Home Markten Live Netto Sabato

Geplaatst op 30 december 2018 door Wijntijd Reacties | Reageren

Klamme handjes voor de Europese Verkiezingen

WijngaardDoor de politiek chaotische finale van 2018 – niet alleen in België – , mogen we niet vergeten dat er in mei 2019 ook Europese verkiezingen op het menu staan.

Verkiezingen waar toch een aantal dossiers met potentieel ‘zware’ gevolgen op tafel liggen voor de wijnhandel- en amateurs. Enkele maanden na de ‘vernieuwing’ van het Europese Parlement wordt er immers een nieuwe Europese Commissie benoemd, de eerste in het post-Brexittijdperk. En hoe deze nieuwe ploeg zich zal opstellen tegenover de wijnsector, is nu nog een open vraag.

Overbelasting van wijnlabels

Een dossier dat zeker aan de nieuwe commissarissen zal voorgeschoteld worden is dat van de wijnetikettering.

Zo ligt er binnenkort een voorstel op tafel om alle Europese wijnlabels te verplichten het aantal calorieën te vermelden, inclusief een voor de hele EU uniform geldend symbool. Vooral dit laatste was, toen bleek dat de huidige Commissaris voor Gezondheid absoluut deze verplichte calorievermelding wilde introduceren, een eis van veel wijnproducenten: liever één Europees symbool en één Europese standaard dan dat ze voortaan voor elke exportbestemming een afzonderlijk etiket moeten ontwerpen.

Het huidige voorstel dat door de (Franse) rapporteur aan de nieuwe Commissie zal gepresenteerd worden, bevat echter een m.i. belangrijker beslissing: er wordt immers voorgesteld om alle actoren in de wijnbusiness voldoende tijd en speelruimte te gunnen alvorens hen te verplichten ook alle tijdens de vinificatie gebruikte ingrediënten gedetailleerd op het (rug)etiket te vermelden. Met als voornaamste argument: er bestaat immers geen officiële lijst van additieven of hulpmiddelen die als leidraad kan dienen.

Een zinvol voorstel, want als we niet opletten verandert een wijnlabel binnenkort in een medische bijsluiter die zijn ultieme doel mist, namelijk: de consument eerlijk voorlichten. Iedere anti-alcohollobbyist kan dan immers nieuwe ‘taboes’ eisen waardoor een wijnetiket onleesbaar en ongenietbaar wordt.  

En geef toe: de gemiddelde consument begrijpt waarschijnlijk toch 90% van de opgesomde producten of hun eventuele effecten niet, want om die finesses te vatten is vaak een biochemisch diploma nodig. Mag een fles wijn trouwens nog in eerste instantie plezier, smaak en gezelligheid bevatten in plaats van een chemische analyse, mits de nodige matigheid qua consumptie?

Money honey

Maar in het wijndossier voor de komende Europese Commissie zijn er nog andere topics verstopt die hopelijk op termijn de wijnbusiness- en drinker geen kater bezorgen.

Zo pleiten de momenteel geredigeerde teksten voor een verdere versoepeling van de spelregels inzake toegelaten druivenrassen – met name van hybriden – en wordt er ook gehoopt dat Europa zich minder bemoeit met de toelatingen voor nieuwe aanplantingen. Zeker in sterke productielanden als Frankrijk, Spanje of Italië wil men dat maximaal zélf bepalen en mag Europa hoogstens de randvoorwaarden verscherpen.

Uiteraard draait alles ook impliciet om geldstromen en subsidies. Na de Brexit wil Europa immers vanaf 2021 de globale enveloppe die de wijnsector krijgt serieus knippen, aangezien de Europese Unie straks nog slechts 27 leden telt.

Kortom, de verkiezingen voor de Europarlementariërs zouden in de huidige politieke context wel eens de hele Europese wijnbusiness flink door elkaar kunnen schudden, zeker gezien de animositeit die er tussen diverse lidstaten of politieke fracties heerst.

