Groot-Brittannië

Geplaatst op 27 januari 2012 door Wijntijd Reacties | Reageren

China: FC de wijnkampioenen

Toegegeven, zelfs als wijnschrijver kijken we soms met enige argwaan naar de Chinese wijnconsument.

Want deze nieuwe stroom van wijnliefhebbers belandt hoofdzakelijk in de media als nouveaux riches-kopers van Bordelaise kastelen, als onverantwoorde prijsopzwepers van ‘grote’ geklasseerde crus uit Bordeaux en Bourgogne tijdens veilingen of primeurcampagnes, of zelfs als regelrechte vervalsers, die het niet zo nauw nemen met internationale copyrights (lees o.a. China is op wijngebied het Wilde Westen of www.Lafite.nep of De tactiek van de opgestoken vinger of 2010 was een vet veilingjaar deel 1 en deel 2 of Miljoenen lenen om topwijn te kopen? of Chinese invasie in Bordeaux of Lucratieve handel in lege flessen of Chinezen sjoemelen met Bordeaux 2009 of Kijk uit voor Lafite 1982).

Een opinie die vaak nog eens extra negatief gekleurd wordt omdat deze gigantische natie voorlopig zelf nog maar weinig aantrekkelijke wijnen produceert, ondanks de royaal aanwezige geldstromen, genoeg geschikte geografische/klimatologische locaties én steeds meer ingehuurde wijnknowhow. Bovendien bezit China ook een lange geschiedenis van home made wijngeklungel, waarbij - door een wetgeving die lang zo lek was als een zeef - zowat elk ingrediënt ingeschakeld werd om er ‘wijn’ mee te brouwen. Elk ingrediënt, op druiven na tenminste.

Spectaculaire groeicijfers

En toch is er wel degelijk sprake van een structurele verschuiving, waarbij China als wijnconsument duidelijk een wereldmacht is geworden waarmee rekening dient gehouden.

Misschien wel de grootste verrassing voor velen is nog steeds het cijfermateriaal verzameld via de studie van The International Wine & Spirit Research (I.W.S.R.) in opdracht van het wijnsalon Vinexpo. Deze onderzoeksorganisatie analyseerde de consumptiepatronen -en prognoses in 114 consumentenmarkten en 28 wijnproducerende landen.

Uit deze analyse blijkt namelijk dat China in de hitparade van de wereldwijde wijnconsumptie nu al opgeklommen is tot positie 5, met andere woorden groter is geworden dan het Verenigd Koninkrijk. Tussen 2009 en 2010 groeide het Chinese verbruik - China én Hong Kong opgeteld - van stille, lichte en mousserende wijnen met een indrukwekkende +33,4 procent. Dat resulteerde in 2011 tot een totale wijnconsumptie van 156,19 miljoen 9 liter-flessen, waardoor het V.K. naar positie 6 op deze wereldrangschikking zakte.

Daarbij mogen we niet uit het oog verliezen dat we waarschijnlijk nog maar aan de startlijn staan van deze Chinese wijnpiek. Het consumptieproces versnelt zich immers aan een onvoorstelbaar tempo. Kijken we bijvoorbeeld naar de vijfjarige referentieperiode 2006-2010, dan blijkt dat de wijnconsumptie in China en Hong Kong met een factor 2,4 aandikte. De reeds geciteerde I.W.S.R.-studie voorspelt bovendien dat tussen 2011 en 2015 het wijnverbruik er nog eens met +54,25 procent zal groeien. Verwacht wordt dat het per capita wijnverbruik in China tegen 2015 zeker zal blijven toenemen met 1,9 tot 2 liter per jaar.

Amerikanen houden stand

Lach ze dus niet zomaar weg, onze Chinese wijnfans (lees ook Waarom Frankrijk met China flirt of Het Oosten kleurt bordeaux). Want voor we het hier in Europa beseffen, staan ze straks te pronken als de nieuwe globale numero uno qua wijnconsumptie. Positie die nu nog, ook met vlag en wimpel, wordt ingenomen door de V.S.A. Amerikanen kochten en consumeerden vorig jaar immers 3,7 miljard flessen wijn en tussen 2011-2015 zou dit volume met nog eens +10 procent aangroeien. Maar ze voelen nu al de hete adem van de Chinese drinkers...

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 22 januari 2012 door Wijntijd Reacties | Reageren

Olympische Spelen en horeca: medaille met twee kanten

London

De organisatie van Olympische Spelen kan niet alleen een hele regio of stad een ‘boost’ geven, maar betekent vaak ook extra zuurstof voor een aantal industrietakken. Maar dat het niet altijd de bouwsector is die automatisch profiteert van dergelijke mega-evenementen, wordt nog maar eens geïllustreerd door recente Britse prognoses.

 

Als we de studie van de belangrijke wijndistributeur Bibendum en het ingehuurde onderzoeksbureau Local Data Company mogen geloven, zou er over gans 2012 maar liefst voor 1,24 miljard Pond Sterling in de Londense horeca gespendeerd worden aan eten & drinken, waarbij wijn uiteraard een grote rol kan spleen. Ongeveer de helft van dit gepronostikeerde bedrag zal binnenstromen in hotels, ruim een derde in pubs en bars, terwijl zo’n 13 procent in restaurants wordt opgedronken/opgegeten, aldus de berekeningen.

