Geplaatst op 1 februari 2012 door Lars Bové Reacties | Reageren

'Masterplan Gevangenissen' allesbehalve meesterlijk

De federale regering weet zelf niet hoeveel haar grote bouw- en renovatieplan voor de Belgische gevangenissen zal kosten. Ook het Rekenhof kan het prijskaartje niet inschatten, want cruciale informatie ontbreekt. Dat staat te lezen in een auditverslag van het Rekenhof. Een raming van de exploitatiekosten van de nieuwe gevangenissen is er niet. En voor sommige bouwprojecten is zelfs het volledige budget nog een groot vraagteken. Het 'Masterplan gevangenissen' blijkt dus allesbehalve meesterlijk.

Om de schrijnende overbevolking in onze gevangenissen aan te pakken, bedacht de regering-Leterme in april 2008 het 'Masterplan 2008-2012 voor een gevangenisinfrastructuur in humane omstandigheden'. Het bevatte renovaties en zeven nieuwbouwprojecten, volgens de laatste stand van zaken goed voor 2.773 extra cellen.

Al met de titel van het masterplan was er een probleem. In december 2008 moest de deadline al verschoven worden van 2012 naar 2016. Maar ook die streefdatum blijkt nu wishfull thinking. Voor de nieuwe supergevangenis in Haren, die met haar 1.190 cellen die Vorst, Sint-Gillis en Berkendael moet vervangen, houdt de regering ook vast aan de deadline 2016, terwijl het Rekenhof vernam dat eind 2017 de enige realistische einddatum is. En dat weet de regering ook al sinds september 2010.

De optimistische inschatting van de deadlines is slechts een symptoom van een groter probleem. 'Alle ingeschatte einddatums voor de bouwprojecten zijn onzeker', waarschuwt het Rekenhof. 'Er bestaat geen allesomvattend en actueel overzicht van de vooruitgang van het masterplan.' Er is een 'taskforce' opgericht die alles moet coördineren, maar 'een gecoördineerde sturing van het volledige plan ontbreekt'. 'De informatie die de ministerraad krijgt, wordt ad hoc opgemaakt, vaak op het moment dat een aanpassing of uitbreiding van het plan moet worden goedgekeurd.'

Wat vooral zorgen baart, is dat de totale kostprijs van het plan maar niet berekend wordt. 'De budgetten voor gebouwen en terreinen worden volgens de nood vrijgemaakt. Bovendien is er nog geen raming gemaakt van de bijkomende kosten voor personeel en voor de overige uitbatingskosten. Ook over de verdeling van de kosten tussen de Regie der Gebouwen en Justitie zijn nog geen afspraken gemaakt', besluit het Rekenhof.

DOEMSCENARIO

Het doemscenario dat het finale prijskaartje ongelofelijk zal oplopen, zoals bij de bouw van het Antwerpse justitiepaleis, tekent zich af. Alleen al het loon van de ingeschakelde consultant is intussen meer dan verdubbeld (van 1,3 naar 2,7 miljoen euro). Maar de grote meerkosten schuilen in de bouwprojecten zelf. Voor het terrein in Haren is al 65 miljoen euro neergeteld, maar de bouw-, onderhouds- en personeelskosten zijn nog niet bekend.

'Er ligt geen grondige studie aan de basis van dit plan', schrijft het Rekenhof onomwonden. Hoe lang de cellen in de oude gevangenissen nog kunnen worden gebruikt, is een vraagteken. Welke cellen intussen in onbruik zullen raken, wordt door niemand overzichtelijk opgevolgd. Welke noden er in de toekomst zullen zijn, is evenmin bestudeerd.

De nieuwe gevangenisgebouwen zullen dus niet vooruitstrevend zijn. 'Over het type te bouwen gevangenissen is in de eerste nota over het Masterplan weinig gesproken. Behalve dat gevangenisboten niet opportuun zijn.' De regering koos dan maar voor het klassieke 'Ducpétiaux'-concept (een gevangenis met alle cellen rond een bewakingscentrum) 'zonder verdere onderbouwing'. Ze koos ook voor gevangenissen van verschillende groottes. Ook daar 'zonder duidelijke motivering', merkt het Rekenhof op.

Waarom koos de regering voor nieuwe gevangenissen met 300 tot 450 cellen, terwijl ze weet dat gevangenissen met maximum 400 plaatsen het beste resultaat geven en het meest kostenefficiënt zijn? De supergevangenis in Haren, met 1.190 cellen, wordt dus zeker een superuitdaging.

Minister van Justitie Annemie Turtelboom (Open VLD) belooft rekening te houden met de kritiek van het Rekenhof. 'Deze legislatuur kan ik alleen de projecten op korte termijn realiseren. En voor de grotere projecten zal ik een langetermijnvisie uitdokteren.'

LOZE BELOFTES

Het Rekenhof geeft de opeenvolgende ministers van Justitie in zijn auditverslag ook een veeg uit de pan omdat ze telkens afkomen met maatregelen waarvan ze weten dat ze niets zullen veranderen aan de overbevolking in de gevangenissen.

  • Al zo vaak is aangekondigd dat veroordeelde vreemdelingen naar hun thuisland zullen worden teruggestuurd. Maar het is geweten dat het aantal gedetineerden dat daarvoor in aanmerking komt, zeer beperkt is.
  • 'Er zijn ook ernstige aanwijzingen dat onvoldoende gedetineerden in aanmerking komen voor een elektronische enkelband', stelt het Rekenhof. Meestal gebeurt dat na een strafonderbreking, dus met weinig effect op de overbevolking.
  • De meeste veroordeelden die een werkstraf krijgen, zouden toch nooit in de gevangenis belanden als dat type straf niet zou bestaan.
  • De wijziging van de wet op de voorlopige hechtenis in 2005 heeft al even weinig gedaan aan de overbevolking. Het Rekenhof pleit daarom voor volwaardige impactanalyses.

Lars BOVÉ

 

Geplaatst op 13 januari 2012 door Lars Bové Reacties | Reageren

Diamantgate: 'We laten ons niet opzijschuiven'

Minister van Justitie Annemie Turtelboom relativeert de 'oorlog' tussen de Antwerpse procureur- generaal (PG) en de procureur des Konings. Maar uit interne mails blijkt onmiskenbare oorlogstaal over de aanpak van de diamantfraude. 'We laten ons niet opzijschuiven door de PG', schreef de procureur onlangs nog.

