (toen nog bescheiden) Catalaanse wijnbedrijf van zijn vader in 1962 en bouwde het geleidelijk om tot een heus wijnimperium dat wereldwijd verdeeld én gewaardeerd wordt.

Miguel was en is ook een innovator gebleven. Zo was hij het die de Cabernet Sauvignon introduceerde in de Penedès om de kwaliteit van de cru’s op te krikken en ook het gebruik van nieuwe barriques werd door hem gestimuleerd.

Seven Up!

Tijdens zijn aanvaardingsspeech sprak hij vooral over twee stokpaardjes: het feit dat we onze wijncultuur absoluut moeten verdedigen, én de strijd tegen de klimaatopwarming.

Wijn is immers een cultuurproduct dat we delen aan onze tafels met vrienden en dat het leven beter maakt, zo klonk het. Maar de aanvallen tegen wijnconsumptie worden steeds feller: “We moeten wijn verdedigen. Het probleem is echter dat er nu politici en artsen zijn die een echte anti-campagne voeren, zelfs tegen matig wijnverbruik.”

Tegelijk vindt hij dat de wijnindustrie grote sprongen heeft gemaakt. Zelfs nieuwe consumenten worden ‘beter’: “Zo herinner ik me dat jaren geleden in Chinezen mijn Mas La Plana gemixt met Seven Up dronken. Een praktijk die er nu gelukkig nagenoeg verdwenen is.”

Klimaat dé wijnuitdaging

Maar het leeuwendeel van zijn speech focuste op de opwarming van de aarde en de zware consequenties hiervan op de wijnmakerij: “Climate change is the biggest challenge for the whole of mankind and the survival of certain wine regions depends on their ability to adapt.”

Deze klimaatverandering betekent concreet o.a. dat wijnproducenten - via andere onderstokken, nieuwe druivenklonen, hoger gelegen koelere locaties en een aangepast management van het bladerdek - snel naar nieuwe middelen moeten zoeken om het rijpingsproces van de trossen te vertragen. Maar eveneens dat nieuwe gebieden ‘ideaal’ worden voor de wijnbouw, zoals Engeland.

De symptomen zijn nu reeds duidelijk volgens Torres. Hij wees o.a. op het fenomeen dat het tijdens de lunch 37°C was in Bordeaux, medio juni. “Niemand die ik hier sprak had dit ooit al ervaren” dixit Torres, die eraan toevoegde: “In de nu ruim halve eeuw dat ik actief ben in de wijnbouw heb ik nog nooit zo’n rampzalige late voorjaarsvorst meegemaakt in Spanje als degene waarmee we dit jaar geconfronteerd werden. We verloren er circa 20% van onze oogst door. In Chili, waar ik ook produceer, verloren we zelfs een volledige oogst door zware bosbranden. Maar ik ben er zeker van dat Moeder Natuur steeds meer van deze extremen zal laten zien. (…) Het op alle mogelijke manieren reduceren van onze CO2-uitstoot wordt dé challenge, ook voor wijnbouwers, zelfs al maken we nu over de gehele wereld kwalitatievere wijnen dan vroeger.”

Zo experimenteert Torres momenteel met een systeem om reeds tijdens het gistingsproces de CO2 op te vangen, zodat het niet in de atmosfeer terechtkomt.

Zijn conclusie: “Duurzaam werken zal ons geen fles wijn meer laten verkopen, maar we zijn het verplicht aan onze planeet.”

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 17 april 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Zijn druivenplukkers de moderne slaven?

PlukkersIn een aantal Amerikaanse publicaties (waaronder Forbes en The New York Times) wordt er de laatste weken – uiteraard ondergesneeuwd door het politieke wereldnieuws rond Turkije, Noord-Korea, Syrië,... - zeer negatief geschreven over de jaarlijkse wijnoogst. De reden: volgens de auteurs is er in veel wijnstreken systematisch sprake van slavenarbeid, die vooral vrouwen en immigranten treft.

Wie dan meteen denkt aan derdewereldlanden of wijnlanden-in-opkomst, heeft het mis, want blijkbaar zijn deze misbruiken een globaal probleem. Zo is er sprake van (onderbetaalde) Pakistani die mee plukken in Toscane, Vanuatu-eilanders die als goedkope krachten in de Nieuw-Zeeland aan de slag zijn tot nomaden in de Libanese wijnindustrie. En wie in Sonoma of Napa wandelt, zal er toch geregeld Mexicanen in de wijngaarden aantreffen, waarbij de vraag rijst of deze allemaal wel in een billijk statuut werken. Om nog maar te zwijgen hoe het er actueel in de Chinese of Indische wijnindustrie aan toe gaat.

