Geplaatst op 5 september 2012 door Lars Bové

Geachte procureur-generaal

Geachte heer Liégeois,

U haalde maandag, bij de start van het gerechtelijk jaar, ongemeen hard uit naar de pers. Dat is uw volste recht. De vrijheid van menings- uiting, weet u wel. En iedereen die u kent, had niet anders verwacht dan een rechttoe-rechtaanspeech. Het typeert u. Alleen zou de manier waarop u alle journalisten over één kam scheert en uw persoonlijke ervaringen optilt tot feiten nooit de toets doorstaan van een journalistiek artikel. Wij, journalisten, moeten ons houden aan de feiten. Onze gevoelens zijn van geen tel. Terwijl uw uithaal naar de pers ingegeven is door uw woede over de artikels die zijn verschenen over de oorlog tussen uzelf en de diamantaanklager Peter Van Calster. Het was in volle 'diamantgate', enkele maanden geleden, dat u besloot deze toespraak te houden.

Over één ding zijn we het eens: de pers moet het vermoeden van onschuld respecteren. Dat is de moeilijke taak van elke gerechtsjournalist. Daarom schrijf ik bijvoorbeeld nooit over klachten. Want gelijk wie kan een klacht indienen. Daar in de pers zomaar ruchtbaarheid aan geven, is zeer delicaat. Met datzelfde dilemma worstelde ik afgelopen vrijdag toen ik vernam dat Van Calster tegen u een klacht had ingediend. Alleen was dat zo ongezien: een aanklager die zijn eigen procureur-generaal beticht van 'tuchtrechtelijke inbreuken en misdrijven'. Daarover moesten we berichten. Maar alleen als ik u de kans gaf om te reageren, wat ook gebeurde.

Maar we zijn het vooral oneens. U klaagt dat er te weinig procedures zijn om een bericht in de pers recht te zetten of om de auteur te straffen. Nochtans kan iedereen die in een krantenartikel vermeld wordt een joekel van een recht van antwoord laten publiceren. Zelfs als de feiten 100 procent correct zijn. Als journalist sta je ook nog eens elk dag blootgesteld aan rechtszaken. Dat is een behoorlijk zwaard van Damocles boven ons hoofd. U weet dat. Uw eigen echtgenote spande in volle diamantgate een rechtszaak aan tegen journalist Yves Desmet. Wegens laster en eerroof, waarbij ze 19.000 euro schadevergoeding eiste. Onder andere omdat ze in een rusthuis al spottend werd gevraagd waar ze haar diamanten had verstopt.

Worden magistraten dan beter gecontroleerd dan journalisten? Al onze berichten worden 'gescreend' door honderdduizenden lezers. Het oordeel van de nieuwsconsument is bikkelhard.

U haalt ook uit naar uw eigen troepen die lekken naar de pers. Vooral de moeilijkheid om onze bronnen te ontmaskeren, stoort u. Ik weet waarom. Op 14 september vorig jaar vorderde u zelf een gerechtelijk onderzoek naar een 'georganiseerd perslek' in De Tijd van 3 september. Het artikel toonde aan hoe omvangrijk de 'HSBC-fraude' wel is. Er zijn honderden diamantairs bij betrokken, zelfs de top van de sector, goed voor 1 miljard dollar zwart geld. Maar tot uw spijt kon de onderzoeksrechter onze bron niet ontmaskeren.

U moest eens weten hoe vaak een gerechtsjournalist wordt verhoord over lekken. Ik geef u een voorbeeld. In augustus 2009 onthulde De Tijd het dossier tegen rechtbankvoorzitster Francine De Tandt. Pas na dat perslek kwam er een onderzoek. En nu in november moet de magistrate in kwestie verschijnen voor het hof van beroep. Met alle respect voor haar vermoeden van onschuld moet u met mij toch besluiten dat een perslek zinvol kan zijn in een democratie. Ook in deze zaak ben ik verhoord over mijn bron. Ook dat leidde tot niets. U vindt dat ergerlijk. Ik niet.

U gaat nog verder. De pers zou magistraten en speurders die gewillig lekken in ruil 'positieve publiciteit' geven. Verwijst u opnieuw naar uw vete met Van Calster? U noemt het zelfs 'een vorm van corruptie'. Ik kan gerust stellen dat enkele magistraten en speurders, die bekendstaan als een goede bron van menig gerechtsjournalist, geen genade kregen toen ze onlangs zelf in een strafonderzoek belandden.

Het bedroeft me dat een topmagistraat pleit voor een wetswijziging die het bronnengeheim van journalisten doorprikt. Is de pers in uw ogen dan alleen een doorgeefluik van kant-en-klare persmededelingen? Moeten wij in elk dossier het geheim van het onderzoek respecteren? Moesten we dan tien jaar lang wachten op het proces-Lernout & Hauspie om erover te schrijven? Het spreekt voor zich dat de pers haar rol als 'vierde macht' zorgvuldig moet spelen. Maar een heksenjacht op onze bronnen is een gevaar voor de democratie.

Lars BOVÉ

Reacties

Onze blogs

Meer