Dat de Antwerpse procureur-generaal Yves Liégeois vorige week huiszoekingen liet uitvoeren bij het parket van eerste aanleg én bij de federale gerechtelijke politie, vindt minister Turtelboom (Open VLD) nog geen aanwijzing van een 'oorlog' tussen de Antwerpse aanklagers. 'Het is wel een zeer uitzonderlijke procedure, zeker als het onderzoek nog loopt', verklaarde de minister woensdagochtend op Radio 1.

Interne documenten, brieven en e-mails die De Tijd kon inkijken, tonen een minder rooskleurige realiteit. Dat blijkt onder andere uit een e-mail die procureur des Konings Herman Dams op 31 oktober richtte aan zijn substituut Peter Van Calster. Die voert sinds 2005 een verbeten strijd tegen de diamantfraude. Na een zoveelste 'dringend schrijven' van procureur-generaal Liégeois over de volgens hem foute aanpak van de diamantfraudes schrijft Dams: 'We laten ons niet zomaar opzijschuiven, maar zullen heel professioneel antwoorden en niet, zoals de PG, onder de gordel slaan. (...) Wij staan boven dit soort van scheld- tirades.'

De directe aanleiding voor de 'scheldtirades van de PG' is het fameuze dossier-HSBC. Dat onderzoek is een bom onder de Antwerpse diamantsector. Niet alleen omdat het gaat over veel geld: minstens 1,28 miljard euro zwart geld, centen die de Belgische schatkist goed kan gebruiken. Maar vooral omdat er honderden diamantairs bij betrokken zijn, onder wie enkele toplui van de sector. Allemaal zouden ze geheime bankrekeningen hebben bij de bank HSBC in Zwitserland. Die bankgegevens zijn in 2006 en 2007 gestolen bij de bank en begin 2009 beland bij de Franse fiscus.

Explosief

In juli 2010 belanden de gegevens over de Belgische belastingplichtigen bij de Belgische fiscus. Wanneer de Antwerpse aanklager Peter Van Calster enkele weken later via de pers verneemt dat veel namen van Antwerpse diamantairs op de lijst van HSBC staan, vraagt hij de gegevens op bij de fiscus. Dat gebeurt via een vertrouwelijk schrijven op 2 september 2010. Op 9 september krijgt hij de explosieve bankgegevens van de Bijzondere Belastinginspectie in Antwerpen.

Het strafonderzoek is amper begonnen, maar al een week later, op 17 september, komt de diamantlobby aankloppen bij de procureur-generaal. Twee advocaten van Antwerp World Diamond Centre (AWDC), Raf Verstraeten en Axel Haelterman, beiden toppleiters en rechtsgeleerden, willen het dossier-HSBC bespreken met Liégeois. Op 5 oktober mogen de advocaten langskomen.

Ook procureur Dams mag het gesprek bijwonen. In een voorafgaande brief van 29 september schrijft de procureur aan de procureur-generaal: 'Het feit dat meester Verstraeten deze discussie aanknoopt, moet hieruit begrepen worden dat AWDC schuld bekent dat tal van zijn leden inkomsten hebben op Zwitserse reke- ningen waarvan de fiscus niet op de hoogte werd gesteld?'

Op de vergadering blijkt dat de diamantsector de twee advocaten heeft uitgestuurd om in het HSBC-dossier op het hoogste niveau een deal te sluiten voor alle diamantairs. Er worden rekensleutels voorgesteld om de diamantairs toe te laten een minnelijke schikking te betalen en zo een strafproces te ontlopen.

Maar procureur Dams en zijn substituut Van Calster vinden de voorgestelde schikking veel te laag. Ze willen wel onderhandelen, maar alleen als de diamantairs 'volledige transparantie' bieden om te komen tot 'juiste taxaties', blijkt uit de briefwisseling. Als de diamantairs niet willen zeggen waarvoor hun Zwitserse rekeningen dienden, kan het parket immers niet inschatten wat een correcte belasting is om de zaak te begraven.

Minister

De gesprekken lopen vast en advocaat Haelterman stelt de procureur-generaal voor de minister van Justitie bij de onderhandelingen te betrekken. Dat vindt Liégeois een brug te ver. 'De beslissingen over vervolgingen behoren enkel aan het openbaar ministerie, dus aan de procureur', benadrukt de procureur-generaal op 24 februari vorig jaar.

Toch houdt Liégeois de deur open om verder te onderhandelen over schikkingen. 'Er bestaat uiteraard ruimte om dit onderwerp verder te bespreken', mailt hij aan advocaat Haelterman.

Die blijft voorstellen doen om een deal te sluiten. Maar een akkoord is ver weg. Op 9 mei laat het parket aan het parket-generaal weten dat de voorstellen van de diamantsector onvoldoende zijn omdat er geen bereidheid is bij de sector 'om volledige openheid van zaken' te geven. Op 13 oktober meldt de diamantsector via zijn advocaat dat hij de voorstellen van het parket 'niet redelijk' vindt.

Dolk in de rug

De manier waarop het parket de HSBC-zaak aanpakt, zint het parket-generaal duidelijk niet. Terwijl Van Calster samen met zijn speurdersteam al een jaar graaft in het HSBC-dossier, krijgt hij te horen dat de procureur- generaal op 13 oktober de diamantfraude is gaan bespreken met de minister van Justitie.

Het vertrouwen tussen het parket en het parket-generaal zakt helemaal onder nul wanneer Van Calster hoort dat de rechterhand van procureur-generaal Liégeois op 10 november een vertrouwelijk vergadering had bij de federale politie in Brussel. Ook de Antwerpse recherche was eerst niet uitgenodigd voor het gesprek. Het parket-generaal meldde politiedirecteur Johan Denolf dat het parket-generaal de HSBC-zaak weg wilde halen uit Antwerpen om de speurders van Denolf op de zaak te zetten en het federaal parket de leiding te laten overnemen. Maar Denolf weigert. Hij wil zijn collega-speurders in Antwerpen noch magistraat Van Calster een dolk in de rug steken.

Op 31 oktober ontaardt de wrevel tussen het parket en het parket-generaal. 'Mijn ambt is werkelijk verontrust over de wijze waarop uw parket - in casu Peter Van Calster - de problematiek in de diamantsector meent te moeten aanpakken', schrijft Liégeois aan Dams. Volgens Liégeois heeft Van Calster al een andere grote fraudezaak mismeesterd door pas na zeven jaar onderzoek de zaak voor de raadkamer te brengen en alle 220 verdachte diamantairs te willen aanpakken. 'Dat getuigt niet van een doordachte aanpak noch van enige realiteitszin en is blijkbaar het resultaat van een onverantwoorde hardleersheid van uw substituut.'

