Home Markten Live Netto Sabato

Italië

Geplaatst op 17 april 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Zijn druivenplukkers de moderne slaven?

PlukkersIn een aantal Amerikaanse publicaties (waaronder Forbes en The New York Times) wordt er de laatste weken – uiteraard ondergesneeuwd door het politieke wereldnieuws rond Turkije, Noord-Korea, Syrië,... - zeer negatief geschreven over de jaarlijkse wijnoogst. De reden: volgens de auteurs is er in veel wijnstreken systematisch sprake van slavenarbeid, die vooral vrouwen en immigranten treft.

Wie dan meteen denkt aan derdewereldlanden of wijnlanden-in-opkomst, heeft het mis, want blijkbaar zijn deze misbruiken een globaal probleem. Zo is er sprake van (onderbetaalde) Pakistani die mee plukken in Toscane, Vanuatu-eilanders die als goedkope krachten in de Nieuw-Zeeland aan de slag zijn tot nomaden in de Libanese wijnindustrie. En wie in Sonoma of Napa wandelt, zal er toch geregeld Mexicanen in de wijngaarden aantreffen, waarbij de vraag rijst of deze allemaal wel in een billijk statuut werken. Om nog maar te zwijgen hoe het er actueel in de Chinese of Indische wijnindustrie aan toe gaat.

Tussenpersoon vaak rotte appel

Maar ook de Europeanen hebben boter op hun hoofd. Eén van de voorbeelden die altijd opduikt is Zuid-Italië, waar twee jaar geleden veel commotie ontstond toen een vrouw tijdens de oogst verongelukte. Maar blijkbaar is deze storm gaan liggen, want volgens recente berekeningen worden in Zuid-Italië jaarlijks meer dan 40.000 (Italiaanse) vrouwen ingeschakeld tijdens de pluk, naast migranten en seizoenarbeiders.

Fysiek behoorlijk zware arbeid, maar vooral tegen een hongerloon. In een artikel in The New York Times wordt berekend dat deze goedkope arbeidskrachten dagelijks immers tot 12 uur continu druiven moeten plukken of sorteren , maar daarvoor amper 27 euro per dag ontvangen, nadat tussenpersonen hun loon grotendeels hebben afgeroomd. Geruchten circuleren bovendien dat veel bootvluchtelingen zelfs illegaal ingeschakeld worden en dat de lokale overheden vaak een oogje dichtknijpen.

Dat er nog op grote schaal misbruiken zijn, zal niemand betwisten. Niet alleen in de specifieke wijnbouw trouwens, maar in de hele landbouwsector. Kijk maar naar onze eigen fruitteelt, waar geregeld illegale plukkers werden/worden betrapt.

Het plaatje is natuurlijk iets genuanceerder dan sommige artikels laten uitschijnen. Op de meeste, zeker de kleine familiale, domeinen hanteert men strikte normen voor plukkers, worden deze behoorlijk gehuisvest en betaald. En wordt dit contingent vaak aangevuld met gelegenheidsplukkers – familie, vrienden, kennissen, zelfs klanten -, die de oogst zelfs onbezoldigd als een origineel ‘uitstapje’ en avontuur beschouwen.

Het kernprobleem situeert zich ongetwijfeld bij de tussenschakels. De soms obscure ‘middlemen’ die vaak met het leeuwendeel van de vergoedingen gaan lopen en die weinig scrupules hebben. Aangezien er in sommige regio’s vaak acute schaarste heerst aan tijdelijke handenarbeiders – omdat de oogst zich concentreert op enkele weken en elk domein bijna dezelfde behoefte heeft op hetzelfde moment - zorgen zij voor een snelle oplossing, waarbij door de domeineigenaars weinig of geen vragen worden gesteld.

Of het wettelijk allemaal wel in orde is, is dan immers een minder essentiële vraag als de trossen overrijp hangen of door naderend onweer stukgehageld dreigen te worden.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 29 maart 2017 door Wijntijd Reacties | Reageren

Cava flirt met Veneto

FreixenetHet gezegde ‘hou je vrienden dichtbij en je vijanden nog dichterbij’ is blijkbaar ook doorgedrongen bij de cava-producenten.