Frank Van der Auwera

PS: uiteraard wensen we alle lezers van deze rubriek "Wijntijd”, die na 10 jaar op deze vertrouwde pagina’s stopt maar verder zal lopen via andere kanalen, toch een uitmuntend millésime 2019. En wie met chronische of acute wijnvragen zit, u blijft altijd welkom via frank@dewijnkoopgids.eu of uiteraard via ons magazine Sabato.

Geplaatst op 23 december 2018 door Wijntijd Reacties | Reageren

Geen kortingen in de wijngaard (deel 3)

WijngaardIn dit derde en laatste deel focussen we op Bordeaux, waarbij de grote interne waardeverschillen zeer frappant blijken. Ook al werden nog niet alle appellaties (zoals Margaux) reeds finaal berekend.

Voor de Bordelaise appellaties ziet het plaatje er in globo echter enorm gevarieerd uit.

Vooral binnen de Médoc is er soms sprake van grote waardeverschillen. Zo kost de gemiddelde hectare wijngaard in Pauillac bijna 4,5 keer méér dan een gelijkaardig perceel in de toch eveneens goed aangeschreven appellatie Saint-Estèphe. Toch kwam er in 2017 goed nieuws voor de wijnbouwers en domeineigenaars in Saint-Estèphe, want de waarde voor een hectare piekte er met +17,49%, terwijl de verkoopwaarde in Pauillac bleef hangen (-0,79%).

Dat er echt sprake is van rangen en stangen, en de aanwezigheid van bekende namen de prijzen ook voor de minder goden de stratosfeer injaagt, wordt duidelijk geïllustreerd als we het prijskaartje van Pauillac vergelijken met de ‘kleinere’ appellaties zoals Moulis of Listrac. Dan gaapt de kloof helemaal: een hectare Pauillac is dan tot 25 maal (of meer) duurder.

Pomerol koning!

Maar ook op rechteroever blijken de verschillen soms erg groot, met Pomerol als het absolute prijsbeest. De verkoopprijzen voor een wijngaard gingen er in 2017 zelfs met +14,5% op vooruit, terwijl Saint-Emilion ook groeide (+7,95%) maar de waarde van percelen Pessac-Léognan nagenoeg stagneerden (-0,79%).

Een appellatie als Fronsac, ten westen van Pomerol gelegen, is helemaal ‘peanuts’ vergeleken met Pomerol: tot 67 keer goedkoper per hectare.

Dat Saint-Emilion, ondanks de aanwezigheid van een pak grands crus classés, gemiddeld toch 6 keer minder waard blijkt dan een hectare Pomerol, heeft natuurlijk te maken met twee factoren. Enerzijds is Pomerol echt een smurf qua oppervlakte (minder dan 800 hectare aanplant), en anderzijds bevat Saint-Emilion op circa 5.500 hectare appellatie ook veel bescheiden cru’s die maar een fractie van de marktprijs realiseren van de ‘grote jongens’.

Pauillac: 2.000.000 €/ha
Pomerol: 1.500.000 €/ha
Saint-Julien: 1.200.000 €/ha
Saint-Estèphe: 450.000 €/ha
Pessac-Léognan: 450.000 €/ha
Saint-Emilion: 250.000 €/ha
Moulis: 80.000 €/ha
Listrac: 75.000 €/ha
Sauternes: 30.000 €/ha
Fronsac: 30.000 €/ha

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 22 december 2018 door Wijntijd Reacties | Reageren

Geen kortingen in de wijngaard (deel 2)

Eerder kon u lezen dat het triumviraat Champagne-Bordeaux-Bourgogne&C° bijna 90% van de totale waarde van het Franse wijngaardpatrimonium inpalmt.

In deze column zoomen we in op een aantal deelappellaties binnen de clusters Champagne en Bourgogne.

Daarbij werd de prijs berekend per hectare wijngaard voor 2017, met eliminatie van de hoogste en laagste extreme verkoopprijzen.