Het is die bombrief die procureur Dams de zin ontlokt 'we gaan ons niet laten opzijschuiven'. Wanneer de procureur antwoordt met een 31 pagina's tellend verslag om alle bezwaren van Liégeois een voor een af te wimpelen, steigert de procureur-generaal.

Dringende brief

Op 25 november antwoordt Liégeois met een 'zeer dringende' brief. Hij waarschuwt procureur Dams dat Van Calster een jaar eerder de HSBC-gegevens op een illegale manier heeft verkregen van de belastinginspectie. 'Dat geschiedde blijkbaar volledig buiten het dossier en zonder afgifte van een geschreven opdracht noch enig proces-verbaal (...) Op 29 september was er nog steeds geen geregistreerd dossier. Dat gebeurde pas op 1 oktober nadat u door het parket-generaal werd gewezen op mogelijke procedurele nietig- heden. Mijn ambt wenst derhalve zelf de aanvraag en het verloop van dit onderzoek aan de wettelijke bepalingen te toetsen.'

In een brief van 1 december dreigt Liégeois zelfs met een tuchtonderzoek tegen Dams als hij niet diezelfde dag nog (voor 15 uur) het dossier-HSBC op zijn bureau legt. Het parket volgt het bevel op. Maar in de begeleidende brief worden de bezwaren van Liégeois weer afgewimpeld met juridische tegenargumenten. 'De bewering dat dit is geschied buiten het dossier en zonder een geschreven opdracht slaat op niets', luidt het. 'Mijn ambt acht het niet nuttig aan onszelf kantschriften/brieven te schrijven.'

Liégeois doet de oorlog helemaal ontaarden wanneer hij op 5 januari een huiszoeking laat uitvoeren bij Van Calster, zijn medewerkers en de speurders. Tijdens die huiszoekingen zijn kasten opengeboord en computers afgetapt.

De advocaten van de diamantairs wrijven zich alvast in de handen. Het geruzie tussen de top- magistraten dreigt het HSBC- onderzoek naar de haaien te helpen.

Lars BOVÉ
(Dit artikel verscheen op 12 januari 2012 al in De Tijd)

Andere artikels in De Tijd over 'diamangate':
- Oorlog binnen Antwerps gerecht over diamantfraude (De Tijd, 10 januari 2012)
- Antwerps gerecht in de ban van 'diamantgate' (De Tijd, 10 januari 2012)
- Aanklagers sturen elkaar oorlogsbrieven (De Tijd, 11 januari 2012)
- Topfraude-onderzoeksrechter haalt uit naar procureur-generaal: 'Huiszoekingen doe je bij criminelen' (De Tijd, 13 januari 2012)

Geplaatst op 3 januari 2012 door Lars Bové Reacties | Reageren

Je wil niet weten hoe justitie het doet

De boekhouding van Justitie is een puinhoop. De honderden miljoenen euro's die het gerecht in beslag neemt, worden al jaren erbarmelijk beheerd. De nieuwe topman van de inbeslagnamedienst, Thierry Freyne, getuigt voor het eerst.

Al acht jaar heeft Justitie een Centraal Orgaan voor de Inbeslagneming en de Verbeurdverklaring. Dat COIV moest Justitie de 21ste eeuw binnenloodsen. De miljoenen euro's die politiediensten en magistraten over heel België in beslag nemen, zouden eindelijk professioneel beheerd worden in één centrale kas. Maar acht jaar later staat het COIV 'onder permanente audit' van de minister van Justitie. De toestand is verontrustend. Thierry Freyne, de nieuwe directeur van het COIV, kan ons niet eens zeggen wat er allemaal op de bankrekening staat. 'Bedragen noemen heeft geen zin zolang ik geen betrouwbare en precieze cijfers heb. Die zullen er pas volgend jaar zijn, of uiterlijk in 2013.'

Freyne was tot voor kort openbaar aanklager bij het parket- generaal van Brussel en voordien onderzoeksrechter in de hoofdstad. Sinds enkele maanden ontfermt hij zich over de bankrekeningen en de kluizen van Vrouwe Justitia. Zijn voorganger, ook een hoge magistraat, is een jaar geleden op staande voet uit zijn functie gezet door toenmalig minister van Justitie, Stefaan De Clerck (CD&V). De verwijten van wanbeheer en misbruik van inbeslaggenomen geld vlogen in het rond.

Freyne kijkt liever niet achterom. Hij werkt nu al enkele maanden in stilte aan een grote schoonmaak bij het COIV. 'Het COIV staat nu onder permanente audit, maar ik beschouw dat als een opportuniteit. Er is veel werk aan de winkel. We hebben al mensen moeten ontslaan. Anderen zijn vrijwillig vertrokken. Er was nogal wat absen- teïsme en een behoorlijk personeelsverloop. We zullen met een 40-tal medewerkers eindigen. Er zijn vier aanwervingen gepland, waaronder een boekhouder en een financieel verantwoordelijke.'

Acht jaar lang heeft het COIV honderden miljoenen euro's beheerd zonder boekhouder en zonder boekhoudkundig computerprogramma. 'Je wil echt niet weten hoe we het wel doen. Maar we doen het naar best vermogen en het moet beter', zucht Freyne. Volgende maand staat een belangrijke vergadering op Freynes agenda. Met de toplui van de lokale en de federale politie. Want die gebruiken nog altijd het faxtoestel om het COIV in te lichten over de geldsommen die ze in beslag nemen. 'Zo belandt er soms geld op onze rekening waarvan we de herkomst niet kunnen achterhalen. Dat is absurd, 19de-eeuws. Al sinds 2003 wordt de politie aangespoord dat elektronisch te doen. En dat moet nu eindelijk eens gebeuren. Gelukkig krijg ik nu positieve signalen van de politie.'

'Wat telt, is dat we de problemen nu aanpakken. De minister van Justitie heeft de problemen ten volle ingezien. Ja, er zijn nog altijd een aantal bedragen waarvan we de herkomst moeten achterhalen. Maar het is al een pak beter dan enkele maanden geleden, dankzij de inzet van ons team.'

Museum

En wat als het gerecht geen geld, maar een waardevol schilderij in beslag neemt? 'Dan is het nog altijd de magistraat zelf die beslist waar dat schilderij veilig opgeborgen wordt. Bijvoorbeeld in een museum. Het COIV weet dus niet waar het zit, alleen dat het in beslag genomen is. Het bewaren van zulke luxegoederen gebeurt dus heel verspreid over het land. In de toekomst zullen we magistraten daarvoor veel meer bijstaan en informeren.'