Tussenpersoon vaak rotte appel

Maar ook de Europeanen hebben boter op hun hoofd. Eén van de voorbeelden die altijd opduikt is Zuid-Italië, waar twee jaar geleden veel commotie ontstond toen een vrouw tijdens de oogst verongelukte. Maar blijkbaar is deze storm gaan liggen, want volgens recente berekeningen worden in Zuid-Italië jaarlijks meer dan 40.000 (Italiaanse) vrouwen ingeschakeld tijdens de pluk, naast migranten en seizoenarbeiders.

Fysiek behoorlijk zware arbeid, maar vooral tegen een hongerloon. In een artikel in The New York Times wordt berekend dat deze goedkope arbeidskrachten dagelijks immers tot 12 uur continu druiven moeten plukken of sorteren , maar daarvoor amper 27 euro per dag ontvangen, nadat tussenpersonen hun loon grotendeels hebben afgeroomd. Geruchten circuleren bovendien dat veel bootvluchtelingen zelfs illegaal ingeschakeld worden en dat de lokale overheden vaak een oogje dichtknijpen.

Dat er nog op grote schaal misbruiken zijn, zal niemand betwisten. Niet alleen in de specifieke wijnbouw trouwens, maar in de hele landbouwsector. Kijk maar naar onze eigen fruitteelt, waar geregeld illegale plukkers werden/worden betrapt.

Het plaatje is natuurlijk iets genuanceerder dan sommige artikels laten uitschijnen. Op de meeste, zeker de kleine familiale, domeinen hanteert men strikte normen voor plukkers, worden deze behoorlijk gehuisvest en betaald. En wordt dit contingent vaak aangevuld met gelegenheidsplukkers – familie, vrienden, kennissen, zelfs klanten -, die de oogst zelfs onbezoldigd als een origineel ‘uitstapje’ en avontuur beschouwen.

Het kernprobleem situeert zich ongetwijfeld bij de tussenschakels. De soms obscure ‘middlemen’ die vaak met het leeuwendeel van de vergoedingen gaan lopen en die weinig scrupules hebben. Aangezien er in sommige regio’s vaak acute schaarste heerst aan tijdelijke handenarbeiders – omdat de oogst zich concentreert op enkele weken en elk domein bijna dezelfde behoefte heeft op hetzelfde moment - zorgen zij voor een snelle oplossing, waarbij door de domeineigenaars weinig of geen vragen worden gesteld.

Of het wettelijk allemaal wel in orde is, is dan immers een minder essentiële vraag als de trossen overrijp hangen of door naderend onweer stukgehageld dreigen te worden.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 30 januari 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Latour op de organische toer

LatourDat steeds meer domeinen, zelfs in de Bordelais, zich profileren als biologische of organische producent, is geen toeval. Een bio-imago kan tegenwoordig immers een flinke commerciële bonus betekenen, ook al wordt er reeds jaren zo natuurlijk mogelijk gewerkt. Maar perceptie is een sterk wapen in de wijnhandel.

Cruciaal in deze perceptie of een wijnstreek/appellatie als ‘natuurlijk’ wordt bekeken, is het feit dat er een aantal voortrekkers met naam en faam actief zijn.

Daarom is het voor een als traditioneel gepercipieerd wijngebied als Bordeaux zo belangrijk dat het legendarische Château Latour (Premier Grand Cru Classé Pauillac) zich deze dagen out als ‘organisch wijndomein’.

In 2018 gelukt?

Deze onbetwiste topper uit het klassieke klassement van 1855 produceert jaarlijks drie verschillende cuvées. De ‘grand Vin’ is het Château Latour waarvoor, zeker uit oudere millésimes, fortuinen worden voor neergeteld en waarvan het overlevingsparcours meerdere decennia overspant. Een gespierd Cabernet Sauvignon-beest dat in recente oogsten tussen de 900 à 1.400 euro wordt verhandeld. Het druivenmateriaal ervoor komt dan ook uit het historische ‘Enclos’ van 45 hectare, met zicht op de Gironde, waar de rijping optimaal gebeurt.

Als tweede wijn is er het label ‘Les Forts de Latour’ (samengesteld uit de jongere stokken die nog niet de grand vin-status verdienen) en de derde wijn gaat als ‘gewone’ Pauillac onder kurk, met dito lager prijskaartje natuurlijk.