Champagne: chardonnay baas

Voor de regio Champagne, solo goed voor 55% van de totale waarde van het Franse wijngaardpatrimonium, is het vooral de chardonnay-aanplant in de Côte des Blancs die het duurst dient betaald, zij het dat er in 2017 wel sprake was van een daling met 4,7% qua waarde vergeleken met 2016. Grootste vooruitgang werd dan weer geboekt in de Aube (+2,52%):

Côte des Blancs: 1.472.200 €/ha
Côte d’Epernay, Grande Montagne: 1.188.900 €/ha
Andere regio’s (Marne): 1.040.000 €/ha
Aube: 1.004.100 €/ha

Bourgogne: de top is onbetaalbaar

Ook al werd er in de basisberekening gesproken over het ‘bassin’ Bourgogne-Beaujolais-Savoie-Jura, filteren we de data nu puur naar de Bourgogne.

En dan wordt de trend meteen duidelijk: de waardebepaling van een wijngaard in de Côte D’Or en omstreken wordt vooral bepaald door de status, namelijk het cru-gehalte van de wijnen.

Een nuances nog. Al de onderstaande categorieën piekten in 2017. De reeds peperdure grands crus gingen er verrassend nog met +8% in waarde op vooruit, de witte premiers crus met +4,1%, hun rode collega’s met +2,3%, de Chablis premiers crus met +0,3% en de andere Chablis-categorieën zelfs met +4,99%:

Les grands crus: 6.000.000 €/ha
Les premiers crus blancs: 1.536.000 €/ha
Les premiers crus rouges: 650.000 €/ha
Chablis premier cru: 350.000 €/ha
Chablis: 164.000 €/ha

En wat met de Mâconnais, tenslotte toch in de literatuur ook beschouwd als behorende bij de Bourgogne? Ook hier is er sprake van een duidelijke pikorde. Waar bijvoorbeeld het gemiddelde prijskaartje in 2017 voor een hectare Mâcon Blanc 65.000  €/ha beliep, diende de koper tot bijna 4 maal dieper in de portfeuille te tasten om een hectare Pouilly-Fuissé te bemachtigen.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 17 december 2018 door Wijntijd Reacties | Reageren

Geen kortingen in de wijngaard (deel 1)

DruivenDe officiële cijfers over de actuele waarde van wijnpercelen in Frankrijk druppelen altijd binnen met vele maanden vertraging. Zo kunnen we nu pas snuffelen in de (ver)koopprijzen die in 2017 werden gerealiseerd. En zelfs dan nog is er sprake van een methodologische bias, omdat de evolutie van de verkoopprijzen wordt berekend mits aftrek van de hoogste en laagste transacties.

Eén ding staat echter vast: de waarde van het Franse wijngaardpatrimonium voor de AOP’s (appellation d'origine protégée of de beschermde herkomstbenamingen) werd voor 2017 geraamd op 69,4 miljard euro, of een stijging met +2,3%.

Andere trend: tussen 1997 en 2017 vermenigvuldigde de gemiddelde prijs voor AOP-wijngaarden in constante waarde flink met een factor 2,5, vooral gestimuleerd door de daling van de interestvoeten en de verbetering van het gemiddelde inkomen uit de wijnbouw.

De Drie Slokoppen

Wat opvalt in de statistieken voor het jaar 2017 is de hoge mate van concentratie.

Maar liefst 86% van de totale waarde bevindt zich namelijk in slechts drie grote appellatieclusters. Absolute koploper blijft La Champagne, dat op zijn eentje 55% inpalmt van de totale waarde (38 miljard euro), maar toch amper 7% van de totale aanplant vertegenwoordigt.

Op de tweede plek volgen de appellaties van de Bordelais, goed voor 12,7 miljard euro wijngaardwaarde (stijging: +18%!), gerealiseerd met 28% van de totale aanplant.