Een meer dan significante toename tegenover 2011 toen er ‘slechts’ 917 miljoen Pond werd uitgegeven. Deze groei van zowat extra 300 miljoen Pond kan volgens dit onderzoek vrijwel geheel op conto van de Olympics geschreven worden.

Leveringen in het gedrang

Maar vooraleer de Londense horecasector reeds vrolijk de polonaise inzet, waarschuwt dezelfde studie toch voor een aantal potentiële stoorzenders tijdens de Zomerspelen die het positieve effect kunnen hypothekeren.

Zo zou ruim een vijfde van de in London gevestigde on-trade horecazaken - 21 procent van het totaal of ruwweg zo’n 2.500 bedrijven - grote hinder ondervinden omdat ze binnen het zogeheten Olympic Route Network liggen. Concreet zullen deze zaken enorme moeilijkheden ondervinden om tijdig bevoorraad te worden, omdat bepaalde wegen tijdens de Olympische Spelen tussen 6 uur ‘s ochtends en middernacht worden afgesloten voor alle niet-Olympisch verkeer. Noodzakelijke leveringen zijn dan zo goed als uitgesloten.

Dit toch reeds hoge cijfer kan zelfs op bepaalde momenten stijgen tot een indrukwekkende 63 procent zaken waar leveringen bemoeilijkt of zelfs tijdelijk onmogelijk worden. Immers: er bestaat ook een Alternative Route Network, dat ingeschakeld wordt bij noodgevallen, en een Venue Olympic Route Network, waarbij wegen buiten het eigenlijke Olympische Park eveneens geregeld worden afgesloten wanneer er manifestaties plaatsgrijpen.

Kortom, de Olympische Zomerspelen in Londen zijn voor de lokale food -en drankensector duidelijk een medaille met twee totaal tegenovergestelde kanten. Leverstiptheid blijkt nu al de Achilleshiel.

Frank Van der Auwera

Foto: TJ Morris op Flickr (Creative Commons licentie)

Geplaatst op 15 januari 2012 door Wijntijd Reacties | Reageren

Veilinghuizen 2012: Bourgogne nieuwste speeltje (2)

Gisteren keken we hoe vrij jonge wijnveilinghuizen als Bonhams of Acker Merrall & Condit ­- dé grote winnaar van 2011 - het er van afbrachten, maar hoe presteerden de ‘klassiekers’ Christie’s en Sotheby’s het afgelopen jaar? (zie Veilinghuizen 2012: Bourgogne nieuwste speeltje 1).

Stabiliteit verwacht

Bij Christie’s is men nog volop bezig de exacte omzet te becijferen, maar verwacht wordt dat die voor 2011 zeker boven de 90 miljoen US$ zal uitkomen. Met als orgelpunt natuurlijk de verkoop van de vertikale reeks - in casu 300 flessen uit de oogsten 1981 tot en met 2005 - Château Lafite-Rothschild, die in Hong Kong van eigenaar verwisselde voor een indrukwekkend bedrag van 4.200.000 HK$.

David Elwood, internationale verantwoordelijke voor de wijnverkoop bij Christie’s, resumeert veilingjaar 2011 als volgt: “This year we held 29 sales, achieving an average sell through rate of 89%; four sales in 2011 were 100% sold. We expect the market to continue to stabilise in the first quarter of 2012, leading to renewed demand internationally throughout the rest of the year.”

Verder noteert hij niet alleen een toename van het aantal particuliere kopers dat deelneemt aan deze veilingen, maar ook een toename van het aantal kopers die regelmatige cliënten worden, dus frequent meespelen bij deze internationale veilingen.

Leve Londen

Concurrent Sotheby’s van zijn kant sluit 2011 eveneens positief af. De wijntak van dit veilinghuis registreerde immers een totale verkoop van 85.467.096 US$. Een fraai rapportcijfer waarmee het nipt niet het record van 2010 evenaarde - dat bedroeg 88.270.000 US$ -, maar wèl nog steeds ruim het dubbele omzetcijfer van het rampjaar 2009. In volle crisis werd toen slechts 41.848.101 wijn verkocht.

Vooral de verkoop in Londen beïnvloedde deze resultaten positief, met een omzet van 27.191.060 US$ of een stijging met circa 30 procent. Daarmee realiseerde Shotheby’s in zijn thuishaven het hoogste totaal sedert de start van het wijndepartement in 1970 en laat Londen de verkoop in de VSA, met een jaaromzet van 13.538.442 US$, ruim achter zich.

Puur in volume bekeken blijft echter Hong Kong het leeuwendeel van de omzet voor Sotheby’s leveren, want vorig jaar werd er voor 44.737.594 US$ afgehamerd. Het percentage verkochte loten lag tijdens Sotheby’s 23 veilingen vorig jaar trouwens opvallend hoog: 96 procent. Dit percentage (on)verkochte loten zal trouwens dit jaar ook één van de voornaamste indicatoren worden om de gezondheid van de wijnveilingen te toetsen.

International head of wine bij Sotheby’s, Serena Sutcliffe, ziet overigens net als haar collega’s bij Bonhams, Bourgogne de nieuwe hype worden bij internationale kopers:“Bordeaux remains the backbone of classic wine auctions but top-end Burgundy is highly sought after, with buyers from every corner of the globe” besluit ze.