De conversie richting organische wijncultuur draait nu integraal rond deze historische 45 hectare van het Enclos, prestigeperceel dat wel bijna de helft van het totale domein van 88 hectare beslaat.

Het conversieproces werd al in 2015 opgestart en aangezien de certificatie ten vroegste pas na drie jaar wordt toegekend, betekent het dat we moeten wachten tot de oogst 2018 alvorens we de eerste ‘organische’ Château Latour kunnen kopen.

Minder is meer

Wat er vooral verandert bij Latour nu ze de organische kaart trekken?

Voortaan worden uitsluitend koper en zwavel, in combinatie met diverse plantinfusies, ingezet om ziekten in de wingerd te bestrijden. Ook insecticiden worden taboe en vervangen door de techniek van seksuele verwarring, waardoor de voortplantingscyclus van bepaalde schadelijke insecten verstoord wordt. En natuurlijk worden geen onkruidverdelgers meer gebruikt en zal exclusief organische mest alle kunstmest vervangen.

Mijn vraag is echter: zullen we dat straks ook proeven in het eindproduct? Ik denk het niet, aangezien Château Latour ook voor deze organische conversie nu niet meteen een chemische veelgebruiker was die zijn cliënteel ‘vergiftigde’.

Maar dat het marketingverhaal er rond als zoete broodjes verkoopt, illustreert verdorie zelfs deze column…

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 25 december 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Hoe groen is Bordeaux?

WijnDomeinIn deze tijd van Goede Voornemens en helaas ook vaak loze beloftes, legt Bordeaux de lat wel heel hoog op ecologisch vlak. Waar volgens de laatste statistieken de milieuvriendelijke en duurzame wijnbouw, in welke vorm ook, nu in de Bordelais toegepast wordt in circa 45% van de wijngaarden, wil men er volgens de nieuwste plannen zo snel mogelijk naar de ideale 100% komen.

Uiterst ambitieus, want het programma is niet van de poes. Het draait daarbij rond het drastisch verminderen van pesticides, het terugschroeven van het energie- en waterverbruik, de recyclage van de afvalberg, de bescherming van de lokale biodiversiteit én een algemene reductie van de CO2-uitstoot.

Ik stel me toch veel vragen bij dit ambitieuze duurzame milieuplan en vooral ook bij het perscommuniqué dat stelt dat nu reeds bijna de helft van de verbouwde druivenoppervlakte in de Bordelais ecologisch vriendelijk geëxploiteerd wordt.

Werkt Bordeaux werkelijk al zo groen?

Wildgroei aan labels

Want kijk naar deze cijfers. Volgens de laatst beschikbare statistieken zijn er slechts 480 chateaux (goed voor 6.091 hectare) die reeds gecertificeerd biologisch werken. Nog eens 1.330 hectare zijn momenteel in conversie.

Biodynamisch gecertificeerde domeinen vormen helemaal een minderheid: amper 29 stuks, met 696 hectare wingerd.

De andere gecertificeerde domeinen bezitten één of ander ‘duurzaam’ label. Zo zijn er de certificaties van de zogenaamde ‘viticulture intégrée’, met labels als Terra Vitis, Area of Qualenvi. Opgeteld gaat het om 265 domeinen of 8.568 hectare wijngaarden.

Een volgende luik bestrijkt de ‘viticulture raisonnée’, waar de certificaties vooral een grotere oppervlakte wijngaarden overkoepelen. Het label ‘Agriconfiance’ bijvoorbeeld bestrijkt nu reeds 384 wijnbedrijven (of 6.062 hectare) en bij het label ‘Destination Développement Durable’ zijn zelfs 1.968 vignerons betrokken die samen 14.802 hectare uitbaten.

Om het nog wat complexer te maken, zijn er tenslotte nog concurrerende duurzame labels die op hun beurt nog eens andere selectiecriteria hanteren: ‘Certification HVE’ telt nu 32 domeinen (1.200 hectare) en ‘SME du vin de Bordeaux’ zelfs reeds 134 gecertificeerde wijnbedrijven.

Lucratief groen

Als u deze cijfers correct wil interpreteren: volgens de meeste schattingen telt de Bordelais zo’n 10.000 ‘domeinen’ (vaak merken en minibedrijven zonder echt ‘château’) die collectief toch circa 112.000 hectare wijnterreinen exploiteren. Er ligt dus nog veel duurzaam missionariswerk op de plank en vooral: hoe staat het met de ‘leaders of the pack’, de grands crus classés in hun vergroeiing?