'Het COIV moet de praktische problemen op het terrein zo veel mogelijke helpen oplossen. We zullen bijvoorbeeld niet meer passief wachten tot een gerechtelijke instantie ons zegt wat er met een inbeslagname moet gebeuren. In de toekomst zullen we na drie of vier jaar spontaan vragen wat er moet gebeuren met het geld dat ons is toevertrouwd. Al moet ik toegeven dat we nu focussen op de interne schoonmaak en pas daarna naar buiten kunnen treden.'

'Maar de tijd dat massa's inbeslaggenomen auto's stonden te verkommeren ergens buiten of in een ondergrondse parking ligt ver achter ons. Vroeger stonden hier auto's die amper 50 euro waard waren en meer kosten aan de overheid om ze te bewaren. Dat is sterk verminderd. Nu worden inbeslaggenomen voertuigen meestal automatisch verkocht door Financiën.'

Fin shop

'Ook goederen van meer dan 2.500 euro kunnen meteen verkocht worden. Dat gebeurt voor Brussel, Vlaams- en Waals-Brabant via de zogeheten 'Fin Shop' van Financiën. Die winkel is een succes. Ik heb bij Financiën dan ook gepleit om soortgelijke shops te openen in Vlaanderen en Wallonië. Want buiten Brussel gebeuren de openbare verkopen in gespreide slagorde door de verschillende ontvangers van Financiën.'

Nog een belangrijk punt op Freynes todolijst: een nieuwe bankier zoeken. Al sinds de oprichting in 2003 gebruikt het COIV bankrekeningen en kluizen van ING. Maar het contract met ING is verstreken. 'Nog deze maand zou een draft van de openbare aanbesteding klaar moeten zijn.'

Het wordt een uitdaging voor Freyne en de nieuwe minister van Justitie, Annemie Turtelboom (Open VLD), om nog een veilige plek te vinden voor de honderden miljoenen euro's op de rekeningen. 'Wat is vandaag nog een veilige belegging? Niemand weet het. ING, onze bankier, heeft een redelijke rating. Maar als we een nul- risico willen, moeten we het geld misschien meer spreiden? Of moeten we het bij de deposito- en consignatiekas van de Belgische staat parkeren? Samen met de minister zullen we een beleggingsstrategie uitstippelen.'

Lars BOVÉ

(Dit artikel verscheen op 13  december 2011 in De Tijd.)

De nieuwe minister van Justitie, Annemie Turtelboom, kreeg op 15 december 2011 in de Kamer verschillende vragen over de chaos bij het COIV.

Geplaatst op 8 september 2011 door Lars Bové Reacties | Reageren

Moorden op Belgen blijven onbestraft

Een Belgische ingenieur die werkte voor een Zwitsers bedrijf in Zuid-Afrika was eind 2001 het slachtoffer van een roofmoord. De hoofdverdachte vluchtte meteen het land uit en woont ongestoord in een West-Europees land. Het Belgische gerecht kan hem niets maken. Het is een van de 15 misdaaddosiers tegen Belgen in het buitenland, waarover federaal procureur Johan Delmulle klaagt dat hij niets kan doen voor de nabestaanden van de slachtoffers.

Ook de andere dossiers zijn schrijnend. In 2003 maakte een 34-jarige Belg een fietstocht in Zuid-Amerika. Hij werd tijdens een overval vermoord. De twee daders zijn bekend, maar de lokale politie had te weinig geld om een huiszoeking en andere onderzoeksdaden uit te voeren. De verdachten zijn spoorloos en het federaal parket heeft niet de wettelijke bevoegdheid het onderzoek vooruit te helpen.

Eind 2004 werd een 39-jarige Belg neergestoken in Midden-Afrika, maar het plaatselijke gerecht had niet de expertise in huis om een DNA-analyse uit te voeren op het bewijsmateriaal. Intussen zijn de bewijsstukken verloren geraakt en zit het onderzoek op een dood spoor.

Om te vermijden dat nog meer nabestaanden van Belgen die in het buitenland vermoord zijn in de kou blijven staan, vraagt de federaal procureur dat de wet wordt aangepast. 'We starten in al die dossiers wel onderzoeken. Maar we mogen zelfs geen onderzoeksrechter vorderen, om bijvoorbeeld een internationaal aanhoudingsmandaat uit te vaardigen, zelfs niet als we de dader weten zitten. We mogen de verdachten ook niet dagvaarden voor een Belgische rechtbank.'

Hinderpaal

De grote hinderpaal is artikel 12 van 'de wet van 17 april houdende de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering'. Alleen als de verdachte van een zwaarwichtig geweldmisdrijf of van een terreurdaad in België wordt gevonden, kan het Belgische gerecht optreden. In de andere gevallen zijn de nabestaanden aangewezen op de politie en het gerecht in het buitenland. Maar minder ontwikkelde landen hebben vaak niet de middelen om een deftig onderzoek te voeren.

De N-VA en Open VLD hebben een wetsvoorstel ingediend om het Belgische gerecht toch bevoegd te maken voor terreurmisdrijven en de allerzwaarste gewelddaden, zoals gijzeling, moord en vergiftiging, tegen Belgen in het buitenland. In oktober vinden daarover in de Kamer hoorzittingen plaats.

De wetswijziging moet het federaal parket ook meer slagkracht geven wanneer Belgische militairen worden aangevallen tijdens buitenlandse missies. Zo werden onze troepen in Afghanistan in 2007 en 2009 geviseerd door zelfmoordterroristen. In beide gevallen raakten Belgen gewond, maar het federaal parket kon geen volwaardig onderzoek voeren.

Lars BOVÉ

Geplaatst op 19 augustus 2011 door Lars Bové Reacties | Reageren

Vlaanderen corrupter dan Wallonië?

De lawine van corruptiedossiers tegen ambtenaren en aannemers in Vlaanderen lijkt niet te stoppen. Nu deze week bekendraakte dat het Antwerpse gerecht twee nieuwe onderzoeken voert naar omkooppraktijken. Het eerste onderzoek is gericht tegen twee ambtenaren van de afdeling gebouwen van de Vlaamse overheid in Antwerpen. Het andere onderzoek viseert een ambtenaar van de Antwerpse scholengroep Antigon van de Vlaamse Gemeenschap. In ruil voor overheidsopdrachten zouden de ambtenaren zich hebben laten omkopen door aannemers.