Wie dus nog ‘grote’ Bourgogne in zijn/haar kelder wil halen, zal met andere woorden dit jaar er als de kippen bij moeten zijn. Er liggen veel grote vissen op de loer...

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 14 januari 2012 door Wijntijd Reacties | Reageren

Veilinghuizen 2012: Bourgogne nieuwste speeltje (1)

Aan de startlijn van een nieuw jaar worden er altijd lijstjes vrijgegeven met de trends van de voorbije 12 maanden. Ook in het circuit van de wijnveilingen telt men nu zijn baten of likt de wonden.

Maar 2011 bleek commercieel als jaargang best mee te vallen, want de markt lijkt vrij stabiel, met nog voldoende groeiniches. Ook al waarschuwt iedereen dat 2012 wel eens een ‘magerder’ veilingmillésme kan worden.

Bourgogne houdt beter stand

Alhoewel de totale verkoopcijfers vaak iets lager uitvallen dan tijdens het recordjaar 2010, hebben vooral in Hong Kong en Londen verschillende wijnveilinghuizen het voorbije jaar toch nog flinke groei geboekt.

Dat geldt vooral voor Acker Merrall & Condit, het veilinghuis dat puur in wijn gespecialiseerd is. Het sloot het jaar immers indrukwekkend af als de numero uno qua wijnverkoop in zowel Azië (omzet: 68.835.590 US$), de VSA (41.619.211 US$) als ‘worldwide’ (110.454.801 US$). Qua waarde won het, vergeleken met 2010, vorig jaar +8,5 procent qua wijnomzet en de verkoop in de VSA dikte zelfs in waarde met een ferme +19 procent aan.

Ook bij Bonhams blije gezichten, want voor het tweede jaar op rij zag men zowel in Londen als in de VSA de wijnveilingomzet met +40 procent stijgen, tot een (internationaal) totaal van 17 miljoen US$. Bonhams scoorde vooral goed met een aantal opmerkelijke bourgognepartijen, waaronder de veelbesproken verkoop van een kist Domaine de la Romanée-Conti 1990, die in september werd afgehamerd voor een spectaculaire £126.500. Ook aparte kisten van de jaargang 1988 haalden telkens hoge hamerprijzen.

In een perscommuniqué wijst men bij Bonhams daarom op een trend: topbourgogne lijkt in de huidige marktcondities beter zijn prijsniveau te behouden dan ‘grote’ Bordeaux: “These prices show that Burgundy, notably Romanée-Conti, has held its price level in the second half of the year, while top Bordeaux and particularly Château Lafite Rothschild has fallen away; the 1982 vintage made over £39.000 a case in February but had fallen to £28.750 by December.”

Alhoewel die conclusie natuurlijk ook relatief is: 28.750 pond sterling voor 12 flessen Lafite lijkt me toch nog steeds een gezonde meerwaarde...

Kopen globaliseert verder

In hetzelfde statement van Bonhams vinden we overigens nog een tweede opmerkelijke trendanalyse terug. De analisten van dit veilinghuis oordelen namelijk dat er in Hong Kong, nu al zo’n tweetal jaar dé onbetwiste groeipool in de wijnveilingmarkt, stilaan ‘too much wine’ circuleert. Zo globaliseren de (ver)koopstromen steeds meer: “The other interesting development in 2011 has been the internationalisation of the wine auction market. Five of the six top lots in our November Hong Kong auction were bought by a European buyer, while the major buyer in our London sale the following week was from the Far East. Hong Kong is no longer achieving a premium over London for top wines.”

Kortom, Hong Kong blijft cruciaal voor de internationale wijnveilingmarkt, maar het zijn niet noodzakelijk uitsluitend Aziaten die er hun kelders komen vullen. Ook Europeanen of Amerikanen weten tegenwoordig maar al te goed dat er in de voormalige kroonkolonie vaak fantastische partijen onder de hamer komen, net zoals de Aziatische kopers zich niet langer beperken tot hun eigen veilinghuizen.

Frank Van der Auwera

Lees morgen: Veilinghuizen 2012: Bourgogne nieuwste speeltje (2)

Geplaatst op 27 november 2011 door Wijntijd Reacties | Reageren

Cava speelt met vuur

Op de zopas gehouden Wine Future Conference in Hong Kong kwam Pedro Ferrer, hoofd van het ook bij ons bekende Cava-huis Freixenet, met een schijnbaar verrassende analyse. Volgens hem vormen de huidige spelregels voor Cava-productie namelijk een té strak korset voor wijnmakers: “We have a big book of rules how to make Cava” klonk het strijdvaardig. “There are a lot of things that are limiting the ability of our winemakers to make the best wine.”

Een historische recordverkoop

Alvorens op de details in te gaan: vanwaar deze plotse demarche? Ik zie drie onderliggende motieven.

Eén: concurrent champagne heeft de voorbije maanden zijn productievolume serieus opgeschroefd om in te spelen op de opnieuw gestegen wereldvraag (lees Champagne: business as usual). Dat prikt beslist.

Twee: de eindejaarscampagne is in volle gang zeker en voor de verkoop van bubbels wordt dit weer een broederstrijd tussen Champagne en Cava. Ter illustratie: alleen in de laatste 4 maanden van 2010 realiseerden Cava-producenten 41,4 procent van hun totale jaaromzet in Spanje zelf en 38,4 procent in hun exportmarkten.