Het derde ‘bassin’ dat sterk scoort is de cluster Bourgogne-Beaujolais-Savoie-Jura. Samen goed voor 10% van de aanplant, maar toch ook nog 8,87 miljard euro in waarde. Uiteraard concentreert de grootste verkoopwaarde zich in de appellaties van de Côte d’Or.

Hoe er ook binnen deze drie ‘winnaars’ soms ook grote verschillen optreden tussen subappellaties, ontdekt u in de komende columns.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 30 november 2018 door Wijntijd Reacties | Reageren

Stop met sproeien!

De Franse landbouw is bekend/berucht als de grootste Europese gebruiker van pesticides en onkruidverdelgers. Maar bepaalde regio’s uit de wijnindustrie willen van dit negatieve imago af.

Vooral in de Loirevallei nemen ze nu reeds een aantal drastische maatregelen, te beginnen met de (chemische) controle op gras en onkruid in de wijngaarden.

De producenten van Anjou en Saumur, samen toch goed voor 20.000 hectare wingerd en 27 subappellaties, hebben namelijk recent besloten dat voortaan alle chemische onkruidverdelers in hun wijngaarden taboe zijn.

Het nieuwe, door het INAO principieel goedgekeurde ‘cahiers des charges’ dat nog wel het maandenlange wettelijke procedurecircuit moet doorlopen, bevestigt deze maatregel tegen de chemische ‘castratie’ van het onkruid.

Tussen de rijen druivenstokken kan de wijnmaker natuurlijk nog altijd het gras of de grond bewerken, het onkruid wieden of biologisch gecontroleerde producten inschakelen. Maar vanaf voorjaar 2019 staan chemische onkruidverdelers dus waarschijnlijk 100%  op de Zwarte Lijst in deze Loire-appellaties.

Een maatregel die natuurlijk inspeelt op de biologische bekommernissen van een groeiend aantal consumenten, dus vanuit marketingstandpunt gezien is dit beslist een zinvolle stap die Anjou of Saumur geen windeieren zal leggen.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 28 november 2018 door Wijntijd Reacties | Reageren

Malbec blijft baas

MalbecDat Malbec dé Argentijnse troeteldruif is, dat kunnen we dagelijks zelf ervaren in onze Belgische winkelrekken. Het aangeplante areaal Malbec is in dit Latijns-Amerikaanse wijnland de voorbije 15 jaar zelfs verdubbeld. De variëteit domineert nu ongeveer 1/6 van alle wijngaarden in Argentinië.

Dit commerciële succes heeft echter een schaduwzijde: het gevaar dat domeinen er zich op blindstaren en andere variëteiten verwaarlozen. Want Argentinië bezit immers, via de migratiestromen van de 19de eeuw, een enorme waaier aan boeiende druivensoorten, in totaal goed voor 225.000 hectare.

Natuurlijk zitten er in onderstaande hitparade ook druiven zoals Cereza Rosé en Criolla Grande die zelden onze exportmarkt bereiken. Het zijn variëteiten die immers worden gebruikt voor de productie van eenvoudige tafelwijnen. Hun aandeel vermindert stelselmatig, alhoewel ze momenteel nog circa 20% van de totale aanplant vertegenwoordigen.

TOP TIEN VAN HET ARGENTIJNSE DRUIVENAREAAL

  • 1. Malbec: 40.000 ha (17,8%)
  • 2. Cereza Rosé: 29.000 ha (12,9%)
  • 3. Bonarda: 19.000 ha (8,4%)
  • 4. Criolla Grande: 16.000 ha (7,1%)
  • 5. Cabernet Sauvignon: 15.000 ha (6,7%)
  • 6. Syrah: 13.000 ha (5,8%)
  • 7. Pedro Ximenez: 11.000 ha (4,9%)
  • 8. Torrontes Riojano: 8.000 ha (3,6%)
  • 9. Moscatel Rosado: 7.000 ha (3,1%)
  • 10. Chardonnay: 6.000 ha (2,7%)