De link tussen de twee onderzoeken is dat ze uitlopers zijn van het gigantische corruptiedossier bij de Regie der Gebouwen. Ze zijn gebaseerd op bezwarend materiaal dat de politiespeurders van de Centrale Dienst ter Bestrijding van de Corruptie (CDBC) vonden tijdens hun onderzoek naar omkooppraktijken bij de Regie der Gebouwen in Leuven. Uit inbeslaggenomen documenten is gebleken dat een aannemer die in Leuven tegen de lamp liep, ook ambtenaren omkocht bij (Vlaamse) overheidsdiensten in Antwerpen.

De nieuwe dossiers tonen dat het sneeuwbaleffect van het oorspronkelijke onderzoek naar corruptie bij de Regie der Gebouwen in Brussel haast niet te stoppen is. Het onderzoek, dat in januari 2006 van start ging, heeft intussen al geleid tot een twintigtal nieuwe over heel Vlaanderen. Exacte cijfers kan de CDBC, de centrale anticorruptiedienst van de federale politie, niet geven, maar er zouden al een 70-tal ambtenaren tegen de lamp zijn gelopen en een veelvoud van bedrijfsleiders en ondernemingen.

Wat meteen in het oog springt, is dat de verdachte ambtenaren, ook zij die werken voor een federale of Brusselse overheidsdienst, bijna allemaal Vlamingen zijn. Ook de aannemers van wie ze smeergeld kregen, zijn stuk voor stuk gevestigd in Vlaanderen. Die vaststelling prikt de perceptie door dat de ambtenarencorruptie zich vooral in het zuiden van ons land voordoet. Dat beeld is vooral het gevolg van de PS-affaires in Charleroi.

Ook de geldsommen die opduiken in de Vlaamse corruptiedossiers blijken veel groter te zijn. Terwijl het in de Waalse affaires vaak gaat over snoepreisjes en wat kleinere herstellingen in de privé-woningen van de verdachte ambtenaren, is in de 'Vlaamse' dossiers telkens sprake van stevige percentages van de waarde van de overheidscontracten die naar de ambtenaren gaan.

De Vlaamse corruptiedossiers zijn de voorbije vijf jaar maar met mondjesmaat geopend, omdat de speurders van de CDBC niet alle onderzoeken tegelijk kunnen voeren. De lijst van overheidsdiensten die in de dossiers voorkomt, is dan ook indrukwekkend. Behalve verschillende afdelingen van de Regie der Gebouwen gaat het onder andere over het Agentschap Maritieme Dienstverlening en Kust (Oostende), het Vlaamse agentschap Wegen & Verkeer, de NV Waterwegen & Zeekanaal en de Directie Beheer en Onderhoud van de Wegen van het Brussels Gewest.

Lars BOVÉ

Geplaatst op 20 juli 2011 door Lars Bové Reacties | Reageren

Advocatenbalies onder vuur

De 14 advocatenbalies in Vlaanderen moeten onderworpen worden aan een onafhankelijke audit. Dat zegt Jo Stevens, de aftredende voorzitter van de overkoepelende Orde van Vlaamse Balies (OVB). Na 14 jaar aan de top van de Orde, waarvan zes jaar als voorzitter, plaatst Stevens grote vraagtekens bij de werking van de 14 lokale ordes van advocaten.

'De balies zouden beter kritisch naar hun eigen werking kijken. Ik heb de indruk dat zo'n kritische ingesteldheid totaal ontbreekt in de meeste balies', stelt Stevens. 'Naar het voorbeeld van Nederland zouden ook onze balies geauditeerd moeten worden door buitenstaanders, zoals magistraten of professoren. Niet alleen door advocaten. Want, hoewel de advocaten bij de balies alles vrijwillig doen en met een zeker idealisme, blinken ze uit in conservatisme.'

Stevens, die op 1 september de fakkel doorgeeft als voorzitter van de OVB, is opvallend scherp voor de gang van zaken bij de balies. Volgens hem heerst bij de balies een 'regentencultuur'.

'In tegenstelling tot de overkoepelende Orde van Vlaamse Balies, hebben de 14 lokale balies geen algemene vergadering waaraan de stafhouder en de raad van de orde verantwoording moeten afleggen. Ook de aanstelling van de stafhouder en de raad van de orde gebeurt weinig democratisch. Het is een soort mandarijnendom. Met uiterst zelden meer kandidaten dan vacante plaatsen. Waarbij de kandidaturen nog vaak worden gestuurd vanuit de eigen cenakels.'

Ook de budgetten van de balies kunnen beter beheerd worden, meent Stevens. 'In de loop der jaren hebben de balies minder taken gekregen, maar hun budgetten en personeel zijn niet evenredig gekrompen. Sommige balies hebben ook nog een eigen spaarpot: geld dat conservatief is belegd bij een financiële instelling. Het gaat bij sommige om redelijk royale geldsommen. Maar moeten balies wel beleggingen doen? Kunnen ze dat geld niet beter investeren in projecten voor de advocaten?'

De balies zijn wel nog bevoegd voor tuchtonderzoeken, maar ook die noemt Stevens 'ondermaats'. 'In 2006 is het tuchtsysteem al wat verbeterd. Maar het is duidelijk nog niet performant. Een stafhouder kan bijvoorbeeld op eigen houtje beslissen een dossier niet voor de tuchtraad te brengen. In Nederland hebben de stafhouders niet diezelfde bevoegdheden. En daar zijn er een pak meer tuchtonderzoeken tegen advocaten. Misschien wat te veel. Maar sommige Vlaamse balies hebben al vijf jaar geen tuchtonderzoeken gevoerd. Dat kan toch niet?'

Volgens Stevens leidt de geplande hervorming van het Belgische gerecht, met minder gerechtelijke arrondissementen, sowieso tot een herschikking van de advocatenbalies. 'Ons model, met 29 balies in heel België, is verouderd als je kijkt naar de andere Europese advocaturen. Ons model is wel het beste recept voor balies als 'gezelligheidsverenigingen', folkloristisch, zonder invloed, verdeeld, zonder slagkracht en dus overbodig.'

Lars BOVÉ

Geplaatst op 20 juli 2011 door Lars Bové Reacties | Reageren

Proces zonder rechter

Wat moet een rechtsstaat doen als ze geen (gespecialiseerde) rechters heeft om een proces te behandelen? Dat is de heikele situatie waarin het Brusselse hof van beroep nu is beland in de rechtszaak van belangenverdediger Deminor tegen de overnameprijs die GDF Suez heeft betaald voor Electrabel. 'Dit is te wijten aan een organisatorisch probleem waar de minister van Justitie al sinds 2008 van op de hoogte is', stelt Johan Boon, woordvoerder van het Brusselse hof van beroep.