En drie: de Spaanse thuismarkt van Cava heeft het momenteel economisch bijzonder moeilijk. Waar vorig jaar nog sprake was van een gezonde stijging (zie infra), heeft de crisis de voorbije maanden zo hard toegeslagen dat ook de grote Cava-huizen Freixenet en Codorniu de gevolgen ervan beginnen te voelen.  

Op papier en op wereldschaal bekeken heeft Cava echter voorlopig niets te vrezen, want 2010 was alvast een historisch recordjaar voor de verkoop van hun moussewijn. Vorig jaar werden wereldwijd immers 244,8 miljoen flessen geconsumeerd, wat een totale stijging inhoudt met +11,5 procent in vergelijking met 2009. Goed voor zo’n 1,03 miljard euro omzet. Historisch record, want een stuk boven de 230 miljoen flessen die in 1999 werden verkocht, toen er bovendien sprake was van het millenniumeffect.

Bubbelgekke Belgen

Weliswaar werden vorig jaar in Spanje zelf nog steeds het grootste aantal flessen Cava ontkurkt - 95,6 miljoen stuks of een stijging met +8,37 procent t.o.v. 2009 -, maar de success story van Cava ligt vooral in zijn export. Ongeveer 60 procent van de 2010-output - in concreto 149,2 miljoen flessen of een stijging met +13,68 procent - werd immers in buitenlandse markten gerealiseerd. Met Duitsland als grootste slokop (41 miljoen flessen, +17,7 procent), het Verenigd Koninkrijk als dorstige tweede (32 miljoen flessen, slechts +2 procent) en België (!) dat met het brons gaat lopen, goed voor 21 miljoen flessen of een spectaculaire +34,7 procent toename.  

Maar ook het feit dat er zoveel vooruitgang werd geboekt in de Amerikaanse markt - nummer 4 qua verkoop met 17,5 miljoen verkochte flessen of een klim met +18,2 procent -, Japan (nummer 5 met ruim 5 miljoen flessen of +19,8 procent) of de groeiende populariteit van Cava in het thuisland van de Champagne Frankrijk (nummer 6 qua verkoop met 3,9 miljoen flessen of +15 procent) laten zien dat het in 2010 echt wel snor zat met de globale Cava-verkoop.

Een gevaarlijke gok

Wie deze mooie rapportcijfers bekijkt, zelfs met in het achterhoofd de wetenschap dat veel spectaculaire groeicijfers natuurlijk komen na een zeer negatief verkoopjaar 2009 en dat bovendien de economische vooruitzichten in 2011 weer een stuk somberder zijn geworden, moet zich toch afvragen: wat wil Pedro Ferrer, die duidelijk de spreekbuis is van de grote spelers, eigenlijk?

In zijn speech gaf hij een aantal voorbeelden van wat hij graag veranderd zou zien aan de wetgeving rond Cava. Dat de ‘normale’ Brut vooral draait rond de drie druivenvariëteiten Parelleda, Xarel-lo en Macabeo – eventueel aangevuld met Chardonnay, Subirat Parent oof Malvasia Riojana - vindt hij bijvoorbeeld perfect, maar voor de productie van Rosado (nu een kwestie van Pinot Noir, Garnatxa, Monastrell en/of Trepat) zou hij ook heel graag Tempranillo getolereerd zien. Een druif die natuurlijk massaal aangeplant staat.

En dan komt de kat op de koord: beperkingen van de rendementen “are no good” volgens Pedro Ferrer en ook de regels die de totale aciditeit “should be left to the winemaker.”
 Met als orgelpunt: “The worst enemy that Cava has is Cava”, klinkt het eerder cryptisch. “If we take the wrong direction with the category by being more restrictive it would be a huge mistake.”

Wie tussen de lijnen leest, ontdekt echter meteen het échte motief : deze Cava-gigant wil de handen maximaal vrij houden om een stijgend vraag naar Cava-bubbels te kunnen invullen, net zoals de collega’s in Champagne het op een akkoord kunnen gooien om hun oogstvolume serieus op te krikken. En vooral technisch wil men blijkbaar niet teveel pottenkijkers.

Het grote verschil qua appellatieregeling tussen Cava en champagne is natuurlijk dat, los van kortere/langere periodes sur lattes of afwijkende druivensoorten, de DO Cava eerder een bepaald maakprocedé garandeert (namelijk de methode traditionelle), terwijl Champagne strikt geografisch gebonden is en wettelijk niet buiten deze afgebakende regio mag geproduceerd worden. In zekere zin geldt dat ook voor Cava, want in de praktijk komt nog steeds 90 à 95% van alle geregistreerde Cava uit Catalonia, ook al kunnen ook andere Spaanse regio’s - zoals La Rioja, Extremadura, Valencia of Cariñena - dit label claimen.

Maar ik voel me als consument toch een beetje ongemakkelijk met deze uitspraken, want ik interpreteer ze als "laat ons officieel gerust, want we willen kost wat kost véél méér bubbels produceren en champagne van zijn troon stoten". Kwaliteitsargumenten komen hier blijkbaar niet aan te pas.