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 24 november 2018 door Wijntijd Reacties | Reageren

BIB blijft beroeren

Wie dacht dat wijn in Bag-In-Box (BIB) nu toch stilaan overal in Europa aanvaard wordt als handig alternatief voor de fles, heeft het mis. Vooral in traditionele appellaties hebben velen het er nog heel lastig mee dat de klassieke 75cl wijnfles concurrentie krijgt van een kartonnen doos met tapkraantje. Blijkbaar percipiëren velen deze verpakkingsvorm nog als ‘cheap’.

Zo woedt er in de Franse appellation Alsace nu een discussie over de introductie van BIB’s. Het was Frédéric Raynaud, directeur van de coöperatieve ‘La Cave des Vignerons de Pffanheim’, die de kat de bel aanbond.

Hij argumenteert namelijk dat door hardnekkig het gebruik van wijndozen af te wijzen – en in het cahier de charge van de AOC de botteling in de typische lange ‘flûte rhénanen’-fles te verplichten – Elzasproducenten bepaalde lucratieve afzetmarkten zoals Scandinavië kwijtspelen.

Als voorbeeld neemt hij Zweden, waar de BIB reeds 57% van het verkochte wijnvolume vertegenwoordigt. De productiekosten van de gemiddelde BIB liggen lager dan de wettelijk voorgeschreven Elzasfles. Maar die extra kosten voor een wijnfles kunnen niet zomaar afgeschoven worden richting consument, omdat het marktaandeel er voorlopig te klein is. Een vicieuze cirkel.

Waardevernieler

Onzin, zo luidt het bij de tegenstanders van de BIB’s.

Met name Jérôme Bauer, de president van AVA (l’Association des Viticulteurs d’Alsace) vindt de discussie misplaatst. Hij, en met hem vrij veel wijnbouwers in de regio, zien de lastencahiers van de appellatie eerder als een extra bescherming.

Hij beschouwt de BIB ook als een ‘waardevernieler’, want “Hoe kunnen wij met onze Elzaswijnen dan competitief zijn tegenover sommige Duitse rieslings die aan 0,80 euro per liter worden aangeboden?”.

Ander argument: Elzasfles kan binnen het kader van de huidige reglementering trouwens ook diverse formaten aannemen. “Explorons d’abord cette piste avant de crier au scandale!” klinkt het strijdvaardig.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 22 november 2018 door Wijntijd Reacties | Reageren

Bourgogneveiling breekt record

HospicesNaar jaarlijkse gewoonte greep onlangs in Bourgogne de befaamde ‘Hospices de Beaune’ wijnveiling plaats. Enerzijds een liefdadigheidsactie waarvan opbrengsten naar goede doelen vloeien, maar anderzijds vooral ook een prijsthermometer voor de bourgognewijnen en de nieuwe jaargang, waar de handel zich vanaf dan op baseert.

Voor deze 2018-veiling onder de vleugels van Christie’s, werden 828 vaten afgehamerd die het nieuwe recordbedrag van bijna 14,2 miljoen euro – zonder de buyer’s premium, dus de hamerkosten – in kas brachten. Daarmee werd het vorige record van 2017 (13,5 miljoen euro) met bijna 700.000 euro gebroken.

Zoals steeds waren er blikvangers. Zo werd een vat Bâtard-Montrachet Grand Cru verkocht voor maar liefst 135.000 euro, andermaal een record voor een single barrel op deze veiling. Het gemiddelde prijskaartje per vat piekte dit jaar tot 16.850 euro, opnieuw hoger dan de veilingen van 2017 en 2016, waarschijnlijk ook opgezweept door de hoge verwachtingen en ‘buzz’ rond het millésime 2018.