En niet het eerste het beste mini-merk dit keer, want megabubbelspeler Freixenet lanceerde op de voorbije beurs ProWein meteen een nieuwigheid: de portfolio werd immers uitgebreid met een Prosecco DOC en zelfs een cuvée Conegliano Valdobbiadene Prosecco DOC, allebei verpakt in flessen die Boheems reliëfkristal en luxe suggereren.

Beide cuvées worden geproduceerd onder hoede van Freixenet door de coöperatieve La Marca. Einde vorig jaar werden deze flessen reeds in primeur geschonken tijdens de TFWA World Exhibition in Cannes, maar vanaf nu zullen beide bubbels vooral in onafhankelijke online-winkels en Duty-Free Shops in Europa worden aangeboden met een prijskaartje rond de 12 euro.

Is dit nu de toekomst? Financieel voldoende krachtige holdings die daarom zelfs de potentiële concurrentie op eigen terrein wil verslaan?

De motivering voor deze stap is immers duidelijk. Alleen al in de zo cruciale afzetmarkt van het Verenigd Koninkrijk kromp in 2016, voor het tweede jaar op rij, de verkoop van Freixenet onder druk van de steeds populairdere Prosecco. En tevens onder invloed van de nefaste discount-politiek die over het Kanaal gehanteerd wordt, zeker in de grootdistributie.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 20 december 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Ook de wijnterreur neemt toe

WijntankDe maand december is traditioneel een piekperiode voor de verkoop en consumptie van mousserende wijnen. Bubbels vliegen dan aan hoog tempo de rekken uit. Maar in Italië zijn er recent een aantal vandalen die deze laatste zin nogal letterlijk namen.

Onbekenden drongen er ’s nachts namelijk de Lombardische Cantina Conte Vistarino in Oltrepo Pavese binnen, een historisch domein van maar liefst 826 hectare. Ze vernielden er zonder het pardon het equivalent van zomaar eventjes 400.000 flessen bubbels. Geschatte waarde aan verloren druivenmateriaal: minstens 500.000 euro.

De vandalen lieten immers zeven tanks leeglopen die waren gevuld met o.a. Pinot grigio, Riesling en Chardonnay uit de nieuwe oogst 2016, bestemd voor de productie van de moussewijnen. Dat het duidelijk de bedoeling was om deze producten-in-wording gericht te treffen, blijkt ook uit het feit dat er verder geen schade aan installaties werd toegebracht en er evenmin zaken werden gestolen.

Een bitter kerstcadeau voor dit bekende eeuwenoude wijnhuis uit Pavia dat nog steeds in familiehanden is.

En het zoveelste geval van toenemende wijncriminaliteit in Europa dit jaar, want naar verluidt worden er op dit moment meer dan 300 personen in Europa onderzocht voor wijn-gebaseerde misdaden zoals afpersing, fraude en diefstal. En geen wijnland lijkt er immuun voor.

In augustus nog sloegen bijvoorbeeld de wijnmilitanten van het CRAV, het regionale actiecomité van boze wijnbouwers in Zuid-Frankrijk die reeds verantwoordelijk waren voor bomaanslagen, opnieuw toe. Ze dumpten toen vijf grote fusten wijn in de straten van Sète die er voor een rode zondvloed zorgden.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 17 november 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Italië weer wereldkampioen volume

DruivenDe statistieken zijn nog voorlopig, want worden nu bijna maandelijks bijgesteld, maar de hitparade van de belangrijkste wijnproducenten wereldwijd naar volume ligt toch al min of meer vast. Volgens de berekeningen van het O.I.V. ziet de Top Tien er als volgt uit voor de oogst 2016:

Hitparade Wijnproducenten Wereldwijd in 2016

1) Italië, 48,8 miljoen hectoliter

2) Frankrijk, 41,9 miljoen hectoliter

3) Spanje, 37,8 miljoen hectoliter

4) V.S., 22,5 miljoen hectoliter

5) Australië, 12,5 miljoen hectoliter

6) China, 11,5 miljoen hectoliter

7) Chili, 10,1 miljoen hectoliter

8) Zuid-Afrika, 9,1 miljoen hectoliter

9) Argentinië, 8,8 miljoen hectoliter

10) Duitsland, 8,4 miljoen hectoliter

Een paar conclusies: in totaal wordt de wereldwijnproductie voor de oogst 2016 globaal geraamd op 259,5 miljoen hectoliter, een van de laagste scores in de voorbije 20 jaar. Grillige klimaatcondities hebben diverse productielanden serieus geteisterd voordit millésime. In totaal ging het om een duik van -5% in 2016 vergeleken met het productievolume in 2015.

Vooral de kwantiteit in Frankrijk (-12% in vergelijking met de campagne 2016/2015), Chili (-21%), Zuid-Afrika (-19%) en Argentinië (-35%) zagen beduidend minder druivenmateriaal in hun kelders arriveren.

Verderop in de hitparade zijn er zelfs nog dramatischer resultaten te vinden. Zo halveerde het productievolume zelfs in Brazilië en noteerde ook de Oostenrijkse wijnbouw een terugval met -21%.

Wat deze krimp zal betekenen op prijsvlak valt voorlopig nog moeilijk te voorspellen.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 10 augustus 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Namaakalcohol maakt 23.000 jobs kapot

DruppelwijnNamaakproducten zijn een grote economische pest. Ook de wereld van wijn & distillaten is niet immuun voor het fenomeen. De impact is zelfs veel zwaarder dan velen vermoeden.

Volgens een recent rapport van EUIPO, het Bureau voor Intellectuele Eigendom van de Europese Unie, kosten imitatieproducten jaarlijks Europese bedrijven 1,3 miljard euro aan inkomstenverlies.

Of anders berekend: zeker 4,4% van de wettelijke verkopen van alcoholische dranken plus 2,3% van de officiële wijnverkoop gaan elk jaar verloren door de namaakalcohol die op de markt komt.

Bij dit directe verlies qua verkoop in de Europese handel dient dan nog eens de 1,2 miljard euro ‘publiek’ verlies geteld, namelijk de niet-geïncasseerde BTW, accijnzen, sociale zekerheidsbijdragen of verloren belastingen op de winsten van de reguliere drankenhandel.

Spanje grote verliezer

Maar daarmee is de namaakpil nog niet geslikt. Buiten deze 2,5 miljard financieel verlies, is de vervalsingssector ook verantwoordelijk voor serieus jobverlies. De rapporteurs van EUIPO schatten immers dat er in de sector van wijn & distillaten zo direct 4.800 directe arbeidsplaatsen verloren gaan, plus nog eens 18.500 indirecte jobs, waarvan de helft in de landbouw en voedingsindustrie.

Niet elk land in de Europese unie wordt echter even zwaar getroffen door deze vervalsers.

Met grote voorsprong is Spanje de grote verliezer van deze namaakindustrie op alcoholgebied. Daar verliezen de betrokken ondernemingen per jaar 263 miljoen euro aan namaak, terwijl de Spaanse Schatkist nog eens 90 miljoen euro ziet verdampen aan verloren accijnzen.

Maar ook andere landen verliezen aan vervalsers. De bedragen in Italië (162 miljoen euro businessverlies, 18 miljoen euro belastingverlies), Duitsland (140 miljoen euro verlies, 65 miljoen euro belastingverlies), Frankrijk (136 miljoen euro verlies, 100 miljoen euro belastingverlies) of het Verenigd Koninkrijk (87 miljoen euro verlies, 197 miljoen euro belastingverlies) tikken eveneens aardig aan op jaarbasis.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 26 juli 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Honey, I shrunk the vineyards!

ItaliaanseWijnDe kloof tussen perceptie enerzijds, en feiten anderzijds, kan soms heel breed zijn.