Op termijn dreigt dan een ernstig perceptieprobleem. Kijk maar naar onze Belgische markt. Hoeveel schuimende rotzooi is er ondertussen al niet in de rekken beland van amper enkele euro’s, de doopnaam Cava onwaardig? Voorlopig lijkt de Belgische - lees Vlaamse - consument dat nog braafjes te slikken, maar er komt toch een moment dat het bubbelplezier verdampt, zeker als bijvoorbeeld de Italiaanse concurrentie blijft verbeteren of de Franse Crémants aan hun remonte beginnen.

Kortom, Cava is met zijn toekomst aan het spelen, verblind door de momentele hausse. En wie zit nu te wachten op een tweede Beaujolais-scenario?

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 2 oktober 2011 door Wijntijd Reacties | Reageren

In de grot van Ali Baba (deel 2)

Maar misschien interessanter voor veel kooplustige wijnfans dan het Sotheby’s event (lees In de grot van Ali Baba deel 1), want nog dichterbij huis en inhoudelijk met een duidelijke couleur locale, is de veiling die straks in Brussel zal doorgaan.

Op 19 november e.k. gaan er immers duizenden flessen onder de hamer uit de kelders van sterrenrestaurant Comme Chez Soi, dat al sinds 1926 in de hoofdstad gevestigd is. Chef Lionel Rigolet laat immers 3.500 flessen veilen uit deze ook indrukwekkende keldervoorraad, die bij de laatste telling uit 39.000 stuks bleek te bestaan.

Smaak is ingrijpend veranderd

Dat Rigolet nu een kleine 10 procent van zijn wijnkelder te koop aanbiedt, heeft naar verluidt minder te maken met cash flow, dan wel met het feit dat de hedendaagse restaurantbezoeker minder vaak oudere millésimes van klassieke bordeaux bestelt.

Enerzijds zal dat uiteraard wel verklaard worden door de soms stratosferische prijskaartjes die (noodgedwongen soms) aan deze decennia bewaarde flessen hangen, maar anderzijds ook aan een gewijzigd smaakpatroon. Het merendeel van de gasten is namelijk gewend geraakt wijnen jonger te drinken, dus meer in hun primaire fruitfase. Meer geëvolueerde crus met hun secundaire en tertiaire impressies van torrificatie, leder, humus et cetera spreken anno 2011 veel minder aan. Bovendien botsen die ‘oudjes’ vaak met de toch modernere keukenstijl die Rigolet nastreeft.

Vandaar dus deze veiling, waar Rigolet nog aan toevoegt: “Deze verkoop zal wijngepassioneerden plezieren in plaats van dat we de oude millésimes laten slapen in onze kelder. In de toekomst wil ik trouwens vooral wijnen van na het jaar 2000 op de kaart zetten.”

En wat mogen die wijngepassioneerden op 19 november verwachten? Uiteraard veel grote namen uit de Bordelais en Bourgogne uit de jaren ’90 - Yquem, Mouton-Rothschild,.. - , met als uitschieter en publiekslokker zeker ‘La Verticale de Pétrus’, een collectie van 10 oogstjaren tussen 1990 en 2000. De voorzichtige raming gaat uit van een hamerbedrag van 15.000 euro voor deze 10 flessen, maar het zou me niet verwonderen dat deze schatting minstens verdubbeld wordt.

Een politiek correcte veiling

En om deze koopjesjacht - ik wéét het, de term klinkt bijzonder relatief als we de hamerramingen bekijken - af te ronden, springen we eventjes naar Frankrijk voor een alternatieve veiling. Een veiling waar ik nu niet meteen van denk dat het een massale internationale deining bij wijnliefhebbers zal veroorzaken.

U herinnert zich misschien nog de spectaculaire actie van de Franse groep ‘Les Faucheurs’ die in augustus vorig jaar wereldnieuws haalde door het experimentele perceel met genetische gemanipuleerde druivenranken in de Elzas compleet te vernielen (lees Actievoerders hebben eigen wijnlabel of Vandalen of Verlossers of Oorlogsverklaring aan de transgenetische druiven). Een vernielactie die we enigszins kunnen vergelijken met wat we recent zagen in eigen land n.a.v. het experimentele aardappelveld.

De Franse autoriteiten kunnen er blijkbaar niet mee lachen en één van deze dagen zullen 62 ‘Faucheurs’ in Colmar voor de correctionele rechter moeten verschijnen. Het kan hen financieel zuur opbreken, want op 17 januari 2011 veroordeelde het beroepshof van Colmar één van de militanten die een jaar voordien aan dezelfde plantage 70 druivelaars had beschadigd, tot 1 maand gevangenisstraf met uitstel en 50.000 euro schadevergoeding. De 62 militanten die voor de actie van vorig jaar terecht staan, zien de bui dus al hangen en vandaar wordt er een veiling georganiseerd waar 500 flessen bio-bordeaux worden afgehamerd. Doel is een deel van hun proceskosten te recupereren.

Wedden dat de totaalprijs die daar voor deze 500 ‘politiek correcte’ flessen zal afgehamerd worden nog niet eens zou volstaan om een impériale Château Latour te kopen in Londen?