Alles heeft te maken met de 18de kamer van het Brusselse hof van beroep (vooral bekend van haar fameuze Fortis-arrest). Die behandelt alle rechtszaken tegen beslissingen van de Raad voor de Mededinging en de marktregulatoren CREG (gas en elektriciteit), BIPT (post en elektronische communicatie) en FSMA (financiële zaken). Om de 18de kamer te bemannen, heeft het Brusselse hof van beroep slechts drie (eigenlijk zelfs maar twee) gespecialiseerde rechters in huis.

Tot nog toe had het Hof van Cassatie nog nooit een arrest van de 18de kamer verbroken en teruggestuurd voor een nieuw proces. Alleen het Brusselse hof van beroep mag zo'n nieuw proces behandelen en dat moet dan gebeuren door drie andere rechters.

Maar in de zaak-Electrabel heeft Cassatie dat twee weken geleden wel gedaan. Het arrest dat de 18de kamer op 1 december 2008 in de zaak had geveld, is op 27 juni verbroken en verzonden naar een anders samengestelde kamer bij het Brusselse hof.

'Over de concrete rechtsgang in deze zaak kan ik nog geen inlichtingen geven. Het cassatiearrest is nog niet bij onze griffie gekomen', meldt Boon. 'Wel kan ik meegeven dat de minister op de hoogte is van het probleem. Het is hem herhaaldelijk, zowel schriftelijk als mondeling, gemeld. Het hof heeft de minister voorstellen gedaan om aan de toestand te verhelpen. Men kan dus niet zeggen dat het hof dit probleem niet voorzien heeft. Maar voor oplossingen is het hof, helaas, afhankelijk van derden.'

Minister van Justitie Stefaan De Clerck (CD&V) steekt niet weg dat het probleem hem bekend is. 'We hebben daarover al gesprekken gehad. En ik had een voorstel om bij het Brusselse hof van beroep een speciale entiteit op te richten die alle zaken rond marktregulatoren zou behandelen, met meer magistraten en gespecialiseerde medewerkers. Maar dat vereist een aanpassing van het Gerechtelijk Wetboek. Het past ook in mijn grote hervorming van het gerechtelijk landschap. Maar ik heb mijn plan niet kunnen finaliseren door de val van de regering. En in lopende zaken kan ik dit niet realiseren', verklaart hij.

Dat het probleem nu opduikt in de zaak-Electrabel is des te pijnlijk omdat de inzet niet min is. Het nieuwe proces moet eindelijk duidelijk maken of het Franse Suez een eerlijke prijs heeft betaald voor Electrabel. In 2005 lanceerde Suez een openbaar overnamebod op Electrabel. Twee jaar later volgde een uitrookbod op de resterende aandelen. Sommige aandeelhouders vonden de prijs te laag. Deminor stapte naar de beurswaakhond CBFA (nu FSMA), maar ving bot. Daarop volgde de rechtszaak in Brussel.

Lars BOVÉ

Geplaatst op 16 juni 2011 door Lars Bové Reacties | Reageren

Het palazzo van de Raad van State

In zijn jongste jaarverslag kondigt de Raad van State een nieuw hoofdstuk aan. Het spook van de achterstand is definitief verjaagd. Anno 2011 wachten vijf keer minder rechtszaken op een uitspraak dan in 2007. Tijd dus voor een gesprek met de gangmakers van het succesverhaal.

We zijn te gast in het 'Paleis van de markies van Assche'. Een prachtig oud herenhuis in de Europese wijk in Brussel. Ontworpen in 1860. De gevel is een kopie van het 'Palazzo Farnese', het paleis van Paus Paulus III in Rome. In de grote trappenhal, met originele decoratie in neo-Lodewijk XIV-stijl, bespeur ik een gedenkplaat dat koning Leopold III hier geboren is. Lang geleden was dit nog een pied à terre voor leden van de koninklijke familie.

Maar dit 'paleis' is intussen al meer dan 60 jaar de thuisbasis van de Raad van State. In dit gebouw worden de fameuze adviezen opgesteld waarmee de Raad van State toekomstige wetten en regels prijst of kraakt. Quota voor vrouwen in raden van bestuur, de verstrenging van gezinshereniging en de fondsen voor de kerk. Om maar enkele hete hangijzers te noemen waarover de Raad van State onlangs belangrijke adviezen uitbracht.

In dit gebouw wordt geen recht gesproken. Dat gebeurt in de vijf recentere gebouwen die de Raad van State in de Leopoldwijk groepeert. Daar moet u zijn om beslissingen van alle mogelijke overheidsadministraties aan te vechten. Zoals milieuvergunningen en overheidscontracten.

De grandeur van dit paleis staat weliswaar in schril contrast met de bekladde reputatie van dit huis. Want wie Raad van State zegt, denkt in de eerste plaats aan oeverloos lange procedures.

Redelijke termijn

In november 2006 schreef De Tijd nog dat er 621 zaken hangende waren die al meer dan tien jaar op een definitieve uitspraak wachten. Met hallucinante situaties, zoals een arrest over een bouwvergunning in het Antwerpse, die 13 jaar (!) eerder was toegekend. Beschamend voor een van de hoogste drie rechtscolleges van het land, naast het Hof van Cassatie en het Grondwettelijk Hof.

'In die stokoude zaken hebben we echt problemen gekend', bekent eerste voorzitter Robert Andersen. 'Het Europees Hof heeft België meermaals veroordeeld wegens het overschrijden van de redelijke termijn. En er loopt nog een tiental processen voor de Belgische rechtbanken en hoven van beroep waarin de Belgische staat aansprakelijk wordt gesteld voor de vertragingen bij de Raad van State. In de vonnissen die al zijn geveld - een viertal - is de staat telkens veroordeeld tot schadevergoedingen.'

Maar in zijn nieuwe jaarverslag over de periode 2009-2010 draait de Raad van State die zwarte bladzijde definitief om. Waren er in augustus 2007 liefst 32.115 zaken wachtende, dan waren dat er in augustus 2010 nog maar 10.116. En vandaag zijn dat er niet eens 6.500. Vijf keer minder dus, in amper vier jaar tijd. Andersen: 'Dat is het resultaat van hard werken, dag en nacht, op zon- en feestdagen.'