Neem nu de aanplant van wijngaarden in Italië. Iedere (semi)wijnprofessional zal het bevestigen dat het aanbod van Italiaanse cru's in onze rekken nog nooit zo rijk is geweest. Dat merk ik tussen haakjes persoonlijk eveneens aan de input voor de nieuwe wijnkoopgids 2017 “De 300 Beste wijnen Onder 10 euro”.

Toch blijkt uit de statistieken dat de Italianen dit kwaliteitsaanbod blijkbaar fiksen met een spectaculair krimpend druivenareaal.

Halvering

In 1970 bijvoorbeeld werden in la Bella Italia officieel nog 1,3 miljoen hectare wijngaard geregistreerd. Wanneer we deze gecultiveerde oppervlakte vergelijken met de situatie 40 jaar later, dus met 2010 als referentiepunt, blijkt dat er toen nog slechts sprake was van 663.000 hectare aanplant. In mensentaal: bijna een halvering in amper vier decennia.

Ook de sterappellaties waren niet immuun voor deze daling. Zo reduceerde de totale oppervlakte wijngaarden in Piemonte tussen 1970-2010 van 97.000 hectare tot 47.000 hectare, en in Toscane van 121.000 hectare tot 59.000 hectare.

Maar in andere regio's was de terugval, puur kwantitatief berekend, nog dramatischer. Het Sardeense druivenareaal kromp in 40 jaar van 65.000 hectare naar 18.000 hectare, of nog amper 27,7% van de oorspronkelijke aanplant.

Dé grote verliezer blijkt echter Lazio, de regio dichtbij de hoofdstad Rome, waar ooit 106.000 hectare druivelaars stonden aangeplant. In 2010 telde men er nog slechts 17.000 hectare: meteen een verklaring waarom we zo zelden Lazio-wijnen in onze rekken aantreffen.

Minder maar beter

Moeten we nu triest of nerveus worden van deze cijfers?

Niet noodzakelijk, want samen met de terugloop in bebouwde oppervlakte was er een stijging in de cultuur van autochtone druivenrassen, én in kwaliteitsgerichtere variëteiten voor de DOC(G)-wijnen.

Kortom: wat Italië ‘dramatisch’ verloor in kwantiteit, lijkt het ondertussen grotendeels gecompenseerd te hebben in ‘kwaliteit’.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 17 juni 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Wie redt de cava?

CavaDat Cava, zo lang reeds dé populairste bubbel in o.a. Vlaanderen, zich commercieel stilaan in eigen voet heeft geschoten door steeds meer minderwaardigde bubbels toe te laten onder deze appellatieparaplu, is een feit. Ook kon u hier al lezen dat de verantwoordelijke Consejo met de idee van een nieuwe classificatie speelde, onder druk van een groeiend aantal kwaliteitsproducenten die zich zelfs niet langer cava doopten, maar uitstapten richting DO Penedès (zoals het recente label Clàssic Penedès, zie infra).

De inzet is immers groot voor de traditionele cava-producenten.

Van de pakweg 240 miljoen flessen cava die er jaarlijks worden verkocht, is maar liefst 2/3 bestemd voor de export (160 miljoen flessen). Daarvan slurpt België de laatste jaren circa 27 miljoen exemplaren leeg. Imagoverlies door voortdurend kwaliteitsverlies en spotgoedkope flessen, legt dus een zware hypotheek op de Spaanse bubbelbusiness.

Top moet basis prikkelen

Maar medio juni 2016 is het dan eindelijk een feit: het bleef niet bij mooie woorden en plannenmakerij alleen. Binnen de officiële cava-wereld is een nieuwe categorie goedgekeurd én gecreëerd, in casu die van ‘cava de paraje calificado’, wat staat voor een mousserende wijn van een single vineyard. Terroir wordt daarmee een factor in een markt die overspoeld wordt door anonieme bulk-cava's.

De nieuwe kwaliteitscategorie vertrekt vanuit de filosofie: als we de trendsetters en karaktercuvées in the picture zetten, verhoogt opnieuw het prestige van de ganse cava-populatie. En moet op den duur het brede midden en voetvolk wel volgen, want anders haakt de internationale consument steeds vaker af en grijpt eerder naar bubbelalternatieven zoals Prosecco.