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 1 oktober 2011 door Wijntijd Reacties | Reageren

In de grot van Ali Baba (deel 1)

Liefhebbers van speciale flessen en unieke millésime’s, die ondanks alle concurrentie toch vooral loyaal blijven aan Bordeaux: haal uw noodbudget maar uit de kluis of spaarkous.

Want de komende weken staan er een aantal indrukwekkende wijnveilingen op het programma, die voor één keer eens niet in Hong Kong of New York plaatsgrijpen, maar respectievelijk in Londen en Brussel.

Nog zelden gezien

We beginnen in Londen. Daar organiseert Sotheby’s op 26 en 27 oktober eerstkomende naar eigen zeggen “one of the greatest private cellars of top bordeaux”. Veiling die vooral de fans van grotere flessenformaten het water in de mond zal doen krijgen.

Zelfs de normaal van een stiff upperlip en discretie voorziene Serena Sutcliffe, Master of Wine en Worldwide Head of Wine bij Sotheby’s, klinkt verbazingwekkend opgewonden: “Sales such as this do not occur very often, when all the necessary criteria of quality, provenance and condition all come together to create a perfect buying opportunity. When this is combined with quantity, variety, desirable vintages and a mind-blowing range of formats, we know that we have to bring the collection to the attention of everyone who is fascinated by fine wine, wherever they are in the world.”

En voegt ze er aan toe: het gaat om een private eigenaar ‘van het continent’ - entrepreneur én filantropist, meer komen we niet te weten - die op een bepaald moment oordeelde dat er veel meer juweeltjes in zijn kelder sluimerden dan hij ooit zou kunnen drinken. De man kocht namelijk decennia lang in primeur topbordeaux en stockeerde ze daarna in optimale conditie.

Ik citeer opnieuw Sutcliffe: “It was awe-inspiring to inspect and pack up this remarkable collection of wines, eliciting thirsty gasps as the process unfolded. As we saw favourite wines and Holy Grail wines, virtually all in original wooden cases, it was obvious that this was something special.”

2,4 miljoen euro onder de hamer

Hoe speciaal is dit veilingaanbod dan wel? Qua volume alvast indrukwekkend: 5,500 gewone flessen, 730 magnums, 500 dubbele magnums, 229 Jeroboams en 240 Imperials, verdeeld over 1475 loten en dus meestal in de originele houten kasteelkisten. De oogstjaren van de Premiers Grands Crus Classés bijvoorbeeld variëren van 1955 tot 2004, maar we vinden ook alle andere goed aangeschreven klassiekers in de brochure terug zoals Angélus, Montrose, Palmer, Cos d’Estournel, Ducru Beaucaillou, Duhart Milon, Gruaud Larose, Lynch Bages, Pavie en Talbot.

Ook de verwachte opbrengst is duizelingwekkend, want verwacht wordt dat deze oktoberveiling 2,1 miljoen pond opbrengt, aan de huidige koers omgerekend toch ruim 2,4 miljoen euro.

Om u alvast dorstig te maken, enkele verwachte hoogtepunten van deze tweedaagse megaveiling met tussen haakjes hun verwachte hamerprijs:

* Château Lafite-Rothschild 1986 per kist van 75 cl flessen (£14.000 -17.000 per lot), maar ook in jeroboam (£6.500 -7.000) en impériale (£9.200 -11.000)

 * 36 flessen Château Latour 1996: verkocht per 12 (£6.200 -7.000), samen aangeboden met 4 dubbele magnums (£2.000 -2.600 per lot), 2 jeroboams (£3.000-3.600) en 2 impériales (£4.000 -5.000).

* Château Margaux spant qua variatie de kroon. Zo zijn er o.a. 2 kisten of Margaux 1986 (£3.600 - 4.200 per lot), een jeroboam (£1.800 - 2.400) plus 1 impériale (£2.400 – 2.800), maar ook diverse formaten in 2003.

Hetzelfde geldt ook voor andere kleppers als Château Cheval Blanc, met diverse formaten uit de oogst 1998 (bvb. 3 dubbele magnums £1.200 -1.500 per lot), Château Haut-Brion (met o.a. 3 kisten uit 1995, geschat op £2.800 -3.400 per 12 flessen of 2 impériales £1.900 - 2.400 per exemplaar) of Château Mouton Rothschild (met 1995 in alle denkbare formaten, met als duurste schatting £2.000 - 2.400 per impériale).

Frank Van der Auwera

Lees morgen: In de grot van Ali Baba (deel 2)

Geplaatst op 17 september 2011 door Wijntijd Reacties | Reageren

Wisselkoersen bevorderen bulkwijn (deel 2)

Gisteren kon u lezen hoe de Australische wijnindustrie in hoog tempo wijn-in-glas vervangt door ladingen-in-bulk, onder druk van de voor  haar nadelige wisselkoers (lees: Wisselkoersen bevorderen bulkwijn deel 1).

Maar het zijn niet alleen de Aussies die in hun export bloeden door een sterke(re) munt. Hun buren in Nieuw-Zeeland zaten de voorbije weken met eenzelfde probleem opgezadeld.

Onhoudbare situatie

In augustus nog waarschuwde Stuart Smith, president van The New Zealand Winegrowers, de eerste minister en de gouverneur van de Reserve Bank dat veel (wijn)exporteurs serieus marktaandeel dreigden te verliezen als de overheid monetair niet ingreep om de stijging van de kiwi dollar af te remmen.