De gigantische achterstand is destijds ontstaan door de tsunami aan vreemdelingendossiers die de Raad van State overspoelde. In 2007 waren 21.516 vreemdelingenzaken hangende. Maar dat jaar is met de oprichting van een aparte Raad voor de Vreemdelingen-betwistingen het tij gekeerd. Zo wachtten in 2010 nog maar 3.968 vreemdelingenzaken op een verdict. 'En vandaag is de achterstand in de oude vreemdelingendossiers zelfs helemaal weggewerkt aan Nederlandstalige kant', meldt voorzitster Marie-Rose Bracke. 'Aan Franstalige kant zal dat nog maximaal een jaar duren. Daar was de toevloed groter. Maar dan zal de achterstand volledig weggewerkt zijn.'

In de nabije toekomst, na het volgende gerechtelijk jaar, zal men bij de Raad van State voor gewone annulatieberoepen niet langer moeten wachten dan 18 maanden om een arrest te krijgen. '18 maanden om een annulatieberoep af te handelen, is zeker niet lang meer. Sneller gaat niet', meent Andersen. 'De zaken zijn veel ingewikkelder dan vroeger, met almaar meer beslissingsniveaus en rechtsregels. Sommige advocaten klagen zelfs dat het te snel gaat. En net als het Hof van Cassatie zijn wij het hoogste rechtscollege van het land. Dan telt niet alleen de kwantiteit van de arresten, ook de kwaliteit. We moeten de mensen goed bedienen.'

Klachten

Vorige maand stelde ontslagnemend minister van Justitie Stefaan De Clerck (CD&V) voor beslissingen van de overheid immuun te maken voor individuele klachten bij de Raad van State. De aanleiding was de vernietiging van de bouwvergunning voor de tramlijn Deurne-Wijnegem na een klacht van welgeteld één buurtbewoner.

'Als de regering of het parlement de toegang van de burger tot de Raad van State wil beperken, moeten ze hun verantwoordelijkheid maar nemen', reageert Andersen. 'Voor sommige zaken zou het misschien wenselijk zijn dat wij, rechters, meer marge voor 'appreciatie' zouden krijgen. Dan kunnen we de belangen afwegen. Maar dat houdt ook een gevaar in. Als de regering bijvoorbeeld beslist een kerncentrale te sluiten, dan is het niet aan de rechters om af te wegen of dat wel maatschappelijk zinvol is. Wij zijn geen bestuurders.'

Bracke: 'Een bijkomend instrument kan zijn dat we de overheid nog de kans geven tijdens de procedure haar fout recht te zetten, zonder meteen de hele beslissing te vernietigen. Zo kunnen grote investeringsprojecten toch doorgaan.'

'En in plaats van de beslissing te verbreken zouden we ook schadevergoedingen kunnen opleggen', vult Andersen aan.

'Nu ja, ik schat dat slechts één op de tien zaken leidt tot een verbreking. Dat zijn er dus heel weinig. Maar wij zitten nu eenmaal in een zeer delicate positie. Ik moet u niet vertellen dat politici niet blij zijn als we hun beslissingen vernietigen.'

Versnippering

Er gaan ook stemmen op om de Raad van State volledig te hervormen. Minister De Clerck wil in alle rechtbanken 'administratieve kamers' oprichten. Die zouden het werk van de Raad van State overnemen. Die laatste zou dan nog alleen dienstdoen als cassatierechter.

'Ik ben geen voorstander van zo'n versnippering', beklemtoont Andersen. 'De Raad van State is onontbeerlijk. Wij zijn zeer gespecialiseerd, we zijn goed geïnformeerd over administratief recht en we kennen de noden van het bestuur, meer dan een gewone rechter. Trouwens, België is een heel klein land. We zijn Rusland of de Verenigde Staten niet. Als iemand van Oostende of van Luik naar Brussel moet komen, is dat toch geen ramp? Alles opdelen zal ook meer geld kosten. Ik vind het ook niet correct ons op te doeken, net nu we onze achterstand hebben ingehaald.'

En dan zijn er nog de onderhandelingen over de staatshervorming. Moet we ook de Raad van State opsplitsen? Sommige beroepen tegen bouwvergunningen zijn al weggehaald bij de Raad van State. Daarvoor is er nu een Vlaamse Raad voor Vergunningsbetwistingen. 'Ik maak niet het proces van anderen', zegt Andersen. 'Maar ik stel vast dat het daar niet vlugger gaat dan bij ons. Integendeel.'

Spel

Bij de afdeling Wetgeving van de Raad van State was er geen achterstand. En met twee verkiezingsjaren achter de rug is er zelfs een pak minder werk. Over de periode 2009-2010 vroegen de regeringen en parlementen 25 procent minder adviezen (1.511).

Maar wat zijn al die adviezen waard? Zo uitte de Raad onlangs nog kritiek op het wetsvoorstel over de quota voor vrouwen in de raden van bestuur van beursgenoteerde bedrijven. En toch is dat wetsvoorstel er, zij het na enkele aanpassingen, door geduwd. 'Dat is het democratische spel', stelt Andersen. 'Wij worden betaald om juridisch sterke adviezen uit te brengen. Die zijn zeer uitgebreid en gedocumenteerd. Als politici tegen ons advies ingaan, zijn we dar natuurlijk niet blij mee. Het is hun verantwoordelijkheid.'

'Maar ik ben niet ontgoocheld. Politici zijn steeds meer geneigd onze adviezen wél te volgen. Ik vind het positief dat de Raad van State zijn rol speelt. Wij luiden de alarmklok.'

Lars BOVÉ

Geplaatst op 10 juni 2011 door Lars Bové Reacties | Reageren

Comedy capers bij de politie

Wie denkt dat de politie tien jaar na de fameuze politiehervorming uitblinkt in efficiëntie, heeft het verkeerd. Een nieuw rapport van het Comité P over 'het optreden van de politie in acute crisissituaties' schetst een allesbehalve rooskleurig beeld. Het laat zich samenvatten in een gebrek aan samenwerking én leiding.

Een nachtelijke achtervolging in Oost-Vlaanderen. Meer dan 20 voertuigen van 15 verschillende politiezones en federale politiediensten volgen een verdachte over een afstand van meer dan 100 kilometer. Niemand neemt de leiding. Dus groeit het aantal achtervolgende wagens aan naarmate meer kilometers worden afgelegd en meer politiezones worden doorkruist. 'Maar achteraf vroeg iedereen zich af of de achtervolging wel noodzakelijk was', staat te lezen in het nieuwe rapport van het Comité P. 'Want de verdachte was al lang geïdentificeerd. De politie kon hem beter gewoon opwachten aan zijn woning.' Bij de achtervolging raakten zes politiewagens beschadigd en minstens twee agenten gewond.

Het lijkt het scenario van een comedy caper-film, maar het is bittere ernst. En het is zeker geen alleenstaand geval. Wie het rapport van het Comité P leest, kan alleen maar concluderen dat ruim tien jaar na de politiehervorming nog veel werk aan de winkel is.