Natuurlijk vormen deze terroirgebonden of kwaliteitsgerichtere cava's buitenbeentjes en slechts een fractie van de totale jaarproductie. In 2013 bijvoorbeeld werden er 240 miljoen flessen cava verkocht, waarvan slechts 4,5 miljoen flessen Cava Gran Reserva met zeker 30 maand kelderrijping) en zelfs maar 25 miljoen Cava Reservas (met zeker 15 maand kelder).

Maar hun voorbeeldfunctie is natuurlijk groot.

Zij bewijzen de expoertmarkten vooral dat ze moeiteloos de concurrentie aankunnen met de rest van de mousserende topproducten, zelfs met veel champagne. Een wijn als de ‘Enotequa Cava’ van het huis Gramona bijvoorbeeld doet er zelfs een schepje bovenop en rijpt maar liefst 12 jaar. De meerderheid van de gecommercialsieerde Cava's speelt echter op een veel lager niveau en zijn al enkele jaren met een neerwaartse prijzenspiraal geconfronteerd.

Interne Concurrentiestrijd

Maar vooral de uitstap van een aantal bodega's uit de cava-familie richting DO Penedès en meer specifiek het label Clàssic Penedès heeft veel ogen geopend. En zorgt tegelijk voor de nodige bibber bij de voorstanders van de nieuwe officiële classificatie.

Want de pioniers van de ‘Clàssic Penedès’ beweging vinden het namelijk een schande om zich nog ‘cava’ te noemen op hun etiketten. Ze willen zich niet langer associëren met de soms belabberde kwaliteit of pijsdumping van zoveel Spaanse bubbels. Zij wensen integendeel dat cava een échte, geografisch beschermde appelatie is, vergelijkbaar met champagne.

De 14 producenten die voorlopig uit de tradiitonele cava-familie stapten richting ‘Clàssic Penedès’ (waaronder Albet i Noya, Mas Comtal, Loxarel, Colet, AT Roca of Torre del Veguer) leggen de kwaliteitslat een stuk hoger dan reguliere cava. Zo moeten hun eindproducten minimaal 15 maanden in de kelders rijpen in plaats van de wettelijk 9 maanden bij gewone cava, wat hen dus meteen tot de reservas-kwaliteit optilt.

Maar ze gaan nog verder. Ook het oogstjaar of de daum van het ‘dégorgement’ (verwijdering van de gistprop) drukken ze zonder aarzelen af op hun labels. En last but not least wil deze pioniersgroep dat tegen 2018 alle druivenmateriaal voor hun ‘Clàssic Penedès’-bubbels van organische landbouw komen. Liefst dan nog zonder streekvreemde druivensoorten.

Benieuwd wie uiteindelijk de prestigestrijd gaat winnen in de Penedès, waar toch nog steeds 95% van alle cava's vandaan komen.

Zal de gloednieuwe officiële classificatie van de ‘cava de paraje calificado’ voor nieuw prestige en meerwaarde zorgen waarvan de gehele cava-productie profiteert, of zullen het integendeel de uitstappers/dwarsliggers zijn van de ‘Clàssic Penedès’ die de meubelen redden?

In Italië en Champagne zullen ze deze broeder/zusterstrijd ongetwijfeld met de nodige binnenpretjes volgen.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 2 mei 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Brunello jubileum: in mineur of majeur?

BrunelloWe beginnen positief. Brunello di Montalcino viert nu volop de vijftigste verjaardag van de erkenning tot DOC, dus de promotie tot Italiaanse beschermde appellatie. Het was immers in 1966 al dat dit wijntype als één van de allereersten in Bella Italia deze officiële herkomstbenaming kreeg.

