Karl Otto
‘Het toekomstige Europese monetaire systeem is te belangrijk om het slachtoffer te worden van een compromis - zeker één van de luie variant. Waar we hier over praten, is niets minder dan de vervanging van onze Deutsche Mark door een Europese munt en de transfer van substantiële bevoegdheden van de Bundesbank naar een eengemaakte Europese centrale bank.’ Die quote tekende het weekblad Stern op sinterklaasdag 1990 op bij Karl Otto Pöhl, die van 1980 tot 1991 voorzitter was van de Bundesbank.
Pöhl voelde al nattigheid een jaar voor het verdrag van Maastricht, waar de Europese politici de muntunie en de euro op de rails zetten. Maastricht werd inderdaad een ‘lui compromis’ en het resultaat zien we nu met de weinig flatterende Europese aanpak van de Griekse crisis.
Op de Amerikaan Paul Volcker na is Pöhl de beste centrale bankier van de voorbije decennia. Hij voerde in de vroege jaren 80 ook samen met Volcker een keiharde maar succesvolle strijd tegen inflatie en legde zo mee de basis voor twee voorspoedige economische decennia. In de jaren 80 was Pöhl voor veel Duitsers de ‘vleesgeworden Deutschmark’: een symbool van prijsdiscipline met nultolerantie voor inflatie of welke muntontwaarding dan ook. Het was Pöhl die in de late jaren 80, initieel tegen de zin van de Fransen, eiste dat de toekomstige Europese Centrale Bank geschapen zou worden naar het beeld van de legendarisch onafhankelijke Bundesbank.
Pöhl waarschuwde in februari 2009 voor de Griekse schuldencrisis. In een interview met Sky News zei hij dat de Europese toezichthouders lessen moesten trekken uit twee jaar financiële crisis door lidstaten te verbieden schulden te hoog te laten oplopen. ‘We hebben de Maastrichtlimiet dat een begrotingstekort maximaal 3 procent van het bruto binnenlands product mag zijn. Maar niemand volgt de regels nog. De regels moeten scherper’, klonk het toen.
Pöhl zal niet alleen de Griekse schuldencrisis hoofdschuddend gevolgd hebben. Ook het bizarre voorstel van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) om de inflatiedoelstelling van 2 tot 4 procent op te trekken, vindt in zijn ogen ongetwijfeld geen genade. Ik weet ook niet wat ze daar in Washington tegenwoordig roken, maar het IMF-voorstel is een miskleun. Het is een mythe te denken dat centraal bankiers of politici inflatie kunnen ‘doseren’. Je laat inflatie even ‘los’ en voor je het weet zit je in stagflatie, de hatelijke combinatie van lage groei en hoge inflatie. Pöhl verwoordde het bij zijn aantreden als Bundesbank-voorzitter in 1980 perfect: ‘Inflatie is als tandpasta. Eenmaal eruit, krijg je het er niet meer terug in. Dus kun je maar beter niet te hard op de tube duwen.’
Beste Zanna, Ik zal je missen in mijn dagelijkse krant. De mensen die alleen een krant kopen (of iets anders) om op voorhand reeds te weten wat ze er zullen vinden zijn blijkbaar nog altijd de grote meerderheid. Niks onverwachts, alles strak in het rijtje, of in het pak, zeker geen psychologie, liever rechtlijnige, wiskundige logica. De rest boezemt angst in... .
Reactie van Marc De Clerck | 30 april 2010 om 12:25