Düsseldorf
Het lijkt bij de huidige temperaturen een eeuwigheid geleden, maar tijdens mijn twee weken vakantie in het niet zo zonnige zuiden heb ik voor één keer een groot deel van het leesvoer dat ik elk jaar meezeul, kunnen lezen. Gezellig bij het knetterend haardvuur, dankzij het kille en natte weer in de zuidelijke Alpen. De locals - die in tegenstelling tot wij Belgen perfect weer gewoon zijn - werden er balorig van. Al had dat deels ook te maken met het feit dat ze als Fransen met Italiaanse roots hun geliefde voetbalploegen - les bleus en de azzurri - in Zuid-Afrika compleet de mist in zagen gaan. Ik genoot best van het pokkenweer en de extreem overstreste berichtgeving rond de staatszaak ‘les bleus’. Stel je voor: de lokale Nice-Matin vond ruziënde Franse voetballers belangrijker dan het nakende societyhuwelijk van Albert II, de Monegaskische versie.
Bij het haardvuur kon ik onder meer ‘The Big Short’ van Michael Lewis verslinden. En ik moet zeggen: de ‘pageturner’ kan zonder blozen naast Lewis’ klassieker ‘Liar’s Poker’ staan. In ‘Liar’s Poker’ lanceerde Lewis de term ‘Equities in Dallas’: voor een New Yorkse obligatiehandelaar in de jaren 80 was de ergst denkbare straf - erger dan ontslag of de dood - dat hij naar de aandelenhandel in Dallas verbannen zou worden.
In ‘The Big Short’ is ‘Dallas’ vervangen door een minstens even geslaagde Wall Street-pispaal. Dankzij Lewis hebben we een verzamelterm voor de grote, domme belegger: ‘Düsseldorf’. Ik ben er al lang van overtuigd dat het marktencliché dat de kleine belegger de domste is, niet klopt. Vaak is het de kleine, actieve belegger die het naarstigst zijn huiswerk doet voor hij handelt. En dat de term ‘gesofisticeerde belegger’ als omschrijving van de grote, institutionele belegger een contradictio in terminis is.
‘The Big Short’ staaft mij in die overtuiging. Neem pagina 93. Een hefboomfondsbeheerder vraagt de chef obligatiehandel bij Deutsche Bank vol ongeloof waar die al de ‘suckers’ blijft vinden die herverpakte rommelkredieten met een AAA-strikje rond blijven kopen. En dat terwijl autistische eenzaten met een glazen oog die even onder de motorkap keken, geen probleem hadden de onderliggende rommel te ontdekken.
Een flard conversatie. Een hedgie: ‘Wie is de tegenpartij? Wie is de idioot?’ Antwoord van de Deutsche Bank-trader: ‘Düsseldorf. Domme Duitsers. Zij nemen ratingbureaus ernstig. Ze geloven in regels’. Düsseldorf huist niet toevallig IKB, de Duitse kmo-bank die eeuwige roem verwierf als eerste Europese subprimeslachtoffer. En ook WestLB - de Landesbank die in de City en Wall Street faam verwierf voor haar seriële marktenzaalblunders - heeft in die Rijnstad haar hoofdzetel. Bankiers zijn gewaarschuwd. Als ze Wall Street bellen en ze horen iemand fluisteren ‘Düsseldorf on the line’, letten ze best op hun tellen.
Kurt Vansteeland
Reacties