Dat gegeven, in combinatie met de vaak blinde adoratie van veel wijnliefhebbers voor alles wat er vloeibaar uit Italië kwam, leidde er toe dat de export boomde. En ondanks alle recente schandalen en fraudezaken nog steeds boomt, want naar schatting 70% van de jaarproductie in Brunello wordt tegenwoordig richting buitenland verscheept. Met de Verenigde Staten, Canada en Azië (China!) als commerciële ankerpunten die overigens nog steeds groeien.

Wat weinig afficionado's echter herinneren is hoe snel deze opmars tot elitewijn verliep. Toen in 1996 de DOC werd toegekend, was Brunello immers niet meer dan een smurfenappelatie, amper een tachtigtal hectare groot. Vandaag staan er binnen deze appellatie ruim 2.000 hectare wijngaard aangeplant.

Vreemd is dat Brunello blijkbaar ook alle stormen kan incasseren (lees o.a. Brunello strijdt voor identiteit of Brunello: alles blijft bij het oude of Wijnschandalen in Italië deel 1 en deel 2 of Brunello: slecht én goed nieuws).

Waaronder het ‘schandaal’ van 2008, toen bleek dat een aantal dominante en gereputeerde producenten zich niet hielden aan de 100% Sangiovese-regel, maar ook een percentage andere druiven (Cabernet Sauvignon, Merlot en Petit Verdot) in hun zo geprezen blends mengden.

Wat zelfs resulteerde in een tijdelijke boycot vanuit de Verenigde Staten. Ruim een vijfde van de toenmelige oogst werd zelfs gedeclasseerd tot (goedkopere) Toscana Rosso IGT.

De koper is terug

Maar zelfs deze exportpijn werd uiteindelijk geslikt en verteerd. Uiteraard zit het toerisme daar voor een flink stuk tussen: jaarlijks ziet men regionaal sinds 2014 het aantal toeristen met 20% stijgen. Dat helpt de reputatie en consumptie natuurljk enorm. Bovendien verkoopt een oogst als 2015 internationaal als warme broodjes. Ondanks de soms torenhoge prijskaartjes voor een cuvée die vaak meer met marketing dan met inhoud te maken heeft.

Volgens recente cijfers van het Consorzio Del Vino Brunello Di Montalcino - organisatie die nochtans zwaar blunderde qua communicatie bij elk recent fraudedossier -, steeg de omzet in de regio met meer dan 10% in 2015, tot een waarde van 187 miljoen euro. Sterker nog: de lokale kelders zijn ondertussen bijna helemaal leeggekocht, zelfs met de oogsten 2009 en 2010.

En ik zal wel wat pek en veren over me heen gesmeerd krijgen, maar ik begrijp die hype eigenlijk niet voor Brunello (lees ook: Brunello blijft slechte leerling). Want alleen al in Toscane kan ik zo uit het vuistje, los van de kopgroep elitewijnen die effectief fantastisch zijn, genoeg alternatieven noemen uit deze regio die zeker zoveel structuur en finesse bevatten als de doorsnee-Brunello, maar toch slechts een derde of de helft kosten.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 11 april 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

Wijn als verplicht schoolvak

ItalieWIjnTerwijl momenteel het kruim van onze Belgisch-Italiaanse wijnimporteurs op de beurs Vinitaly vertoeft in de hoop er kersverse ontdekkingen te doen of hun commerciële contacten te pamperen, buigen de Italiaanse parlementariërs zich de komende weken over een toch opmerkelijk wetsvoorstel.

Senator Dario Stefano presenteerde recent immers op een persconferentie zijn voorstel om straks de kennis van de Italiaanse wijncultuur/geschiedenis als een verplicht vak op te nemen in het schoolse curriculum. En dat voor leerlingen vanaf de leeftijd van zes jaar tot de hogere graden.

Zijn argumentatie? “Er is geen periode in onze geschiedenis van ons land die niet wordt doorkruist door gebeurtenissen die verband houden met druiven of wijn”, zo redeneert deze senator op zijn website. Daarom is hij er rotsvast van overtuigd dat jonge Italianen niet snel genoeg kunnen geconfronteerd/opgevoed worden met deze rijke cultuur. Zeker nu Italië geregeld de grootste producent ter wereld blijkt van wijn, dus meer kennis van deze cultuur die economisch zo belangrijk is, lijkt een maatschappelijke must.