Samen met de serieuze wijnoverschotten uit 2008/2009 en de soms hoge taksen op wijn, vormt de sterke munt volgens Smith de grootste bedreiging van de wijnindustrie: “Augustus vorig jaar werd onze kiwi dollar nog gewaardeerd aan 66 US cents, maar augustus dit jaar werd hij verhandeld tegen 87,6 US cents: een onhoudbare situatie voor veel exporteurs” zo resumeerde hij het risico. De meeste Nieuw-Zeelandse wijnhuizen handelen immers in de munt van het land waarmee ze zaken doen en niet iedereen werkt met langetermijn-afspraken.

Bij een zo sterk stijgende kiwi dollar kan dat dan ook betekenen dat de overzeese klant, zoals de voorbije weken, dezelfde wijn plots 15 procent duurder moet betalen. Vooral in het betaalbare prijssegment, waar elke procent telt, kan dat commercieel dodelijk zijn. Smith waarschuwt daarom: “Als er niet ingegrepen wordt, de wisselkoersen niet dalen en de kiwi dollar binnen een jaar nog altijd rond 80 US Cents wordt verhandeld, dan denk ik dat er een pak exporterende wijnhuizen ‘out of business’ zullen gaan of hun uitvoer noodgedwongen zullen afbouwen.”

En hij concludeert: “Iedereen weet dat onze wijnindustrie al geruime tijd heel lage returns boekt in een uiterst moeilijke wereldmarkt, maar als daar nog eens effectief 15 procent verlies bij komt aan de basis door onze sterke munt, dan moet je écht geen expert zijn om te beseffen dat de toestand extreem lastig wordt.”

Eigen schuld?

Alle begrip voor de redenering van Smith en wisselkoersen maken inderdaad in deze volatiele markt het leven van (wijn)exporteurs soms erg complex, maar misschien moeten de Nieuw-Zeelandse wijnmakers toch ook eens dringend werk maken van een (vrijwillige) productiebeperking.

Want alhoewel er al enkele jaren gepalaberd wordt over de ‘wine glut’ (het fameuze wijnsurplus), halen de kiwi’s toch steeds maar grote of grotere oogsten binnen. Wanneer wordt op dat front eens ingegrepen door de industrie zélf?

Ook dàt mechanisme beïnvloedt immers de marktprijzen en exportstroom.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 16 september 2011 door Wijntijd Reacties | Reageren

Wisselkoersen bevorderen bulkwijn (deel 1)

IStock_000016468196XSmall En we blijven deze week down under, bij onze tegenvoeters. Daar blijkt dat zowel de Australische als Nieuw-Zeelandse wijnmakers de voorbije weken nadeel ondervonden van hun sterker geworden munten. En dat deze wisselkoersen zelfs leidden tot een versnelde substitutie van gebottelde wijn richting meer transport in bulk.

Offshore loont opnieuw

Het verhaal van Jacob’s Creek, één van de grootste merksuccessen wereldwijd van de voorbije decennia en paradepaardje in de portfolio van drankengigant Pernod Ricard, is illustratief voor deze trend. Eind augustus vertrok immers een eerste omvangrijke lading containers Jacob’s Creek-wijn ‘en vrac’ richting de zo cruciale Britse en Ierse markt, om daar lokaal gebotteld te worden.

Een primeur, want normaal wordt dit label integraal down under bij Orlando Wines in Barossa op fles getrokken en uitgevoerd, maar door de recent gestegen koers van de Australische dollar verdampte de winstmarge dusdanig, dat een offshore botteling aangewezen leek. Volgens industry watchers krijgt deze Jacob’s Creek beslissing weliswaar zoveel media-aandacht omdat het om een globaal bekend en erg succesvol merk gaat - onder dit label worden jaarlijks maar liefst 7 miljoen cases geproduceerd, waarvan het leeuwendeel naar het Verenigd Koninkrijk vertrekt -, maar zal het voorbeeld snel meer navolging krijgen als de wisselkoersjojo zo nadelig blijft voor de Australische wijnmakers.

Nu al blijkt trouwens uit overheidstatistieken dat ongeveer de helft van alle uitgevoerde Aussie-wijn, uiteraard vooral in het goedkope prijssegment, in bulk in plaats van in fles overzees wordt getransporteerd.

En deze analisten kregen al vlug gelijk, want ook Australian Vintage, producent van in het Verenigd koninkrijk onder andere populaire merken als McGuigan en Nepenthe, kondigde recent eveneens aan dat men deze wijn eveneens op Britse bodem ging bottelen en verpakken om zo de productiekost bij export te reduceren.

Puur om de centen

Dat het hier inderdaad niet draait om het vrijwillig of zelfs maar ‘modieus’ beperken van de carbon foot print - bulk vermindert immers de CO2-uitstoot -, maar wel degelijk om een puur bedrijfsfinancieel probleem, bevestigt ook Stephan Strachan, CEO van de koepelorganisatie Winemakers Federation of Australia:The primary reason is the dollar and it affects our competitiveness offshore and also has an impact in terms of wine imports coming into Australia” klinkt het onheilspellend.