Misschien wordt het daarom ook tijd om eens met de grove borstel te gaan doorheen al die ‘duurzame’, ‘groene’ en ‘ecologische’ labels en organisaties, waarvan de criteria soms als dag en nacht verschillen.

De consument snapt er namelijk stilaan niks meer van. Of wantrouwt dan ook deze tsunami van groene labels, want krijgt zo makkelijk de indruk dat er een heleboel organisaties vooral geld geroken hebben in die groene business.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 12 oktober 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Bubbels contra calorieën

ProseccoKan het nog gekker? De wereld van de wijn en de business van de diëten hebben elkaar blijkbaar gevonden. Het Engelse bedrijf Thomson & Scott lanceert immers nu in het V.K. zijn ‘Skinny Prosecco’ en ‘Skinny Champagne’, met de belofte dat hun mousserende wijnen veel gezonder zijn dan alle andere bubbels op de markt, “...want we voegen minimaal suikers bij”.

En natuurlijk, hoe overdreven deze stelling ook mag klinken, altijd zijn er media die mee stappen in deze allernieuwste hype. Zo werd de redactie van The Guardian bijna hilarisch bij dit nieuws en riep deze bubbels meteen uit tot “the basic bitch drink of summer 2016”. Wat ons meteen een idee geeft van hoeveel er op deze specifieke redactie gedronken wordt...

Volgens de CEO en stichter van deze ‘Skinny bubbles’, Amanda Thomson, heeft haar firma nu technisch een hele nieuwe sector in de drankenbusiness gecreëerd: “My mission is to be completely open about what we’re drinking and cut sugar where it’s not needed. We’re not counting calories, but we share them for transparency. My mission is for us to ask why we can’t drink better and cleaner.” Volgens haar ligt er een hele markt braak voor “… a portfolio of champagne and prosecco for the next generation of wine lovers globally who want something delicious and also want to know what’s in their bottle.”

Voorlopig wordt deze Skinny-reeks uitsluitend in het Verenigd Koninkrijk verkocht, waar de prosecco alvast een hit werd.

Maar zitten we er écht op te wachten? Alleen omdat alle bubbels van Thomson & Scott zich aan de lage kant bevinden qua suikertoevoeging? Op mijn proeftafels belanden al jaren ‘bruts’, ‘brut zero’ of ‘brut nature’ waar het toegevoegd suikerpercentage beperkt of zelfs nihil blijkt. Wat is daar dus revolutionair aan?

En wat me eigenlijk het meeste verontrust: over de smaakbeleving van deze ‘skinny bubbels’ lezen we weinig of niets. Mijn advies? Laat deze marketinghype aan u voorbij gaan en drink liever een of twee glazen minder, dan voortaan alleen maar te focussen op deze zogeheten dieet-bubbels.

Want voor we het beseffen, zitten we te nippen van een 'Skinny Sauternes' (sic)...

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 27 augustus 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Na de smurfenwijn de hulkwijn?

MatchaTeaWaar is de tijd dat wijnkleur in essentie een menage à trois was: rood, wit en rosé, in diverse gradaties uiteraard. En dan laten we bubbels even buiten beschouwing. Maar steeds meer marketeers en producenten doorbreken dit traditionele coloriet om nieuwe – trendy? – consumenten aan te trekken.

De grenzen werden al een eerste keer afgetast toen de fameuze ‘blauwe wijn’ werd gelanceerd, door critici onthaald als de smurfenwijn, maar door aanhangers verdedigd als een natuurlijk origineel product.

Maar nu is men in Japan bezig met een nieuw kleurenspel: groene wijn.

Theegroene monster

Itohkyuemon, een theebedrijf dat al sinds 1832 gevestigd is in Kyoto, produceert er samen met Tamba Wine nu een nieuwe lijn van groene-theewijnen.

Technisch is het procédé eigenlijk poepsimpel: een witte wijn krijgt een infuus met poeder van de groene matcha-thee, poeder at vrijwel onmiddellijk oplost, maar wel voor een permanente groene kleur zorgt.

Het resultaat is volgens de bedenkers voortreffelijk: wie verwacht een eerder bittere, vegetale, zeewierachtig smaak te krijgen – zoals matcha thee vaak overkomt –, wordt volgens hen verrast door het eerder zoete en fruitgedreven karakter van deze groene wijn met zijn milde aciditeit en 12% alcohol.