Academische backing

Vooraleer u denkt dat deze senator simpelweg een zuipschuit is: hij wordt academisch geruggensteund door Attilio Scienza, hoogleraar aan de Katholieke Universiteit van het Heilig-Hart. Deze professor onderstreept het belang van onderwijs in de kennis van het savoir-boire. “De voorbije decennia ging de gewoonte verloren dat jongeren van 15 jaar in familiekring wijn dronken. Dat leidde, vooral voor jongens, tot een soms ongecontroleerd drinkgedrag buiten dit familiale kader (…) Het onderwijs ter zake versterkt daarentegen de herinnering dat wijn een cruciaal element vormt in de cultuur van mediterrane volkeren. Dat idee moeten we beter communiceren. Drinken mag namelijk geen pure ‘fysieke’ satisfactiebron vormen, maar vooral ook een culturele. Daarom moeten we het geschiedkundige verhaal achter de wijn (leren) ontdekken. Het overdragen van deze cultuur aan de jongeren op school is een eerste stap in een proces dat verder dient ontwikkeld”.

Misschien toch ook een idee waar de Eurocraten moeten over nadenken, gezien het belang van wijn in onze gemeenschappelijke geschiedenis?

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 19 maart 2016 door Wijntijd Reacties | Reageren

De vreemde dorst van Frankrijk

SpaanseWijnHet lijkt wel een paradox, maar alhoewel Frankrijk toch decennialang één van de grootste wijnproducenten is en er in bepaalde regio’s zelfs sprake is van onverkochte stocks, heeft deze wijngekke natie vorig jaar een nieuw record geboekt: er werden zomaar eventjes 7,2 miljoen hectoliter wijn geïmporteerd.

Nog nooit voerde Frankrijk effectief zoveel buitenlandse wijn in. In 2015 steeg het importvolume immers opnieuw met +11% tegenover 2014, jaar dat op zijn beurt al een record registreerde met een stijging van +23%. De waarde steeg iets minder spectaculair, maar toch nog met +8% tot 672 miljoen euro.

Slappe Kost

Niet dat deze importstroom meteen kwaliteitswijn betreft, want 5,8 miljoen hectoliter (of 81% van het totale volume) draait rond wijn in bulk en meestal zonder Indication Géographique, dus vaag qua herkomst.

Bovendien zijn het de Spaanse buren die met het leeuwendeel gaan lopen: Spanje levert in totaal ruim driekwart van het volume wijnimport richting Frankrijk en zelfs twee derde van alle wijn zonder appellatie of zelfs vermelding van het druivenras. Anoniemer kan haast niet...

Dat geringe kwaliteitsniveau van de Spaanse bulkimport reflecteert zich ook in de prijs. Gemiddeld kost Spaanse wijn in vrac die in Frankrijk wordt ingevoerd slechts 0,32 euro per liter. Ter vergelijking: voor een gelijkaardige wijn zonder indication géographique uit Frankrijk werd vorig jaar 1,06 euro per liter betaald of ruim het drievoudige.

Bovendien betekent deze bodemprijs een fikse daling tegenover bijvoorbeeld 2013, toen nog gemiddeld 0,55 euro per liter Spaanse bulkwijn werd betaald. Vandaar ook meteen de verklaring voor de massieve instroom: puur een kwestie van centen en procenten.

Prosecco contra Cava

Spanje heeft zelfs Italië bijgebeend als grootste buitenlandse leverancier van bubbels in Frankrijk.

Waar het importaandeel van Italiaanse mousserende wijn in het totale volume daalde van 53% (2014) naar 41% (2015), is tegenwoordig ook 41% van alle ingevoerde bubbels van Spaanse origine.

De strijd voor de Franse consument tussen Prosecco en Cava belooft dus ‘heet’ te worden deze zomer.

Frank Van der Auwera

Onze blogs

Meer