Wat de Australiërs vooral dwars zit, is dat door hun sterkere munt ze hun traditioneel loyale afzetmarkten in Europa en Noord-Amerika zien afkalven, omdat ze er niet langer kunnen concurreren tegen vooral de goedkope Zuid-Amerikaanse wijnimport. Veel Europese (groot)handelaars vinden deze dagen immers de basismerken en instapwijnen uit Australië stilaan te duur geworden en signaleren dat hun cliënteel daarom steeds vaker op zoek gaat naar alternatieven uit bijvoorbeeld Spanje, Zuid-Afrika of Italië. Nogmaals, het zijn niet de premiumwijnen van 15 euro of meer die aangetast worden door deze trend, maar vooral de flessen beneden pakweg de 7 à 8 euro.

En wat misschien nog erger is: ook de toeleveranciers van de ooit zo boomende Australische wijnbusiness zien hun omzet de laatste maanden krimpen. Zo blijkt dat Owens-Illinois, ‘s wereld grootste producent van glasverpakking met hoofdkwartier in de V.SA., zijn leveringen voor wijn en bier in flessen uit Australië en Nieuw-Zeeland in een dik jaar tijd met bijna 20 procent zag krimpen.

Frank Van der Auwera

Lees morgen: Wisselkoersen bevorderen bulkwijn (deel 2)

Geplaatst op 15 september 2011 door Wijntijd Reacties | Reageren

De exportmaatjes van Nieuw-Zeeland

IStock_000017109028XSmall Een té geconcentreerde uitvoer is een risico, zo leren ons toch alle economische handboeken, maar daar maalt men in Nieuw-Zeeland blijkbaar niet om.

Uit de laatste statistieken, die de periode januari 2010 tot januari 2011 overspannen, blijkt dat maar liefst 84 procent van de Nieuw-Zeelandse wijnexport naar slechts drie afzetmarkten vloeit, in casu het Verenigd Koninkrijk, Australië en de Verenigde Staten.

België spoorloos

De 156 miljoen liter uitgevoerde wijnen vertrok vanuit Nieuw-Zeeland immers naar volgende bestemmingen:

Hitparade van de 10 grootste wijnexportmarkten voor Nieuw-Zeeland (% v/d totale export)

1. V.K. 34%
2. Australië 30%
3. V.S.A. 20%
4. Canada 5,1%
5. Ierland 1,3%
6. Duitsland 1,3%
7. Nederland 1,2%
8. China 0,8%
9. Hong Kong 0,7%
10. Denemarken 0,7%

Bron: Drinks Business en NZ Winegrowers

Twee nuanceringen bij deze lijst.

Eén: eigenlijk hoort China reeds op positie 5 te staan, nog voor Ierland, omdat in deze statistiek Hong Kong nog afzonderlijk wordt behandeld. Maar zelfs met deze samengetelde 1,5 procent blijft de kloof gigantisch met het leidende trio afzetmarkten.

Twee: van België, toch een import -en consumptiekampioen op wijnvlak, geen spoor. Waarom? Vermoedelijk concentreert de uitvoer richting België zich vooral op het hogere prijssegment, want deze hitparade weerspiegelt uitsluitend maar de volumevolgorde, niet het prijs -of kwaliteitsniveau.

Dat merk ik persoonlijk trouwens ook aan het aanbod voor al mijn proeverijen: de particuliere bodemprijs van de meeste in België verkrijgbare Nieuw-Zeelandse wijnen schommelt rond 9 euro, enkele uitzonderingen in de grootdistributie niet te na gesproken. Een aantal specialisten uit de detailhandel offreren wel een ruim gamma, maar steeds in het hogere prijssegment.

Koning Sauvignon Blanc

Een ander fenomeen van deze Nieuw-Zeelandse exportstroom: het is (bijna) al Sauvignon Blanc wat de klok slaat.

Het internationale succes van de Nieuw-Zeelandse wijnindustrie is inderdaad bijna integraal op dit ene druivenras gebouwd, dus opnieuw een risicorijke factor. Een monocultuur is immers kwetsbaar voor marktschommelingen. Dat hebben de verantwoordelijken van de sector en de overheid ook in het snuitje en vandaar stilaan mediacampagnes om de andere, commercieel weggedrukte druivenvariëteiten meer in de kijker te zetten.

En te oordelen naar het feit dat de (rode) Pinot Noir, zij het met een schijnbaar onoverbrugbare afstand, reeds op nummer 2 in deze hitparade staat, lijken deze campagnes toch aan te tikken. Want wie wist internationaal 5 of 10 jaar terug dat de Nieuw-Zeelanders zo straf waren in de productie van Pinot Noir, zij het toch meestal in het duurdere genre?

Hitparade van de belangrijkste druivenvariëteiten

1. Sauvignon 83%
2. Pinot noir 5,9%
3. Chardonnay 3,4%
4. Pinot Gris 1,9%
5. Merlot 1,6%

Bron: Drinks Business en NZ Winegrowers

Conclusie: de Nieuw-Zeelandse wijnexport lijkt een ‘reus’ op lemen benen, zowel naar bestemmingen als wijntypes. Een recessie die opnieuw aanklopt, te snelle prijsverhogingen of een plotse verandering in het smaakpatroon bij de internationale consument, en de kiwi-wijnindustrie hangt in de touwen.

Frank Van der Auwera

Laatste reacties op onze blogs

Onze blogs

Meer