Aziaten het gulzigst

Enige ontgoocheling was er wel rond het ‘Pièce des Présidents’ waarvan de opbrengst regelrecht naar liefdadigheidsprojecten gaat. Deze editie waren het 2 vaten – een Corton Grand Cru Clos Du Roi en een Meursault Premier Cru Les Genevrières – die werden afgehamerd tegen de nog altijd mooie prijs van 230.000 euro. Een serieuze dip echter vergeleken met het presidentieel lot van vorig jaar dat 420.000 euro opbracht.

Pittig detail: bijna 7 op de 10 van de loten werden, gemeten in waarde, door handelaars gekocht, tegen 3 op de 10 door privékopers. En wat eveneens te voorspellen was: de Aziaten waren het meest kooplustig, want in waarde goed voor bijna 55% van alle verkochte loten. De promotie- en degustatiecampagne die Christie’s vooraf opzette in Beijing, Shanghai, Hong Kong, Tokio en Singapore heeft dus duidelijk zijn vruchten afgeworpen.

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 30 oktober 2018 door Wijntijd Reacties | Reageren

Classificatiekoorts bij de Crus Bourgeois

Blijkbaar heerst er in en rond bordeaux de laatste weken een klassementskoorts, want er wordt weer een aardig robbertje gebakkeleid rond de nieuwe classificatie van de Crus Bourgeois uit Médoc. Een oud zeer, want telkens men deze hitparade wil aanpassen of zelfs lichtjes wijzigen, regent het rechtszaken, burenruzies en scheldtirades in de media die meer kwaad dan goed doen voor het imago.

Dat de nervositeit stijgt, is duidelijk: uiterlijk tegen 2020 willen sommigen de nieuwe pikorde van de Crus Bourgeois operationeel hebben.

Maar wat ooit commercieel een toegevoegde waarde had – een cru bourgeois kan altijd een handvol euro’s extra vragen voor een wijn dan zijn (even goede, soms betere) buur die deze status niet verkreeg – wordt stilaan een juridische jungle waarbij iedereen lijkt te verliezen. En de eindconsument snapt er geen iota meer van.

Eventjes resumeren. Crus Bourgeois zijn er in drie categorieën, met naast de ‘gewone’ Crus Bourgeois ook Crus Bourgeois Supérieurs en Crus Bourgeois Exceptionels. Een rangorde die in 2007 eventjes werd afgeschaft, maar daarna weer werd opgevist. In een poging om de statustoewijzing ‘transparant’ te maken en vooral eerlijker, speelt in theorie niet alleen de gebottelde wijnkwaliteit via blinddegustaties een hoofdrol – met 5 oogsten tussen 2008 en 2016 als referentie –, maar ook factoren als het productievolume. Wie de ‘professionelen' zijn die deze oogsten jureren en hoe ongebonden ze blijken, blijft trouwens een open vraag.

In plaats van gewoon komaf te maken met het verleden en nog één categorie te behouden, namelijk Cru Bourgeois zonder tierlantijntjes, blijft men dus geloven in een hiërarchie. Zo kunnen cuvées promoveren tot de Supèrieur- of Exceptionel-status als ze aan specifieke extra criteria beantwoorden. Wordt er bijvoorbeeld milieuvriendelijk genoeg gewerkt op het domein? Hoe ziet het technisch management van het wijngoed er uit? Of: hoe professioneel is de promotie, sales & marketing georganiseerd?

Criteria die toch de deur voor willekeur openen, want is per slot van rekening de kwaliteit van wat wij straks in ons glas ontdekken niet vele malen belangrijker dan de vraag of men op professionele wijze bezoekers op het domein kan ontvangen? Of dat de wijngaard ja dan neen met gerecycleerd water wordt geïrrigeerd? Ik denk dat die laatste factoren weinig of geen invloed zullen hebben op de uiteindelijke koopbeslissing van de consument.

Want in een poging om ‘heiliger dan de paus’ te zijn en de talrijke mislukkingen met eerdere klassementen in gedachte, blijft het kernprobleem dat de consument nog altijd niets begrijpt van de verschillen tussen de drie soorten Crus Bourgeois.