Maar voorlopig lijkt de handel toch moeite te hebben met deze hybride wijn. Wijnprofessionals die de groene wijn uit het gamma “Yokan no Midori” (Midnight Green) al proefden, weten blijkbaar niet in welke categorie ze deze drank moeten positioneren: nog altijd in het thee-rek, in het wijn-rek of eerder varia-drankenrek.

Volgens de producenten kan hungroene wijn wel perfect ‘pairen’ met groentebereidingen en visgerechten, of – indien geserveerd met ijs of soda à la Sangria - met kazen, fruit en snoepgoed.

Gezond zal het eindresultaat wel zijn, maar ik erger me er toch groen aan. Al is het maar vanwege het prijskaartje: een flesje van 30 cl kost in Japan 1,296 yen (11,44 euro) en het 50 cl-formaat komt op 1,944 yen (of 17,15 euro).

Tel daar de exportkost bij – want er springt nu na lectuur gegarandeerd een importeur naar zijn laptop of tablet om als eerste deze groene wijn te kunnen introduceren in België – en allerlei taksen, en de conclusie is voor mij duidelijk: liever een pure matcha of glas authentieke wijn, dan dit groene monster.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 25 augustus 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Vive le vélo?

Bloc-4België telt honderdduizenden wielerenthousiasten- en recreanten, de ene al wat fanatieker (of professioneler) dan de andere, maar de fiets behoort zeker tot ons nationaal sportief patrimonium.

En waar een verstandig mens dan denkt dat alcohol tijdens zo’n fietstoer nu niet bepaald de ideale combinatie is, denken de Fransen er toch duidelijk anders over. Of correcter: het Syndicat des vignerons de Saumur en haar marketeers.

In het kielzog van de voorbije Tour de France lanceerden die onlangs immers ‘La Bouclée’: een lederen accessoire – beschikbaar in 8 kleuren – dat via een lus aan het stuur dient bevestigd en waarmee ‘avec élégance’ een fles wijn kan bevestigd worden.

Geen klassieke drankenfles met een energiedrankje, maar liefst nog een bubbelende ‘Crémant de Loire’ tijdens het doorkruisen van de wijngaarden. Of zoals het zo mooi klinkt in het Franse communiqué: “En mode urbain, retro, piéton ou cycliste, La Bouclée est indispensable pour arriver avec style à un déjeuner sur l’herbe ou à une soirée entre amis.”

Een doortrapt idee?

Dit gebrevetteerde accessoire, een soort modieuze lederen buidel ontworpen door een jonge designer en juwelier uit Saumur, laat zelfs toe dat het etiket tijdens de rit zichtbaar blijft en is geschikt om diverse flessenformaten te bevatten. Prijskaartje in Frankrijk: 40 euro.

Daarbij toch twee bedenkingen.

Eén: het syndicaat wil in eerste instantie vooral de bubbels van Saumur en de Loire promoten, maar dat lijkt me nu niet bepaald het ideale wijntype om urenlang in weer en wind – of in de felle zon – aan een fiets te bengelen. En volgens mij hindert het zelfs de wielertoerist.

Twee: zelfs de meest handige wieleramateurs vallen wel eens , zeker als ze in groep spurtjes trekken. Of het een prettig vooruitzicht is om dan met zo’n glazen fles tegen 40 per uur tegen het asfalt te schuiven, betwijfel ik sterk.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 29 juli 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Scheiding van glas en bed

WijnRuzieGeregeld belanden hier ‘studies’ op mijn scherm of bureau waarvan ik me afvraag: moest hier nu écht gemeenschapsgeld aan besteed worden? Niet alleen omdat het onderwerp vaak triviaal lijkt, maar ook omdat de onderzoekers blijkbaar geen rekening houden met zoveel variabelen, dat wat bewezen moest worden, ook makkelijk bewezen wordt.

Zo publiceerden wetenschappers van de University of Michigan recent hun research met de conclusie dat koppels die samen drinken ook effectief samenblijven (“the couple that drinks together stays together”), vanuit de hypothese dat partners die samen bijvoorbeeld geregeld een glas wijn genieten in regel ook ‘gelukkiger’ zijn. Niet het volume van dit gezamenlijke drinkritueel was belangrijk, wel het feit of men samen drinkt.