Zo komt het Comité P tot de pijnlijke vaststelling dat het bij politieachtervolgingen - in heel België - onduidelijk is wie de leiding heeft zodra er wat kilometers zijn afgelegd en er meer dan één politiezone bij betrokken is.

Zo ontsnapte in januari vorig jaar een gangster uit de gevangenis van Brugge. Dat gebeurde met een helikopter, gevolgd door een carjacking met gijzeling. Een belangrijk incident dus. Maar bij gebrek aan een 'gedetailleerd verwittigingsschema' moest de federale gerechtelijke politie de feiten via de media vernemen.

Bij de analyse achteraf vroeg de federale gerechtelijke politie zich af waarom geen algemeen politiealarm was afgekondigd. De reden is simpel. Het Comité P stelt vast dat de procedure 'politiealarm', met algemene afspraken bij grote incidenten, in mei 2005 is ingevoerd. 'Maar de uitvoering van de omzendbrief is grotendeels dode letter gebleven.' De geplande samenwerkingsovereenkomsten zijn er zes jaar na datum nog altijd niet.

Zo'n politiealarm is technisch zelfs onmogelijk, omdat veel lokale politiezones nog op eigen houtje werken. Zo doen 9 van de 19 politiezones in West-Vlaanderen hun eigen dispatching voor interventieploegen. Ze zijn daarvoor niet verbonden met het overkoepelende Communicatie- en InformatieCentrum (CIC). Het CIC-Antwerpen doet de dispatching van 21 politiezones, maar niet voor de vier belangrijkste: Turnhout, Geel, Mechelen en Antwerpen. Zij hebben hun eigen communicatie- kanaal. Zo missen ze bij achtervolgingen cruciale informatie.

De conclusie van het Comité P is verontrustend. Iedereen kent de problemen, maar niemand neemt het voortouw om ze op te lossen. De achtervolgende agenten worden aan hun lot overgelaten.

Het lijkt nochtans logisch dat de overkoepelende CIC's de leiding zouden nemen bij lange achtervolgingen. Maar daarvoor is een 'cultuuromslag' nodig, schrijft het Comité P. De politiezones - 196 eilandjes -moeten de teugels uit handen willen geven. Om niet op hun lange tenen te trappen wordt hun gevraagd de 'coördinatie' uit handen geven, niet de 'leiding van de operatie'. Dat laatste zou hen kunnen schofferen. Of hoe de eengemaakte politie toch niet één is.

Lars BOVÉ

Geplaatst op 1 juni 2011 door Lars Bové Reacties | Reageren

De Clerck versus De Clerck

Roger 'Beaulieu' De Clerck voert een rechtszaak tegen Stefaan 'minister van Justitie' De Clerck. De stichter van de textielgroep Beaulieu valt de Belgische staat - in dit geval de minister van Justitie - aan omdat de bekende fraudezaak tegen hem nu al meer dan twee decennia aansleept en het proces ten gronde nog lang niet in zicht is.

Vandaag wordt voor de burgerlijke rechtbank van Kortrijk gepleit in de opmerkelijke rechtszaak. Roger De Clerck zal in eerste instantie eisen dat de fraudezaak tegen hem wordt stopgezet. De strafzaak gaat al terug tot 8 november 1990. Die dag is het eerste proces-verbaal opgesteld tegen de nu 86-jarige Roger De Clerck. In tweede instantie zal zijn advocaat een omvangrijke schadevergoeding eisen van de Belgische staat.

Toen we minister De Clerck gisteren contacteerden over de rechtszaak die vandaag wordt gepleit in het hem welbekende gerechtsgebouw van Kortrijk, viel hij uit de lucht. 'Die zaak is mij helemaal niet bekend. Dat soort zaken wordt automatisch behandeld door de advocaten van Justitie. Alleen over bijzondere zaken, die een impact hebben op mijn politieke activiteit, word ik ingelicht', benadrukt de minister. 'Ach, de band tussen Roger De Clerck en mezelf wordt wel vaker overdreven. Hij is geen nonkel van mij. De grootvader van mijn vader was de grootvader van Roger De Clerck. Onze familie is groot.'

In oktober 2009 gaf minister De Clerck in de kamercommissie Justitie wel toelichting over de fraudezaak tegen zijn (ver) familielid. In algemene termen zei hij toen dat het 'schandalig' is dat dossiers zoals de zaak-Beaulieu zo lang wachten op een afhandeling. '18 jaar is een serieuze termijn', stelde de minister in 2009. Hij verwees daarbij naar een arrest dat het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in september 2007 velde. Het Hof oordeelde toen al dat de redelijke termijn 'ruimschoots overschreden' is in de zaak-Beaulieu.

En dat Europees arrest is ook de hoeksteen van de rechtszaak die vandaag in Kortrijk wordt gepleit. Want het was Roger De Clerck die destijds naar het Europees Hof stapte. Het Hof veroordeelde de Belgische staat, maar de fraudezaak ging gewoon voort. En vandaag, ruim drie jaar na het Europees arrest, is het nog altijd onzeker of Roger De Clerck en de meer dan 30 andere verdachten ooit voor de rechter moeten verschijnen.

Daarom zal de advocaat van de hoogbejaarde Roger De Clerck vandaag pleiten om de logica van het Europees arrest door te trekken en de fraudezaak stop te zetten. De advocaat van de textielbaron, Jean-Pierre Vande Maele, laat nu al verstaan dat daarna een fikse eis tot schadevergoeding volgt. 'We baseren ons op de klassieke foutaansprakelijkheid, geregeld in artikel 1382 van het Burgerlijk Wetboek', legt de advocaat uit. Hij wil daar nog geen concrete geldsom op plakken. 'Maar het zal natuurlijk niet alleen gaan over de gerechtskosten. Het gaat over veel meer dan dat. De rechten van de verdediging van mijn cliënt zijn flagrant geschonden. Hij wordt al 22 jaar in opspraak gebracht zonder ooit veroordeeld te zijn. Denk ook eens aan de kaderleden van de Beaulieu-groep die al zo lang op deze zaak werken. Dat is heel wat.'

De advocaat van Roger De Clerck (links) pleit vandaag voor de rechtbank van Kortrijk tegen de advocaat van de minister van Justitie, (ver) familielid Stefaan De Clerck. De minister volgt het proces zelf niet op.

Lars BOVÉ
(Dit artikel verscheen op 31 mei 2011 in De Tijd)

Laatste reacties op onze blogs

Onze blogs

Meer