Tenzij dat samen met de hogere status ook het prijskaartje klimt...

Frank Van der Auwera

Geplaatst op 24 oktober 2018 door Wijntijd Reacties | Reageren

Schijnheiligheid in Saint-Emilion?

SaintEmilionEn daar gaan we weer. In Saint-Emilion laait het conflict weer op rond de controversiële Grand Cru-classificatie. Deze werd in 2012 doorgedrukt, maar wordt nog steeds niet door alle domeinen aanvaard. Want klassementen zijn in Bordeaux letterlijk geld waard: een geklasseerde grand cru kan immers tot het dubbele vragen van een niet-gerangschikt domein

Deze keer werd echter een formeel onderzoek van overheidswege opgestart omdat twee grote namen verdacht worden van manipulatie van dit 2012-klassement. De bevoegde magistrate richt haar pijlen op twee kleppers: Hubert de Boüard, co-eigenaar van Château Angélus en een bekende wijnconsultant enerzijds, en Philippe Castéja, eigenaar van Château Trotte Vieille en een belangrijke négociant anderzijds.

Viva de cumul!

Onderzocht wordt of deze belangrijke spelers in hun voordeel manipuleerden, door als betrokken partij een hoofdrol te spelen in het classificatieproces, want betrokken bij elk stadium van de procedure. Zo was de Boüard ‘koning cumul’: gedurende het classificatieproces dat van 2007 tot 2012 aansleepte, zetelde hij niet alleen in het nationale comité van het INAO (de officiële waakhond van de Franse appellaties), maar was tegelijk ook administrateur van de Conseil des Vins de Saint-Émilion, voorzitter van de Saint-Émilion Premier Grands Crus-groep, lid van de CIVB en ondervoorzitter van de Union des Grands Crus de Bordeaux. En dan laten we nog een paar andere sleutelfuncties achterwege.

Zo kon hij als belangrijk jurylid domeinen, waarin hij rechtstreeks of onrechtstreeks belangen had, mee beoordelen. En uiteraard ook bevoordelen. Volgens critici hangt er met andere woorden een zeer kwalijk reukje aan deze dubbele rol. Niet alleen kreeg zijn ‘Château Angélus’ de hoogste status in het nieuwe klassement (Premier Grand Cru Classé A), maar Château Bellevue (waarvan de Boüard mede-eigenaar én supervisor was), Château Pressac en Château Ferrand, (waar hij als consultant aan de slag was), kregen alledrie promotie. Ook de andere domeinen die hij adviseerde, zoals Grand Corbin, La Commanderie, Clos des Jacobins of La Rose, behielden op zijn minst hun klassement. Een quasiperfect rapport kortom.

De drie musketiers

Dezelfde argwaan ook tegenover Philippe Casteja, die eveneens grossierde in sleutelposities, waaronder die van voorzitter van de raad die het 1855 Klassement van Bordeaux ‘bewaakt’, lid van het national comité van INAO, voorzitter van de bestuursraad van het wijnmakelaarshuis Borie-Manoux én eigenaar van diverse Bordelaise kastelen. Invloed genoeg dus, wat misschien meespeelde dat zijn Château Trotte Vieille de status van Premier Grand Cru Classé probleemloos wist te behouden.

In april 2013 startten daarom drie domeineneigenaars – die ofwel uit het nieuwe klassement waren geschrapt, ofwel degradeerden – een civiele zaak tegen de twee spilfiguren wegens belangenvermenging en systematisch bevoordelen van de ‘grotere’ châteaux.

Maar de juridische molen maalde bijzonder traag: 5 jaar en 3 onderzoeksmagistraten waren nodig om pas recent de beide ‘verdachten’ op de rooster te leggen. Benieuwd hoe deze nieuwe soap afloopt.

Frank Van der Auwera

Onze blogs

Meer