Het omgekeerde is ook waar, volgens dezelfde studie: als één van de partners in een relatie geheelonthouder is, dan is de kans op scheiding veel groter. Dat zou vooral gelden als in een standaard-M/V-relatie de vrouwelijke partner drinkt, en de man niet. Deze relaties zouden snel onder grote spanning komen omdat de vrouwelijke helft steeds ontevredener wordt door haar droogstoppel van een man.

Geen exacte richtlijn

U leest het goed. De liefde van een klassiek koppel stroomt dus blijkbaar hoofdzakelijk door het glas.

Financiële problemen, werkstress, vertrouwen, opleiding, kinderlast- of wens, lastige buren, slechte seks, gezondheidsproblemen: niet van dit alles lijkt volgens de Michigan-academici zo doorslaggevend als het feit of men samen geregeld aan de borrel is, of een fles wijn ontkurkt.

Om tot deze ‘wereldschokkende’ - of: belachelijke? - conclusie te komen, ondervroegen de onderzoekers naar verluidt 2.767 koppels die gemiddeld al 33 jaar (!) samen waren.

Maar eigenlijk ondergraaft het onderzoeksteam zijn research zélf reeds voldoende.

Want uit dezelfde studie blijkt dat wanneer beide partners geheelonthouders zijn, deze koppels ook even ‘happy’ waren en bij elkaar bleven. En om de zinloosheid van dit soort onderzoek extra te onderstrepen, verklaarde Dr. Kira Birditt, een relatie-experte, aan Reuters : “We're not suggesting that people should drink more or change the way they drink.”

Had ze deze uitspraak als openingszin van het rapport gebruikt, dan hadden we de rest tenminste niet moeten lezen...

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 13 juli 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Ronde van Frankrijk blijft wijnallergisch

TourDeFranceKomt het ooit écht goed tussen de Ronde van Frankrijk en de Franse wijnsector? We twijfelen er sterk aan.

Een paar weken geleden berichtten we over het conflict tussen de vignerons uit de Aude en de tourdirectie, omdat deze een Chileens wijnhuis als officiële wijnpartner koos (lees: Tour de France drinkt Chileens). Er werd wekenlang gedreigd met blokkades en harde acties, tot de plooien op zijn Frans weer gladgestreken werden (Lees: Het zijn toeren).

Maar zelfs na dit laattijdige compromis blijkt het nog steeds te boteren tussen beide partijen.

Loire aan de klaagmuur

Nu zijn immezrs ook de wijnboeren uit de Loire-vallei op hun teen getrapt. Of toch minstens zwaar ontgoocheld.

Zij, in casu ‘Les vignerons Angevins’ wilden namelijk publicitair maximaal profiteren van de passage van de Ronde van Frankrijk door de steden Angers en Saumur. Het was immers al 12 jaar geleden dat de Ronde nog eens de wegen van Maine-et-Loire aandeed en dus zochten de lokale wijnbouwers naar visibiliteit. En investeerden daar een serieus pak geld in.

Zo werden tientallen affichepanelen afgehuurd op het parcours in Angers en Saumur en een groot zeil van 15 meter uitgerold in Savennières en Montreuil-Bellay met de boodschap “Bienvenue au Tour de France”. Dit welkomstzeil zou normaliter door de helikopters van France Télévision gefilmd worden, die immers trouw al dit soort volkse boodschappen registreert.

Maar dit keer dus niet. Alles bleef systematisch netjes buiten beeld, alsof het om een racistisch incident ging dat geen aandacht verdiende. Sterker nog: ook de diverse degustatiemomenten die de wijnsector organiseerde in Angers - o.a. voor de meereizende persmeute - kregen nauwelijks proevers over de vloer.

Alleen de duizenden uitgedeelde roze petjes en zonnebrillen, een initiatief van de roséproducenten van Anjou, vielen enigszins op aan de finish tussen de overheersend gele varianten, en kwamen dus effectief in beeld. Als een soort vredespijp, en waarschijnlijk bang voor een nieuwe boycot waarmee ‘het zuiden’ al eerder gedreigd had, stemde de tourdirectie in in Saumur Loire-wijnen werden voorgesteld in de ‘espace VIP’.

Maar de bilan inzake visibiliteit is wel magertjes, zeker als men rekening houdt met de gemaakte investeringen en inspanningen.

Blijkbaar heeft de wielrennerij, waar doping al jaren een structureel probleem vormt, meer last met wijn en wijnbouwers dan met deze chemische pepmiddelen en fietsende fraudeurs. Idem wat de Franse TV betreft.

Frank Van der Auwera

Onze blogs

Meer